Nog een "tachtiger"

Nauw zichtbaar wiegen op een lichten zucht
De witte bloesems in de scheemring – ziet,
Hoe langs mijn venster nog, met ras gerucht,
Een enkele, al te late vogel vliedt.
En ver, daar ginds, die zacht-gekleurde lucht
Als perlemoer, waar ied’re tint vervliet
In teerheid.., Rust – o, wonder-vreemd genucht!
Want alles is bij dag zó innig niet.
Alle geluid, dat nog van verre sprak,
Verstierf – de wind, de wolken, alles gaat
Al zacht en zachter – alles wordt zo stil
En ik weet niet, hoe thans dit hart, zo zwak,
Dat al zó moe is, altijd luider slaat,
Altijd maar luider, en niet rusten wil.





.gif)




























