Naar de inhoud

Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

akke.beakke.be
Welkom op mijn webblog :-)

Gedachtespinsels en andere kronkels

Archief

Niet aan de brugleuning likken.

Het vroor dat het kraakte. Ik was 7 en zat in de 2e klas van de lagere school toen het Hoofd Der School onze klas met een bezoek vereerde.

Als het Hoofd Der School naar onze klas afdaalde voelde dat net zo’n beetje als het bezoek van Sinterklaas, maar dan zonder witte baard, zonder gouden staf, zonder tabbaard, zonder mijter en zonder cadeautjes. Wanneer hij in de klassen kwam ging het altijd om iets heel serieus of om een zieke juf of meester te vervangen en dan kregen wij dictee, eindeloos dictee en later breuken, eindeloos breuken! Amper nog adem durven halen.

Deze keer begon hij over de vreselijke vrieskou buiten en drukte ons op het hart om toch vooral nooit aan brugleuningen te likken of aan, dichter bij school,het fietshok en ook lantarenpalen bleken een dingetje. Want dàn zou er gegarandeerd iets ergs gebeuren.

Daarna verliet hij de klas, opgelucht dat hij ons had behoed voor het noodlot.

We gingen verder met rekenen. Ik keek naar buiten, naar het fietsenhok dat stond te glanzen in de winterzon als een verboden vrucht. Ik was verbijsterd. Ik was zeven en mijn wereld bestond uit knikkers, touwtjespringen, schoonschrijven, de geboorte van een nieuw achterneefje, boterhammen met hagelslag, de vraag of ik ooit een hond zou krijgen. Niet oversteken zonder uit te kijken, niet met vreemde mensen meegaan, niet naar “het landje” waar  kinderlokkers, zich verstopten in de bosjes.

Tenminste dat werd gezegd, van een vriendinnetje gehoord, die het had gehoord van haar moeder en een buurvrouw. In mijn hoofd waren het schimmen, half mens, half waarschuwingen, die alleen bestonden als volwassenen erover fluisterden. Ik wist niet wat ze deden, maar ik wist wel dat je er beter niet naar toe ging.

Brugleuningen, lantarenpalen en fietshokken likken stonden niet op de lijst van bedreigingen   Tot die dag. En op weg naar huis passeerde ik een brug. De leuning glom. En ik dacht: Hoe erg kan het zijn?

Heel even.

Heel vlug.

Voor het eerst gepost op  

02/12/2010 her bewerkt. 

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

Van die dingen

“Gaat het beginnen?” Vroeg mijn zoon, op de toon van iemand die zich afvraagt of hij nu al moet ingrijpen of nog even moet wachten tot moeder zelf beseft wat er misloopt, terwijl hij het vlees inspecteerde.

Ik had hem net verteld dat ik 2 biefstukjes had gekocht voor de middagmaaltijd van de volgende dag.

“Ils ont une drôle de gueule, tes steaks” (ze hebben een vreemd uiterlijk, je biefstuk). Alsof de diagnose minder hard aankomt in een andere taal.

Om te vervolgen met:”c’est du veau!” Het is kalf! Mens.

En daar stond ik dan, in mijn eigen keuken.

Oh jeetje, heb ik dan zo verkeerd gekeken? Verraden door het speciale licht in de bakken van de supermarkt, dat alles een beetje mooier maakt. En dat klontje kruidenboter erop hadden me volledig om de tuin geleid. Of was het toch de achtergrondmuziek in de supermarkt?

“Gaat het echt beginnen?” De woorden kwamen terug in mijn gedachten.

Want vorige week had ik al, in plaats van een koffiecapsule te pakken (de dozen staan naast elkaar) een theezakje in mijn kopje gedaan, en het toen onder de Nespressomachine gezet. Ik keek toe hoe het warme water drupte, getuige van mijn eigen aftakeling in slow motion. Ik kon er nog om lachen maar dacht “oh help”.

Ik troost me met de gedachte dat theecups waarschijnlijk ook zo zijn uitgevonden, in een moment van hersenmist. Iemand die, net als ik, dacht dat hij koffiezette en er vervolgens een patent aan heeft overgehouden. Ik alleen een nat theezakje.

Vanmiddag zal ik dus kalfsmedaillons moeten bakken. In plaats van biefstuk met frietjes en een paar blaadjes sla, wordt het aardappelpurée met vers gekookte worteltjes en doperwten. Een maaltijd die klinkt als een compromis tussen iemand die het leven nog aankan en iemand die het opgeeft.

Zal ook wel lekker zijn. Tragisch lekker.

Geschreven door Loewiesa om 09:15 Reageer op dit bericht

Ga je mee verdwalen, ik weet de weg

Tijdens de honduitlaatwandeling van deze ochtend stopte een auto vlak naast me aan de stoeprand. De bestuurder draaide zijn raampje open, of eigenlijk drukte hij op een knop. Dat draaien is iets van vroeger, maar het klinkt nog steeds mooi om een tekst mee te beginnen… Hij boog zich naar mij toe, glimlachte vriendelijk en zei: “Bonjour Madame, veuillez m’excuser…” daarna vroeg hij de weg.

Ik beschouw dat altijd als een compliment wanneer iemand mij de weg vraagt, want eerlijk … Zelf stap ik ook niet op de dorpsidioot af om routeadvies. Ik kies meestal iemand die eruitziet alsof die het leven min of meer op orde heeft. “Die mevrouw of die meneer zal het wel weten,” denk ik dan.

En zo blijkt: zelfs een klein moment aan de stoeprand is eigenlijk al een blogje waard. Ook al wordt het waarschijnlijk door niemand gelezen. Het leven strooit voortdurend verhaaltjes rond, je hoeft ze alleen maar op te rapen.

Geschreven door Loewiesa om 11:21 2 reacties Reageer op dit bericht

face on face off

 In 2010 hield ik de boot af. Af en toe kreeg ik een uitnodiging om “friend” te worden op Facebook, maar ik dacht: mij zullen ze daar nooit zien. Ik blogde al, dat was genoeg. Oude vrienden terugvinden? Als ik geen contact had gehouden, was daar waarschijnlijk een reden voor. Indertijd werden er op Facebook ook veel spelletjes gespeeld waarvoor je constant uitnodigingen voor kreeg, ik haat spelletjes, wat moest ik in hemelsnaam met virtuele plantjes, koetjes en hartjes? Toch won de nieuwsgierigheid, en registreerde ik me. Een weekje uitproberen, dacht ik. Misschien kon iemand me overtuigen.

2025

Vijftien jaar later scroll ik nog steeds. Ik bekijk de familiefoto’s van mijn “vrienden”, vakantiefoto’s in verre oorden, met altijd dezelfde mensen in verschillende poses en altijd met een big smile 😊 “Kijk ons eens stralen, gelukkig hebben we de foto’s anders zou niemand ons geloven” en daar is die ene “friend” met haar gefilterd gezicht, gefotografeerd in haar designerjurk samen met haar nieuwste lief in een chic restaurant en ik vraag mij gemeen af, “Hoelang het deze keer gaat duren?”

Diep vanbinnen weet ik: dit is een wereld vol illusies. Mensen worden waanvoorstellingen, denkend dat anderen echt alles willen weten en geïnteresseerd zijn in hun kinderen, hun kleinkinderen, in hun leven. Soms zelfs in wat ze eten. En ik doe mee, ik kijk, ik lees, ik like en soms geef ik commentaar.

Maar ik weet ook, dat sommige mensen hele dagen thuis zitten, scrollend achter de geraniums, gevangen in een eindeloze stroom van foto’s en likes, alsof het echte leven zich alleen nog daar afspeelt, terwijl buiten de seizoenen voorbijgaan en de echte gesprekken wachten op een bankje in de zon…tijdens een wandeling, in de supermarkt in de rij aan de kassa, met de buurvrouw over de heg…buiten het scherm.

En dan gaat er plots iemand dood.  Een verkeerd stukje voedsel op het verkeerde moment, recht in de luchtpijp. Op haar laatste Facebookbericht schrijft ze “En het horloge vertelt mij dat de luttele tijd die ik had voorbij is…” Ze moest ergens naartoe, koffieklets met de senioren, de bingo, iets anders leuks, iets kleins misschien.  Pas later besef je hoe dubbelzinnig die woorden waren en hoe ze ongemerkt al naar een afgrond wezen.

Het is bijna alsof iemand uit je familie is overleden. Iemand die je nooit écht hebt ontmoet, die je dagelijks goedemorgen wenste. Iemand die via, via in je leven is binnengeslopen. Met wie je grappige teksten en memes deelde, is niet meer. Ineens is ze weg. Je blijft aan haar denken, aan dat laatste bericht, aan hoe klein wij zijn in deze wereld en hoe snel een tijdlijn veranderd in een herdenkingsmuur

Geschreven door Loewiesa om 11:23 1 reactie Reageer op dit bericht

Het gevaar van gewoon leven.

“Ben je nog ergens naar toe geweest?” vroeg mijn vriendin Chantal toen ik haar onlangs weer eens tegenkwam. Wij leerden elkaar ondertussen al meer dan 20 jaar geleden kennen in het zwembad tijdens de aqua gym, het klikte direct en vervolgens waagden wij ons ook aan andere sporten. Tot Chantal op een dag besloot dat haar luie zetel eigenlijk ook een soort sporttoestel was, maar dan eentje met een lage instap. Volgens haar man die ik bijna dagelijks tijdens het hond uitlaten tegenkom, ik met onze Cesar hij met hun Babette, komt ze er zelden nog uit.  Zij klaagt dan weer dat hij te traag wandelt en dat het niet tof is om met hem op pad te gaan. En zo blijven ze allebei in hun gelijk staan, elk op hun eigen tempo.

Ik vertel haar dat ik de kerstmarkt in Trier heb bezocht en die van Bernkastel-Kues. En dat ik ook weer eens een dagje Brussel heb gedaan. “Ben je dan niet bang voor een aanslag?” vraagt mijn vriendin met grote ogen. “Nee, waarom zou ik?” antwoord ik. “Als je overal bang voor moet zijn kom je nergens meer” Ik zie haar slikken en bij zichzelf denken...

“En trouwens” ga ik verder:” thuis kan je ook van alles overkomen” en ik vertel haar over een Facebook vriendin die zich onlangs verslikte in haar eten. Een verkeerd stukje voedsel op het verkeerde moment, recht in de luchtpijp. De kuisvrouw die toevallig aanwezig was belde de hulpdiensten. Ze hebben haar nog gereanimeerd, maar de schade was te groot. Einde verhaal.

Ze kijkt me met grote ogen aan, alsof ik net het script van een thriller heb voorgelezen.

“Zie je wel,” zeg ik, “het leven is overal even kwetsbaar, Dus je kan maar beter blijven bewegen.”

Geschreven door Loewiesa om 08:39 1 reactie Reageer op dit bericht

Over een eerlijk portret over een dag die schuurt

 Harmonicaman die eigenlijk een eigen categorie op mijn blog verdient heeft mijn blogpost over mijn uitstap naar Brussel van onlangs gelezen en ’s avonds tijdens onze dagelijkse telefoonbabbel komt hij met het morele vingertje, volgens hem moet ik misschien wat oppassen met wat ik schrijf. Hij lijkt “geschokt” over “mijn observaties”. Nu ben ik geschokt want dit was nog maar deel 1. Mijn teksten gaan nog verder en worden misschien nog wel “erger”. Moet ik mij zelf censureren? Wat heeft schrijven dan nog voor zin? Ik schrijf niet om te pleasen, ik schrijf om te observeren, te begrijpen, te verwoorden wat er onder de oppervlakte borrelt.

Vervolg van "een rondje Brussel".

Wij wijken even van onze route af door op het Luxemburgplein een koffie te gaan drinken. De Brugse is een fan van Exki, maar daar staat een rij van hier tot ginder. Ik heb geen zin onze tijd te verdoen door in de rij te staan voor een kartonnen beker koffie. Het uur voor de “gratis” croissant is inmiddels voorbij. We gaan dus elders.” Eigenlijk is het tijd voor het apéro,” constateert de Brugse, Ik vind alles best. Ze loert op de buitenmenukaart van het café naast de Exki en constateert dat haar favoriete aperitiefje Picon au vin blanc niet op de kaart staat…We lopen nog even verder. Het is 11.00 en hoewel het elders in de stad aperitieftijd is, besluiten we even later toch voor koffie te gaan.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

Lust je nog worst? (bij gebrek aan een titel)

 Heb je het al eens gemerkt dat als je met iets “zit” dat er altijd nieuwsgierige aagjes zijn die alles willen weten? Het val me keer op keer op…Mensen houden van drama, van sappige verhalen die ze kunnen doorvertellen bij de koffie, tijdens het aperitief of op sociale media. Hoe meer tranen, ziektes, operaties, of allergieën hoe beter. Maar wat gebeurt er als je niets van dat alles hebt, als je gewoon… akelig gezond bent.

Als je vertelt dat alles goed met je gaat, geen noemenswaardige pijntjes, als je op tram 7 zit met al je eigen tanden, behalve die van de wijsheid en het verstand (nog) geen kunstknieën hebt of kunstheupen of het toppunt van ellende; lurvenimplantaten. Geen exotische allergie voor kiwi’s of één van de andere mode allergieën of tenminste één stent, en geen noemenswaardige traumatische jeugdherinneringen hebt die je jaren na datum nog steeds koestert, zorgvuldig opgepoetst en tentoongesteld bij elke koffietafel of gebruikt als excuus, waarom je niet altijd aardig bent.

Vaak slaat de jaloezie dan ook nog eens toe, want stel dat iemand je zou vragen naar jouw mate van geluk en je op een schaal van 10 toch voor een 8 acht zou gaan. Dan mag je je gelukkig prijzen maar heb je toch blijkbaar voor sommige mensen je leven gemist, ongeloofwaardig, niet interessant en een teleurstelling voor de roddelpers.

De drama Queen verhalen van de vroegere gedachtespinnendevijftigster die ik ooit was zijn al lang verwerkt en verleden tijd. Geen excuus dus om onaardig te zijn… Oh ja, mijn microgolfoven heeft het begeven na bijna 15 jaar trouwe dienst … en mijn Chinese centenplant, de Pilea Peperomioides symbool voor rijkdom en geluk verliest zijn blaadjes en dat kan tellen…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

een boom opzetten

Laten we eens een boom opzetten over een boom opzetten. Gisteren besloot ik mijn kerstboom van zolder te halen. Ik heb al jaren zo’n kunstboom. Praktisch, betrouwbaar en met de tijd, lichtjes stoffig, De eerste jaren dat ik hier woonde kocht ik nog echte bomen met een kluit, die ik na de feestdagen in de tuin plantte. Eén van die oudgedienden staat nog in de uiterste hoek van de tuin. Hij is inmiddels meters hoog. Soms denk ik eraan hem aan de een of ander gemeente aan te bieden als een soort van adoptieboom. Aan de andere kant, hij staat daar goed, niemand heeft last van hem, en hij hoort tenslotte bij de familie en bij ons verhaal.

Dus gisteren naar de zolder. De boom bestaat uit drie stukken, en elk stuk lijkt elk jaar zwaarder te worden. Het is me een gesleep. Vier trappen op, vier trappen af, achtentwintig treden. En dan weer naar boven voor de dozen met versiering. De eerste kerstballen kocht ik in het jaar van mijn huwelijk, daarna kwamen er nieuwe bij na de geboorte van de tweeling. En af en toe liet ik mij verleiden door iets nieuws. Toen mijn ouders overleden en ik hun huis moest opruimen, vond ik hun oude glazen kerstversiering terug, vintage van bijna honderd jaar oud. Die krijgen nu elk jaar een ereplaatsje helemaal bovenaan. Onderaan hangen de plastieken, stuiterende ballen uit de tijd dat de kinderen klein waren en er hier ook nog een paar katten rondliepen. Onze Cesar volgt alles aandachtig vanuit zijn luie zetel, maar blijft wijselijk op afstand, mij een handje helpen met het aanslepen van de dozen en de takken zit er vandaag duidelijk niet in.

In de boom komen twee snoeren witte lichtjes, maar dan van de warme soort.Ik hou niet van dat scherpe, bijna neonachtige wit en al helemaal niet van die zenuwachtige flikkeringen. Ik hou ook niet zo van gekleurde lichtjes, hoewel één van de dochters haar boom verleden jaar had versierd met alleen blauwe en groene lichtjes, en dat vond ik dan wel weer mooi, apart.   

Vroeger zaten de snoeren na een jaar op zolder altijd in elkaar gedraaid, werk van pesterige kabouters en elven die zich verveelden. Ze hadden evengoed mijn zolder kunnen opruimen, of ’s nachts wat klusjes in de tuin kunnen doen, of de strijk. Dat is tenslotte wat kabouters en elven doorgaans doen.Tegenwoordig laten ze de snoeren met rust. Misschien zijn ze verhuisd naar warmere oorden, of met pensioen of...zijn ze ouder en wijzer geworden...

Voor mij is kerst rust. Groen, rood, goud en zilver. Oranje mag ook nog. Al heb ik ook nog een doos met roze, paarse en blauwe ballen, uit mijn roze, paarse en blauwe periode. Want iedereen heeft recht op zulk een fase in zijn leven. 

En terwijl de lichtjes aangaan, lijkt het alsof al die oude jaren even met mij mee knipperen.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

Van pateeke tot pact

Weer eens afgesproken met mijn Brugse vriendin voor een rondje Brussel. We leerden elkaar indirect kennen via deze website, waar haar man destijds een blog had. Hij reageerde geregeld op mijn schrijfsels, en zoals dat hier toen de gewoonte was, ik op die van hem. Wij begonnen te mailen en spraken af, voor een “koffietje en een pateeke” die uiteindelijk uitdraaiden op een tintelend glaasje cava. De sfeer was geanimeerd, de gesprekken vlot, en ik kreeg het gevoel dat P. niet alleen mijn schrijfstijl wist te waarderen. Enfin, om een lang liedje kort te houden. Hij vond dat ik wel een leuke vriendin was voor zijn vrouw. En zo is het gekomen …

Sindsdien spreken we om de zoveel maanden af, de Brugse en ik, om de een of andere stad te bezoeken. We wandelen, kijken en praten over alles wat knelt. Het is zo’n vriendin die je niet dagelijks hoeft te zien maar wanneer je elkaar weer ontmoet, ga je gewoon verder waar je ’t laatst bent gebleven.

Deze keer zouden we de Europese wijk en het Jubelpark eens verkennen. Afgesproken in de hal van het Brussels centraal station,waar wij even een bijna Hello-Goodbye moment hadden, met elkaar in de armen vliegen en kussen enzo, maar net nog geen traantjes. Liepen wij even later babbelend langs de Bozar de trappen op richting het park van Brussel waar het opvallend stil was, een paar fotootjes links en een paar fotootjes rechts en dan verder richting de Belliardstraat.

Daar merkte ik weer hoe gewend ik ben aan vals plat waar ik woon. De Brugse liep hijgend achter mij aan. “Gaat het?” vroeg ik nog, “als je wilt kunnen we de metro nemen” “ja, ja het gaat" hijgde ze, zij die in de sportzaal op de loopband naar eigen zeggen rent en moeiteloos hellingen trotseert.

Wordt vervolgd... 

 Het vervolg van deze blogpost is tijdelijk in quarantaine geplaatst.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

“Coucou c’est nous” zes silhouetten in het ochtendlicht.

De ochtendwandeling. We zijn bijna thuis waar de koffie op mij wacht, al zal ik die wel zelf even mogen zetten. Het laatste stukje van de weg strekt zich uit langs huizen in aanbouw, skeletten van toekomstige levens. In de verte bewegen donkere gedaanten.  Hoe dichter ik kom, hoe meer de vormen zich aftekenen. Pas wanneer we er bijna zijn, herken ik de vertrouwde houding: Jehova’s getuigen. Ze zijn met zes en staan ruggen naar ons, alsof ze een geheim beraad houden.

Wanneer Cesar en ik langs het groepje lopen, draaien ze zich, als afgesproken allemaal in één ruk om. “Coucou c’est nous” klaar om hun boodschap van Bijbelse waarheden te delen.

Ik lach, beleefd. Cesar bekijkt de dames van Jéhova niet eens en loopt door. “Mag ik hem eens aaien?” vraagt één van de getuigen. Maar ondertussen ken ik alle trucen, terwijl de een aait, smeert een ander je een “Wachttoren” met goed nieuws van Gods Koninkrijk aan. “Hij is niet geïnteresseerd, dus liever niet” zeg ik met dezelfde vriendelijke lach, twee vliegen slaand in één klap wandelen wij verder, de koffie al in gedachte dampend.

Geschreven door Loewiesa om 11:52 Reageer op dit bericht

Meer van Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

↑ Terug naar de berichten