bel20-aex 26/11/2012
|
Slotkoers Bel20 26 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 26 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
bel20-aex 26/11/2012|
Slotkoers Bel20 26 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 26 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine oorfazant
![]() |
| B b B b 18 u 78 | |
| Bruine oorfazant | |
|
De bruine oorfazant (Crossoptilon mantchuricum) is een vogel uit de familie fazantachtigen (Phasianidae). De soort is voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Swinhoe in 1863. De soort komt voor in het noordoosten van China. Engels : Brown Eared Pheasant, Brown Eared-Pheasant, Brown-eared Pheasant, Manchurian Snow PheasantDuits : Brauner Ohrfasan, BraunerOhrfasan Frans : Le Hokki brun, Faisan oreillard brun, Hoki brun |
|
Bruine oorfazant auteur : Somongkol Teng CC 2.0 |
|
|
De bruine oorfazant wordt ongeveer 1m lang en het gewicht varieert van 1,5 tot 2kg. De staart bestaat uit tweeëntwintig ongeveer 55cm langwerpige witte gebogen veren, los met een paars-blauwe schijn en een donkere-tip. |
|
Crossoptilon mantchuricum auteur : © Dan Cowell op www.gbwf.org |
|
|
De bruine oorfazant is het zeldzaamste lid in het geslacht Crossoptilon, zijn dieet bestaat voornamelijk uit wortels, knollen en planten. Het vrouwtje legt vijf tot acht grote eieren. |
|
bruine oorfazant (haan) in de London Zoo, Londen, G.B. auteur : chrisjohnson op ibc.lynxeds.com |
|
|
De bruine oorfazant heeft erg te lijden onder de vernietiging van zijn leefgebied, in sommige gebieden is hij reeds uitgestorven. Deze vogel staat als "kwetsbaar" op de internationale rode lijst. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine oogspanner
![]() |
| B b B b 18 u 77 | |
| Bruine oogspanner | |
|
De bruine oogspanner (Cyclophora quercimontaria) is een nachtvlinder uit de familie van de spanners, de Geometridae. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Bastelberger in 1897. De soort komt voor in een groot deel van Europa. Engels : Cyclophora quercimontariaDuits : Gelbroter Eichen-Gürtelpuppenspanner Frans : l'Acidalie de Bastelberger |
|
Bruine oogspanner auteur : Marko Mutanen, University of Oulu - vrije foto |
|
|
De voorvleugellengte bedraagt tussen de 11 en 14 millimeter. Deze soort is op grond van vleugelkenmerken nauwelijks te onderscheiden van de gestippelde oogspanner (C. punctaria). |
|
Cyclophora quercimontaria auteur : Frank Rämisch op www.lepiforum.de |
|
|
In Nederland en België is de bruine oogspanner een zeer zeldzame soort die slechts af en toe wordt waargenomen. De waardplant van de bruine oogspanner is eik. |
|
Rups van de bruine oogspanner auteur : Frank Rämisch op www.lepiforum.de |
|
|
De vliegtijd in het buitenland: eind april-eind mei in één generatie; soms een partiële tweede generatie van eind juli-begin augustus. De rupsen van de Cyclophora-soorten zijn zeer variabel. Per soort zijn er diverse (kleur)varianten: er zijn rupsen met een soort ‘zijstrepen’, er zijn vrijwel egale groene varianten en vrijwel egaal bruinoranjeachtige varianten. N.B.: vergelijk behalve de uiterlijke kenmerken ook de tijd van het jaar waarin de rupsen voorkomen, het habitat en de waardplant(en). Een woordje bij de Nederlandse naam : Oogspanners hebben alle een meer of minder duidelijk oog op de voorvleugels. Deze oogspanner heeft soms een bruine tint. Cyclophora : kuklos = een ring en phoreo = dragen. De discale vlekken op de voorvleugels van een aantal soorten. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - vlindernet - tinternet |
Bruine neushoornvogel
![]() |
| B b B b 18 u 76 | |
| Bruine neushoornvogel | |
|
De bruine neushoornvogel (Anorrhinus tickelli) is een neushoornvogel die voorkomt in Zuidoost-Azië. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Blyth in 1855. De wetenschappelijke naam is een eerbetoon aan Samuel Tickell (kolonel Samuel Richard Tickell Brits legerofficier en ornitholoog). Engels : Tickell's Brown Hornbill, Rusty-cheeked Hornbill, Brown HornbillDuits : Rostbauch-Hornvogel Frans : Le Calao brun |
|
Bruine neushoornvogel auteur : Mike (NO captive birds) in Thailand CC 2.0 |
|
|
De bruine neushoornvogel is 74 cm lang. |
|
Anorrhinus tickelli auteur : © Green-Jungle Bird Club op www.green-jungle.com |
|
|
De bruine neushoornvogel is een schaars voorkomende vogel van de bergachtige gebieden van Tenasserim en Zuidoost-Thailand. |
|
bruine neushoornvogel auteur : Mike (NO captive birds) in Thailand CC 2.0 |
|
|
De bruine neushoornvogel heeft erg te lijden door het snelle verdwijnen van het tropisch regenwoud, daarom staat deze vogel als "gevoelig" op de internationale rode lijst. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 23/11/2012|
Slotkoers Bel20 23 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 23 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine metaalvlinder
![]() |
| B b B b 18 u 75 | |
| Bruine metaalvlinder | |
|
De bruine metaalvlinder (Rhagades pruni) is een dagactieve nachtvlinder uit de familie Zygaenidae, de Bloeddrupjes. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Denis & Schiffermüller in 1775. De soort komt verspreid van Europa (maar niet op de Britse eilanden) tot Oost-Azië inclusief Japan voor. Engels : Rhagades pruniDuits : Heide-Grünwidderchen Frans : Rhagades pruni Oude Nederlandse naam : bruine standkruidvlinder |
|
Bruine metaalvlinder foto © Marijn Verbeek op www.zwolle-insecten.nl |
|
|
Het mannetje is met een voorvleugellengte van 10 tot 12 millimeter iets groter dan het vrouwtje dat een voorvleugellengte heeft van 8 tot 11 millimeter. Bij het mannetje zijn de vleugels zwartbruin, bij het vrouwtje is iets van metaalgroene glans te zien. De metaalvlinder (Adscita statices) is een gelijkende soort. |
|
Rhagades pruni auteur : Rick Geling CC 3.0 |
|
|
In Nederland en België is de bruine metaalvlinder zeldzaam. Zijn habitat zijn vooral heiden, ook warme droge graslanden. De waardplanten zijn struikhei en soms zomereik. |
|
Rups van de bruine metaalvlinder auteur : Ernest van Asseldonk CC 3.0 |
|
|
De vliegtijd is van half juni tot in augustus in één generatie. Rups : juli - mei. Een woordje bij de Nederlandse naam : De bruine metaalvlinder heeft een metaalglans over de vleugels en de kleur van de vleugels is bruin. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - vlindernet - tinternet |
bel20-aex 22/11/2012|
Slotkoers Bel20 22 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 22 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine maki
![]() |
| B b B b 18 u 74 | |
| Bruine maki | |
|
De bruine maki of zwartkopmaki (Eulemur fulvus) is een echte maki uit de familie der maki's (Lemuridae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door É. Geoffroy in 1796. Deze halfapen zijn endemische dieren op het eiland Madagaskar. Duits : Braune Maki Frans : Le Lémur fauve, Lémur brun, Maki brun |
|
Bruine maki auteur : David Dennis CC 2.0 |
|
|
Een volwassen bruine maki een kop-romplengte van 43 tot 50 cm, een staartlengte van 41 tot 51 cm en een lichaamsgewicht van 2 tot 3 kg. |
|
Eulemur fulvus auteur : Frank Vassen CC 2.0 |
|
|
Er zijn vier populaties, drie op het hoofdeiland, twee in het westen en een in het oosten. ZHet is een bosbewoner die voornamelijk overdag actief is. Na een draagtijd van 120 dagen wordt meestal één jong geboren, er zijn meldingen van tweelingen. |
|
bruine maki auteur : David Dennis CC 2.0 |
|
|
De bruine maki leeft in familiegroepjes, bestaande uit 5 tot 12 individuen. De bruine maki heeft te maken met de vernietiging van zijn leefgebied door ontbossingen voor de productie van houtskool en illegale houtkap. Daarom staat de bruine maki als gevoelig op de internationale rode lijst. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 21/11/2012|
Slotkoers Bel20 21 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 21 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine lipvis
![]() |
| B b B b 18 u 73 | |
| Bruine lipvis | |
|
De bruine lipvis (Labrus merula) is een straalvinnige vissensoort uit de familie van lipvissen (Labridae). Deze soort is voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Linnaeus in 1758. De bruine lipvis komt voor van Portugal tot Marokko en de Azoren. Duits : Brauner lippfisch Frans : merle, labre merle |
|
Bruine lipvis auteur : Etrusko25 - foto : Stefano Guerrieri - vrije foto |
|
|
De bruine lipvis is een marien rifbewoner. Deze soort is gemiddeld 40cm lang, max waargenomen lengte is 50cm. |
|
Labrus merula auteur : Etrusko25 - foto : Alessandro Duci - vrije foto |
|
|
Ze voeden zich voornamelijk met zee-egels, weekdieren, krabben en wormen. Ze leven soms in scholen, oudere exemplaren leven meestal solitair. De paaitijd is van februari tot mei in de westelijke Middellandse Zee. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 20/11/2012|
Slotkoers Bel20 20 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 20 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine lemming
![]() |
| B b B b 18 u 72 | |
| Bruine lemming | |
|
De bruine lemming (Lemmus trimucronatus) is een zoogdier uit de familie van de Cricetidae. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Richardson in 1825. De oorspronkelijke benaming was de Siberische lemming (Lemmus sibiricus, Kerr in 1792), later opgesplitst in twee soorten. Engels : North American Brown Lemming, Siberian brown lemmingDuits : Brauner Lemming, Sibirischer Lemming Frans : Lemming brun |
|
Bruine lemming foto op www.factzoo.com |
|
|
De bruine lemming heeft een bruine grondkleur met een roodbruine rug en romp. De vrouwtjes hebben een gemiddelde lengte van 12,5cm en een gewicht van 58gr. Zoals alle lemmingen hebben ze kleine oortjes, korte pootjes en een heel kort staartje. |
|
Lemmus trimucronatus auteur : foto op vdinets.livejournal.com |
|
|
De lemming is te vinden in de toendra gebieden van Noord-Canada (Nunavut, Northwest Territories, Yukon) en Alaska. Ze voeden zich voornamelijk met grasscheuten en eten ook toendra gras, zegge, mos, schors, bessen, korstmossen en wortels. Als vijanden hebben ze de meeste carnivoren en bepaalde vogels, er zijn enkele aanwijzingen dat ze worden gegeten door. |
|
bruine lemming auteur : foto op vdinets.livejournal.com |
|
|
Ze leven onder de grond, in kolonies, en hebben tot drie nesten per jaar, ook onder de sneeuw in de winter. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine landschildpad
![]() |
| B b B b 18 u 71 | |
| Bruine landschildpad | |
|
De bruine landschildpad (Manouria emys) is een schildpad uit de familie landschildpadden (Testudinidae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Schlegel & Müller in 1840. De bruine landschildpad komt voor in delen van Azië, en leeft in de landen Bangladesh, India, Indonesië, Maleisië, Myanmar en Thailand. Engels : Asian forest tortoise, Asian brown tortoise, Burmese brown tortoiseDuits : Braune Landschildkröte Frans : Manouria emys |
|
Bruine landschildpad auteur : Dawson CC 2.5 |
|
|
De schildpad bereikt een maximale schildlengte tot 60 centimeter. |
|
Manouria emys auteur : foto op www.ryanphotographic.com |
|
|
De habitat bestaat uit tropische bergbossen, de schildpad brengt veel tijd door in holen of tussen de bladeren. |
|
bruine landschildpadden (Manouria emys emys) auteur : foto op www.empireoftheturtle.com |
|
|
De soort behoorde lange tijd tot het geslacht Testudo, waardoor de verouderde wetenschappelijke naam in de literatuur wordt gebruikt. Er worden twee ondersoorten erkend die verschillen in verspreidingsgebied. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 19/11/2012|
Slotkoers Bel20 19 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 19 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine koevogel
![]() |
| B b B b 18 u 70 | |
| Bruine koevogel | |
|
De Bruine koevogel (Agalaioides badius) behoort tot de familie van de troepialen. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Vieillot in 1819. Hij komt voor in Noordelijk Argentinië, Bolivia, Uruguay, Paraguay en Zuidelijk en Midden Brazilië, met een geïsoleerde populatie Noordoostelijk Brazilië. De Bruine koevogel is ook ontdekt als trekvogel in Chili. Engels : Bay-winged Cowbird, BaywingDuits : Braun-Kuhstärling, Braunkuhstärling Frans : Le vacher à ailes brunes, le Vacher à ailes baies, Carouge à ailes baies ou C. de Spix, Molothre à ailes baie |
|
Bruine koevogel auteur : www.bobhogeveen.nl |
|
|
Zijn totale lengte is ongeveer 18 centimeter. De geïsoleerde populatie wordt soms gezien als een apart geslacht, Agalaioides fringillarius. |
|
Agalaioides badius auteur : diertjevandedag.classy.be |
|
|
De soort is sociaal opgesteld en wordt vaak gezien in kleine groepen. |
|
Bruine koevogel auteur : Lip Kee Yap CC 2.0 |
|
|
De Bruine koevogel heeft een wijd verspreid verspreidingsgebied over semi-open habitats, bestaande uit struiken en een klein aantal bomen. Over het algemeen is hij vrij veelvoorkomend en wordt almaar overweegt als een niet bedreigde soort door Birdlife International en het IUCN. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine klauwier
![]() |
| B b B b 18 u 69 | |
| Bruine klauwier | |
|
De bruine klauwier (Lanius cristatus) is een zangvogel die in een groot deel van Azië broedt en overwintert in het oriëntaals gebied. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. Deze soort is zeer nauw verwant aan de grauwe klauwier (L. collurio) en de isabelklauwier (L. isabellinus) en werden vroeger wel als ondersoorten van elkaar beschouwd. Engels : Brown Shrike, Red-tailed Shrike, Rufous Red-tailed ShrikeDuits : Braunwürge, Rotschwanzwürger, Sibirischer Würger Frans : La Pie-grièche brune, Pie-grièche à crete, Pie-grièche à queue rousse, Pie-grièche birmane |
|
Bruine klauwier auteur : J.M.Garg CC 3.0 |
|
|
De bruine klauwier is gemiddeld 20 cm lang. |
|
Lanius cristatus lucionensis (mannetje) auteur : J.M.Garg CC 3.0 |
|
|
Er zijn drie ondersoorten van de bruine klauwier. |
|
Broedgebieden van de bruine klauwier auteur : L. Shyamal ![]() |
|
|
De bruine klauwier heeft een enorm groot verspreidingsgebied en daardoor alleen al is de kans op uitsterven uiterst gering. Om die redenen staat deze klauwier als niet bedreigd op de rode lijst van de IUCN. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine kikker
![]() |
| B b B b 18 u 68 | |
| Bruine kikker | |
|
De bruine kikker (Rana temporaria) is een kikker uit de familie echte kikkers (Ranidae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. De bruine kikker is één van de wijdst verspreide soorten in Europa. Duits : Grasfrosch Frans : La Grenouille rousse |
|
Bruine kikker auteur : Richard Bartz CC 2.5 |
|
|
De bruine kikker komt in zeer vele biotopen voor, zoals bossen, heidevelden, graslanden, ruderale terreintjes, en duinen. De bruine kikker is slechts tijdens de voortplanting en de overwintering aan water gebonden en leeft buiten de wintermaanden en het vroege voorjaar op het land. In Nederland en België worden verschillende biotopen gebruikt als voortplantingswater, van sloten en kleine poelen tot rietgordels van grotere visrijke wateren. |
|
Rana temporaria auteur : H. Krisp CC 3.0 |
|
|
De bruine kikker is een relatief grote, gedrongen kikker met een grote, platte kop en een relatief stompe snuit. De kleur van de bruine kikker is altijd bruin, vrouwtjes neigen vaak meer naar rood, maar de variatie is enorm en ieder exemplaar heeft een iets afwijkende tekening. De dieren foerageren alleen, omdat ze zelden voedsel vinden waar meer dan één hyena van kan leven. |
|
Bruine kikker auteur : Piet Spaans CC 2.5 |
|
|
De kleur van de kikker verandert tijdens de voortplantingstijd, de vrouwtjes krijgen gele en rode kleuren aan de flanken. De kleur van de rug en bovenzijde van de kop is zeer variabel: van uniform bruin en ongetekend tot juist duidelijk gevlekt. De achterpoten zijn zeer lang, de vijf tenen dragende achterpoten hebben zwemvliezen, de vier vingers dragende voorpoten niet. |
|
Tijdens de paargreep(amplexus) zie je duidelijk het verschil tussen mannetje en vrouwtje auteur : Joostmooij from nl CC 3.0 |
|
|
De larven zijn lichtbruin gekleurd, ze hebben lichtere stipjes en een relatief lange staart. |
|
Bruine kikker in Griekenland auteur : Richard Bartz CC 2.5 |
|
|
De bruine kikker is een typische bodembewoner. De overwintering vindt vaak op de bodem van een poel plaats, maar kan zich ook op het land voltrekken. De bruine kikker is nachtactief, de trek naar het voortplantingswater vindt tijdens de schemering of 's nachts plaats. |
|
Bruine kikker in Noorwegen auteur : Per from Norway CC 2.0 |
|
|
's Nachts gaat de bruine kikker op jacht en springt hij door de bossen over de bodem, op zoek naar voedsel. Volwassen kikkers hoeven maar twee tot drie keer per week te eten, in tegenstelling tot de jongen. De bruine kikker heeft vele vijanden, in Europa zijn zo'n 20 soorten vogels die de kikker eten, zoals de witte en zwarte ooievaar, de bosuil en de buizerd. Met name de ringslang is van zijn voedsel deels afhankelijk van de bruine kikker, andere kikkers worden ook gegeten maar zijn vaak niet zo algemeen. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 16/11/2012|
Slotkoers Bel20 16 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 16 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine kiekendief
![]() |
| B b B b 18 u 67 | |
| Bruine kiekendief | |
|
De bruine kiekendief (Circus aeruginosus) is een vogel uit de familie van havikachtigen (Accipitridae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. De bruine kiekendief komt voor in Europa, Noord-West Afrika en Centraal-Azië tot het noordelijk deel van het Midden-Oosten. Engels : Western Marsh-Harrier, Eurasian Marsh Harrier, Eurasian Marsh-Harrier, European Marsh Harrier, European Marsh-Harrier, Marsh Harrier, Swamp Harrier, Western Marsh HarrierDuits : Rohrweihe, Europäische Rohrweihe Frans : Le Busard des roseaux, Busard harpaye |
|
Bruine kiekendief auteur : Доктор рукиноги CC 3.0 |
|
|
Bruine kiekendieven komen in de zomer in bijna geheel Europa voor, met uitzondering van Ierland, Scandinavië en het grootste deel van het Verenigd Koninkrijk. Ze bouwen een groot nest in rietmoerassen. Ze hebben in alle seizoenen een voorkeur voor grote rietvelden in stilstaand zoet- of brakwater of soortgelijke gebieden; ook in geïrrigeerde velden en veengaten. |
|
Circus aeruginosus auteur : Artur Mikołajewski CC 3.0 |
|
|
Een volwassen exemplaar is 48 tot 56 centimeter groot met een spanwijdte van 110 tot 125 cm. Vliegt laag in wankelende vlucht. De bruine kiekendief jaagt door zich van geringe hoogte op de prooi te laten vallen. |
|
bruine kiekendief auteur : Mohanram R. Kemparaju CC 2.5 |
|
|
Zoekt in lage vlucht vlak terrein af, zich bij verrassing op prooi stortend. In het voorjaar maken ze een klaaglijk, schel, Kievit-achtig ’kwie-è’ en soortgelijke geluiden; buiten de broedtijd soms een schril en herhaald ’kjik’ en een vibrerend ’fieh’. De eieren zijn zonder tekening, zelden roodachtig gevlekt, vaak verkleurd door nestmateriaal. Basiskleur blauwig wit/groenig wit. Schaal niet glanzend, soms met kleine kalkbultjes. Vorm subelliptisch/kort subelliptisch. Formaat 50 x 93 mm (44-56 x 35-43), gewicht 40 g (32-49). |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - soortenbank.nl - tinternet |
bel20-aex 15/11/2012|
Slotkoers Bel20 15 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 15 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |