Naar het kasteel van Hingene


Twee van de vroegere medestudenten uit de normaalschool hadden een kasteelbezoek met gids georganiseerd. Om de zoveel maanden is er wel iemand van de groep die inspiratie krijgt en iets weet op te duiken dat bezienswaardig is. Voor of na gaan we eten. Feitelijk zoeken we een reden om elkaar weer te zien en de laatste nieuwtjes uit te wisselen. We waren met veertien vrouwen, allemaal zeventig of er iets boven … maar meer dan levendig.
Omdat Hingene met het openbaar vervoer zowat onbereikbaar leek, was ik afgesproken met Iris dat ze me in Dendermonde komt ophalen. En inderdaad, wanneer ik de uitgang opzoek, staat ze me al toe te zwaaien. We rijden naar haar thuis, in Hamme, maar eerst springen we een winkel binnen om wat verse groeten aan te kopen: een vrouw moet altijd aan alles denken, ook als ze er een dagje uit gaat. Maar die boodschappen laten het gesprek niet ophouden. Het is lang geleden dat we elkaar nog zagen … en blijkbaar komt er een woordenstroom op gang als we elkaar zien. Er is zoveel te vertellen: zeventig jaar leven laat zijn sporen na en niet alleen wat rimpels en pijntjes.
Tegen de middag gaan we richting Bornem. Een parkeerplaats zoeken is niet zo evident: er staat een kermis opgesteld op het marktplein en de straat verder worden werken uitgevoerd. Uiteindelijk vindt Iris een veilig plaatsje en kunnen we richting restaurant. Gelukkig hebben we onze paraplu bij want het is beginnen regenen. De ganse dag zal het af en toe regenen, maar daar merken we nauwelijks iets van. We hebben het te druk met elkaar.
In het restaurant treffen we de anderen van de groep. Voor mij is dat altijd een verwarrend moment. Ik herinner me hen zoals ze waren toen ik op 16 jaar van school veranderde. Nu zijn we allemaal zoveel jaren ouder geworden en meestal zijn er ook wat kilo’s bijgekomen. Naarmate ik ze meer ontmoet gaat het me toch makkelijker af. En feitelijk zijn we ieder nogal onszelf gebleven en dat herken ik. Ongelooflijk hoe herinneringen dan op je afkomen. Met deze vrouwen voelde ik me vroeger goed, ondanks de context vaak niet zo gelukkig was. We hebben wat afgelachen op internaat: humor, een overlevingskracht.
We moesten via mail opgeven wat we wensten: hebben we toch niet allemaal dezelfde dagschotel genomen. Gemakkelijk voor de keuken. De bediening is heel vriendelijk … en ik weet niet of ik bewust genoten heb van het eten: alle aandacht gaat naar de collega’s aan tafel.
Op het einde van de maaltijd is er geen tijd meer voor koffie: we moeten ons haasten naar het kasteel van Hingene, de gids wacht op ons. De koffie zal voor na het kasteelbezoek zijn.
Het domein is prachtig: vijf hectaren goed onderhouden park. Het kasteel zelf is mooi gerenoveerd. Het was een buitenverblijf van de familie d’Ursel, dat alleen in de zomer gebruikt werd. Toch voelt het dubbel: hier woonden de rijken, die zelf nauwelijks iets deden. Voor alles was er een knecht of meid. Waarvan werden ze rijk? Niet aan denken.
In het kasteel is een tentoonstelling georganiseerd van vrouwen in de familie d’ Ursel die schilderden. De gids troont ons mee naar de eerste verdieping, waar de tentoonstelling begint. Een bediende komt mee, op het einde van de groep. Net een keffertje dat toeziet of alles goed verloopt. Nu, ’t is een kwetsbare tentoonstelling. Het kasteel is drie maal verbouwd en daardoor zijn er overal gangen en kamertjes ontstaan … heerlijk om in verloren te lopen. Gelukkig is er een lift, die de mensen die moeilijk trappen kunnen lopen, naar de verschillende verdiepingen brengt. En dan komt de begeleidende suppoost wel van pas, want zoek je weg maar in dit doolhof.













