dichtoefening
staal, van alle hardheid heeft hij
zich ontdaan en geen moker zal
hem nog op 't aambeeld smeden
hij werd genoeg verhit, het bloed
had ook te veel het hoofd bestegen
het zweet dat parelt op zijn slaap
kruipt ongestoord en vindt de weg
vanzelf, het kent geen maat geen
vezel aan zijn lijf is droog gebleven




