Valetijn

Valetijn
parelhoen (recept)
Parelhoen op Ardense wijze.
Voor 2-3 personen
1 parelhoen
peper, (zout)
100 gr boter
1 bakje (klein) champignons of 300 gr oesterzwammen
150 gr doorregen spek
2 dl kippenbouillon
2 dl slagroom
2 takjes tijm
1 eierdooier
1 glaasje porto (rood)
Bereiding
-Parelhoen kruiden langs binnen en langs buiten.
Verhit 40 gr boter en bak de parelhoen rondom bruin. Voeg nu nog 10 gr boter bij en laat verder garen met het deksel op de pan (50 min)
-Verhit 20 gram boter in een pan en bak de spekreepjes krokant. Schep ze dan uit de pan.
Doe nu de gesneden champignons in de pan en bak ze snel tot ze vocht beginnen af te staan.
-Schep de paddestoelen uit de pan en schenk de bouillon en de room in de pan. Leg de tijm erbij. Laat zchtjes inkoken, neem de pan van het vuur en verwijder de tijm.
Roer de eierdooier los in een scheut porto en roer vervolgens het mengsel door de saus. Voeg de spekblokjes en de paddestoelen erbij en warm op, de saus mag niet koken. Breg op smaak met de nodige kruiden.
-Serveer met kroketjes en een frisse groene sla.
SMAKELIJK!!!!!!
zo maar

Romantisch

literatuur
KJELL ERIKSSON
Hij werd geboren in Zweden in 1953 in Uppsala.
Hij is er sinds de jaren 70 werkzaam als hovenier. Hij is gespecialiseerd in rozen.
Door zijn bijdrage aan een vaktijdschrift voor tuiniers is hij romans gaan schrijven.
Van hem verscheen De Geus, De stenen kist, die genomineerd werd voor de Beste Zweedse misdaadroman van 2001.
Met De dode in de sneeuw haalde Eriksson deze bekroning in 2002 binnen.
literatuur
De dode in de sneeuw.
geschreven door Kjell Eriksson
John, alias Little John, wordt op een ochtend dood in de sneeuw gevonden. John is een voormalige kleine crimineel die zich tegenwoordig voornamelijk interessert voor zijn tropische aquariumvissen. Hij blijkt voor zijn dood gemarteld te zijn. Wie zou hem zo hebben toegetakeld? En waarom?
Johns oudere broer Lennart is vastbesloten wraak te nemen. Parallel aan het politieonderzoek star hij zijn eigen klopjacht op de moordenaar van zijn broer.
Valentijn


citaat
hopcultuur

mijn naam
![]() |
Write Like a Babylonian
the way an ancient Babylonian might have written it. |
![]() |




Mijn naam
Mijn naam in oud Egyptisch schrift.









weerbericht
| Het weer voor de komende dagen in jouw regio: Poperinge |
|
|
|
|
| ||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
|
|
sneeuw

leuk
goede nacht
Samen eten is olie voor de vriendschap. (Timmermans)
Wie te slim is, heeft geen vrienden.
Een vriend is degene die altijd raadt wanneer je hem nodig hebt. (J. Renard)
Een vriend is iemand die het lied van je hart kent en het opnieuw kan zingen, als jij het vergeten bent.
Een vriend is iemand die vraagt wanneer je terugkomt.
Als het pad der vriendschap niet regelmatig wordt betreden, groeit het dicht.
Verblijf aan de zijde van een vriend als een kluizenaar aan de oever van een meer. (Drukpa Rinpoche)
Geen straat is te lang met een vriend naast je. (Japan)
Omdat we mensen zonder vleugels geen engelen kunnen noemen, noemen we ze Vrienden
Vriendschap is een plant die vaak water nodig heeft (spreekwoord)
Gedicht
Waarom gaat de lamp uit?
Ik bescherm hem met mijn jas
om hem af te schermen tegen de storm.
Daarom gaat de lamp uit.
Waarom verwelkt de bloem?
Ik druk haar aan mijn borst
in angstige liefde.
Daarom verwelkt de bloem.
Waarom droogt de stroom op?
Ik heb een dam gebouwd,
om het water voor mijzelf te hebben.
Daarom droogt de stroom uit.
Waarom breekt de snaar van de harp?
Ik probeer haar een toon te ontwringen
die niet bij haar past.
Daarom breekt de snaar van de harp.

citatenDoor hard te werken, is nog nooit iemand omgekomen,
maar ik denk: "Waarom zou ik het risico lopen?"
(Ronald Reagan)
Spiegels zouden er goed aan doen,
even na te denken voor ze de beelden terugkaatsen.
(Jean Couteau)
Er zijn twee soorten mensen op de wereld......
Ik, en de anderen.
(Kamagurka)
De meest succesvolle politicus is degene die het vaakst en luidst zegt,
wat iedereen al denkt.
(Theodore Roosevelt)
literatuur
Louis Paul Boon (Aalst, 15 maart 1912 - Erembodegem, 10 mei 1979) was een Vlaams schrijver, kunstschilder en dichter.
Kenmerkend voor Boon was zijn volkse aard, hij liep tot zijn 16de school en moest vader helpen als gevel- en pistoolschilder. Hij kon in zijn vrije tijd nog wat lessen aan de Aalsterse Academie voor Schone Kunsten volgen, maar door geldgebrek was ook dit van korte duur.
In 1939 schreef Boon een tekst bij door hem gemaakte linosneden, in fascimilé uitgegeven in 1969, onder de titel '3 mensen tussen muren'. Het verhaal vormde tevens de basis voor zijn eerste roman 'De voorstad groeit', die in 1942 met de Leo J. Kryn-prijs werd bekroond. Boons dubbeltalent zou in zijn gehele carrière als schrijver (vooral) en schilder tot een geweldige productie leiden, met name in de jaren vijftig en zeventig (qua schrijfwerk), en de jaren zestig en zeventig (qua schilder-en beeldhouwwerk).
Aangezien zijn boeken in Vlaanderen slecht werd ontvangen en slecht verkochten, werd zijn meesterwerk 'De Kapellekensbaan' door uitgeverij Manteau geweigerd. 'Mijn kleine oorlog' (1946) was het laatste boek dat Boon bij Manteau publiceerde. In 1952 verscheen zijn eerste uitgave in Nederland, 'Twee spoken' bij de Arbeiderspers; nieuwe uitgaven volgden elkaar in razend tempo op. 'De Kapellekensbaan' (1953), 'Reservaat' (vijf delen, 1953-1957), 'Menuet' (1955), 'Zomer te Ter-Muren' (het tweede deel van het boek over de Kapellekensbaan, 1956), 'De bende van Jan de Lichte' (1953 / 1957) en 'De Paradijsvogel' (1958).
'De Kapellekensbaan' en 'Menuet' zijn Boons meest vertaalde romans. De eerstgenoemde verscheen onder andere in het Duits (in meerdere vertalingen), het Engels, het Noors en het Spaans. De laatstgenoemde in o.a. het Zweeds, Hongaars, Portugees en Italiaans.
In de jaren zestig werden door Boon nauwelijks nieuwe boeken gepubliceerd. Wel verschenen er meerdere bundels met cursiefjes die hij voor het Gentse dagblad 'Vooruit' schreef, waaronder 'Dorp in Vlaanderen' (1966) en 'Wat een leven!' (1967).
In de jaren zeventig publiceerde Boon enkele historisch georiënteerde romans. In 1971 verscheen 'Pieter Daens', over het socialisme aan het einde van de 19de eeuw in het stadje Aalst. 'De Zwarte Hand' (1976) gaat over de 'anarchisten' die Aalst aan het begin van de twintigste eeuw onveilig maakten en schetst het 'dubbelleven' van een erotisch ontspoorde politieman. Posthuum verscheen 'Het Geuzenboek' (1979), dat Boon op zijn 67ste verjaardag voltooide, iets korter dan twee maanden voor zijn dood.
Pieter Daens (1971), een documentaire roman over de sociale strijd van de Aalsterse priester Adolf Daens, werd in 1992 door Stijn Coninx verfilmd.
In 2005 werd gestart met de uitgave van het 'Verzameld werk'.
( volgens Wikipedia)
literatuur
