Vogel slimmer dan mens

Vogel slimmer dan mens
Notenkraker verzamelt dennenappels op 3.000 schuilplaatsen en weet ze allemaal nog liggen
Papegaaien, dolfijnen, olifanten en mensapen zijn de bekende slimme dierensoorten. Dat een hond een slim beest is, wisten we ook al. Het dier leert heel snel een aantal kunstjes en hij herkent ook gauw een aantal gedragspatornen van zijn baasje. De leiband uit de kast halen, maakt hem al gelukkig, want dan weet hij dat er een tochtje op til is. Dat is geconditioneerd dierengedrag, maar het gaat dus veel verder, zelfs het menselijke petje ver te boven.
Neem nu de notenkraker (de vogel dan, niet het tuig). Hij verzamelt tot 3.000 dennenappels en allemaal op verschillende schuilplaatsen. Die heeft de vogel nodig om de winter door te komen en hij weet ze allemaal nog liggen. In de lente wendt de notenkraker ze aan als reservevoorraad. Verbazingwekkend. Dan zijn er de Nieuw-Caledonische kraaien. Ze gebruiken een tak als snavelverlenging om aan vlees te geraken dat in een hol stuk hout steekt (zie foto onder het artikel).
Domme kikkers
En wat bepaalt nu het intelligentieniveau van een levend wezen? Dat is de verhouding tussen de grootte van het lichaam en de omvang van de hersenen. Hoeveel massa de hersenen moeten controleren en sturen, is van cruciaal belang. Daarom staan gewervelde dieren, zoogdieren en vooral vogels vaak hoog op de intelligentieladder, want ze hebben veel hersenen voor weinig lichaamsgewicht. Dolfijnen, traditioneel erkend als zeer slimme dieren, spannen op dit vlak de kroon, want ze hebben vijf keer meer hersenen dan gemiddeld in verhouding met hun grootte. Vissen en kikkers zijn dan weer vrij dom om die reden.





















