Borsjtsj
Borsjtsj, kan op minstens tien manieren geschreven worden en kan op honderden manieren klaar gemaakt worden.
Borsjtsj is een soep. Een vrij bekende Russische rodebietensoep. Er wordt gezegd dat er zoveel soorten borsjtsj bestaan als er Russen zijn. Ook in Polen is borsjtsj geen onbekende.
Volgens de Russische receptuur zou ze volgens de “Répertoire de la cuisine” gemaakt worden van een sterke runderbouillon. Hierin gaat een julienne van allerlei groenten en stukjes vlees uit de bouillon. De soep wordt afgewerkt met geraspte rode biet en het sap ervan. Een schepje zure room zou het geheel dan afwerken. Ikzelf heb die soep een paar keer gemaakt, maar of dat nu de originele versie was... wie weet dat ? Ik heb in het voormalige Rusland menig maal soep gegeten maar die geleek absoluut niet op bovenstaande recept. Daar zat vooral kool in. Dat kon je zo al ruiken als je de eetzaal binnen kwam.
Het is niet de bedoeling om hier vele recepten voor borsjtsj neer te schrijven maar ‘t gaat verder over een gat in mijn cultuur en aanverwant geheugen... ’t heeft met borsjtsj te maken.
Gregor was toen onze overbuurman; Gregor Kartai.
Dat was zijn artiestennaam want in feite heet hij Jozef Kersting. Hij was Rotterdammer van origine maar was in Antwerpen blijven plakken. Hij werd vooral bekend als de violist van de zigeunerkelder, een destijds zeer bekende kroeg aan de stadswaag. Later opende hij een Slavisch restaurant. Zijn toenmalige vrouw was een Joegoslavische, zie je ! Wereldberoemd werd hij in Antwerpen.
Weer later kwam hij recht tegenover ons wonen. Hij opende er een kunstgalerij, die er nog steeds is, met de naam “Organic art”. Gregor werd beeldend artiest. Ik heb hem één keer de prijs gevraagd van een schilderij maar ik moet mij toen vergist hebben en vermoedelijk een Picasso aangewezen hebben... Tot slot zijn we goede vrienden geworden. Ook zonder ook maar één van zijn schilderijen te kopen.
Gregor organiseerde muziekavonden met drie, vier zigeunerorkesten op één avond , maakte daarbij een buffet voor de gasten, kortom, Gregor was een artiest, op elk niveau.
Ik weet niet wat er nu van Gregor geworden is. Hij woonde de laatste jaren in Frankrijk in Rocamadour, soms zag ik hem tijdens de wintermaanden nog door de straten van Antwerpen struinen en af en toe kwam hij dan wel eens op bezoek, maar nu ? Zijn zoon Manu Kersting is nog steeds actief in de theaterwereld.
Op een keer raakten we aan de praat over “de keuken”, niet moeilijk.... Het woord borsjtsj viel daarbij. Ik gaf toen toe dat ik die soep wel kende van naam maar eigenlijk nog nooit de originele, echte borsjtsj gegeten had. Nou, segde hij toen op zijn Hollands, kommen jullie folgende saterdag maar effe langs, een soepje eten bij mij...
Volgens Gregor moet er in de echte borsjtsj een zuur sopje gedaan worden dat gemaakt is van gistend brood in een vloeistof. Dat zou dan de authentieke smaak geven...
Dus volgende zaterdagmiddag gingen we richting Gregor, moeilijk was dat niet, gewoon even de straat oversteken. Bij het binnenkomen rook de gang reeds naar soep, zoals destijds in dat Russisch restaurant, maar wel beter.
Hij woonde in een enorm groot, vooral hoog huis, met vier of vijf verdiepingen maar hij leefde er in één grote kamer: tegelijk slaapkamer, eetzaal, badkamer, alles...
De tafel stond gedekt, zeer simpel huiselijk met een “toile cirée” tafelkleed. Een “zeil” volgens hem.
Er zat reeds iemand aan tafel, druk pratend met Gregor.
Wij werden aan de man voorgesteld als “de buren”. Verder geen kennismaking. Gregor was te druk bezig.
Wat mij opviel aan die vreemde man was zijn gezicht met scherpe neus en grote mond. Hij sprak zeer traag, lijzig zelfs en gebruikte een uitermate krakend perfect Nederlands... Het was een zeer intelligent man, zoveel was duidelijk.
Van de borsjtsj herinner ik mij niet veel meer. De soep smaakte zuur door het toegevoegde vocht, dat er niet al te appetijtelijk uit zag, en dat uit een aardewerken kruik geschept werd waarin stukken brood aan het “bubbelen” waren. (Gistend bietensap..!)
Terwijl we aten kreeg ik meer en meer de indruk dat ik die vreemde man kende...maar van waar? Hij kwam ook nogal arrogant en eigenwijs over en ik heb geen moeite gedaan om het hem te vragen; kennen wij mekaar misschien van ergens ? Dat is reeds te lang afgezaagd, dacht ik.
We hebben ook nog wel wat anders gegeten na de soep en hebben koffie gedronken en een echte Hongaarse Tokajer wijn geproefd van weet ik hoeveel "puttonyos", maar het waren er veel...!
Toen we naar huis gingen vertelde ik aan mijn vrouw, ik heb de indruk dat ik die man ken. Weet jij toevallig wie dat is.... Haar mond viel open van verbazing. Zij trok een gezicht zoals alleen een vrouw een gezicht kan trekken bij het begin van een echtelijke ruzie... natuurlijk, dat was Julien Schoenaerts ! ( Onnozelaar heeft zij er zeker bij gedacht..)
Deze herinnering schoot me weer te binnen toen ik, vorige week, de film “Daens” terug zag op TV. Schoenaerts speelde bisschop Stillemans; “hier hebt ge mijn ring, ge moogt hem kussen” !!
Vandaag werd zijn standbeeld onthuld aan de Kerkstraat in Antwerpen.
Voor de kleutertjes of bewoners van een ander planeet:
“Schoenaerts was een van de grootste naoorlogse acteurs in Vlaanderen en speelde in klassieke toneelstukken als "Wachten op Godot" van Samuel Beckett en "De kleine prins" van Antoine de Saint-Exupéry. Hij acteerde ook in films als "De leeuw van Vlaanderen en "Daens". Julien Schoenaerts overleed in 2006 op 81-jarige leeftijd.”
Nu is hij vooral bekend als de vader van Matthias Schoenaerts…

























1 reactie op dit bericht
mr
Borsj is geen russische soep maar oekrainse de russen hebben wel iets degelijks Shi soep natuurlijk is borsj populair in alle oost blok landen het goedje van gegist brood is Kwas en word in de zomer op straat verkocht als frisdrank de russen maken er wel een koude soep van Akrosjka groetjes