Naar de inhoud

kerima ellouise : woorden in wind

schrijfsels ©
akke.beakke.be

Berichten van 1 februari 2010 tot 28 februari 2010

tekstje: droefje droef

Droefje Droef was een heel klein kereltje. Hij woonde al jaren onder het gebarsten theekopje
van tante Pollientje. Ze had een ietwat scheefgezakte antieke kast in de achterkamer,
waar ze nog nauwelijks kwam. Vroeger maakte ze iedere dag een praatje met Droefje Droef.
ALhoewel hij toen niet verdrietig was. De avonturen die hij met haar beleefd had, waren onvergetelijk. Voor hem toch....

Hij keek vanop het eerste schap naar beneden, naar de tafel en meteen begon Droefje Droef
te glimlachen. Zo breed dat zijn puntoortjes begonnen te trillen.

Hij ziet haar weer woest zwaaien met de kachelpook, toen ze Pol Piraat was
"Schip ahoi, schip ahoi'", brult ze de golven luid toe met de kachelpook in haar hand.
Droefje Droef roept meteen.
"Ahoi Pol Piraat, Schatten in zicht'". En de tafel, het enige overblijvende wrakstuk, protesteert
wanneer ze woest heen en weer zwaait met haar 'zwaard'. Maar na een verwoede poging om de Zeilstoel, een broos en licht schip, vanuit het kraaiennest te enteren, hoort Droefje
een luid gekraak.
Pardoes valt Pol Piraat van haar gekapseisd vlot af, de benen kaarsrecht omhoog.
Hij hoort haar nog steeds schaterlachen. Dat was na een bezoekje aan de oogarts.
Of die ene keer dat ze de kamer kwam vegen. Pollientje had een nieuwe bezem gekocht
bij Tinus Veegsteel, de enige bezemmaker in het dorp....

Zij had hem eens toegefluisterd, al vele jaren geleden, dat als Tinus naar haar keek, vlindertjes begonnen te kietelen in haar buik. Zijn ogen waren net zo diepblauw als de vlinders zelf. Ze had zelf geen idee hoe haar ogen dan speelden met haar glimlach.
Met een diepe zucht gaat Droefje Droef op de rand zitten van het schap. Ja, zij en haar bezem waren onafscheidelijk.

Met een uitgeholde peper op haar neus en de zwarte poetsdoek op haar hoofd kraaide ze dan met hese stem: 'vlucht, gij boze stofwezens, vlucht in de kleinste kieren van het Vuilwoud'.

"Lalalacramissima, Lalamissimozo".

Maar de inwoners van Vlokjesland waren een dapper volk en hielden stand tegen haar toverspreuk. Heel stil dribbelden ze dan heen en weer op hun kromme beentjes. Ach, ze was zo'n aardige heks dat ze voor haar iedere dag in een lichtstraal dansten.

Een traan drupt op de grond van Droefje Droef...


kerima ellouise ©




Reageer op dit bericht

ter verdediging



Ter verdediging





Kale muren
en het leven vergelijkt zich.

Gezichten zijn verdwenen.
Een houten vloer draagt de echo’s
van wat ik heb geschreven;

het laatste geloof
en een paar druppels van verwerping,
een overbodig bericht naar mezelf.

Het weggaan
gebeurt voortdurend,
ook wanneer ik rustiger ben.

Wat er rest is dan een afdruk;
een vereenzaamd en veroordeeld woord,

vochtig, zoals dit gedicht
dat ik naar de leegte schreeuw, nog machtelozer
dan de cirkel, de dagen rond.

Ik jaag de dode bladeren in de kamer.
Hierbinnen woont de nacht.

Zonder maan.



kerima ellouise ©





Reageer op dit bericht

profiel

foto : beeldentuin Dehullu
kunstenares: Kieta Nuij
















profiel



"Soms voel ik zoveel droefheid in mij.
Dan vraag ik me af hoeveel levens ik al geleefd heb"




misschien ben ik dronken
door de leugen van het leven
misschien ook niet

misschien zal ik het verzonnen deel
van uw waarheid worden, gelijk een vloot
van vlinders aan een denkbeeldige hemel

of een losse lijn
in een langere gedachte waar geschrei weerklinkt
om het loodbloedend vertrek

tussen dag en nacht, de leegte
langs de lettergrepen waarin zwarte vlakken groeien
tot op de bodem van gebruikte kamers

misschien herkent u dit visioen, opgespleten
in de wonde van de waanzin

allesoverheersend

misschien besta ik niet
en ben jij enkel het beminnen waardig



kerima ellouise ©
Reageer op dit bericht

een godganse nacht







een godganse nacht




zeg niet
dat ik me mijn dromen verbeeld
ze zijn er, levensecht

zeg niet dat ze uitzichtloos zijn
als antwoord op een eigen teken

maar beschrijf
het onophoudelijke, het ongerepte stromen van de maan
zelfs als ik hier zou sterven

in zwarte kleren van de nacht
of in de scherpte van mijn waan

ik zie de vele harten
het vuur er dwars doorheen, de opgebonden druiventrossen
de pijlen bij menigeen

we vrijen tussen lakens
scheuren, schreeuwen, om en om

vloeien vurig naar elkander

en likken
zoetgezwollen

papavers aan het plafond



kerima ellouise ©








Reageer op dit bericht

Ja








ja




alsof we druppels zijn
jij en ik

uit de ochtend geboren
in wit en blauw
zei ik

we kunnen
door de velden waaien
en weer huiswaarts keren

ons uitstrekken tot zee
en strand

‘of tot twee vogels
in volkomen stilte’
zei jij

‘ik zal de zon
op jouw lichaam zien en alle
dagen je ziel’

en ik glimlachte
om wat jij zag
daarna


kerima ellouise ©

Reageer op dit bericht

dans en genees me






dans en genees me




er is hier en er is nu
maar ik vraag me af hoe ik later
de stilte kan herinneren
zou ze spoorloos
verdwijnen
of zou er plaats zijn
om ze als meeuw te verwekken
om ze uit het niets te schrijven
bovenop de seizoenen
en de vergane hartslag
van de tijd

er is hier en er is nu
maar maak me wakker als de stilte
me ten dans vraagt

daarginds aan de waterkant

ik zal in zee lopen
steeds verder en verder tot ik haar spreken
kan dragen op mijn borst
moedig
over rotsen en diepte heen

misschien eindigt daar het zijn
het sterven
de pijn

en word ik een vogel, begeerlijk
voor de zon


kerima ellouise ©

Reageer op dit bericht

Carillon Silence















Carillon Silence






ik wil niet denken
aan de wijzers die je in enkelvoud
neerschrijft

tussen alles
en niets

omdat je ziel geen luisterlongen
draagt in het zwarte hart
van de rivier

waarin je torens bouwt
als tijdgeraamtes

getooid met jaarringen uit mijn zacht verdriet
dat in trage schreden

en zonder verweer
neervalt tot laag onder de grijze
waterlucht

waaronder ik sterf
verga

diep in mij
en in het kerkerraam verscholen

il y a partout le silence

silence
partout




kerima ellouise ©








Reageer op dit bericht

het gezicht van een hart





het gezicht van een hart





misschien kan ik in jou
pijnloos sterven

als regen min of meer regen is
en de dood met zijn wijsvinger
mijn ogen geneest, zacht
en onverklaard

het zou op stilte lijken; geleend
uit schaduwen van glas

of op witte vlokken
in een hand

wanneer niemand merkt
dat het sneeuwt, vroeg
tegen het raam

misschien is mijn zwijgen
niet genoeg

en word ik door het liefhebben
bewogen

stilletjes en eenvoudig
in elk toekomstig woord



kerima ellouise ©






Reageer op dit bericht

Meer van kerima ellouise : woorden in wind

↑ Terug naar de berichten