open tuinen

kerima ellouise : woorden in wind
open tuinen
tuinrijmpje
het fris gewassen gras glimlacht
hij is tevreden met zijn kapster
niet te kort, niet te lang
zo maaide zij met lentezang
het karmijnen kraagje van een aster
het mos maiorum riep echter uit:
ik ben een ongeschreven wet
daarom heeft de coiffeuse
wat paardenbloemen
op zijn hoofd gezet
zij boog zich naar beneden
en zei: je hebt niets meer te vrezen
je werd gekroond, geen mens
wil nu nog van je weten
kerima ellouise ©
Illustratie: Foto: Rob Vereijken (google)

toevlucht
het is middernacht
muisstil
wijzers vallen samen
in het slot van de deur
zij staan daar, de jongens
zoals zij het zelf willen
ogen en handen om haar heen
zij verlaat zichzelf in het schreien
in de angst dat oren kunnen zien
en stelt zich een wereld voor
onderweg naar wolken
wat als zij weer komen
vanaf dat punt
zij is maar een meisje
met de haren in een wrong
het kussen op haar hoofd
ongewild
kerima ellouise ©
Illustratie: foto google

cover van mijn zopas verschenen bundel
in de helderheid van wind
waarom schrijf je dan nog,
vraag jij
het is mijn groet,
antwoord ik
aan gezichten in de ramen,
veranderlijk in het stilstaan tussen nieuwe en oude
bomen
zonder ochtend, avond of
eindbestemming
zo ben ik ook jou
en wat we weten, weerloos
achter het dunne vlies van woorden
en in vrije kamers van verte
waar dagen aan de grond zich nooit verloren
wanen
wanneer we sterflijk zijn, vanzelf ontstaan
zoals minnaars, diep in
beweging
kerima ellouise ©
... gedicht uit mijn zopas verschenen bundel 'stilte, verzamel mij' ...

er is altijd een overkant
zie de zwemmer
hij is daar en wacht op vloed
dagen om te begrijpen
wat hem doet drijven
duinen krabben
het lichaam zonder water
heeft hij dan niet gevoeld
niets dat als een rivier begon
spiernaakt
de brug is hoog, hoger
dan de honderd nerven
in het zand
een laatste ark
kokhalst splinters uit het stof
nog van de tijd over
en de vraag die hij zichzelf stelt
wanneer hij eb als huid
meesleept
kerima ellouise©

gebroken wit
en de stenen dragen
mijn stille stem
zij zijn handen
vertragen het licht
en leiden me naar iets
wat ik nog niet weet
ik ben mond
moeilijker dan de waarheid
mismaakt door gifpotten
in het nachtelijk huis
is er een aards paradijs
of een open oog
om oneindig lief
te hebben
de stenen
blijven, dat wil ik geloven
binnen bereik
ik volg het dolen
kerima ellouise ©
...
nav 'Poëzie in harmonie met klassieke muziek', 27 april 2013
in de Magnuskerk te Anloo
met Doewe Kraster (orgel), Agnes te Wies (hobo), Inge Dijkstra
(dwarsfluit) en dichters Marion Spronk, Julius Dreyfsandt zu Schlamm en kerima ellouise

ritme
zoals mussen
van tak tot
tak
hiphop ik met
mijn vingers
rond hetzelfde
plekje
je glijdt naar beneden
vangt mij op
terwijl ik al weer vlieg
met een strootje
uit je borsthaar geplukt
ik vraag nog meer
terwijl je de lucht
loslaat
leen je lange benen
om te klimmen
verlangen, zeg je zacht
en krult je zinnen
tot een nest
kerima ellouise ©
kunstenaar mij onbekend
f
Anloo muziek en voordrachten
.
omlijsting
hij legt zich neer
in wind, in de tijd waar hij om
vroeg
en in die dagen reist hij
door het leven, luistert naar alles
wat stilte hem geeft
het gras verstaat zijn verlangen
het lief en leed, het hebben en houwen
het geruis van het heelal en al de andere plekken
in een antwoord
dat zich naar binnen keert
vogels, zwartglimmend, krullen zich op in het licht
als een schaduw op een zandpad
hij weet nog van niets
tot hij omhoog kijkt
kerima ellouise ©

paraplu
zo dachten wij verbeelding
in het zwerven en het spreken
van raven
het hoofd dat alles voelt
door steenslag, tot
beneden
of op de vlucht
ik trof hem in een zwarte jas
zijn taal gelijk
dacht ik weer zo'n man
niet alles is hemelhoog
zo dacht hij regen
zonder woord
kerima ellouise ©
Illustratie: fotograaf onbekend

het jaartal slaapt nooit
langs de spoorweg
vijftien kinderen, beschreven
in boeken
het kan niet anders dan oorlog zijn
zijn vermoeide hoofd
knikt naar het bruine water, rimpelt
maar kan geen vergeving beloven; de sloten uitgegraven
gedempt is het geweten
op vaderlandse grond
hij leest verder de dodengang in
sluipt onder prikkeldraad, trapt op de einder
met geveterde planken
het geluid vertraagt
het regent in vlagen
daar ligt het ijzer
en de kindermoord
kerima ellouise ©

naast raven en stenen
soms denk ik
aan het eind van een lange dag
het is tijd
een stap terug
hoe het zal zijn wanneer niets meer
zich strelen laat, afstand onvermijdelijk spreekt
in alle ernst voor een groter leven
nachtogig
zonder handen om te bereiken
of je lichaam dat woelt in een doodgewone taal
soms denk ik
over loslaten en wie er na komt
wanneer vingers zich sluiten
op hetzelfde moment
kerima ellouise ©

maanzand
niets verandert
de dingen gebeuren, al verberg je
het sterven
achter ribben
of in boodschappen
onzacht gesproken
laat het rolgordijn maar zakken
over woorden, over mij
laat mij
met hoog gehuil
er bestaat geen glazen zweep
geblazen
uit de maan
kerima ellouise ©

tussen zee en land
ik was daar met jou
we zagen het komen en gaan
vroegen aan meeuwen de onvervulde wensen
tussen de tikken van de wijzers van de klok
het was alsof we mee ruisten, in overvloed dreven
naar een doorwaakte maan
durf jij mij jouw ziel niet toe te schijnen
omdat ik het verlangen niet zou verstaan
je hoeft geen oceanen te wissen
of mij te leiden naar een volmaakte traan
ik luisterde naar alles wat je zei
jouw ogen raakten steeds meer de mijne
onbevreesd en eindeloos naaktzaam
kerima ellouise ©

ververst
hetzelfde huis, uren
langer zwijgen
er zijn geen levende verhalen
waar ik sta
en het avondlicht in de kamer
zou een schim kunnen zijn
wolken
blijven star
donkerder
boven luisterloze leien
hij gaat liggen
ver uit het gezicht van een lelijke, grote
maan en zijn vader
wacht tot het geschuifel
voorbij is
zoveel mogelijk
kerima ellouise ©

er zaten meeuwen op dit papier
is mijn vleugel
niet meer dan denkbeeldig, dan een wimper
van de wind over dichte zee, ik vraag je, immer
of ik wolken ben, transparant voor het oog,
van nog minder dan een gezicht
golven ruisen door elkaar heen, harder dan ooit
tot ze het antwoord zijn geweest
ik plaats -straks- op de tijdlijn
terwijl de dag in stukken breekt
wellicht ben ik het
die niet meer kan vliegen
of het verlangen nog langer in handen houd
de wind maskeert
zwart
kerima ellouise ©

lentefeest, kasteel Heeswijk
benen en vinnen
sterfelijk
vertraag ik mijn verhaal
het breekpunt zichtbaar
wanneer lijnen aan kracht winnen, golven worden
die ik schep tot schuimend lichaam
er waait een gedicht uit
grillig gevormd
ook door het zilte aangetast
mijn handen halen zich open aan de horizon
versieren illusies
met
schelpgeruis
opnieuw
in deze volgorde van emotie
schaduwen liggen
stil
op een meeuw
die ook jij zag
of ben ik het
die met een witte zakdoek
de vloed
veeg
kerima ellouise ©

het geluid van tijd (3/3)
zie de tijd, kind
het zijn dochters en zonen
klimmend stuifmeel en steentjes
over het water gekeild die omhoog schieten
als ballonnen, landen op blauwe en gele
zonnehoedjes, schaterend op wangen nat
jij bent zo mooi in mijn handen
volkomen in een bron die niet liegt
zie de tijd
ook hij streelt het onkruid
in te smalle straten
waar een jongetje glundert bij thuiskomst
om het boeket dat hij nauwelijks
met zijn vingertjes kan vasthouden
en wat bloeit tot diep in winters
hij, mijn kind, is de belofte in onze handen
waarin herinnering mee kan gaan
kerima ellouise ©

1 reactie op dit bericht
.....