VISSEN MET CO - EEN LOG BOORDEVOL NOSTALGIE

Begin negentiger jaren van verleden eeuw was hier in de haven van Tazacorte een Nederlandse
visser. Co of Có (komt van Jacob of Nicolaas) was een vreemde eend in de bijt, hij was namelijk
de enige buitenlandse beroepsvisser. Hij had zijn jachtige leven in Nederland de brui gegeven om
hier op dit toen nog maagdelijke eiland zijn brood te verdienen met vissen. Het is hem uiteindelijk
niet gelukt, al heeft hij het toch een kleine tiental jaren uitgezongen.
Terug in Nederland kwam Co enkele malen per jaar op vacantie naar zijn geliefde eiland. Ik had
toen een boot en wij waren de perfecte combinatie. Hij was een geboren jager en ik was graag op
zee. Gedurende veertien dagen waren wij vanaf het krieken van de dag tot zonsondergang op de
oceaan. Mijn "Wanenonlie" had intussen een diepvriezer gekocht en 2 á 3 maal per jaar werd hij
volgestopt met allerlei soorten vis. Zij werd expert in het goochelen met scherpe messen en
hakbijlen om de vissen in moten te snijden.
Aan alle goede dingen komt een eind. Tijdens een zware storm zonk mijn boot en Co en ik, wij
zijn mekaar uit het oog verloren. Ik heb nu terug een boot, misschien word ik daardoor melig en
denk ik terug aan de tijd van toen. In die tijd was ik nog helemaal niet toe aan fotografie. Er werd
wel nu en dan een analoog fotootje geschoten, waarvan hier het gedigitaliseerde resultaat

Co met zwarte krullen en ik.
Blue fish
Een prachtexemplaar bluefin. Even Japan bellen, daar is de prijs van zijn gewicht goud waard.
In 2013 is er een recordbedrag voor de tonijn betaald. Een blauwvintonijn van 222 kilo bracht
tijdens een veiling in Japan 1,3 miljoen euro op.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Blauwvintonijn
Sama
De Palmeros zijn altijd grote visliefhebbers geweest. Zoals het ook niet anders kon op een eiland
omgeven door de oceaan, was de opbrengst van de visserij een fundamenteel deel van het
dagelijkse voedsel. Ondanks de primitieve methodes die hier vroeger werden toegepast was de
visvangst altijd ruimschoots en gevarieerd. In de eenvoudige barak-restaurantjes kon men kiezen
tussen de veel voorkomende vissoorten zoals goudbrasem, papegaaivis, geitenbaars, witbrasem,
sardines, makreel, klipvis, chicharro, bicuda, alfonsiño, enz ... Onder de tonijnsoorten had men
(nu nog maar in veel mindere mate) de meest gevangen gestreepte tonijn, de witte tonijn en de
peto of wahoo. In de laatste jaren met het verschijnen van nieuwe en verwoestende manieren van
vissen, die tot een grote exploitatie van de visgronden hebben geleid, is de rijke en gevarieerde
maritieme fauna lanzaam kapot gemaakt. Onder het mom van een lokaal gevangen cherne
serveert men nu in dezelfde barak-restaurantjes (El Remo) ingevoerde Vietnamese diepvries
panga. En smullen maar
Een zwaardvis van zoveel meter en tig kilo ;-) De vis werd in de haven op de trappen van
de kade geslacht en grote stukken werden uitgedeeld aan de bewoners van El Puerto, die daar
oh zo blij mee waren. Dit gebaar kwam in ieder geval ten goede aan de tolerantie tegenover
vreemdelingen. Als zondagvisser mag men geen vis verkopen, maar uitdelen mag altijd
http://nl.wikipedia.org/wiki/Zwaardvis
Met een zaag de kop eraf.
Kop en ingewanden werden terug in de boot geladen om gedumpt te worden in volle zee.

