ART . NR . 74 . - FIG . 30 . - PASTELDOOS MET ENKELE TONEN

Teken en schildercursus fritske3
ART . NR . 74 . - FIG . 30 . - PASTELDOOS MET ENKELE TONEN
ART . NR . 74 . - HET PASTEL - HET MATERIAALArt . Nr . 74 .
Het Pastel
Het materiaal
Pastel bestaat uit fijngewreven kleuren , gemengd met gomwater . Men verkrijgt zo een substantie , die in de vorm van pijpjes verkocht wordt en die min of meer zacht en breekbaar is . Deze pijpjes ( fig . 30 ) zijn voorzien van papieren wikkeltjes waarop , behalve de naam van de kleur of nuance , ook een nummer vermeld staat , hetgeen praktisch is voor het opnieuw rangschikken in de doos .
Zij bestaan in drie soorten : hard , halfzacht en zacht . De zachte en halfzachte pastels zijn rond in doorsnede en het meest in gebruik . De harde zijn geringer in omvang en gepunt aan één van de uiteinden . Er zijn echter ook dikke soorten in de handel , die een conisch uiteinde hebben en meer speciaal bedoeld zijn voor achtergronden , dus voor het kleuren van grote oppervlakken .
Deze pijpjes geven hun kleur af aan het papier door een wrijvende beweging , hetgeen dus enige overeenkomst heeft met het potlood . Evenwel is zijn techniek , waarop we nog terug zullen komen , beslist niet zo eenvoudig .
Met dit tere materiaal dient men uiterst voorzichtig om te gaan , want de pijpjes kunnen zeer snel breken en verkruimelen . In hun dozen rusten zij dan ook op watten als waren zij kostbare sieraden ( fig . 30 ) .
Men moet , vooral in het begin , niet bezuinigen op het aantal kleuren , want aanvankelijk is het moeilijk de juiste toon te vinden , die men op het model aantreft . Later , wanneer men enige bekwaamheid heeft verworven , zal men zo'n toon kunnen bereiken door een op de juiste wijze over elkaar heen plaatsen van verschillende kleuren . Een pastelkleur - en dit verklaart het steeds groeiende aantal pijpjes in de dozen - vindt men dus niet in één enkel pijpje , maar in meerdere , soms wel vijf of zes , die een waardeverzwakking van dezelfde kleur te zien geven . Zodoende wordt de gewenste toon vaak in één keer bereikt zonder herhaalde kleuren en
" geknoei " en eveneens het telkens opnieuw onder handen nemen van de kleur vermeden , waardoor de frisheid , die een van de aantrekkelijkheden van deze techniek uitmaakt , aangetast zou worden . Gewoonlijk gebruikt men speciale papiersoorten , die fluweelachtig of viltachtig zijn of ook wel geprepareerd linnen . Wat de kleur betreft , deze moet bij voorkeur niet wit zijn , maar van een lichte , neutrale toon , beige of zandkleur ; of als de tonaliteit van het werk aan de donkere kant moet zijn , grijs .
We voegen hieraan evenwel toe dat de leerling ook normaal tekenpapier van goede kwaliteit kan gebruiken , liefst okerkleurig . Men kan het papier plakken op een stuk karton , dat volkomen vlak is om geen knobbels te doen ontstaan . Teneinde wordt het aan de achterkant met een brede , zachte kwast rijkelijk met kleefpasta ingesmeerd . Na verloop van enkele minuten zal de lijm , door zijn vochtgehalte , het papier een beetje doorweekt en slap gemaakt hebben , waarop dan het ogenblik gekomen is om het op zijn karton vast te plakken . Allereerst wordt de bovenrand vastgehecht en vervolgens naar beneden toe , terwijl men , ofwel met een schone lap , ofwel met een zachte , droge borstel , de lucht , die zich tussen het papier en het karton bevindt , verjaagt . Dit wegdrukken van de luchtblaasjes wordt nog eens herhaald , van het midden uitwerkend , waarbij men zich niet behoeft te bekommeren om de eventuele plooitjes , die zich in het papier mochten bevinden : als het papier de lijm goed in zich heeft opgenomen , verdwijnen deze wel tijdens het drogen . Als het karton bij droging krom mocht gaan staan , kan dit weer plat gedrukt worden door middel van zware boeken , waarbij het papier dan beschermd wordt door een schoon vellentje . Wees aandachtig dat , wanneer uw papier op zijn plaats gehouden wordt volgens het systeem , dat op plaat I ( Art . 70 . a , ) is afgebeeld , je allerlei onaangenaamheden zult kunnen vermijden . Men denkt er dan wel aan om tussen het pastelpapier en het karton een of twee vellen dik , glad papier te schuiven , omdat eventuele onregelmatigheden in de oppervlakte van het karton geen hinderlijke invloed kunnen hebben , hetgeen vooral bij pastel van belang is .
ART . NR . 74 . a , - TECHNIEK VAN HET PASTEL
ART . NR . 74 . b , - FIG . 32 . - HET PASTEL - STILLEVEN
ART . NR . 74 . b , - FIG . 31 . - HET PASTEL - STILLEVEN - SCHETSOPZET
Art . Nr . 74 . b ,
ART . NR . 74 . b , - VOORBEELDEN - STILLEVENS
ART . NR . 74 . c , - FIG . 33 EN 34 - BLOEMEN
Art . Nr . 74 . c ,
ART . NR . 74 . c , - BLOEMENArt . Nr . 74 . c ,
Bloemen
Hier vinden we de triomf van de pastel en dat ligt ook wel voor de hand . We hebben immers tot onze beschikking een doos met alle zuivere kleuren , die we in de natuur zien , in het bijzonder bij bloemen , met de gamma's van toonwaarden dezer kleuren . Door het pastel dus hebben we alle kans om bij de uitbeelding van een boeket , bijvoorbeeld , veel van de schittering , de rijkdom en vooral van de zuiverheid van de nuances te verkrijgen , die de natuur zelf te zien geeft .
Nogmaals , pastels worden niet aangescherpt ; een zakmes hebben we dus niet meer nodig . De platte uiteinden van de pijpjes kunnen we gebruiken bij de uitvoering van grote vlakken , zoals achtergronden en de scherpe kantjes zullen dienst doen bij de fijne lijntjes ; zij zullen a.h.w. het handschrift gaan uitdrukken .
We hebben voor u het boeketje goudbloemen uitgevoerd , dat je op fig . 34 ziet . Het onderwerp is vrij eenvoudig , maar vertoont niettemin enkele problemen bij de uitvoering , doordat de bloemen dicht opeen zitten en bovendien zeer verwant zijn van kleur , zodat hun vormen verloren dreigen te gaan in elkaar . Het is door een juist treffen van de waarden , dat we dit aangename probleem zullen oplossen .
Steeds getrouw aan onze werkwijze , geven we aan de schetstekening de gebruikelijke zorg , waardoor overigen de moeilijkheden van de volgende étappes enigszins verminderd kunnen worden . Wil dit nu zeggen dat we bij het tekenen alle afzonderlijke blaadjes van iedere bloem moeten weergeven ? Geenzins , wel zullen we van nabij hun silhouet moeten volgen om iedere onzekerheid bij het aanbrengen van de ondertonen , waarvan
fig . 33 een gedeelte toont , te vermijden . Deze ondertonen zullen de achtergrond bevatten , de locale tonen van iedere bloem , de diepste schaduwen en de kleur van het glas , dit alles , waar nodig , zachtgewreven met de vingertop .
Het is in het laatste stadium dat we de zachte pastels nemen voor het verkrijgen van een vetter laagje , om de kleuren meer kracht te geven en ook om op pittige wijze , schrijvend zou men bijna kunnen zeggen , enkele kleine accentjes en golflijntjes te plaatsen , die het geheel levendigheid en karakter verlenen ( fig . 34 ) .
ART . NR . 74 . d , - FIG . 35 EN 36 . - HET LANDSCHAP
Art . Nr . 74 . d ,
ART . NR . 74 . d , - HET LANDSCHAP