Naar de inhoud

Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

akke.beakke.be
Welkom op mijn webblog :-)

Gedachtespinsels en andere kronkels

Categorie: ondefinieerbaar

Aardbeien

De aardbeien stonden in promotie bij mijn supermarkt. Een paar weken geleden kostte zo’n bakje nog zeven euro en een zucht en liet ik de aardbeien aan mijn neus voorbijgaan. De week erna stonden ze aan vier euro en een beetje voor een halve kilo. En vrijdag, alsof de inflatie even niet bestond, was de prijs gezakt naar 2 euro en nog wat voor een bakje van 500 gram. En dat kon ik natuurlijk niet laten liggen en zette ze zonder bedenking in mijn winkelwagen.

De aardbeien zelf waren ook niet bepaald bescheiden. Ik had ze eigenlijk moeten opmeten om u een idee te geven, maar ze zijn al op, maar zonder overdrijven: grote soeplepel-formaat. En eerlijk: ze zagen er niet alleen geweldig uit maar ook nog eens erg lekker. Dat is het moment dat een mens spontaan achterdochtig wordt.

De eerste keer stond er duidelijk op het bakje dat ze uit Hoogstraten kwamen. Deze keer moest ik de oorsprong zoeken. Harmonicaman, die eigenlijk zijn eigen categorie op mijn blog verdient, maar ik ben nog niet aan zijn canonisering toegekomen, woont in de Noorder-Kempen heeft mij ooit verteld dat aardbeien uit Hoogstraten helemaal niet uit Hoogstraten hoeven te komen, maar dat ze daar alleen verhandeld zijn.

En ergens voelde het of ik in een soort van experiment was beland. Aardbeien van dit formaat groeien niet zomaar uit enthousiasme. Ik vroeg me af: zijn zulke grote aardbeien wel gezond? Of zijn ze op een akelige manier gegroeid die je liever niet wil weten. Een mens zou voor minder achterdochtig worden. Zeker als ze ook nog eens heerlijk smaken. Dat is misschien het verdachtste element van allemaal.

Geschreven door Loewiesa om 08:06 17 reacties Reageer op dit bericht

Lente in mijn tuin

Acht jaar geleden deelde ik op Facebook een paar foto’s van mijn bloeiende borders onder de kop “Lente in mijn tuin”. In navolging van die ene trut, u kent het type wel, met een tuin vol met tuincentrum plantjes. Keurig in het gelid. Geen enkel sprietje onkruid. Een gazon dat eruitziet alsof het dagelijks wordt gestreeld en waar geen grasspriet durft af te wijken van de norm. En ergens in haar schuur een voorraad oude Roundup waar menig landbouwbedrijf jaloers op zou zijn, En natuurlijk neerkijkend op iedereen die het anders doet. 

Zucht… Facebook haalt al het slechte in de mens naar boven. Gelukkig heeft ze zichzelf al jaren geleden ontvriend en mij zelfs geblokkeerd, waarschijnlijk om geen enkel risico te nemen dat mijn onkruid nog bij haar binnenkomt, en ze leest hier ook niet, dus het mag.

Er kwamen zelfs een paar reacties, zoals een ongeïnteresseerde blauwe like van de trut. Zo’n like die eigenlijk wil zeggen: “Ik heb het gezien, maar verwacht geen compliment.”Maar ook van Rita, die schreef:

“Gij hebt precies veel groene vingers Loesje, moest ge u ooit vervelen…slechts 1 adres.”

Ik keek eens naar mijn vingers… “Meestal koop ik een plant, graaf een gat, plant erin en dan: doet ie het of doet ie het niet. Meer tuinierkunde heb ik niet in huis. Ik ben een luie tuinierster” schreef ik terug.

Maar Rita liet zich niet afschrikken: Ze heeft 1500 vierkante meter kleigrond waarin alles verzuipt, kilometers akkerwinde, heermoes dat zich gedraagt als een ideologie. Volgens de spirituele betekenis herstelt het kruid je met de bron en brengt het oervertrouwen in jezelf en in het grote geheel en ondersteunt het je vooral in periodes waarin je niet lekker in je vel zit. Ik zou zeggen, Rita profiteer ervan.

Er groeien ook wilde aronskelken die door vogels verspreid worden alsof het propaganda is en een gazon dat intussen vervangen is door mos en moedeloosheid. “Het begint hier stilaan op een wildernis te gelijken” schreef ze verder. Leve puur natuur, helaas trekt het op niets.

Ik antwoordde dat ik de strijd tegen onkruid al lang heb opgegeven, sinds ik ergens heb gelezen dat mos één van de oudste landplanten is, met een geschiedenis die meer dan 400 miljoen jaar teruggaat. Nog voor de dinosaurus.

En... dat is een uitstekend argument om mijn eigen luiheid te legitimeren. Wie ben ik om zo’n oeroude levensvorm uit mijn gazon te willen verbannen? Respect voor de ouderen, denk ik dan.

Rondom mijn grasveld zijn borders gemaakt. Wat lavendel, rozen, bodembedekkers, hortensia’s, bamboe, laurier. Dingen die blijven leven zonder dat ik er dagelijks een Peptalk tegen moet houden, behalve af en toe een snoeibeurt, daarbij geholpen door onze trouwe Cesar, die elke afgevallen tak inspecteert alsof hij de hoofdtuinman is.

Gaten graven doet hij trouwens ook, al is dat meestal op plekken waar ik geen plant had voorzien. Teamwork, maar dan op zijn manier.

Jaren geleden een zakje myosotis gezaaid, Dat heb ik geweten, het komt overal terug. Mijn buren zijn mij er dankbaar voor.

Toen ik hier pas woonde ging de kerstboom met kluit de tuin in, Het ene jaar lukt het, het andere jaar niet. Ik ben daar mee gestopt en de bomen ook. Ze zagen het bos niet meer. 

Een paar jaar geleden zelfs een stukje grond omgespit en een moestuin begonnen. Niet te groot zodat het geen strafkamp wordt. Ik doe maar wat en ik ben blij en dankbaar als er iets groeit.

Misschien is dat de enige gezonde houding in het leven. Plant iets, kijk wat het doet, en laat de trut met haar Roundup maar denken dat zij controle heeft.

Geschreven door Loewiesa om 11:44 13 reacties Reageer op dit bericht

De man met de koffer (de hoboseksueel)

Dat een mens dagelijks nog bijleert is geweten. Zondagmorgen ging het op de Franse nieuwszender LCI voor de verandering eens over een wat luchtiger onderwerp. Het ging er over Hoboseksuelen. (Niet te verwarren met homoseksuelen) Een hoboseksueel is een samenvoeging van “hobo”, zwerver/landloper en seksueel) een slangterm voor iemand die een romantische of seksuele relatie aangaat voornamelijk om gebruik te maken van de huisvesting van de partner.)

Zo werd er uitgelegd dat een hoboseksueel niet zozeer op jou valt, maar vooral op je huis, je sofa, je wifi, je koelkast, je wasmachine, en je voorraad wc-papier. Een romantische koekoek dus, charmant, zacht, en voor je het weet zit hij in je nest.

Ik moest vreselijk lachen, net als de voornamelijk vrouwelijke journalisten aan de talkshowtafel, die het fenomeen duidelijk herkenden. Ooit heb ik namelijk ook zo eentje gekend. Ik heb er hier op dit blog destijds zelfs over geschreven. Alleen zag ik toen de rode vlag nog niet. En toen hij mij inruilde voor een verpleegster, heb ik er zelfs een paar traantjes voor gelaten. Niet omdat ik hem miste, maar omdat ik kwaad was dat ik het zo laat pas doorhad .

Het begon nochtans charmant. Het eerste uitje, een glas wijn, een etentje, een gesprek dat verrassend soepel liep. Toen het moment van afrekenen kwam had hij zijn portemonnee vergeten. Geen probleem dacht ik. Dat kan gebeuren.

Hij beloofde alles “bij de volgende dates” terug te betalen. De toekomst was al gepland, ik had het alleen nog niet door.

Een week later kwam hij mij thuis opzoeken. Ik hoorde zijn auto op de oprit en zag hem een grote koffer uit zijn achterbak halen. “Wat is die van plan?” was mijn gedachte. Noem het een sterk binnenkomen.

Hij overspoelde mij met aandacht, vertelde dat hij nog nooit zoiets gevoeld had en stelde voor te gaan samenwonen. Hij sprak zelfs van trouwen.  En ergens fluisterde een stemmetje in mijn hoofd dat dit geen romantiek was, maar een financieel plan in vermomming zoiets als: ” jouw schulden zijn mijn schulden”.

Uiteindelijk bleek hij, de hoboseksueel , met koffer en zonder portemonnee, nog ambitieuzer dan ik dacht. Hij vond namelijk “iets beters”.

Een beter huis, platvloers, en een vrouw die in de verpleging werkte en veel “huishoudelijker” dan ik, want ik schreef en ging liever wandelen dan dat ik zijn sokken alfabetisch ordende.

Het was alsof hij niet zozeer op zoek was naar liefde, maar naar een zorgplan met een bijbehorende infrastructuur. Het fascinerende aan hoboseksuelen is dat ze oprecht geloven dat ze romantisch zijn. Ze zien zichzelf als een soort moderne troubadour: reizend van hart naar hart, van sofa naar sofa, met een koffer vol goede bedoelingen en een licht gebrek aan grenzen.

En nu ik het woord hoboseksueel ken, voel ik me eindelijk gewapend. Gewapend tegen mannen die eigenlijk alleen een verpleegster of een huishoudster nodig hebben of gewoon een k** die kan koken. En vooral een vaste plek op de sofa waar hij zich zonder schaamte laat bedienen. 

Taal is macht. En soms is één woord precies wat je nodig hebt om een (oud) patroon te herkennen.

En laat ik vandaag nu eens iets lezen over een man die onder toezicht staat en dus geen cent te makken heeft. En die in de grootwarenhuizen met beschaamde kaken gedwongen wordt al zijn boodschappen terug te geven, omdat zijn schamele leefloon binnen de dag op is. En wat schrijft hij op Facebook? Dat hij via Parship weer wil gaan daten “om liefde te geven en te krijgen”. Hij is in de zeventig, gezond en wel, intelligent en met toekomstperspectief, schrijft hij.

Ik moest lachen. Soms kondigen nieuwe hoboseksuelen zich gewoon zelf aan.

En ik, ik beklaag de nieuwe eventuele partner die straks denkt dat ze liefde krijgt maar eigenlijk gewoon een financieel project adopteert. 

Geschreven door Loewiesa om 00:00 15 reacties Reageer op dit bericht

Nieuwsfeitje van beperkt maatschappelijk belang.

Tijdens een tussenlanding op de Nederlandse luchthaven Schiphol, dat labyrint waar zelfs Google Maps de weg kwijtraakt verdwijnt een 78-jarige Hongaarse man spoorloos. Zijn zoon in Florida is in totale stress. Hoewel zijn vader helemaal geen schuwe man is en behalve Hongaars een paar woorden Duits spreekt, komt hij, volgens zijn zoon uit een andere wereld en is aan een overweldigende wereld als Schiphol gewoon niet gewend. De Nederlandse Marechaussee is in opperste staat van paraatheid, camera’s worden teruggespoeld…

En waar blijkt meneer uiteindelijk te zitten?

In een Amsterdams hotel.

Hij wilde juist een massage bestellen…

Alsof hij had gedacht: “Amsterdam? Daar hoorde ik vroeger in mijn jeugd al verhalen over. De stad waar alles mag, De stad van de Flower Power en de hippies. De stad van the open-minded  De stad, waar je ongestoord op elke hoek van de straat van bil kan gaan, inclusief een lijntje coke. Waar je de politie gewoon kan vragen hoe dat snuiven nou precies moet en je netjes gedegen uitleg krijgt… Het is nu of nooit!”

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

De Mens Die Een Bruine Boterham At.

Onlangs, op blogronde op zoek naar inspiratie, zag ik een blog dat uit het niets naar ongekende hoogte was gestegen. Nieuwsgierig naar wat deze plotselinge populariteit teweeg had gebracht, drukte ik op de link. En wat schetst mijn verbazing. De persoon had één bruine boterham gegeten met kaas.

En dat was het.

Één bruine boterham met kaas. Ik wachtte nog even, scrolde naar beneden, in de hoop dat er toch nog een twist kwam, een jeugdtrauma, een filosofische reflectie of misschien een recept of een grappige mop. Maar nee. Het was echt alleen een boterham, een boterham met kaas. De algoritmes van Seniorennet, die blijkbaar smelten voor volkorenbrood hadden hun werk gedaan.

Vanmiddag heb ik ook een bruine boterham gegeten, of eigenlijk, het waren er twee. Ik weet het, overdrijven is een kunst.

Maar ik voelde geen enkele virale beroering in de lucht. Geen plotselinge stijging in bezoekersaantallen. Geen digitale ovatie voor mijn dubbele daad van koolhydraadconsumptie.

Misschien moet ik mijn ambities bijstellen en stoppen met het streven naar zorgvuldig gecomponeerde mijmeringen, kronkels, en andere waargebeurde en waargebeurde verzonnen gedachtespinsels die ik drie keer polijst tot ze glanzen. Stoppen met zoeken naar perfecte zinnen en mij niet meer druk maken over verkeerd geplaatste leestekens, stijl en spelfouten of verdwaalde komma’s. Het is allemaal overbodige opsmuk in een wereld waar een bruine boterham met kaas het tot een cultureel hoogtepunt schopt.

Geschreven door Loewiesa om 12:08 3 reacties Reageer op dit bericht

Tussen glans en gruis

Afgesproken met een kennis van vroeger die ik al een tijdje niet meer had gezien. Eerst moet ik haar nieuwe jas bewonderen: “het was een koopje, voor de helft van de prijs, maar toch nog een paar honderd euro. De halsketting die ze droeg had ze ooit meegebracht uit Zuid-Amerika, de oorbellen kwamen uit Azië. Het polshorloge waarvan ze me ooit verteld had dat het een fake was, bleek vervangen te zijn door een echte. Tijdens het apéro legde ze duidelijk in het zicht een gloednieuwe smartphone. Ze straalt, ik reflecteer. Iemand moet het licht terugkaatsen.

Wanneer we samen ergens zijn, weten de andere mensen van onze groep binnen het kwartier, dat ze in een dure straat in een chique buurt woont, dat ze een ruim appartement hebben aan zee met een privéstrand waar de golven op haar commando breken.

Terwijl ik zelf een gereviseerde oude smartphone heb die nog net foto’s maakt zonder witte kartelrandjes, showt zij haar professionele camera-uitrusting alsof ze een bekend en getalenteerde fotografe is. Haar kinderen hebben prestigieuze carrières, haar kleinkinderen, zijn vanzelfsprekend de beste van de klas.

De anderen in het gezelschap luisteren met open mond, alsof ze een beroemdheid is. Er moet natuurlijk een foto gemaakt worden met de dure camera. Ik wacht nog altijd op het moment dat iemand haar om een handtekening vraagt.

Soms ben ik aan de beurt: “Mijn vriendin Loewiesa, zij woont in Wallonië.” Men kijkt mij dan vaak wat meewarig aan, en wanneer ik met opzet vertel dat ik ergens tussen Charleroi en La Louvière woon, in de meest gesinistreerde zone van het land, zakt de interesse nog verder. Heel af en toe, durft iemand het toch aan om een praatje met mij te maken. Ze vinden bv dat ik goed Nederlands spreek voor iemand die in Wallonië woont. Ik glimlach en laat het maar zo.

 Meestal onderbreekt mijn kennis de conversatie om moeiteloos over te gaan op plat Vlaams met haar streekgenoten.  Want de aandacht moet immers naar haar gaan. "'t zal wel zijn om mij der verre nie tusse te loatn" zoals zij dat in haar keukentafelvlaams zou zeggen. En zo toont ze haar klasse, elke keer opnieuw.

Ik heb me erbij neergelegd: sommige mensen zijn nu eenmaal geboren om te schitteren, anderen om te dienen als decor.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 6 reacties Reageer op dit bericht

Wanneer een gewone vrijdag kantelt

Vrijdagmiddag op klaarlichte dag, werd mijn 18-jarige kleindochter aangevallen door, een verwarde man van vreemde origine. Watskeburt? Ze was van school op weg naar huis, niets vermoedend, toen haar telefoon ging. Zij pakte haar telefoon uit haar tas en plots stond daar een man voor haar. “Geef telefoon” siste de man.

“Nee je krijgt mijn telefoon niet” antwoordde ze, haar dierbaar bezit stevig tegen zich aangedrukt, die telefoon die op haar leeftijd, zowat haar hele leven bevat. 

Daarop ging de man over tot nog meer geweld. Hij gaf haar een stomp en duwde mijn kleindochter op de grond, Terwijl ze haar telefoon stevig bleef vasthouden, bleef hij slaan en schoppen waar hij kon, tot zij loste en hij er uiteindelijk met de telefoon vandoor ging.

Mijn kleindochter, vol adrenaline en niet van plan zich zomaar gewonnen te geven, rende achter hem aan. Ondertussen was er een camionnette gestopt met een viertal Marokkaanse werkmannen die het hele tafereel hadden gezien. Ze aarzelden geen seconde, ze renden achter de man aan en overmeesterden hem. Mijn kleindochter werd ondertussen ontfermd door buurtbewoners die door haar gegil hun deur hadden opengedaan.

De politie werd gebeld en haar papa, die men tegen moest houden om geen eigen rechter te spelen.

In het ziekenhuis werden haar verwondingen vastgesteld, er werd een PV opgemaakt met haar klacht. In de hoop dat de man morgen niet alweer op straat loopt op zoek naar een volgend slachtoffer en de vier werkmannen verklaarden meteen dat ze wilden getuigen.

Die vrijdagmiddag heeft ons allemaal wakker geschud. De schrik zit diep, bij haar, bij ons, en het zal tijd kosten voor haar om zich weer veilig te voelen in een rustige straat in een nette buurt die gisteren nog vanzelfsprekend was. Maar tussen de klappen en de chaos door zagen we ook iets anders: Mensen die niet wegkeken. Buurtbewoners die hun deur openden toen ze haar hoorde gillen. Vier Marokkaanse werkmannen die zonder aarzelen achter de dader aan gingen en hem overmeesterden.

We hopen dat justitie haar werk doet. En wij doen het onze: haar laten voelen dat ze niet alleen is, dat ze sterker is dan ze denkt, en dat één man haar wereld wel heeft geschud, maar niet heeft gebroken.

Geschreven door Loewiesa om 09:59 1 reactie Reageer op dit bericht

Beknot

Ik heb geen missie om u een boodschap te brengen en er bestaan tachtigduizend fora om op alles je mening te dumpen en heel persoonlijke dingen wil ik, toch ietsje wijzer geworden, op dit blog, al lang niet meer met u delen, want met schrijven over je privé zoals ik in het verleden wel deed moet je uitkijken. Voor je het weet heb je de grootste ruzie en vertrouwen ze je voor geen cent meer. Bang dat ze worden dat je wel eens over hen zou kunnen schrijven. Overdrijf je waar ik de neiging toe heb, dan worden ze achterdochtig.

En zo raak je beknot. Beknot op je eigen blog. Alsof de geheime dienst meeleest, terwijl het in werkelijkheid gewoon je tante is of die ene buurman, of die kennis die denkt dat elke zin over hun gaat. Dus schrijf ik tegenwoordig maar over mijn gebrek aan inspiratie, dat ironisch genoeg vooral veroorzaakt wordt door al die mensen die ik niet meer mag gebruiken als decorstuk.

Geen ruzies meer, geen achterdocht, geen: “Was dat over mij?” Zoals in een ver verleden iemand ooit tegen mij zei: ”Je zou beter een boekje bij de GB kopen om daarin te schrijven, dan alles op een blog gooien.” En misschien had die persoon gelijk, al was het maar per ongeluk.

En toch blijft het jammer, want ze zijn best inspirerend, al die aardige en onaardige mensen in mijn leven. Ik schrijf niet meer over hen, maar ik draag ze wel mee. Als ongevraagde figuranten in mijn hoofd. Ze lopen er rond, ze morren wat, ze geven commentaar. Maar op mijn blog komen ze niet meer. Dat is mijn nieuwe vorm van zelfbeheersing, van zelfcensuur of sabotage. Het hangt ervan af wie het vraagt en vooral wie meeleest.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Gedeeld in,(vervolg)

En dan zijn er de sterktewensreacties, je leest vaak van die berichten over bijvoorbeeld een overlijden of de ziekte van een bekend iemand wat uiteraard verdrietig is. Maar dan heb je altijd van die types die de betreffende persoon dan héél véél sterkte gaat wensen. Dat is natuurlijk superlief, maar denk je nu echt dat Bruce Willis jouw sterktewens leest vanuit zijn tehuis in Los Angeles waar hij intensief verzorgd wordt vanwege zijn fronto-temporale dementie en denkt “Gelukkig, Jeannette uit Aalst steunt me”.

Of de rampenreacties. Iemand die vertelt dat hij bijna stikte in een olijf In Italië. Een ander vertelt over een darminfectie bij het all-inclusive buffet in Turkije. Nou, dan komen de reacties want je hebt altijd van die mensen die dit zelf ook hebben meegemaakt. Maar altijd véle malen erger of ze beginnen over een nichtje dat niet lang geleden in Marbella bijna vergiftigd werd door iets in de sangria wat er niet in hoorde.

En dan hebben we het nog niet gehad over de meningen. Die eindeloze verhitte discussies, politieke etiketten, het welles-nietes van links tegen rechts. Ben je antisemiet of islamophobe. Ben je woke of reactionair. Er lijkt niets meer tussen in te bestaan.

En alsof dat niet genoeg is duikt er altijd wel iemand op die zich afvraagt of Brigitte Macron nu een vrouw of een man is. Weer een ander lijkt het zeker te weten…en reageert met de zelfverzekerdheid van een expert, die het allemaal al lang heeft uitgezocht.

Dan denk ik vaak, hè, hè, Dinges, Ik weet het, je hebt graag steeds het woord en weet alles beter. Maar het ging nu even niet over jou. Hou je bakkes en laat die Italiaanse olijf nu effe de hoofdrol spelen.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Gedeeld in (vervolg)

En dan heb je N. uit Z. die op Facebook trots meldt dat zij goed is aangekomen in Benidorm, waar ze als pensionado drie maanden gaat overwinteren. En dan J. uit B. een minuut later: “Oh mijn beste vriendin gaat daar ook elk jaar met haar man naar toe! Ze heten “Jut en Jul” doe ze de groeten als je ze ziet.” Alsof Benidorm eigenlijk maar uit één straat bestaat, met één supermercado, één frietkot “Bij den Belg” en één plein waar alle pensionado’s elkaar onvermijdelijk tegenkomen.

En zo krijgt N., nog voor ze haar koffer heeft uitgepakt, een soort morele opdracht. Terwijl ze eigenlijk zin heeft om in het Spaanse zonnetje, samen met haar buurtjes van verschillende nationaliteiten gezellig te gaan zitten keuvelen over ditjes en datjes, heeft ze nu een diplomatieke missie, groeten overbrengen, mensen herkennen die ze nog nooit heeft gezien, op de uitkijk staan naar Jut en Jul.

Disclaimer: de namen, personages plaatsen en gebeurtenissen zijn het product van de verbeelding van de auteur of op fictieve manier gebruikt. Elke gelijkenis met echte personen, levend of overleden, is puur toevallig.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

↑ Terug naar de berichten