William Turner 1775 - 1851 was een Engelse romantische kunstschilder

William Turner 1775 - 1851 was een Engelse romantische kunstschilder

The Fighting "Temeraire"
De vader van Turner, ook William, was een pruikenmaker die later kapper werd. Zijn moeder, Mary Marschall, was huisvrouw. Zij werd mentaal gezien in de loop der jaren steeds instabieler, wellicht deels veroorzaakt door het jonge overlijden van het zusje van Turner in 1786. Turners moeder stierf in 1804, inmiddels opgenomen in een gesticht voor geestelijk gestoorde mensen.

Turner ging op slechts 15-jarige leeftijd naar de Royal Academy of Art, de president van de academie zat de commissie voor die hem toeliet. Een aquarel van Turner werd geaccepteerd voor de zomertentoonstelling van de academie in 1790, slechts na één jaar studie. Turner exposeerde zijn eerste schilderij met olieverf in 1796. Turner werd als schilder van het Britse landschap enorm populair bij het publiek.
Turner wordt over het algemeen gezien als de "schilder van het licht". Hoewel hij vooral bekend is om zijn olieverfschilderijen van zeer grote afmetingen, ziet men hem ook als een van de grondleggers van de Engelse aquarellandschapschilderkunst.

De latere werken van Turner vertonen steeds meer een aquarelachtig vervloeiing van de vormen. Zijn werken waarin voorwerpen geheel versmelten met het licht werden door het publiek echter minder goed begrepen dan zijn eerdere landschapsschilderijen. Door deze werken wordt Turner vaak onterecht gezien als een 'voorloper' van de Franse schilderstroming, het impressionisme. Echter, wanneer we Turner daadwerkelijk vergelijken met het Impressionisme zien we dat de overeenkomsten minimaal zijn. Daarnaast is er geen sluitend bewijs dat de Impressionisten het werk van Turner kenden toen zij hun schilderstijl ontwikkelden. Het Impressionisme ontwikkelde zich in de jaren '60 van de 19e eeuw, en deze schilders leerden Turner waarschijnlijk pas kennen in 1871, toen Monet en Pissarro in Londen verbleven.

Na het lezen van het in 1840 het Engels vertaalde boek over kleurenleer van Goethe bracht Turner de levensprocessen in verbinding met kleuren. Deze theorie over de versmelting van kleur leidde tot bijna abstracte werken van grote afmetingen, zoals het werk Regen, stoom en snelheid (91x122 cm), waarin vanuit vage verten met regenslierten en storm een kleine stoomlocomotief met een sliert wagens op de kijker afrijdt.

Op latere leeftijd werd Turner excentriek. Hij had weinig vrienden, behalve dan zijn vader, die 30 jaar lang bij hem woonde, en hem tenslotte als assistent bijstond in zijn atelier. Turners vader overleed in 1829, waarop hij regelmatig depressieve aanvallen had. Turner overleed in 1851 in zijn huis in Cheyne Walk, Chelsea, bij Londen. Op zijn verzoek werd hij begraven in St Paul's Cathedral, waar hij naast Sir Joshua Reynolds ligt.
Turner liet een groot fortuin na, dat hij bestemd had om "decaying artists" te ondersteunen. Zijn collectie schilderijen verviel aan de Britse overheid, en hij wilde dat er een speciale galerie zou worden gebouwd om deze op te hangen. Dit kwam er echter niet van, vanwege een ruzie tussen zijn erfgenamen over de rechtsgeldigheid van zijn testament. Twintig jaar na zijn dood werden de schilderijen overgedragen aan het British Museum. Deze collectie, die bestaat uit 300 olieverf schilderijen en rond 30,000 schetsen en aquarellen, waaronder 300 schetsboeken, bevindt zich momenteel in de Tate Gallery in Londen.






















