ART . NR . 47 . - DE PERSPECTIEF - DE VERKORTINGEN
Art . Nr . 47 .
DE PERSPECTIEF
De verkortingen
Het zou wel vreemd zijn , nietwaar , als wij ook nog niet een beetje over die opdringerige perspectief zouden vertellen ... Maar deze komt nu eenmaal ook bij de dieren te pas , en het is altijd weer door de verkorte vormen dat men daar op terecht komt . Om hen te begrijpen gaan wij de hond van fig . 91 eens tot zijn eenvoudigste verschijning terug brengen .
Nu hebben wij dan ( fig . 92 ) de volumes goed uitgedrukt door eenvoudige lijnen in hun grote massa's , zonder het karakter geheel te doen verdwijnen . Wij zien al , dat door de houding van het dier het lichaam veel korter is geworden in verhouding tot wat men van opzij ziet . Laten wij hem nog eens verder vereenvoudigen . Laten wij eens - zoals een speelgoedfabrikant doet - alle volumes van deze hond veranderen in een serie van blokken , waarvan de vlakken duidelijk zichtbaar zijn op fig . 93 . Wij delen deze vlakken in twee soorten in : die van de schaduw , overeenkomend met de breedte en die van het licht met de lengte . Ons onderwerp wordt eerst in profiel getoond , zonder verkortingen , uitgezonderd die van de bovenvlakken , dus rug en nek . Nu gaan wij hem een beetje naar ons toe draaien en van lieverlede krijgen wij hem geheel van voren te zien . De zwarte vlakken worden daarbij steeds groter en de witte van de lengte bijgevolg steeds kleiner , naarmate de beweging voortschrijd . In de laatste stand zijn de witte zijvlakken geheel verdwenen , terwijl de zwarte volledig zichtbaar zijn geworden . Je zult ongetwijfeld wel bekend zijn met de verschijnselen van de perspectief , maar wij meenden er goed aan te doen om ze nog eens op visuele wijze in herinnering te brengen . Je zoudt zelf wel zo'n klein beestje kunnen maken om het zelf op uw gemak in alle standen te bekijken en weer te geven in een serie schetsjes met alle eigenaardigheden van de perspectief .
In de studie van onze leerlinge Mej . Leboeuf ( fig . 94 ) ziet men maar weinig van de kop , de hals en de buik ; het achterdeel daarentegen komt in volle omvang te voorschijn . Bij het bijna geheel van voren geziene konijn ( fig . 95 ) doet de algemene vorm aan een beetje toegetakelde bol denken .
Fig . 107 doet ons uw aandacht vestigen op de sterke verdraaiing van de kop , die men zo vaak bij de kat en ook bij roofdieren ziet . Een hond neemt ook wel eens deze stand in . Wij hebben hier een zeer eigenaardig perspectivisch verschijnsel , dat goed bekeken moet worden , en dat des te beter , daar de kat als model tijden het zoete slaapje pas gaat bewegen , wanneer je hem wakker maakt .
EERSTE MODELLEN EN EERSTE WERKEN
Uw potloden liggen klaar . Neem er maar vijf of zes , vooraf geslepen , om uw werk zo min mogelijk te onderbreken . Laten wij nu onze eerste modellen eens bezien , waarbij wij de moeilijkheden systematisch laten opvolgen .
Je zult dan beginnen met een studie en niet met een schets van het dode dier ; wij hebben al gezegd waarom . Je zult ons stellig een tweetal opmerkingen maken door n.l. naar voren te brengen dat men niet altijd naar believen over een zodanig model beschikt en ook dat , toen het DE MENS betrof je , naar de volgende van onze lesdelen , begonnen bent met de schets .
Wij zullen eerst het tweede bezwaar beantwoorden . Zonder het belang van ieder menselijk lichaamsdeel te ontkennen , zijn deze intussen groot en verscheiden genoeg om hen met één oogopslag te kunnen onderscheiden . Men kan dus de totaliteit in zijn grote mass'as zien , te meer waar deze
" aangekleed " en daardoor al vereenvoudigd zijn in hun verschijning . Men profiteert daarvan om snel hun verdeling op te merken en van de personen in kwestie een totaalbeeld te pakken , waar dan vervolgens de onderdelen in zullen worden ondergebracht .
Maar , zo zult je zeggen , als het over afmetingen gaat , zijn er toch dieren , die veel groter zijn dan de mens . Zeer zeker , maar hun vormen zijn je minder vertrouwd , en bovendien zijn er ook veel kleinere , die gevormd zijn uit beperkte volumes , waarvan de samenstelling voldoende ingewikkeld is en die op het eerste gezicht lastig te doorgronden te zijn . En tenslotte , als de dieren een vacht hebben waarmee zij gekleed zijn , dan is deze hen niet vreemd , zoals de kleren zijn aan de mens . Hij maakt een wezenlijk bestanddeel van hen uit .
















