Naar de inhoud

Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

Welkom op mijn webblog :-)

Gedachtespinsels en andere kronkels

In de bloei van mijn aftakeling

Ondertussen ben ik terug bij de specialist geweest voor mijn pijnlijke knie. Nieuwe onderzoeken? Nee hoor. Die worden niet meer gedaan vanwege besparingen.

“Ben oui, ma fille, c’est le temps,” zei mijn dokter, met die toon die tegelijk troostend en onverbiddelijk is. Het was duidelijk, hij durfde het woord “oud” niet uit te spreken, dus liet hij de tijd het vuile werk doen. Maar de boodschap was ontvangen, Ik ben oud. Ook al vertik ik het om me daarbij zomaar bij neer te leggen.

Want ik wil zijn zoals de nieuwe senioren uit de advertenties die “bruisend” door het leven gaan. Zoals die mensen die lachend in een appel bijten omdat hun kunstgebitlijm zogezegd alles kan, die op e-bikes naar de fitness zoeven, en ondertussen doen alsof ouder worden een lifestylekeuze is. Sommigen slikken zelfs VitaePro om “gezond oud te worden”,alsof het een kwestie is van één capsule en een glimlach. 

En ook ik wil nog dagelijks bewijzen dat ik superfit, actief en geestelijk jong ben. Gewoon omdat ik het waard ben. Maar hier klonk toch even een stukje realiteitsbesef.

“Viens” zei hij terwijl hij zijn arm naar mij uitstak. Het klonk nog net niet als “Kom, moedertje”. “Het heeft de vorige keren goed geholpen dus we gaan er weer voor.”

Hij glimlachte vriendelijk, ik glimlachte terug, en mijn knie kraakte instemmend.

Ik werd naar de behandelruimte gebracht en mocht met ontblote knie op de tafel plaatsnemen.

De verpleegster legde het bakje met daarin de spuit voor de infiltratie met hyaluronzuur, een pleister en een ontsmettingsmiddel klaar. De rekening, vorige keer 130 euro per spuit, wordt later opgestuurd en niet terugbetaald door de mutualiteit. Met het gedoe in de Straat van Hormuz zal de prijs nu wel weer gestegen zijn. 

En nu is het pijnlijk afwachten tot het spul werkt, als het nog werken wil tenminste.

Het voelt een beetje alsof ik mijn knie een laatste kans geef om zich te gedragen, zoals je een puber nog één keer streng toespreekt: “Dit is je moment, meisje. Ik begin mijn geduld te verliezen. Maak er iets van!”

Maar voorlopig blijft hij mokken. Aan het eind van de maand mag ik weer…voor een tweede spuit.

Ondertussen blijf ik stappen. De eerste vier kilometers zijn ellendig, maar daarna doet mijn knie alsof hij nooit moeilijk heeft gedaan en ik mij alleen maar aanstel.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

17 reacties op dit bericht

Annie & Rogier17 april 2026 om 07:36
meeuw17 april 2026 om 07:08

geniet van je dag !

Flower-Basket.jpg
geniet van de mooie lentedagen
je krijgt opnieuw zin in het leven   !
liefs meeuw
meeuw17 april 2026 om 07:07

geniet van je dag !

Flower-Basket.jpg
geniet van de mooie lentedagen
je krijgt opnieuw zin in het leven   !
liefs meeuw
Ingrid , 17 april 2026 om 06:38

Dag Loewiesa ,,

Veel sterkte Loewiesa ,, en ja alles kost geld tegenwoordig ,, maar probeer wat te genieten van het zonnetje die hebben we gratis ,,,

17-4-2026
Goede morgen Loewiesa en het beste op deze vrijdag gewenst , geniet van deze mooie lentedagen ,, met een vriendelijke groet van mij erbij Ingrid .
Steffie16 april 2026 om 18:34

Loewieza

We zijn zover het is al weer avopnd !
Daarom kom ik nog even langs met een vriendelijk avondgroetje !
En ook met het volgende .….
1.jpg
Bedankt voor het bezoekje en dat deed veel plezier  hier om wat te lezen  hoor! 

liefs van steffie

Ikke is er weer16 april 2026 om 15:43

Ik ben zo pissed

aa-38

bel vanmorgen de huisarts krijg te horen kan je ook bij de kruidvat kopen dicoflinac IK ZEI HOERVAAK BEL IK ALS IK BEL HEB IK ECHT IETS HOOR jeetje betweters ken mijn eigen lichaam loewiesa

fred schafraet16 april 2026 om 10:37

realiteitsbesef

Hopelijk snel beterschap Loewisa, voor 130 euro mag je dat toch wel verwachten. Shocked

Groetjes,

Fred

knop_fotomanie_1950s.gif

Jos16 april 2026 om 10:06

Fijne donderdaggroetjes aan al mijn blogvrienden en vriendinnen !!!

oie-16844028qg11Sn

Goedemorgen beste vrienden en lieve vriendinnen.Het ziet er naar uit dat we hier in het Westen een mooie lentedag tegemoet gaan met zon en wolken een lichte wind van 2 beaufort en we krijgen 18 graden en daarbij blijft het nog droog ook.Dus het word terug genieten want gisteren was hier teveel wind en na de middag kwam de bewolking en was er geen sprake van terrasweer en morgen halen we de 20 graden maar dan in de Kempen.Met die ooplog in het Midden-Oosten en de hoge brandstofprijzen verkiezen veel mensen onze Belgische kust en indien ik op verlof naar zee wil zal ik goed moeten zoeken want alles is bijna volzet.In plaats van 6 weken zal ik wellicht voor een kortere vakantie moeten kiezen.Geniet van deze mooie lentedonderdag en geniet van alles wat Jullie doen of willen doen en dit met vele lieve en hartelijke lentegroetjes vanwege Jullie blogvriend Jos.Fijne donderdag lieve Loewiesa.Het is altijd beter in beweging te blijven

José16 april 2026 om 09:18

Goede morgen Loewiesa

1picnic
Een mooie donderdag
geniet van je dag
Liefs José

zo he, 130 euro voor een spuit, hopelijk werkt de spruit heel lang Loewiesa en veel sterkte en dank je voor je bezoekje

Annie & Rogier16 april 2026 om 07:06
meeuw16 april 2026 om 07:01

durf te leven !

240818183-1170880020067234-7016029199824151009-n.jpg
durf het aan
even alle remmen los
alles aan je laten voorbijgaan
nog niet denken aan morgen   !
liefs meeuw
Ikke is er weer15 april 2026 om 21:07

oie de spuit ik doe het even bij voltaren met tijgerbalsen=m ben ook een oudje

aa-38

Fijne midweek die rest na je bezoekje Loewisa

alfyvo15 april 2026 om 14:47

Hallo Loewiesa

Ja Loewiesa, bij ons beginnen ze met "gezien uw leeftijd" Hier heb ik toch het idee dat ze nog rap nieuwe knieën zetten verrast Veel succes met de spuiten, en dat ze lang mogen werken, al neem je daar niet de reden van weg.

Ik noem het postbank omdat wij nu alles langs daar moeten doen! Met 5€ op de maand konden we nog op de bank zelf terecht, maar met 2€ op de maand moeten naar de post. De terminals zijn overal verwijderd roepen Maar buiten geld moet ik op de bank niet zijn gelukkig. Groetjes Alfy cool

Patricia Dorff15 april 2026 om 13:15

Een midweek lente bezoekje

Eindelijk mijn blogje mogen vinden. Dankjewel Loewiesa. woensdag Gisteren vroeg in de morgen mogen bezig zijn in de achter tuin. De voortuin nog dat het er even netjes uitziet. Geniet ook van elke dag van Gods natuur en leven. Het is 16 graden droog in Noord-Holland. Niet koud vandaag. Lieve bloggers wat zoekt u! Iedere mede blogger is van harte welkom, niet gedwongen uit vrije wil als je de liefde van God wil ervaren. Jezus heeft Zijn liefde voor de mens getoond door onze menselijke overtredingen op zich te nemen. Bedankt voor de vriendelijke krabbel en plaatjes.t117008.gif

krikie15 april 2026 om 10:58

lieve midweekgroetjes breng ik jou

VOOR-DE-BLOGJES-15-APRIL.gif

DAG LIEVE VRIENDEN HIER BEN IK WEER NA EEN BLOGPAUZE IK WAS HET ECHT BEU OM TE BLOGGEN MAAR NU HEB IK TERUG GOESTING EN VLIEG ER TERUG IN EN HOPELIJK ZAL HET MIJ BEVALLEN LIEVE HARTELIJKE GROETJES VAN CHRISTIANE XXXXX HIER VALT HEEL WAT TE LEZEN MAATJE
Maarten15 april 2026 om 10:04

Veel sterkte!

Jos15 april 2026 om 08:31

Lieve woensdaggroetjes voor al mijn blogvrienden en vriendinnen !!!

oie-158437w4W1B2Mr

Goedemorgen beste vrienden en lieve vriendinnen.We starten terug met het zonneke doch even mooi als gisteren zal het wellicht niet worden want na 14 uur zou het af en toe wat kunnen druppelen en de wind heeft ook een tandje bijgestoken,doch als het zonneke er is krijgen we wel 19 graden.Dus zo slecht zal het ook wel niet zijn.Deze middag moeten we niet enkel de werkweek delen doch de maand april heeft dezelfde ziekte.Gisterennamiddag ben ik naar de laatste rustplaats van mijn ouders geweest en het was er goed in de volle zon en daar kon Je heel goed de lente zien,madeliefjes overal,hier en daar een mooie gele paardenbloem en de bomen beginnen in bladeren te staan,doch Je kan er nog wel doorkijken,maar de hagen waren reeds volledig toegegroeid waar langs een wit koolmeesje fladderde.Ik wens Jullie een mooie en een gezellige midweek toe en dit met vele lieve en hartelijke lentegroetjes vanwege Jullie blogvriend Jos.Fijne woensdag lieve Loewiesa.Hier is het eveneo.Als Je 80 ben komen ze aan U niet meer.Ik kan ervan meespreken.Voor mijn knie moet ik ook niet meer teruggaan.Ook niet voor mijn schouder maar die is wel beter geworden en voor mijn hartonderzoek moet ik nu 2 jaar wachten in plaats van 1 jaar.Enkel mijn diabetes wordt nog steeds goed opgevolgd.Ik wens Je fijne woensdag toe.

Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

De man met de koffer (de hoboseksueel)

Dat een mens dagelijks nog bijleert is geweten. Zondagmorgen ging het op de Franse nieuwszender LCI voor de verandering eens over een wat luchtiger onderwerp. Het ging er over Hoboseksuelen. (Niet te verwarren met homoseksuelen) Een hoboseksueel is een samenvoeging van “hobo”, zwerver/landloper en seksueel) een slangterm voor iemand die een romantische of seksuele relatie aangaat voornamelijk om gebruik te maken van de huisvesting van de partner.)

Zo werd er uitgelegd dat een hoboseksueel niet zozeer op jou valt, maar vooral op je huis, je sofa, je wifi, je koelkast, je wasmachine, en je voorraad wc-papier. Een romantische koekoek dus, charmant, zacht, en voor je het weet zit hij in je nest.

Ik moest vreselijk lachen, net als de voornamelijk vrouwelijke journalisten aan de talkshowtafel, die het fenomeen duidelijk herkenden. Ooit heb ik namelijk ook zo eentje gekend. Ik heb er hier op dit blog destijds zelfs over geschreven. Alleen zag ik toen de rode vlag nog niet. En toen hij mij inruilde voor een verpleegster, heb ik er zelfs een paar traantjes voor gelaten. Niet omdat ik hem miste, maar omdat ik kwaad was dat ik het zo laat pas doorhad .

Het begon nochtans charmant. Het eerste uitje, een glas wijn, een etentje, een gesprek dat verrassend soepel liep. Toen het moment van afrekenen kwam had hij zijn portemonnee vergeten. Geen probleem dacht ik. Dat kan gebeuren.

Hij beloofde alles “bij de volgende dates” terug te betalen. De toekomst was al gepland, ik had het alleen nog niet door.

Een week later kwam hij mij thuis opzoeken. Ik hoorde zijn auto op de oprit en zag hem een grote koffer uit zijn achterbak halen. “Wat is die van plan?” was mijn gedachte. Noem het een sterk binnenkomen.

Hij overspoelde mij met aandacht, vertelde dat hij nog nooit zoiets gevoeld had en stelde voor te gaan samenwonen. Hij sprak zelfs van trouwen.  En ergens fluisterde een stemmetje in mijn hoofd dat dit geen romantiek was, maar een financieel plan in vermomming zoiets als: ” jouw schulden zijn mijn schulden”.

Uiteindelijk bleek hij, de hoboseksueel , met koffer en zonder portemonnee, nog ambitieuzer dan ik dacht. Hij vond namelijk “iets beters”.

Een beter huis, platvloers, en een vrouw die in de verpleging werkte en veel “huishoudelijker” dan ik, want ik schreef en ging liever wandelen dan dat ik zijn sokken alfabetisch ordende.

Het was alsof hij niet zozeer op zoek was naar liefde, maar naar een zorgplan met een bijbehorende infrastructuur. Het fascinerende aan hoboseksuelen is dat ze oprecht geloven dat ze romantisch zijn. Ze zien zichzelf als een soort moderne troubadour: reizend van hart naar hart, van sofa naar sofa, met een koffer vol goede bedoelingen en een licht gebrek aan grenzen.

En nu ik het woord hoboseksueel ken, voel ik me eindelijk gewapend. Gewapend tegen mannen die eigenlijk alleen een verpleegster of een huishoudster nodig hebben of gewoon een k** die kan koken. En vooral een vaste plek op de sofa waar hij zich zonder schaamte laat bedienen. 

Taal is macht. En soms is één woord precies wat je nodig hebt om een (oud) patroon te herkennen.

En laat ik vandaag nu eens iets lezen over een man die onder toezicht staat en dus geen cent te makken heeft. En die in de grootwarenhuizen met beschaamde kaken gedwongen wordt al zijn boodschappen terug te geven, omdat zijn schamele leefloon binnen de dag op is. En wat schrijft hij op Facebook? Dat hij via Parship weer wil gaan daten “om liefde te geven en te krijgen”. Hij is in de zeventig, gezond en wel, intelligent en met toekomstperspectief, schrijft hij.

Ik moest lachen. Soms kondigen nieuwe hoboseksuelen zich gewoon zelf aan.

En ik, ik beklaag de nieuwe eventuele partner die straks denkt dat ze liefde krijgt maar eigenlijk gewoon een financieel project adopteert. 

Geschreven door Loewiesa om 00:00 15 reacties Reageer op dit bericht

Hoe ik in een leven terecht kwam

En op een dag had hij een ring gekocht en vroeg hij mijn hand aan mijn ouders. En ik… Ik zat erbij, en ik keek ernaar en liet alles gebeuren, stomverbaasd en sprakeloos. Mijn ouders zeiden “ja”. Hun missie leek bereikt. In de jaren zeventig gold het huwelijk nog altijd als de ultieme levensbestemming en het hoogste doel voor een vrouw. Al begon de feministische golf die overtuiging al flink te schudden. Of was hun enthousiasme eerder strategisch…?

Vanaf dat moment draaide alles in mijn leven om een uitzet en over het draaiboek van de trouw. Ik weet nog hoe totaal niet geïnteresseerd ik was in al die toestanden. Moest dat nu echt? Al die rompslomp. Mijn collegaatjes bij de bank, waar ik indertijd werkte en van wie sommigen al jaren verloofd waren, waren nog enthousiaster dan ik en strooiden met advies.

Ik was verliefd en verward. Pas veel later zou ik leren dat verstand inderdaad met de jaren komt, en dat je beter geen beslissingen neemt wanneer je verliefd bent. Natuurlijk, hij was lief en goed voor mij, droeg mij op handen, beloofde me de sterren en de maan. En ik…ik wilde het ogenschijnlijk saaie leven van mijn ouders niet... Ik wilde passie en avontuur. En dat kreeg ik. Het universum had duidelijk zijn eigen manier om mij op mijn wenken te bedienen. Al was het niet bepaald de versie die ik had verwacht...

We zouden in Maisons-Laffitte gaan wonen, een klein stadje zo’n 20 km ten westen van Parijs, waar hij werkte. En ik was klaar voor het avontuur. Een sprong in het diepe.

Het vervolg leest u over twintig jaar in mijn memoires.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 11 reacties Reageer op dit bericht

Une belle histoire

Twee bloglogjes geleden schreef ik hoe ik kennis maakte met België en hoe het universum mij iets probeerde duidelijk te maken. Dat duidelijk maken van het universum is natuurlijk een vrije interpretatie, zoals die ene keer toen ik met drie schoolvriendinnen eens bij een handlezeres op een Amsterdamse kermis binnenstapten en waar ik te horen kreeg dat mijn plaats van overlijden ver van mijn geboorteplek zou zijn. Nu zit ik daar niet meer mee in, maar als jong meisje op de smalle “route Napoleon”, op weg naar het zonnige zuiden of terug naar het grijze noorden, met opeens een tegenligger gevaarlijk dicht in zicht, dacht ik wel eens terwijl ik mij achteroverdrukte in de zetel: “En nu gaat het gebeuren”. De handlezeres krijgt gelijk. 

Op één van die vakanties aan een Spaanse Costa heb ik trouwens mijn toen toekomstige echtgenoot ontmoet, een jonge fransman. Blond en met blauwe ogen, alsof ik daarvoor helemaal tot in het zuiden had moeten reizen. Wij brachten samen met een paar leeftijdsgenoten de vakantie door en tussen ons klikte het al gauw. Alles wilden we van elkaar weten, we genoten van de gouden stranden, de turquoise zee en maakten de gekste plannen en geen van beiden dacht aan de tijd… Op de laatste avond van de vakantie werden er adressen uitgewisseld en er werden traantjes gelaten.

Mijn toekomstige echtgenoot bleek hardnekkig. Bij mijn thuiskomst lag er al een brief en vele brieven zouden komen. Er bestond toen nog geen Google-translate en elk woord dat ik niet begreep werd opgezocht in het woordenboek. Mijn Franse leraar van het middelbaar zou trots op mij zijn geweest. Mijn toekomstige echtgenoot had zich ook een Frans-Nederlands woordenboek aangeschaft, vastbesloten om zich in mijn taal te oefenen, Gewoonlijk sloot hij zijn brieven af met een:“Je t’embrasse.” Maar deze keer had hij gewapend met het woordenboek, een ambitieuze poging gewaagd en stond er: “Ik je gordijnophanger”.

Hoe krom die zin ook was, voor mij voelde het onmiskenbaar als een liefdesverklaring.

Wordt (misschien) vervolgd

Geschreven door Loewiesa om 00:00 7 reacties Reageer op dit bericht

Het Meesterwerk

En op een dag schrijf ik een boek. Het idee kwam toen ik weer eens zo’n zelf uitgegeven familieverhaal onder ogen kreeg. Verhalen over tante Mien, ome Jan en z’n mallemoer doorspekt met anekdotes over “den vreemde” waar nooit iets gebeurt behalve dat men er ooit een geit heeft gemolken en toen van de kruk gleed. Hilarisch volgens de schrijfster. Ik wacht nog steeds...

Als zij dat kunnen, dan doe ik dat ook wel even, dacht ik, en beter.

Alleen niet in eigen beheer, Ik heb geen leger plattelandsvrouwen achter mij dat uit pure beleefdheid mijn boek koopt om het vervolgens als pannenonderzetter te gebruiken of om een wiebelend meubelstuk waterpas te krijgen.

Het ligt ook niet in mijn stijl om, zoals één van die Facebookeurs, die mij ooit een vriendschapsverzoek deed en omdat wij gezamenlijk vrienden hadden, ik dat verzoek accepteerde. Ik dacht nog “leuk” maar dat werd het niet. Het ging namelijk maar om één doel, reclame maken voor zijn boek. Ik heb het trouwens nooit gelezen, maar de uittreksels zeiden genoeg om te weten dat ik mijn tijd beter kon besteden aan het bij elkaar zoeken van de 31 paar witte tennissokken van mijn zoon.

Zoals ik al zei: dat doe ik wel even. Alleen ben ik lui. Mijn manuscript in eigen beheer zou ergens onder een stapel tijdschriften belanden, wachtend op een lezerspubliek dat nooit komt. En ja ik weet het: de brutalen hebben de halve wereld. En dat is nu net waar het schoentje wringt.

Maar natuurlijk vind ik, in mijn dromen, meteen een uitgever die laaiend enthousiast wordt van mijn schrijfsels. Een paar maanden later ligt mijn boek in alle goede boekwinkels tussen de grote namen De recensies zijn jubelend, bijna gênant. Er worden mij allerlei kwaliteiten toegeschreven waarvan ik niet wist dat ik ze had. Een invloedrijke criticus verklaart mijn boek zelfs als grote kunst, wat ik zelf nooit had durven denken en spreek hem niet tegen, want wie ben ik? En ik knik natuurlijk alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

Mijn boek verkoopt als warme broodjes en ik word uitgenodigd in de juiste programma’s. De gerenommeerde tijdschriften en kranten melden zich ook, de serieuze, de zelfverklaarde kwaliteitsbewakers, de redacties die normaal alleen schrijvers met een Nobelprijscomplex uitnodigen.

Ik leg met een bedachtzame blik uit, dat ik “gewoon schrijf wat ik zie”. "Het lijkt simpel en dat is het ook “Dus ze knikken alsof ik een diepzinnige openbaring heb gedaan. Sommigen roepen al om een vervolg. Maar laten we duidelijk zijn, dat komt er niet. Ik ben lui, weet je nog…

Ondertussen wordt mijn boek vertaald in het Frans, in het Duits en het  Engels en nog een paar talen waarvan ik de naam niet kan uitspreken en nog minder dat ik weet hoe je ze schrijft.

De uitgever en ik worden schandalig rijk. Ik koop misschien een nieuwe pen, om mijn boodschappenlijstjes mee te maken, en mijn kerst en ansichtkaarten, want die schrijf ik ook altijd nog zelf Een nieuw boek schrijven? Nee hoor. Eén meesterwerk is genoeg.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 8 reacties Reageer op dit bericht

Over Stalagmieten, Puntzakken, Sanseveria’s en Andere Belgische Mysteries

De eerste keer dat ik kennis maakte met dit land was tijdens een vakantie. Ik zal een jaar of elf geweest zijn, toen wij op vakantie in Nederlands Limburg een uitstap maakte naar de grotten van Han. Bij de grens net voor Visé veranderde het landschap al. Ik verbaasde me toen al, een prachtig landschap, maar de gebouwen, fabrieken, de huizen, wat een smerige oude meuk.

Ik leerde er niet alleen het ezelsbruggetje dat stalagmieten staan en dat stalactieten hangen, maar ook de Belgische friet en de typische puntzak kennen.

Het jaar daarna vertrokken wij (mijn ouders, mijn broertje en ik) vanuit Amsterdam met de Ami6 richting een Spaanse Costa. Om mijn Vlaamse lezers te plezieren, schrijf ik erbij, dat de auto vol zat met aardappelen, pindakaas, hagelslag, blikvoer en verse melk, genoeg voor een hele maand, want dat geloven ze graag, die Belgen. In Frankrijk zouden wij onderweg ook nog een paar keer kamperen. Maar eerst moesten we dat “k****” België” door.

In die tijd reed je niet in een paar uur over de snelweg van de ene grens naar de ander. De snelweg hield ergens bij Brussel op. Bijna dreigden we verloren te raken in één van de vele zwarte gaten in de weg, speciaal aangelegd voor ‘Ollanders met de bedoeling ze daarin te laten verdwijnen, vernam ik later uit zeer welingelichte kringen.

Maar mijn moeder had de reis tot in de puntjes voorbereid en las de kaart. Zij bepaalde de route, mijn vader voerde uit. En zo kwam alles goed...

Ik weet nog dat we door Mons (Bergen) reden, de draai maakten voor het station, richting Maubeuge, niet wetende dat ik hier jaren later nog vele malen zou komen, als bewoonster van de streek. Laat staan dat mijn schoonzoon mij hier ooit van het station zou oppikken om mijn pasgeboren kleinzoon te gaan bewonderen. Mijn twaalfjarige zelf had het nooit geloofd…

De huizen waren hier raar. Althans, dat vond ik als vervelende puber indertijd. Voor de ramen overal koperen potten met vrouwentongen of grote opzichtige Chinese vazen. Alles was even lelijk in dit land.

Op een zeker moment toen de auto even moesten stoppen voor een stoplicht en ik naar buiten keek, zag ik een raam met een door de wind zacht bewegend gordijn, als een ademtocht van het huis. Beneden liep een postbode, een bode: Met mijn hoofd tegen het autoraampje gedrukt bekeek ik het schouwspel en wist: dit was een teken!

Althans, zo leek het. Het moment was bijzonder en is mij altijd bijgebleven. Het was alsof dit moment mij een richting aanwees, zonder dat ik wist hoe en wanneer…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 12 reacties Reageer op dit bericht

Dokter is het erg...?

Chondropathie kreeg ik te horen in 2009 toen ik voor het eerst consulteerde voor mijn pijnlijk knietje; Een woord dat klinkt als een zeldzame vogelsoort, die vooral in moerassen broedt, maar dat in werkelijkheid gewoon betekent: “Uw kraakbeen is boos.” Ik mocht, moest zelfs, gewoon doorgaan met bewegen, wat ik interpreteerde als: strompel voort meisje, strompel voort…

Met nog wat extra stretch oefeningetjes en bij pijn eventueel een pijnstiller e/o een antiontstekingsmiddel werd ik de spreekkamer weer uitgewuifd.

Het knietje hield een tijdje op met lastig te zijn om een paar maanden later terug zijn kop op te steken zo van: “Oehoe! Hier ben ik weer!”

De orthopeed die eerder nog enthousiast had gesuggereerd om de verdwaalde stukjes kraakbeen eventueel via een kijkoperatie te verwijderen, wilde eerst nog iets anders proberen zodat hij zijn snij, zuig en hakmateriaal in zijn kast mocht laten.

Hij vergeleek mijn knie met een krakend en piepend scharnier dat verholpen kon worden met een druppeltje olie. En zo kreeg mijn knie een paar van die druppeltjes en liep ik een aantal jaren zonder kraken en piepen en andere blokkades weer zo vlot als een kievit.

We zijn nu 15 jaar verder. In de tussentijd heb ik beide knieën nog 2x van een hyaluronzuur injectie laten voorzien. En tot nu toe ging alles prima. Tot een tiental dagen geleden. De olie is verdampt, opgelost, verdwenen in de nevel der tijd. Ik loop op mijn velgen, mijn hoofd is dof van de pijnstillers en mijn tred is die van een honderdjarige die weigert toe te geven dat ze moe is…

“Misschien krijg je een nieuwe knie”? Opperen mijn vriendinnen, alsof het om een nieuwe handtas gaat en dan vertellen ze me van iemand die ze kennen die iemand kent die zo’n operatie heeft ondergaan. Ik kijk er al bijna helemaal naar uit. Woensdag heb ik een afspraak…

Geschreven door Loewiesa om 09:14 8 reacties Reageer op dit bericht

Seniorenjaren

Sinds 2019 is ons gezin uitgebreid met een hond: Cesar, een gekruiste Americain Stafford door mijn zoon uit het asiel gehaald. Mijn zoon, die op dat moment al zijn eigen stek had, droomde als kind al van een hond van dit ras. Ik heb het toen altijd tegen weten te houden. Niet uit hondenhaat maar uit een nuchtere vrees voor het gedoe dat zo’n beest met zich meebrengt. Maar de zoon deed uiteindelijk wat zonen doen: hij volgde zijn eigen zin. En zo stond hij op een dag met Cesar voor me, liefde op het eerste gezicht, dat was meteen duidelijk. Cesar was langs de kant van de weg gevonden. Waarom zijn vorig baasje hem nooit is komen afhalen zullen we nooit te weten komen.

Hij was toen anderhalf jaar en ik? Ik was, ondanks de ongemakken, ook meteen verkocht. Zucht...

Vanaf dat moment liep hij als vanzelf ons leven binnen, alsof hij altijd al ergens in de coulissen had staan wachten tot wij eindelijk doorhadden dat hij bij ons hoorde.

Net als zoveel honden vond Cesar vond het niet prettig om lang alleen te moeten blijven wanneer de zoon ging werken, Eerst begon hij aan de kussentjes op de bank, daarna sloopte hij de zetel. Tegen de tijd dat zoonlief weer thuiskwam had hij een tunnel gegraven richting het epicentrum van zijn verlatingsangst, ondersteund door veren, schuimrubber en een onwrikbaar gevoel van rechtvaardiging.

"Mààm wil jij op de kleine passen" stuurde mijn zoon mij een berichtje. En zo geschiedde het. Vanaf die dag werd ik uit mijn luie zetel gehaald, werd ik "Dogsit" en zorgde Cesar voor mijn dagelijks portie cardio.

Ondertussen is Cesar zijn 9e levensjaar ingegaan en wordt hij volgens algemeen begrip dus beschouwt als senior. “Misschien moet je wat minder lange wandelingen gaan maken, nu hij wat ouder wordt.” Opperde mijn zoon onlangs.

Gisteren was ik met Cesar bij de dierenarts voor zijn jaarlijks vaccin tegen leptospirose (rattenziekte) en stelde de vraag aan de dokter. En die antwoordde zoals mijn eigen arts mij een paar jaar geleden ook aanraadde toen ik last kreeg van mijn knieën. “Vooral doorgaan met bewegen! Anders slaat artrose toe.”

En dus doen we voort. De hond die mijn zoon ooit impulsief uit het asiel meenam, wandelt nu elke dag met mij door bossen en door velden. Samen schuiven we onze oude dag vooruit, in gelijk tempo…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 11 reacties Reageer op dit bericht

Uit mijn vakantiedagboek

Marmaris mei 2013

We gaan ons klaarmaken voor de avondmaaltijd in het hotel “Vanavond trek ik een nieuw jurkje aan...” fluistert de Brugse en kijkt mij samenzweerderig aan. "best wel duur..." Een lichte schok gaat door mij heen en ik denk: “oeps”.

Het is een kleedje van huppeldepup, de een of andere designer, waarvan ik onlangs bij de Amsterdamse Bijenkorf jurkjes heb zien hangen met prijzen die mijn paard niet kan en wil trekken. “Gekocht in een boetiek in Knokke,” gaat ze verder, “ik twijfelde toen ik het paste, mijn buik he? Maar de verkoopster zei dat het mij goed stond, ze raadde me ook corrigerend ondergoed aan, dus heb ik het maar gekocht”.

Mijn ervaring is, dat er maar weinig verkoopsters zijn die echt eerlijk zijn en onzekerheden vaak uitbuiten. En dat je het best op je eigen oordeel afgaat. Zit het niet goed, staat het niet goed, dan is het niet goed, niet kopen is dan mijn motto.

En daar stond ze even later in haar te korte en te kleine dure imponeer jurkje en haar corrigerend ondergoed volledig ingesnoerd. Het is een soort natuurwet: alles dat gecorrigeerd moet worden, moet ergens naar toe. Dus…In dit geval naar boven. Enfin (Gelukkig) hebben we de foto’s nog.

Geschreven door Loewiesa om 08:43 9 reacties Reageer op dit bericht

Loewiesa/Het been (met excuses aan Ellschot)

Ah, ik ben zeker gaan hemelen was mijn eerste gedachte, toen ik nog half in de zachte Ibuprofen-nevel van de vorige avond, om 6.20 mijn ogen opendeed. Ik voelde immers de pijn niet meer in mijn been. Ik draaide me nog eens om...

Maar daar was ze weer: die zeurende, uitstralende pijn die ik sinds een paar dagen heb, ergens aan de achterkant van mijn knie. Ik bleek nog steeds “alive”, maar niet “kicking”. Door de pijn kort ik alle wandelingen met Cesar in en breng ik mijn middagen door op de bank met nóg een ibuprofen, in de hoop dat het overgaat.

Als een 100-jarige strompel ik twee uurtjes later naar beneden en begin aan een bloglog over mijn lijden.

En eerlijk? Het heeft wel iets.

Een beetje sterven bij het opstaan, een beetje herrijzen tegen de middag, ’s middags bankhangen en tegen de avond alweer genoeg energie om mezelf te beloven dat het morgen beter zal zijn.

Tot die tijd oefen ik in elegant strompelen. Bij het van de trap af gaan schrijd ik zoals gewoonlijk niet, maar maak vreemde, doch altijd elegante huppelsprongetjes. Het is een kunstvorm. Uit eerder ervaringen, zie mijn vroegere bloglogs zoals “Loewiesa en de grote meniscusshow” in de categorie “ziek, zwak en misselijk” , is indertijd al gebleken dat ik hier een zeker talent voor heb.

Ondertussen hebben we een soort wapenstilstand gesloten, het been en ik: ik beweeg zo weinig mogelijk, en het been klaagt zo weinig mogelijk. Iedereen tevreden.

Onze Cesar vindt het allemaal prima. Hij weet dat hij zijn mens goed heeft afgericht: veel bank, veel snacks en af en toe werp ik zijn bal de tuin of de kamer eens door als bewijs dat ik nog leef. Proberend obstakels te vermijden stuitert de bal tegen de omlijsting van de keukendeur, kaatst terug, rolt onder de eettafel door, maakt een scherpe bocht en komt uiteindelijk tot stilstand onder de bank, precies waar ik als lijdend voorwerp lig te hangen en waardoor ik dus alsnog op mijn knieën moet.

Vervolgens komt hij met zijn buit weer naast me op de bank liggen, zuchtend, alsof hij degene is de hele dag met dat been moet rondzeulen. Als je zijn blik ziet zou, zou je hem bijna geloven. Nog even en hij sleurt het been gewoon zelf mee naar buiten, zodat ik eindelijk weer eens een frisse neus haal…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 11 reacties Reageer op dit bericht

Lumenleed

Dit logje bewijst weer eens hoe leeg mijn leven eigenlijk, want wie schrijft er nu over lampen?

Ikke dus, want watsgeburt? Gisteravond wilde ik naar boven gaan om te gaan slapen. En toe ik het licht op de overloop aanstak, zei het licht “paf” en het licht was niet meer. “Pfff “dacht ik: “dat zal voor morgen zijn”.

En toen ik de volgende dag met mijn wasmand de trap afdaalde richting de kelder waar mijn wasmachine staat zei het licht daar ook “paf” en het licht was ook daar niet meer. Terug naar boven dan maar, zoeken in mijn stock van lampen, maar helaas. Begeleid door het licht van mijn telefoon heb ik mijn wasmachine gevuld en een programma gekozen. Hoe doen blinden dat eigenlijk? Kwam even in mij op. Waarschijnlijk leren die zo’n programmaknop uit hun hoofd en weten ze precies hoeveel klikjes tot het gewenste programma bereikt is.

Vandaag ben ik dus even naar de Delhaize geweest waar ze ook lampen verkopen. De keuze is daar maar klein, waarschijnlijk bewust ingekocht voor mensen zoals ik, veel kleiner dan bij de Brico, waar ik door de bomen het bos niet meer zie. Want even een nieuwe lamp kopen zoals vroeger is er niet meer bij. Tegenwoordig moet een mens al bijna een masterclass astrofysica gevolgd hebben of afgestudeerd zijn in de lampelogie.

Vroeger had je 40 watt, 60 watt, 100 watt, en klaar! Je wist 40 watt is gezellig, 60 watt is “want ik moet iets kunnen zien” bij 100 watt” ik wil zwarte puntjes kunnen zien of kleine haartjes en daarna eventueel een kleine chirurgische ingreep willen uitvoeren”.

Nu zijn het lumen. Lumen is het nieuwe calorieën tellen. Je staat daar in het gangpad te rekenen 470 lumen, warm wit, E27,6,5 W,2700K, A+ staat er op de doos. Je moet erin geloven, anders werkt het niet.

“470 lumen”? Ja maar hoe voelt dat? Is dat “ik zie mijn trap” of “ik zie mijn trap maar ik vertrouw hem niet?”

Uiteindelijk heb ik gekozen voor twee lampen van 7W=60W=806 lumen. Volgens de verpakking is dit “warm wit”. Ik neem het voor kennisgeving aan...en nu maar hopen dat ze voor 18,89 euro jàren willen werken. 

Geschreven door Loewiesa om 09:19 6 reacties Reageer op dit bericht

In de tijd van de baas (en andere leesmomenten)

Ik heb thuis een hele kast vol boeken. Ik las al vroeg, nog voor ik naar school ging. Op verjaardagen, Sinterklaas, altijd kreeg ik wel een boek cadeau. Ik las, ik las. “Kind, je verleest je verstand nog eens ” zei mijn oma vroeger. En later kocht ik mijn boeken zelf.

En ik las en ik las in verloren momenten, in de trein, wachtend op een station, zomers onder een parasol in de tuin en zelfs op mijn werk, in de baas zijn tijd. Een paar bladzijden hier, een halve pagina daar, niemand die het merkte, behalve soms, mijn geweten, dat toen nog jong en soepel was. Achteraf vermoed ik dat iedereen het wèl zag, en dat men mij dat kleine leesgelukje allerminst gunde… maar dat terzijde.

En zo groeide mijn kast, plank na plank, tot een soort papieren biografie.

Bij een paar van mijn kennissen ben ik altijd verbaast hoe opgeruimd hun kasten altijd zijn. Er staat niets, “épuré” noemen ze dat. Strak, minimalistisch, zonder onnodige versieringen maar zoals Marcus Tullius Cicero het lang geleden al zei : ”Een huis zonder boeken is als een lichaam zonder ziel.”

Wanneer ik weer thuiskom, in de war van zoveel minimalisme, kijk ik naar mijn eigen “rommelige boekenkast”, en vraag mij af waarom ik eigenlijk al die boeken bezit.

Sommigen maar één keer gelezen, de meesten meermaals, een paar maar voor de helft... Zoals bv dat ene boek dat prachtig mooi oogt in mijn boekenkast, maar waar ik met de beste wil van de wereld maar niet door heen kom. Enkelen ken ik uit mijn hoofd, geraakt door bepaalde passages, zinnen.

Heel even voel ik mij bijna schuldig bij de gedachte dat mede dankzij mij de regenwouden het zo moeilijk hebben. Al dat papier. Wat had me ooit bezielt ze aan te schaffen? 

Even komt de gedachte in mij op om heel die boekenhandel te verpatsen. In de geest van Marie Kondo, zou ik mij moeten afvragen: maakt dit boek mij gelukkig? Wat is de toegevoegde waarde in mijn leven? Ze staan daar maar wat te staan en doen stof op.

En dan weet ik het weer, dit zijn mijn vrienden, ze boden mij gezelschap in tijden van eenzaamheid, In mijn boeken kon ik verdwijnen. Sommigen waren een bron van troost, in anderen vond ik herkenning, weer anderen een gids. Ze hebben mij gevormd, opgetild, uitgedaagd. Mijn boeken horen hier, in mijn kast, bij mij.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 9 reacties Reageer op dit bericht

een foto

2696296-dbb1647fc7c337c86cec8bdb53a4ba0f.jpg

Een foto, door een onbekende genomen. Op de foto, mijn ouders, het gezin dat wij ooit waren. Het blonde meisje aan de hand van haar vader ben ik en in de kinderwagen mijn "onzichtbare" broertje. Ik zag deze foto voor het eerst in 2016, één maand na het overlijden van mijn vader, op de Facebookpagina "Amsterdam heden en verleden vol herinneringen."

De schok, die mengeling van ontroering en dat bijna bovennatuurlijke gevoel dat je soms krijgt in de weken na een verlies. Die periode waarin de wereld nog een beetje scheef staat, en waarin elk toeval net iets te precies voelt om zomaar toeval te zijn…

Toeval? Een teken uit het hiernamaals…?

Mijn ouders hebben deze foto zelfs nooit gezien, bedacht ik, terwijl ik de fotoalbums uit die periode tevoorschijn haalde, op zoek naar “bewijzen”. Ze wisten misschien niet eens dat zij gefotografeerd werden.

Het voelt als een onverwachte erfenis, een nieuw venster op hun wereld.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 7 reacties Reageer op dit bericht

Birthday Blues

Vandaag, vijfendertig jaar geleden werd hij geboren, mijn zoon. Een mensenleven in wording en een moederleven in voortdurende heruitvinding. De laatste keer dat wij zijn verjaardag “en famille” hebben gevierd was in 2020 het beruchte Coronajaar, het jaar waarin de wereld voor velen plotseling kleiner werd, stiller, en tegelijk bijna hysterisch luid met alle nieuwsberichten en halfbakken maatregelen. Maar dat ter zijde.

Het was ook zijn eerste verjaardag in zijn “eigen woning”. Een mijlpaal die we vierden met cava, borrelnootjes, pizza, andere lekkere hapjes, een taart met kaarsjes en nog meer cava. Een eigen woning dat klinkt zo volwassen, zo stevig, alsof iemand plotseling een fundament heeft gekregen.

Deze verjaardag was dus ook een beetje een “Housewarming”. Het schijnt dat deze traditie uit de middeleeuwen komt, toen gasten letterlijk brandhout meebrachten om het huis te verwarmen en boze geesten te verjagen. In dit geval misschien de geest van zijn vader die er in 2016 dood gevonden werd en er volgens de zoon, nog rondspookte. Niet kwaadaardig overigens, maar toch aanwezig...

Een paar dagen na het feestje werden drie mensen, waaronder ik, geveld door het virus. Alsof het feestje een soort loterij was geweest, en wij de ongelukkige winnaars. En zo wordt deze verjaardag nog vaak herdacht op familiefeestjes als running joke en is voor mijn zoon een goed excuus om nooit meer aan verjaardagen te doen. “Te veel risico’s” zegt hij dan, half lachend, half serieus, half opgelucht.

Van de week moest ik even op mijn zolder zijn. Je kent het wel: je gaat voor één ding naar boven en komt met tien herinneringen terug. Mijn oog viel op de zak met de guirlandes, vlaggetjes, slingers en andere versiersels die we vroeger in de woonkamer ophingen bij een verjaardag, die kleuren, dat papier, die vrolijkheid en de vanzelfsprekendheid dat een verjaardag gevierd moest worden, en even heb ik gedacht, zal ik…?

Maar het moment trok voorbij, zoals zoveel momenten die alleen bestaan om je even iets te laten voelen, maar niet om iets te doen...

Geschreven door Loewiesa om 00:00 5 reacties Reageer op dit bericht

Den kleine Johannes

Je kent ze vast wel, die buurtboekenkastjes met het principe: je geeft er een, je neemt er een. Meestal (vaak) alleen wat oude meuk. Maar de wonderen zijn de wereld nog niet uit en zo vond ik deze in La Louvière, en natuurlijk kon ik dit pareltje van de Nederlandse literatuur niet laten liggen. "Den kleine Johannes van Frederik van Eeden" Ooit stond dit boekje op de leeslijst van veel middelbare scholen. Een ijverig iemand is begonnen de oude spelling te "verbeteren" en er is een aantekening gemaakt dat een sprookje "un conte" is in het Frans.

En zo belandde ik ineens in de wereld van Johannes: een jongetje dat met zijn vader, hond Presto en kat Simon, in een oud, geheimzinnig huis woont, omringt door een grote tuin. Hij leeft half in de werkelijkheid, half in de natuur die hem omringt...

En om een lang en mooi verhaal kort te maken, want er zou te veel verloren gaan, mocht ik hier een echt verslag van maken, zeker het bloemrijke taalgebruik, en ik snap meteen waarom het vroeger op de leestlijst stond.  Het verhaal gaat over de ontwikkeling van kind tot volwassene, van droomwereld naar realiteit. Johannes wordt in dit “sprookje” begeleid door figuren die verschillende levensfases en wereldbeelden symboliseren. Waaronder, Windekind, (fantasie, natuur), Robinetta, (de eerste liefde en de overgang naar volwassenheid), de kabouter Wistik, (dorst naar kennis en weetdrang), dokter Cijfer, (droge, wetenschappelijke kennis), de materialistische Pluizer en Hein, de Dood, En daarachter, de ongenoemde, onuitgesproken, maar onmiskenbaar aanwezig: God, het hogere levensdoel.

En dan, helemaal op het einde van het boek, staat die ene zin die alles samenvat en tegelijk openlaat: “Wellicht vertel ik u eenmaal meer van den kleine Johannes, doch op een sprookje zal het dan niet meer gelijken.”

Geschreven door Loewiesa om 00:00 5 reacties Reageer op dit bericht

Sorry dat ik ook eens iets heb meegemaakt

Ik weet dat vrienden je steunen. Dat zeggen ze toch altijd. Maar soms voelt het alsof ik een parallel universum leef waar “steunen” betekent: je verhaal onmiddellijk vervangen door het hunne.

Je begint iets te vertellen, iets kleins, iets kwetsbaars, iets dat even aandacht vraagt, en nog voor je zin is afgelopen, schuift er al een ander verhaal overheen. Ik zeg dat ik een hartgeruis* heb en naar de cardioloog moet voor verdere onderzoeken. En dan zegt zij: Mijn hond had dat ook, nu is hij dood.

En ik denk: Nou fijn, gezellig, dankjewel, dit helpt enorm.

*(Voor de zekerheid: het hartgeruis is een voorbeeld, geen actuele medische toestand.) 

Het is alsof sommige mensen een ingebouwde reflex hebben: elk verhaal is een trampoline naar eigen anekdote. Je vertelt dat je laatst lekker uit eten bent geweest, en dan krijg je te horen dat zij niet van uit eten gaan houden, want zij koken liever zelf. Ik moet dan altijd aan die ene ex denken die zich altijd ongemakkelijk voelde in restaurants. Behalve als ik de rekening betaalde, dan was het plots zijn natuurlijke habitat.

Je vertelt dat je een mooie wandeling hebt gemaakt. en vervolgens wordt je verhaal in de kiem gesmoord, nog voor het zich verder kan ontwikkelen Want zij, zij fietsen liever. En ergens in mijn hoofd fluistert een stem: Je weet toch? Wandelen is alleen voor mensen zonder ambitie of quadriceps.

Je vertelt dat je tijdens de laatste vakantie de grotten van Han hebt bezocht. En ja hoor, Zij waren een keer in Frankrijk en hebben daar drie grotten bezocht. Ik was het bijna vergeten: België is voor beginners en mensen zonder internationale allure.

En dan zit ik daar, met mijn kleine verhaal, dat blijkbaar onmiddellijk moet worden overstemd door een groter, beter, dramatischer verhaal.

En dan denk ik zoiets van: oké, sorry, dat ik iets mee heb gemaakt en het aan je vertel.

En misschien blog ik hierover omdat het me helpt om het te zien voor wat het is: geen bewijs dat mijn leven leeg is, want dat denk ik soms, wanneer ik op dit blog weer eens over kleine ergernissen zit te zeuren (zagen voor de Vlamingen) maar dat sommige mensen gewoon niet kunnen luisteren zonder zichzelf in het midden van het toneel te schuiven.

Ik observeer dat soort dingen. Niet omdat ikzelf zo perfect ben. Ik heb ooit een cursus communicatie gevolgd, die me vooral leerde dat ikzelf ook regelmatig de mist in ga. Ik ben een mens en niets menselijks is mij vreemd. Maar gesprekken fascineren me. Vooral wanneer ze geen gesprekken blijken te zijn, maar een soort opbieden, wie heeft het meest meegemaakt, het ergst geleden, het verste gereisd, de meest indrukwekkende anekdote. Het is geen wedstrijd, maar het voelt soms wel alsof iedereen alvast in de startblokken staat.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht

Stof

Het is woensdag; ze hebben een mooie zonnige dag voorspeld met temperaturen die weleens het gemiddelde zouden kunnen overstijgen. Wanneer ik ’s morgens beneden de gordijnen opentrek, schuift de zon al laag naar binnen.

Haar stralen glijden de kamer binnen als dunne linten licht, en alles wat ze raken wordt plots zichtbaar. Het zonlicht confronteert mij genadeloos met hoe smerig mijn ramen eigenlijk zijn: de bleke afdruk van een handje, vermoedelijk van onze jongste, en de vertrouwde neusstoot van Cesar op de glazen keukendeur. Het lijkt alsof ide verwaarlozing van mijn ramen tot kunst is verheven. In datzelfde licht tekenen zich twee spinnenwebben af op het raam, gelukkig zonder spinnen.

Want zoals mijn moeder en daarvoor mijn oma al zeiden: ”Spin in de morgen brengt kommer en zorgen”. Op de metalen sixtieslamp boven de eettafel ligt stof dat zich de winter heeft eigen gemaakt en met een theedoek (schoteldoek voor de Vlamingen) die straks toch in de wasmachine gaat, sla ik de stofdraden weg aan het plafond. Zo’n dag is het. De soort dag waarop iemand ooit dacht: Laat ons de lenteschoonmaak uitvinden.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

Over intrusies en andere kleine schrikjes van het brein.

Onlangs las ik in “spychologie magazine” ...je weet wel het online tijdschrift waar Freud, Jung en ander andere “spychologen” elkaar ontmoeten, iets over intrusies, bizarre gedachten en mini-scenario’s die nergens op slaan, maar toch even langskomen. Het ergste, ik zie alles gebeuren. Mijn brein is blijkbaar een fulltime regisseur van rampenfilms met een zeer beperkt budget. Zoals:

******

  1. Wat als ik een traptrede mis en de trap afval met mijn volle wasmand.
  2. Wat als ik op mijn fiets in volle vaart een helling afrij en mijn voorwiel  komt in een gat op de weg terecht.
  3. Wat als ik in het openbaar vervoer aan de noodrem trek? Gewoon  omdat ze daar zo uitnodigend hangt.
  4. Wat als ik mijn sleutels boven een straatputje laat vallen en pats, erin.
  5. Wat als ik ineens iemand in het water zie vallen. Wie springt er dan achter aan. Zou ik het zelf doen? Ik kan per slot van rekening zwemmen.
  6. Wat als ik bij het uitstappen per ongeluk tussen de trein en het perron val.
  7. Wat als ik iemand terwijl ik op de metro sta te wachten even een heel klein duwtje geef… wat als ik zelf spring. Zou het pijn doen?

******

Het zijn fracties van seconde, flitsen die opkomen en weer verdwijnen. Ik sla ze af zoals ik alle negatieve gedachten van mij afsla. Met een lichte hoofdbeweging, alsof ik een vlieg wegsla. En ga verder met de gewone dingen van de dag.

Gelukkig zeggen professionals in het artikel dat dit soort gedachten volkomen normaal zijn.

Maar soms blijft er eentje hangen.

Zoals die keer op een speelplaats, waar mijn dochtertjes samen met een paar vriendinnetjes wat rond aan het fietsen waren. Vlak bij de ingang liep een steile weg naar beneden. En toe gebeurde het, één van de vriendinnetjes reed gevaarlijk dicht bij de rand. In plaats van snel naar het kind te rennen stond ik erbij als verlamd, maar in gedachte zag ik het helemaal voor me, het meisje dat in volle vaart naar beneden reed, een complete scene met gegil en tranen.

Haar moeder was net op tijd om haar tegen te houden. Mijn lichaam had gekozen voor de bevries-stand, terwijl mijn brein al drie stappen verder was. De verwijtende blik van de moeder zal ik nooit vergeten. Zo’n blik die zegt: “Echt? Jij stond hier gewoon…te staan?” Ik voelde mij zichtbaar in mijn stilstand, betrapt in het nietsdoen alsof ik iets had fout gedaan.

Maar nu weet ik: dat bevriezen is net zo normaal als die intrusies. Het brein dat even niet meer weet of het moet springen, grijpen of wachten. Een fractie van een seconde waar alles tegelijk gebeurt en niets tegelijk lukt.

En eerlijk? Dat vind ik ergens geruststellend. Mijn brein mag dan af en toe rare dingen doen. Maar blijkbaar ben ik gewoon mens. Een mens met een levendige verbeelding, een scherp oog voor wat er mis kan gaan, en een zenuwstelsel dat soms even op pauze drukt.

www.ggznieuws.nl/veel-mensen-hebben-last-van-intrusies-bizarre-gedachten-aan-iets-wat-je-niet-wilt/

Geschreven door Loewiesa om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht

Mijn heimelijk pleziertje

Ik kijk naar Thuis. Sommige van mijn Vlaamse vrienden halen daar hun neus voor op. Niet cultureel genoeg in hun ogen en ze kijken met die zuinige blik van lichte verontwaardiging en superieure glimlach. Maar ik, ondertussen alles schaamte voorbij, ik kijk. En ik kijk graag. En als ik niet kan kijken dan neem ik het op, of ik kijk terug. Een dag zonder Thuis, is een dag niet geleefd.

Mijn kennismaking met Thuis was trouwens geen bewuste keuze. Ik werd er in 2000 ingeloodst door mijn toenmalige Gentse vent, inmiddels al lang weer ex, die vond dat een degelijke inburgering in Vlaanderen niet kon zonder “F.C. de Kampioenen”. En “Thuis”... Dat hoorde bij het pakket. 

In het begin moest ik vooral wennen aan het taalgebruik, ik keek in die tijd nl zelden naar de Vlaamse tv. Met mijn Franse echtgenoot bevond ik mij eerder in een Franstalige inburgering: de televisie stond vrijwel uitsluitend op de Franstalige zenders. Alleen wanneer hij er niet was, keek ik naar Engelse series of de een of andere kookrubriek.

Vlaamse televisie was voor mij iets uit een ander universum. In mijn jeugd keken we er thuis nauwelijks naar. Behalve op zondagavond, wanneer Kapitein Zeppos en Johan en de Alverman ons toch voor het Vlaamse scherm kregen.

Ik kende ook geen Vlaamse zangers, Nou ja wel eens van Will Tura gehoord en van Eddy Merckx, maar verder…? Nederlandstalige muziek was sowieso niet “hip” bij mij en mijn leeftijdsgenoten. Wij waren Rock, Blues & Soul. Boudewijn de Groot, Rob de Nijs (kon nog net) en dan hield het wel op.

Bij sentimentele liedjes als “Huilen is voor jou te laat” van Corry en de Rekels en andere "noodnummers" ging de radio resoluut even uit, al kan ik dat nummer en veel anderen van dat soort liedjes nog steeds woord voor woord meezingen. Want zo werkt het geheugen: selectief, koppig en soms genadeloos.

Maar goed, "Thuis". Ik kijk dus naar “Thuis” Dat heimelijk pleziertje waar ik me niet meer voor schaam. Wat ooit begon als bijna verplichte kost en waar ik zo aan moest wennen, werd langzaam een bijna antropische fascinatie. De taal, de manier waarop conflicten altijd iets te snel worden opgelost of net iets te lang blijven sudderen.

En dan zijn er de personages van wie ik sommigen “haat” als ik alleen hun kop al zie, met een bijna gênante intensiteit, omdat ze mij doen denken aan mensen die ik ken. Mensen die ik zelf liever niet (meer) in mijn omgeving heb. Thuis is soms als een spiegel die zich elke avond voor mij neerzet. En ik herken en zucht…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

De kunst van het wegkijken

Onderstaande tekst heb ik al eerder gepost in 2011 en na zoveel mogelijk verkeerd geplaatste komma’s op andere verkeerde plaatsen neergezet te hebben en wat spaties heb verwijderd vind ik dat het nog steeds kan.

Ondertussen zijn er de moeders met hun smartphone bijgekomen. Hun kinderen zitten smekend om aandacht in hun kinderwagentjes, hun speeltje ligt op de grond, maar moeders is bezig. Moeders scrollt met haar lange, lelijke, onpraktische, fluonagels en deelt haar drukke leven op het internet.

Er stapt een vrouw in de bus. Ma Flodder in hoogsteigen persoon vergezeld door een stel kleine flodders.

Een van de kinderen, een jochie van een jaar of zes naar ik schat aan de ontbrekende voortanden, doet het waarschijnlijk nog in zijn broek te horen aan de honende opmerkingen, die zijn twee broertjes, zusje en zijn moeder maken. De laatste zou toch beter moeten weten, denk ik dan. Hij wordt bespot, uitgelachen, uitgescholden en vernederd en moeders doet mee. Het kind kijkt schuw naar beneden, alsof hij zich kleiner probeert te maken dan hij al is. Ik heb met het ventje te doen. En ik erger mij aan het wijf dat voor zijn moeder moet doorgaan.

Tegenwoordig heb je voor alles een diploma nodig. Zelfs indien je een carrière als schoonmaakster ambieert moeten er testen afgelegd worden. Hoe belangrijk is het immers om te weten of je beneden begint, ergens in het midden, van boven of toch maar ergens van onderen. Ik ken trouwens iemand met een hogeschoolopleiding die voor dit examen gezakt is. Dit even terzijde.

Maar ik ben laf, zoals de andere mede busreizigers die voor zich uitkijken en niks horen.

Bang voor een grote bek van het lelijke wijf met haar lelijke smoel. Zo van: “Waar bemoei jij je mee, trut “Et de quoi je me mêle?”

Ik hou lafhartig mijn mond.

Geschreven door Loewiesa om 19:15 4 reacties Reageer op dit bericht

Meer van Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

↑ Terug naar de berichten