Zondag 24 januari 2010
De behoefte.....

Ja ze is er steeds, de behoefte om te schrijven en dat is zelfs zo, als ik totaal niets te vertellen heb!Waar komt het vandaan? Heb er gewoon geen verklaring voor. Toch gaat de godganse dag de tredmolen in mijn hoofd maar door. Voer ik ganse gesprekken met mezelf en een denkbeeldig iemand. Dat kan je natuurlijk allemaal neerpennen, maar daarover voel ik dan een bepaalde gêne, die ik niet opzij kan zetten. Echt helemaal in mijn ziel laten kijken, doe ik dus niet omdat er gevoelens en gedachten zijn, die ik gewoon met niemand wil delen. Waarom? Heb er verschillende verklaringen voor en het zal wel van allemaal iets zijn. Je wordt ontzettend kwetsbaar zodra je al je zieleroerselen prijs geeft. Schrik om niet begrepen te worden of afgewezen te worden. Dat speelt zeker een grote rol. Ervaringen, die niet erg positief waren, hebben ook een vinger in de pap.
Ik herinner mij een avond, een jaar of 28 geleden.
Ik volgde in die tijd Spaans in het Hoger Instituut voor Talen in Hasselt. Er werden gesprekken gevoerd in het Spaans over allerlei onderwerpen zoals o.a. het dagelijkse leven van jonge mensen, vrouwen in het bijzonder, in Spanje. Er werden vergelijkingen gemaakt tussen vrouwen in België en in Spanje en kwamen tot de conclusie, dat er, in die tijd wel te verstaan, een groot verschil was tussen hen ons ons. Er werd o.a. als voorbeeld te berde gebracht dat het helemaal normaal was in onze samenleving, om als vrouw alleen naar een café te gaan en daar iets te drinken. Wij mochten er een uitgesproken mening op na houden en die ook laten horen, etc. etc. En dat allemaal in tegenstelling tot de Spaanse vrouwen, die nog heel erg ondergeschikt waren aan hun mannen. Zie liepen dus behoorlijk op ons achter! Dat was tenminste de conclusie, die uit het gesprek voortvloeide.
Ik hoorde al die ronkende volzinnen en zelfvoldane conclusies aan en heb dan gezegd, dat ik het niet volledig eens was met alles, wat daar verteld werd. Ja maar, dat moest ik dan toch eens nader verklaren. Dat heb ik dan ook gedaan. Hun mooie stellingen gingen dan misschien wel op voor jonge vrouwen in de grootsteden of universiteitsteden maar in geen geval voor diegenen, die in kleine stadjes of dorpen woonden. Ik wist pertinent zeker, dat ik niet moest proberen om drie maal ergens alleen iets te gaan drinken in een café, of ik ging over de tong, en niet alleen in ons dorp! Een sportclub buiten beschouwing gelaten.
Ik ben steeds geïnteresseerd geweest in gesprekken met wat inhoud en die kreeg ik te horen bij een groep van onze mannelijke vrienden. Je in zo'n gesprek mengen en je mening geven over een bepaald onderwerp, werd dan alvast niet in dank afgenomen en dan kreeg je al snel het etiket opgeplakt van haaiebaai. Wij werden namelijk niet verondersteld logisch te kunnen nadenken en er ook nog een uitgesproken mening op na te houden. Zolang je, liefst bewonderend, luisterde en je mond hield, was alles prima in orde. Ik heb zelfs ooit de opmerking gekregen dat ik niet vrouwelijk was. Toen ik vroeg, wat daar dan wel mee bedoeld werd, kreeg ik als antwoord (van een man natuurlijk) dat ik veel te logisch nadacht en problemen benaderde? Moet je dat als een compliment of als een blamage opvatten?
Iedereen stond me verstomd aan te staren en deed alsof hij dat fenomeen niet kende en er nooit over gehoord had. Onze leraar vroeg, of dat mijn vrienden waren, die zich zo gedroegen. Ja, zo kon je ze noemen, maar het waren eigenlijk de vrienden en kennissen van M. Ik was maar aangetrouwd in het dorp.
De leraar antwoordde: wordt het dan niet tijd dat jij je eigen vrienden zoekt met wie je wel voeling hebt en van wie je wel de waardering krijgt om wie je bent en die je echt wel verdient.
En inderdaad, die vrienden heb ik nu al jaren, en soms komen er enkele bij en is daar dan weer iemand bij, die heel speciaal is, en die me begrijpt met een half woord, of helemaal zonder. Waarmee je kunt discuteren en zwijgen, mee kunt lachen en ernstige gesprekken voeren, aan wie je elke dag wel even denkt, ook al zie je elkaar niet zo dikwijls als je zou willen.
En als ik daar dan over nadenk, besef ik dat ik tot de gelukkigen behoor, die echte vrienden heeft en dat geeft me een heerlijk warm gevoel. Het maakt mij extra kwetsbaar maar ook extra sterk.



