Alsof
Alsof
ze
zeggen zo vaak
van de doden niets dan goeds
dan ga ik je vast
na het sterven
liefhebben
alleen
weet ik nog niet
of het jouw of mijn dood wordt
kerima ellouise ©
kerima ellouise : woorden in wind
AlsofAlsof
ze
zeggen zo vaak
van de doden niets dan goeds
dan ga ik je vast
na het sterven
liefhebben
alleen
weet ik nog niet
of het jouw of mijn dood wordt
kerima ellouise ©
Duikend naar de diepte
wie heeft jou lief
als je het daglicht klauwt
met ongetemde slagen
als je knaagt
aan blootgelegde schedels
in het land van schaduwgras
je misleidt de dood
hoog in het zuiden
verstilt de aarde naderbij
grijpt breed de blauwe lucht
wijd uitgestrekt in ‘t zweven
volg de wind, volg je vleugels
in het dalen van de dag
vlieg, volg je kreten
vlieg waardig
vrij
kerima ellouise ©
Niet verdwenen
geloof ik je
in vellen vol waarheid
want nooit sprak je
de woorden van de
gestorven dichter
ik zag met jouw ogen
zonder om te kijken
naar het kind dat een
maanliedje fluisterde
langs mijn dood
de bloemen leegzoog
van de lente
tot de winter viel
uit de nachtschade
van die ene avond
toen ik stierf na
het vellen van je vonnis
en het kind herkende
naast mijn onverwoorde graf
kerima ellouise ©
de beeldhouwer
bron foto : www.teunveldman.com/.../pagina/enkel_blad.htm
![]()
als woorden op water
lees ik van jou van iemand
de naam het spreken
de verbinding naar heimwee
het blad naar golven
het hoofd wat scheef
in een lichtgebaar
van voet naar hals
het tillen het dalen
de houdgreep van gisteren
van vlucht naar aarde
de hand in je haren
gedachten dicht
van ziel naar adem
de stilte glijdt
langs rustende jaren
lees ik jou van mij
een glimlach op huid
van jou van iemand
in ogen ik huil
kerima ellouise ©
in handen van zand
boodschap
ik draag
dit gedicht
in stilte
als woning ongeschikt
door scheefgroei
leunen woorden
tegen de tafel
waaraan ik bid
geef mij stenen lippen
of breek het spiegelglas
de dood kan geen daken vlechten
met gebroken zwaluwveren
kerima ellouise ©
een beetje hoger
een beetje hoger
meer dan wat je vroeg
wil ik zijn. vandaag
in een beweging
naar morgen
adem je Mahler of
ik bij je was. gisteren
een beetje gek
wist ik het weten
minder. wil ik van
je weten
het antwoord in
een wolkje. dichter
naar je toe
zag je me wenen
in een druppel. meer
dan wat je vroeg
gisteren. wil ik zijn
vandaag
een beetje lief
eigen wijs
van jou
kerima ellouise ©
toen ik zei, ik heb je lieftoen ik zei, ik heb je lief
steeds dieper
beweegt de tijd
het gedicht in mij
verder reikend
dan het hobbelige spoor
op mijn hand
ik bekleed
witte vlakken
met eindeloos geduld
terwijl het licht
de trouwe minnaar
in naamloze ogen vangt
mijn stem raakt de nacht
sneeuwt sterren uit hun lange baan
toch
laat ik hem vreemd
in mijn adem bewegen
en wanneer de lucht
donker vertrekt naar een gebed
zonder einde
vertel ik god over dit gedicht
kerima ellouise ©
vingers op glasvingers op glas
ik heb een raam zonder sterren
of zonder enige waarde
van jou tot mij
en woorden, woorden
om te vertellen
dat wat ik ben
niet meer is
tussen steen en wolken
vond je mijn naam om m’n ziel
te overtuigen
de vorm van
een open zicht
en diep zo diep
breken vingers
de zomer alvorens
die in mij kon dringen
en leeg zo leeg
wieg ik mijn niet-zijn
opnieuw
kerima ellouise ©
vol is de maanvol is de maan
de maan is weer
weggegaan nu
jij de stilte leeg
naast het janken
van de hond legt
ik draag het gehuil
uit armoede
omdat mijn handen
en ogen moe zijn
en ik geen andere
slaap kan vinden voor
deze besmette dood
doortrokken in de grond
zinkt het braaksel
naar zilte nachten
zelfs de hond ligt
aan mijn voeten
overdag
kerima ellouise ©
bevroren maanlicht
tussen diepte en dauw
tussen diepte en dauw
spreek zachte woorden, liefje
in het onbeslapen bed
van heimwee
laat mijn handen strelen
naar alle zijden
van je taal
in een wervelstroom
tussen dromen en ontwaken
dek me toe, mijn liefje
met de warme zucht
van je zwijgen
mijn lichaam heeft jouw lichaam lief
doorheen de diepte van het linnen
adem mij, je liefde
ik wil samen met jou stijgen
naar het dauw
op onze lippen
door het volle maanlicht heen
ongetemd verlangen
tussen roze dijen
kerima ellouise ©
koude tenenkoude tenen
je stilt dagen van winter
en geeft me onwennige
kinderogen
bindt bitterheid
aan alle lege uren
nu dood sneeuwt
op koude voeten
de meisjesjurken, de lippen
gedragen, ongelezen
bij iedere gebroken vinger
en nu het donkere huis
de verte meet
zie ik door muren heen
de oude stenen in
mijn te kleine bouwdoos
jij kust me
maar maakt het kind niet meer in mij
kerima ellouise ©
het einde van de dag
het einde van de dag
ik treed uit je ogen
en ga wat dichter
naar de verte
elke stap opent
de einder waar
schreeuwende vogels
beuken tegen de branding
van barstend zelfbedrog
wanneer dagen korten
en zich losrukken
van wat ooit vleugels waren
over een vlakke zee
van meisjesjaren
die ik meedroeg
op mijn heupen
voor jij in mijn tepels beet
en het naïeve land bezeilde
ik treed uit je ogen
en verlaat het gesloten strand
eb slaat tegen rotsen
kerima ellouise ©
bron foto : http://www.kitchencontraptions.com/images/Beach%20on%20West%20Coast%20in%20Portland.jpg
Mijn vriend
mijn vriend
voorbij
de deur
toen de ochtend kwam
de geur van dood in het gras
ik zat naast jou en
mijn eigen leven in zachte
kleuren en witte vlokken
je zou niet terugkeren
toch niet naar mij, slechts
diepe stilte in het afscheid
ik heb je gestreeld
in het druppelend daglicht
en in al die jaren, langzaam oud
ga nu, mijn vriend
naar het onbekende
mijn tranen
op je zachte lijf
kerima ellouise ©
nog even
langzaam sterf ik
in een huis
dat wacht
regen in de ramen
ik poets de laatste dag
hang wolken aan de nacht
koud, steeds bleker
de lippen achter glas
ik praat nog over stenen
en leg ze op mijn huid
alsof de stilte slaapt
in een verre dag na deze
het is de hoogste tijd
het
regent
op mijn mond
buiten
valt
het raam
kerima ellouise ©
Over sterren glijden
je stille glimlach
in de straten
tussen gevels
steeds kleiner
loopt de nacht mee
in lijnen
grijs of zwart
de huizen ademen
de ochtend in
minnaars
de zijden kousen
nog glanzend
tussen hoofd en buik
de wil tot meer
of ik van je houd
vraag je
en ik glimlach
wanneer de lichten uitgaan
in een stad die groter wordt
je gooit sterren als ontbijt
kerima ellouise ©
één dollar
je was zoet, een roos
met dunne, sierlijke
hals
met onschuldige
tepels
en een verboden
handgebaar
in het verhaal van een stad
vol levende
dode bloemen
je was te jong
maar
jaren ver vooruit
voor het oude stof
van verleden geboorte
jouw raam opende
geen erbarmen
maar beet de
verminking
te rood belicht
in jaren vol haat
ingeademd
gezicht
er was geen wind
nergens wind
enkel zwavelzuur
en één dollar
kerima ellouise ©
nooit voorwaardelijk
voor een keer opende
ik mijn ogen en
liet mijn graf begroeien
met een teder lijf
lippen drukten zich
op mijn open mond en
enkel jouw stem deelde
de stervende vogels in mij
uren zochten alleen
nog maar jou en
alles dat ik in mezelf
had verlaten
ik wachtte op je woord
maar iets werd terug
niets; ik werd weer
zoals voorheen
engelen fluisteren nu
vleugels op mijn rug
en ik schuif de lus
terug om mijn nek
in vergane as
schrijf ik woorden
alsof ik niets ben geweest
kerima ellouise ©
Mag ik jouw zoen zwijgenin de ziel verzwegen
zo droom ik mijn dromen
als verloren regen
op een afgebroken twijg
waar jij nooit zal komen
of zeggen wat ik moet doen
in het stille ongestoorde
van mijn ware wezen
de eenzaamheid vermoeit
maar laat me klein en gebogen
groeien aan de schaduwzijde
van het toegetreden groen
kerima ellouise ©