geënt (haiku)

kerima ellouise : woorden in wind
geënt (haiku)
onder dekens, diep weggezonken
foto : locatie beeldentuin Dehullu 2009
onder dekens, diep weggezonken
het gesprek
dat ze met zichzelf voerde
vond hij terug in zijn hand
hij schreef naar huis
zij sprak vanuit een schaduw
met ogen van weggaan
een laatste reis
door een donker huis, denkbeeldig heengegaan
in de veelheid van rouw
ze ontkleedde woorden
en het wachten uit openstaande deuren
het geluid en de stervenspijn;
erom huilen
van haar, enkel van haar
en van witte wolken
in iedere verwarde val, soms zichtbaar overdag
door de onrust van heupgedragen regen
hij schreef naar huis
kon het loslaten niet horen, niet met één hand
- verte is de waanzin waarvan de vingers werden afgesneden -
kerima ellouise ©
in de dagen van mei
in de dagen van mei
de ochtend komt binnen
met het grote blauw in zijn handen
dwaalt verder, werpt bloemen in het water
en jonge schaduwen
die nooit genoeg van elkaar krijgen
leggen zich licht, klein en onkreukbaar
ik keer terug naar het begin
doe mijn ogen open, rond mij in armen
als knoppen zonder tegentijd
half verscholen
in het kortverhaal van stollende vlinders
te kort voor wat was;
woorden rondom de navel
en de minste waarheid op mij
kerima ellouise ©
prima luna
prima lunawaarom, mijn vriend
ben ik in dromen de ochtend;
het koor van licht dat waarheid met
ruime vleugels draagt
de boomvrucht
omlijst door vreugde; het dauwgeritsel
van het vroege uur
waarin ik mijn handen vind
om elk gebaar van liefde te beantwoorden
en dat de dag sterker maakt
met zachte binnenstem
waarom, mijn vriend
wil ik weten van het zijn, aanvaardt de rivier
haar gemurmel
het kind dat zo helder zingt
in het schaterend water
vertel me, vriend
de nacht is lang
waarom wordt mijn stilte
steeds groter
kerima ellouise ©
zeg het maar aan niemand

het is bitterkoud buiten
zonder haast
stilte strooit zich
rond het lege nest, neemt een kleiner wordend
boomblad mee
het breekt op het voorhoofd van de nacht
met de blik naar boven
ik loop voorbij, blijf mezelf
zie wind blazen, sterren in gele kleedjes
langs de lengte van het huis
ik wil ze vangen, vandaag, nu
en morgen weer
wanneer ze zwaaien
met zwavelstokjes in hun kleine hand
alsof ze, goudgelokt, weten dat mijn gedachten
warmte nodig hebben
het is bitterkoud binnen
ik strijk een lucifer aan het ruwe
dennenhouten vlak, met zachte trek
even draag ik licht
kerima ellouise ©
powezie avond

vergeet de sluitstenen
vergeet de sluitstenen
een smalle gang
geschaafd uit wilgen
vlucht in beeldspraak
als een impasse
waarin spiegels zich laven aan illusies
over stilte heersen, onafgerond
om verder te golven, tot daar waar stromen spelen
in daggezichten
met wilde vruchten van hoop. wuivend
naar onderweg, naar jonge en oude bomen, naar vlaggen
in de verte
en heerlijk gaan liggen
in een wereld die verleidt, nog lichter
dan het grenzeloos vertrouwen
van de zwaluw in de goot
die zijn eigen weg naar het zuiden zingt
voortdurend
over veermannen en wilde wingerds heen
en in grauwe dagen zijn schaduw
streelt
elke dag iets meer
aan weerskanten van het pad
kerima ellouise ©
met droefheid

foto: kerima ellouise ©
met droefheid
in het gemurmel
van het onwaarschijnlijke
lijk ik niet te bestaan
maar tijd strekt zich uit op mijn huid
als bewijs van betrouwbaarheid
waterdicht
plant zich voort
met een te hevig, huizend hart
hijgend
onder blauw bedrukt, wegwaaiend
in honger en liefde, alsmaar onderweg
alsmaar
en wellicht volkomen onoprecht
- zouden wijzers dromen hebben -
ik kijk op mijn horloge, reis verder door woorden
en besef dat ik je neerschrijf langs een rivier
onder onbewaakte bomen
misschien hebben jij en ik hetzelfde nodig
maar word ik regen
zodra de wind van verre komt
te licht op huid
kerima ellouise ©
welkom

dagverloren
foto kerima ellouise ©
gastgedicht van HillyN: in jouw poëzie verloren
In jouw poëzie verloren
ik duik in je woorden
zoals een meeuw
naar de vissen in zee
letters krijgen vleugels
als in zomerdromen
neem je me mee
naar een kleurenlandschap
waar bloesemklanken
luisterrijk bloeien
pennenvruchten groeien
tot voorbeeldige verzen
van liërende metaforen
ja, zo dikwijls
ben ik zweverig
in jouw poëzie verloren
HillyN ©
erg veel dank voor dit lieve en prachtige gedicht Hilly!
biografie van het tegenlicht
biografie van het tegenlicht
‘dit is mijn stem, zei je’
ik zwijg
en graaf me in jou
omdat niets ontbreekt aan onze stilte
ook al sijpelt water uit de achterflap;
uit noodzaak
omdat tijd zich verontschuldigt
bij het stervend licht en ik me lokken liet
door de verste grenzen
zoals koude bladeren
langs een winters strand die in de horizon
verdrinken
dit is mijn wereld, zei je
de dove duinen zijn slechts golven
tegen schelpen gekneld
ik bleef wakker
als een druppel water
‘en vond vrede in jouw blik’
kerima ellouise ©
eenzame dromer

Kunstwerk door JOSKE VRANKEN ©
eenzame dromer

eenzame dromer

kunstwerk door Joske Vranken ©
gedicht: kerima ellouise ©
kruimellicht
foto: locatie Dehullu Beeldentuin 2009kruimellicht
misschien zou ik jouw gedicht
uit het hoofd moeten kennen
maar als ik dat kan
waar blijft dan de verwondering
het verlorene
dat zichzelf laat vinden
met grote ogen
om ons te redden
van het doodgaan
en het rouwbeklag na elke
teruggestoten en onleesbare waarheid
die in het memoriaal van liefde
nog minder dan een stip werd
ondanks de drang naar beweging
ergens in huis, ergens eeuwenoud
in het kruimellicht en eenzame straten
bij avond, loodzwaar om het bedrog
dat uitlekt in de wispelturige waarheid
van een steen die langs zijn bestaan tekent
te midden van zaad en zon maar nimmer
zijn schaduw beweegt, links en rechts, oog in oog
misschien zou ik jouw gedicht uit het hoofd
moeten kennen maar ik durf niet langer kijken
uit angst om de metaforische verwondering
te verliezen, op vleugels naar het onbekende
het terrilpad, voorbij de mijnwerkershuisjes

foto: kerima ellouise ©
het terrilpad, voorbij de mijnwerkershuisjes
wind tussen bladeren
bracht het hoefgetrappel en het knarsen van houten wielen
dichterbij
en ik wist, in mijn kinderlijke onschuld, de winter was gevlucht
rook verdween, langgerekte schoorstenen werden werkeloos
kinderen dwaalden af
zoals bruine sloten langs spoorwegrails
die het eerste walsende lentelicht ontvingen aan hun nog natte voeten
oh bella italia
het paard bromde, effende het pad
alsof vriendschap ongezadeld zinderde tussen zwarte wimpers
alsof hij mijn naam lispelde met laag geluid
wanneer hij de kar langs de ietwat scheefgezakte gevels verder trok
als de zon ’s avonds daalde en geuren traag naar beneden schemerden
leek het alsof de kar op vleugels werd gedragen
en in verbeelding
vloog ze dan sierlijk over wild onkruid en de twee trotse terrils heen
die ingekerfd opgingen in het landschap, aan het einde
van de doodlopende straat
schaterend, zoals vrijheid zou kunnen voelen
in een steeds weer andere reis
de oude man aan de teugels zong graag
uniamoci amiamoci,
l'unione e l'amore
alsof het mooie weer nooit zou ophouden
ik keek hem aan, verwachtingsvol, met een paar munten
in mijn kleine hand
"Een ijsje vanille, graag"
meestal, tegen die tijd
draaide de seringenstruik zich naar haar bloei
oh belle italia, l'unione e l'amore
kerima ellouise ©
* uniamoci amiamoci,
l'unione e l'amore
Laat ons samen komen en elkaar liefhebben;
De eenheid en de liefde* uit het Italiaanse volkslied
een wimpel waait
een wimpel waait
midden in de tuin staat een boom
terwijl ik met hem praat, zonder mijn stem te laten horen
schudt hij zijn bloesems hoog op, alsof er tederheid is
alsof het gedicht in zijn buikholte mij zal vergezellen naar de branding
mij zal doen verdwijnen in de palmen van vloed, nog zachter dan een belofte van liefde
opnieuw op huid en vlindervisjes, neergestreken in het kruinenlicht
tussen oude twijgen sterft een meikever, de boom buigt, beeft even uit zijn bloei
ik kom overeind en begin te klimmen, zin voor zin, tak voor tak , over daken en heuvels heen
rivieren met wel duizend wensen
een vogel vliegt, de tijd komt later
naar jou, mijn lief
naar jou
kerima ellouise ©
wegvliegen
foto kerima ellouise ©wegvliegen
soms
wil ik een zoen
zomaar een zoen
neergebogen
zoals zomers die in gondels varen
met voeten in het water
en prentkaarten verleiden, groenblauw
langs houten palen en langzame lagunes
soms
wil ik een zoen
zomaar een zoentraag en stil
zoals oude uren over bruggetjes heen
oneindig jong in ogen
die tussen duiven op het plein schuiven
en schateren om de golfslag in je armen
soms
zwevend en heel licht
wordt er in mijn handen een vlinder geboren
zoals een zoenzomaar een zoen, vol
te midden van veroverde geheimen
kerima ellouise ©
vandaag kom ik dichtbij
foto: kerima ellouise ©vandaag kom ik dichtbij
ik vouw mijn handen open
in de eerste dagen
van lente
en lees het gedicht van de boom
hij fluit op mijn vingers
naar het meilicht
droomt meer dan zijn kruin verwachten kan
meer dan ooit
voorbij
het zachte weer beweegt zijn bloesems
blijmoedig naar mijn bankje
ik vraag hem niet
naar zijn naam
welke beelden hij zietof zijn verdwenen in het lied van de zuidertoren
blauw en wit boven de tuin
ik drenk mijn handen
in wat volgt en vang de stilte van een vogel
rechtvaardig en hoog op takken
als een wolk
leg ik me te rusten in zijn wenk
languit in het dwarrelen
kerima ellouise ©