Het kaf en het koren
|
NB: Kennelijk wordt de op de blogs gedropte tekst binnen de paar seconden naar het Engels vertaald en vervolgens weer naar het Nederlands, waardoor de blogtekst geheel onleesbaar kan worden. Zo bijvoorbeeld vertaalt men "de mens" (Nederlands) naar "men" (Engels voor "mensen") en vervolgens weer naar het Nederlands als "de mannen". Om die reden voegen wij onder het artikel een PDF-versie omdat dergelijke automatische veranderingen binnen die bestandsvorm vooralsnog onmogelijk zijn. De tekst van de PDF kan gelezen worden nadat op de link onder deze tekst werd geklikt. (J.B.) Het kaf en het koren PDF: Het kaf en het koren De duivel gunt de mens zijn vrijheid niet. Zoals in 1654 Joost van den Vondel dichtte, benijdde Lucifer God en de naar zijn beeld en gelijkenis geschapen mens, te meer omwille van Gods aangekondigde menswording en de plicht voor alle engelen om voortaan de mens te dienen. Daarop bracht de gevallen engel de mens met zijn nageslacht ten val en werd hij zelf uit de hemel verbannen naar de hel.1 De duivel gunt de mens zijn vrijheid niet omdat de mens met zijn vrijheid samenvalt en dat in tegenstelling tot de dieren, de planten en de stenen die blind gehoorzamen aan de natuur. Deze laatsten worden in de ruimte rondgeslingerd, zij worden door de wind bewogen en door instincten, hierin onderscheiden van de mens die vrij kan zijn - tenminste als hij daarvoor kiest. Want niet alle mensen kiezen voor de vrijheid, niet allen willen mens zijn ofschoon dat in hun vermogen ligt: velen en misschien wel de meesten nemen vrede met het dier en zij zoeken ijverig naar het meest profijtige evenwicht tussen de lasten en de lusten waarbij zij ernaar streven om de laatst genoemden voor zichzelf te houden en de eerst genoemden over te laten aan een ander. De duivel gunt de mens zijn vrijheid niet, hij ontneemt ze hem en hij doet dat door hem te ketenen aan alles wat niet van geest is; zijn geest vernietigen kan hij immers niet maar waartoe hij wel in staat is, is de in beslagname van zijn onstoffelijkheid of zijn geest die daarmee samenvalt en die nog overblijft als alle stof is uitgezongen. Inbeslagname van de menselijke geest of van de mens tout court betekent in bezit name en wie in bezit genomen werden, zijn bezeten. En bezetenheid is altijd het in bezit genomen worden door wat vreemd is aan degene die bezit wordt en die daardoor ophoudt om bezit te zijn van zichzelf. Met andere woorden is de bezetene dan degene die zichzelf heeft verloren. Het in beslag genomen worden of het weggetrokken worden uit zichzelf gebeurt middels verleiding en vergt derhalve de toestemming van wie aan de verleiding worden blootgesteld omdat wie weerstand bieden, al beslist hebben om bij zichzelf te blijven, om zichzelf te blijven, om niet te buigen voor een zeker aanbod waarvan altijd veel te laat aan het licht komt dat het bedrieglijk is, dat het een aas is dat uitgeworpen werd, dat het zich als een geschenk voordoet dat echter een roof verkapt en niet de geringste omdat hier niets minder dan het bezit van zichzelf in het geding is en dat betekent het bestaan zonder meer. Dat de duivel aan de mens zijn vrijheid niet gunt, betekent daarom dat hij hem ertoe verleiden wil om zichzelf af te staan en dat is niet minder dan de verleiding tot de dood, waarbij de dood weliswaar verkapt wordt als iets dat het leven zelf nog overtreft. De duivel kan de vrije mens niet luchten: De Poetins en de Bidens dulden geen mensen zoals Aleksej Navalny en Julian Assange omdat de eerst genoemden Lucifer vertegenwoordigen en de laatst genoemden de mens. Alles wat daartussen zit is - vreselijk om zeggen maar wellicht waar - kaf. (J.B., 21 februari 2024) 1“INHOUDT. Lucifer, d'Aertsengel, opperste, en doorluchtigliste boven alle Engelen, hoovaerdigh en staetzuchtigh, uit blinde liefde tot zijn eige, benijde Godts onbepaelde grootheit, oock den mensch, naer Godts beelt geschapen„ en in het weeligh Paradijs met de heerschappije des aerdtbodems begiftighttight Hij benijde Godt en mensch te meer, toen Gabriël, Godts Herout, alle Engelen voor dienstbare Geesten verklaerde, en de geheimenissen van Godts toekomende menschworden hun ontdeckte; waer door het To Engelsdom voorbygegaen, de 'waerachtige menschelijcke natuur, met de Godtheit vereenight, een gelijcke maght en Majesteit te verwachten stoat: zvaerom de hoovaardige en nijdige Geest, poogende zich zelven Gode gelijck te stellen, en den mensch buiten den hemel te houden, door zijne medestanders, ontelbare Engelen oprockende, wapende, en tegens Michaël, 's hemels Veltheer, en zijne heerkrachten, onaengezien Rafaëls waerschuwinge, aenvoerde; en afgestreden, na de neêrlaegh, uit wraecke, den eersten mensch, en in hem- alle zijne nakomelingen, ten val broght, en by zelf met zijne weêrspannelingen ter helle gestort, en eeuwigh verdoemt Wert.” (Zie: https://www.dbnl.org/arch/vond001luci04_01/pag/vond001luci04_01.pdf#page=1 ) |
- het kaf en het koren.pdf (66.7 KB)



