geluk


Bij het opruimen van mijn atelier vond ik een klein schilderijtje dat ik eens maakte toen ik nog les in schilderen gaf. het was nieteens gesigneerd. Ik hield een monoloog voor het popje.
geluk
je mag het wel zeggen
jij poppemie
je hebt toch wat geluk
dat ik je vond
nu mag je pronken
met jouw meisjeskleuren
aan een muur
in mijn atelier
verdoken zat je daar
achter de rug
van zware kalibbers
door niemand gewenst
straks mag jij fier
wat kleur brengen
in een kinderkamer
je weet maar nooit
maar nu raak je mij
elke dag zo naief
dit vind ik best fijn
jou telkens weer te zien.
dala



