Naar de inhoud

Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

seniorennet.beseniorennet.be
Welkom op mijn webblog :-)

Gedachtespinsels en andere kronkels

Alarm

Gistermorgen, tijdens de ochtendwandeling met onze Cesar door onze wijk klonk er uit één van de huizen een schel piepend geluid. Ik herkende het geluid meteen.

En nee, dit was geen autoalarm of het alarm van een huis, zoals één van de sorellas dacht toen ze uit haar huis in dezelfde wijk was gelopen omdat ze Cesar had horen blaffen. Hij reageert namelijk op elk alarm, echt elk.

Thuisgekomen dacht ik, hierover heb ik toch ooit iets geschreven? Ik heb het opgezocht, het was in 2009. En het blijkt nog verrassend actueel:

"Nachtelijk avontuur" 11/08/2009

Afgelopen nacht om 3.04 wakker geworden door een akelig piepend geluid. Ik vloog meteen rechtop, hartslag in sprintmodus. De rookmelder in het halletje boven stond te krijsen. Dat was eventjes schrikken. Maar natuurlijk brandde het nergens en ook van rook was er geen sprake.

De gebruiksaanwijzing, die ik ooit “heel goed” had opgeborgen, zonder hem gelezen te hebben uiteraard was nu handig geweest. Het irritante geluid begon me ondertussen al goed op mijn zenuwen te werken en het leek mij het meest logische, om het irritante ding eens van dichtbij te bekijken zodat ik kon zien hoe ik hem het zwijgen kon opleggen.

Op de bovenverdieping heb ik niks om op te gaan staan, behalve een bureaustoel op wieltjes en een krakende pauwentroon, nog uit de tijd van Emanuelle. Nu niet bepaald geschikt om er halsbrekende toeren op uit te halen. Dus moest ik om 3.06 naar de garage om er een trapje te gaan halen.

Enkele minuten later hield ik de nog steeds krijsende rookmelder in mijn handen. Hoe ik ook draaide, duwde of smeekte, het stomme ding gaf geen krimp. Ik heb er zelfs ingeblazen want dat wil ook wel eens werken, zo heb ik eens een video “gerepareerd “door er simpel in te blazen (in sommige reparatie centra doen ze dat ook, blazen, en daarna schrijven ze een rekening uit.) Maar helaas, dit exemplaar was immuun voor mijn talent.

Dan maar de batterijen eruit. Alleen…daarvoor had ik een kruisschroevendraaier nodig. En natuurlijk kon ik die nergens vinden. En ik vervloekte de persoon die hem niet had teruggelegd op de plek waar hij had moeten liggen. Ondertussen waren alle vijf honden in de buurt wakker en mijn rochelende buurman* hing al half uit het raam een geïrriteerd "stilte" en "laat me slapen" gesis de nacht in te blazen.  

Heel even heb ik overwogen om de rookmelder in een bak water te dompelen om van het gepiep verlost te zijn. Maar ik zag het al gebeuren, dat pesterige ding zou waarschijnlijk nog kunnen zwemmen ook.

Uiteindelijk heb ik hem in een oude poetsdoek in de werkbak gelegd. Het gepiep klonk gedempt, maar niet verslagen.

Toen ik vanochtend om 8.00 de garage binnenkwam kwam hoorde ik het alarm nog steeds stilletjes protesterend piepen vanuit de poetsdoek.

Volgens de gebruiksaanwijzing, die ik ondertussen teruggevonden èn gelezen heb piept zo’n ding ook als de batterijen op zijn.

Beneden hangt er nog eentje, ze zijn alle twee indertijd op dezelfde dag opgehangen, ik ben benieuwd, vannacht...

Ondertussen weet ik dat sommige dingen met batterijen gaan flikkeren, wanneer de batterijen bijna op zijn. Sommige mensen trouwens ook…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 Reageer op dit bericht

13 reacties op dit bericht

meeuw23 april 2026 om 07:20

laat de zon nu maar komen !

Cung-Bach-Duong-hop-mau-gi-de-sung-tuc-ca-doi-hinh-anh.jpg
geniet van het leven
vrij en blij
kleur elke dag mooi   !
liefs meeuw
Steffie22 april 2026 om 18:54

Loewieza

”Ondanks die wind was het vandaag een mooie & zonnige Lentedagje !
Konden we morgen nog zoiets krijgen daar zouden we zeker geen “ neen “ tegen zeggen !
Maar nu de avpnd valt nog dit ...

e2.jpg

Een vriendelijk groetje
...liefs !

Jos22 april 2026 om 10:12

Lieve woensdaggroetjes voor al mijn blogvrienden en vriendinnen !!!

oie-2283026GFw82g3S

Goedemorgen beste vrienden en lieve vriendinnen.Vandaag krijgen we een wolkenloze hemel zodat het zonneke zijn volle goesting kan doen,doch het word wel geninderd door een venijnige wind en we krijgen 19 graden.Ik hoop dat Jullie er mogen volop van genieten en dit met vele lieve en hartelijke lentegroetjes vanwege Jullie blogvriend Jos.Zonnige woensdag lieve Loewiesa.

Ingrid , 22 april 2026 om 07:15

Dag Loewiesa

Pfff heb ik ook ooit eens gehad maar dan overdag ,, en mijn hondje wist niet waar hij moest kruipen ,, zo hard en schel geluid ;; ja de batterijen zijn dan bijna op dat weet ik ondertussen ook ,, maar we kijken toch niet elke dag naar die dingen want heb er ook meer als een pfff

22-4-2026
Een groetje op deze woensdag ,, ze beloven ons een dagje met het zonnetje erbij ,, geniet ervan met een vriendelijke groet Ingrid ,
Annie & Rogier22 april 2026 om 07:14

Ook eens meegemaakt 's nachts, met een borstelstok kunnen afduwen

meeuw22 april 2026 om 07:01

liefs op deze mooie dag !

1b6eb31c17c1c54c906b9cfb46e1f6b8.jpg
volg die vlinder niet
ze zoekt haar eigen weg
laat haar fladderen
de vrijheid tegemoet   !
liefs meeuw
Steffie21 april 2026 om 17:51

Loewieza

”En we hebben toch weer wat zon gezien vandaag !
Ook al was het maar nu en dan even tusen die wolken komen piepen ... ze was er !
Maar nu mag ze rustig een dutje doen want het is avond daarom ook voor iedereen ...

a5.jpg

Een vriendelijk groetje en bedankt voor het bezoekje
Was ver van warm hier tegen aan de kust met die scherpe wind !...liefs !

Ikke is er weer21 april 2026 om 17:31

hahaha sorry niet gemeend maar herkenbaar en nee erg hoor midden in de nacht

Dirk21 april 2026 om 14:19

Water-gitaar.jpg

Goedemiddag het is best mooi weer vandaag.
Ben nog even met de fiets weg geweest.
Het is fris op de fiets en veel wind dat maakt het fris.
Maar kan je kunt niet altijd de wind in de rug hebben.
Wens u nog een fijne week
gr.Dirk

Jeannine.L21 april 2026 om 10:46

Lieve en de beste groetjes van Jeannine.L.

een mooi verhaal met heel veel waarheid Loewisa

cooltext506462495296096
Maarten21 april 2026 om 10:14

En nog steeds gepiep?

José21 april 2026 om 09:36

Goede morgen Loewiesa

01-al-flowers-button
Een mooie en gezellige dinsdag
maak er een leuke dag van
Liefs José

vervelend is dat he, komt dat de batterij bijna leeg is dan gaan ze piepen, heb ik ook gehad, wat een scherp geluid was dat, hopelijk heb je er vannacht geen last van

Jos21 april 2026 om 09:01

Lieve dinsdaggroetjes voor al mijn blogvrienden en vriendinnen !!!

oie-2175533Q8k-Nd-F9b

Goedemorgen beste vrienden en lieve vriendinnen.We beginnen met een zware bewolkte hemel maar langzaam zal de zon haar weg vinden tussen dit kluwen van wolken en zal zich na de middag uitdrukkelijker laten zien.Er is weinig of geen wind,het blijft droog en we krijgen 16 graden,dus een perfecte dag voor een stevige wandeling of een gezellig fietsritje of een marktje doen met een terrasje.Zou ik eindelijk terug wat kunnen genieten van mijn terras deze namiddag.Ik wens Jullie een mooie dinsdag toe en dit met vele lieve en hartelijke groetjes vanwege Jullie blogvriend Jos.Fijne dinsdag lieve Loewiesa.Tis niet erg,dat komt omdat de batterij van Je rookmelder plat is ( ten einde ).

Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Tussen één en drie

Even na één uur word ik wakker. Mijn knie doet pijn. Ik draai mij naar links, naar rechts, op mijn rug, kussen tussen mijn knieën, kussen onder mijn knie, kussen overal. Alles is even pijnlijk. Ik voel mijn hart kloppen in mijn knie als een soort metronoom.

Ik krijg zin om een potje te huilen van ellende en van vermoeidheid maar zelfs daar weigert mijn lichaam aan mee te werken. Want wat heeft huilen voor zin, zo zonder publiek.

Ten einde raad strek ik mijn pijnlijk been kaarsrecht naar boven, richting het plafond. Mijn nieuwe yogapose: de wanhopige kaars. Tot mijn verbazing werkt het, alsof er tussen de botten een smalle strook vrijkomt, net genoeg om de pijn even weg te laten glijden. Ik maak zelfs wat bewegingen als een nachtelijke gymnast. Was het maar mogelijk om zo in slaap te vallen met mijn been als een vlaggenmast in de lucht.

Wanneer ik mijn been na een paar minuten weer laat zakken is de pijn terug. Ik sta op, pak een glas water en een paracetamol. Nog even een plasje en hup terug mijn bed in. Nu ik er weer even op gelopen heb, is de pijn nog heviger dan voorheen. Ik zoek en draai opnieuw: kussen hier, kussen daar, adem in, adem uit, probeer te ontspannen. om de paracetamol zijn werk te laten doen. 

Ergens rond drie uur val ik eindelijk in slaap om tegen kwart voor acht weer wakker te worden. Mijn knie slaapt nog, maar wordt wakker wanneer ik een kwartiertje later als een redelijk fitte honderd jarige de trap afloop.

Ondertussen is mijn zoon hier ook aangekomen, ongetwijfeld om te controleren of zijn moeder nog leeft.  Hij heeft de “nacht gedaan” en heeft croissants meegenomen. Hij heeft bij aankomst de tv aangezet, zoals gewoonlijk een Franse nieuwszender, want blijkbaar moet de wereld op zondagochtend dringend gered worden. Ik, die dacht de zondagmorgen in stilte en kalmte op te bouwen ben meteen in een auditieve storm beland.

Terwijl hij in de keuken koffie zet, luistert hij op zijn telefoon naar een podcast. De jeugd van tegenwoordig: drie geluidsbronnen tegelijk en geen spier die protesteert.

Ik zit aan tafel, daar ergens tussen in. De geluiden, de stemmen, het nieuws, de podcast die door de keuken zweeft en mijn pijnlijke knie die nog steeds haar eigen noodsignaal uitzendt, het maakt mij horendol…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 12 reacties Reageer op dit bericht

Lente in mijn tuin

Acht jaar geleden deelde ik op Facebook een paar foto’s van mijn bloeiende borders onder de kop “Lente in mijn tuin”. In navolging van die ene trut, u kent het type wel, met een tuin vol met tuincentrum plantjes. Keurig in het gelid. Geen enkel sprietje onkruid. Een gazon dat eruitziet alsof het dagelijks wordt gestreeld en waar geen grasspriet durft af te wijken van de norm. En ergens in haar schuur een voorraad oude Roundup waar menig landbouwbedrijf jaloers op zou zijn, En natuurlijk neerkijkend op iedereen die het anders doet. 

Zucht… Facebook haalt al het slechte in de mens naar boven. Gelukkig heeft ze zichzelf al jaren geleden ontvriend en mij zelfs geblokkeerd, waarschijnlijk om geen enkel risico te nemen dat mijn onkruid nog bij haar binnenkomt, en ze leest hier ook niet, dus het mag.

Er kwamen zelfs een paar reacties, zoals een ongeïnteresseerde blauwe like van de trut. Zo’n like die eigenlijk wil zeggen: “Ik heb het gezien, maar verwacht geen compliment.”Maar ook van Rita, die schreef:

“Gij hebt precies veel groene vingers Loesje, moest ge u ooit vervelen…slechts 1 adres.”

Ik keek eens naar mijn vingers… “Meestal koop ik een plant, graaf een gat, plant erin en dan: doet ie het of doet ie het niet. Meer tuinierkunde heb ik niet in huis. Ik ben een luie tuinierster” schreef ik terug.

Maar Rita liet zich niet afschrikken: Ze heeft 1500 vierkante meter kleigrond waarin alles verzuipt, kilometers akkerwinde, heermoes dat zich gedraagt als een ideologie. Volgens de spirituele betekenis herstelt het kruid je met de bron en brengt het oervertrouwen in jezelf en in het grote geheel en ondersteunt het je vooral in periodes waarin je niet lekker in je vel zit. Ik zou zeggen, Rita profiteer ervan.

Er groeien ook wilde aronskelken die door vogels verspreid worden alsof het propaganda is en een gazon dat intussen vervangen is door mos en moedeloosheid. “Het begint hier stilaan op een wildernis te gelijken” schreef ze verder. Leve puur natuur, helaas trekt het op niets.

Ik antwoordde dat ik de strijd tegen onkruid al lang heb opgegeven, sinds ik ergens heb gelezen dat mos één van de oudste landplanten is, met een geschiedenis die meer dan 400 miljoen jaar teruggaat. Nog voor de dinosaurus.

En... dat is een uitstekend argument om mijn eigen luiheid te legitimeren. Wie ben ik om zo’n oeroude levensvorm uit mijn gazon te willen verbannen? Respect voor de ouderen, denk ik dan.

Rondom mijn grasveld zijn borders gemaakt. Wat lavendel, rozen, bodembedekkers, hortensia’s, bamboe, laurier. Dingen die blijven leven zonder dat ik er dagelijks een Peptalk tegen moet houden, behalve af en toe een snoeibeurt, daarbij geholpen door onze trouwe Cesar, die elke afgevallen tak inspecteert alsof hij de hoofdtuinman is.

Gaten graven doet hij trouwens ook, al is dat meestal op plekken waar ik geen plant had voorzien. Teamwork, maar dan op zijn manier.

Jaren geleden een zakje myosotis gezaaid, Dat heb ik geweten, het komt overal terug. Mijn buren zijn mij er dankbaar voor.

Toen ik hier pas woonde ging de kerstboom met kluit de tuin in, Het ene jaar lukt het, het andere jaar niet. Ik ben daar mee gestopt en de bomen ook. Ze zagen het bos niet meer. 

Een paar jaar geleden zelfs een stukje grond omgespit en een moestuin begonnen. Niet te groot zodat het geen strafkamp wordt. Ik doe maar wat en ik ben blij en dankbaar als er iets groeit.

Misschien is dat de enige gezonde houding in het leven. Plant iets, kijk wat het doet, en laat de trut met haar Roundup maar denken dat zij controle heeft.

Geschreven door Loewiesa om 11:44 13 reacties Reageer op dit bericht

In de bloei van mijn aftakeling

Ondertussen ben ik terug bij de specialist geweest voor mijn pijnlijke knie. Nieuwe onderzoeken? Nee hoor. Die worden niet meer gedaan vanwege besparingen.

“Ben oui, ma fille, c’est le temps,” zei mijn dokter, met die toon die tegelijk troostend en onverbiddelijk is. Het was duidelijk, hij durfde het woord “oud” niet uit te spreken, dus liet hij de tijd het vuile werk doen. Maar de boodschap was ontvangen, Ik ben oud. Ook al vertik ik het om me daarbij zomaar bij neer te leggen.

Want ik wil zijn zoals de nieuwe senioren uit de advertenties die “bruisend” door het leven gaan. Zoals die mensen die lachend in een appel bijten omdat hun kunstgebitlijm zogezegd alles kan, die op e-bikes naar de fitness zoeven, en ondertussen doen alsof ouder worden een lifestylekeuze is. Sommigen slikken zelfs VitaePro om “gezond oud te worden”,alsof het een kwestie is van één capsule en een glimlach. 

En ook ik wil nog dagelijks bewijzen dat ik superfit, actief en geestelijk jong ben. Gewoon omdat ik het waard ben. Maar hier klonk toch even een stukje realiteitsbesef.

“Viens” zei hij terwijl hij zijn arm naar mij uitstak. Het klonk nog net niet als “Kom, moedertje”. “Het heeft de vorige keren goed geholpen dus we gaan er weer voor.”

Hij glimlachte vriendelijk, ik glimlachte terug, en mijn knie kraakte instemmend.

Ik werd naar de behandelruimte gebracht en mocht met ontblote knie op de tafel plaatsnemen.

De verpleegster legde het bakje met daarin de spuit voor de infiltratie met hyaluronzuur, een pleister en een ontsmettingsmiddel klaar. De rekening, vorige keer 130 euro per spuit, wordt later opgestuurd en niet terugbetaald door de mutualiteit. Met het gedoe in de Straat van Hormuz zal de prijs nu wel weer gestegen zijn. 

En nu is het pijnlijk afwachten tot het spul werkt, als het nog werken wil tenminste.

Het voelt een beetje alsof ik mijn knie een laatste kans geef om zich te gedragen, zoals je een puber nog één keer streng toespreekt: “Dit is je moment, meisje. Ik begin mijn geduld te verliezen. Maak er iets van!”

Maar voorlopig blijft hij mokken. Aan het eind van de maand mag ik weer…voor een tweede spuit.

Ondertussen blijf ik stappen. De eerste vier kilometers zijn ellendig, maar daarna doet mijn knie alsof hij nooit moeilijk heeft gedaan en ik mij alleen maar aanstel.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 17 reacties Reageer op dit bericht

De man met de koffer (de hoboseksueel)

Dat een mens dagelijks nog bijleert is geweten. Zondagmorgen ging het op de Franse nieuwszender LCI voor de verandering eens over een wat luchtiger onderwerp. Het ging er over Hoboseksuelen. (Niet te verwarren met homoseksuelen) Een hoboseksueel is een samenvoeging van “hobo”, zwerver/landloper en seksueel) een slangterm voor iemand die een romantische of seksuele relatie aangaat voornamelijk om gebruik te maken van de huisvesting van de partner.)

Zo werd er uitgelegd dat een hoboseksueel niet zozeer op jou valt, maar vooral op je huis, je sofa, je wifi, je koelkast, je wasmachine, en je voorraad wc-papier. Een romantische koekoek dus, charmant, zacht, en voor je het weet zit hij in je nest.

Ik moest vreselijk lachen, net als de voornamelijk vrouwelijke journalisten aan de talkshowtafel, die het fenomeen duidelijk herkenden. Ooit heb ik namelijk ook zo eentje gekend. Ik heb er hier op dit blog destijds zelfs over geschreven. Alleen zag ik toen de rode vlag nog niet. En toen hij mij inruilde voor een verpleegster, heb ik er zelfs een paar traantjes voor gelaten. Niet omdat ik hem miste, maar omdat ik kwaad was dat ik het zo laat pas doorhad .

Het begon nochtans charmant. Het eerste uitje, een glas wijn, een etentje, een gesprek dat verrassend soepel liep. Toen het moment van afrekenen kwam had hij zijn portemonnee vergeten. Geen probleem dacht ik. Dat kan gebeuren.

Hij beloofde alles “bij de volgende dates” terug te betalen. De toekomst was al gepland, ik had het alleen nog niet door.

Een week later kwam hij mij thuis opzoeken. Ik hoorde zijn auto op de oprit en zag hem een grote koffer uit zijn achterbak halen. “Wat is die van plan?” was mijn gedachte. Noem het een sterk binnenkomen.

Hij overspoelde mij met aandacht, vertelde dat hij nog nooit zoiets gevoeld had en stelde voor te gaan samenwonen. Hij sprak zelfs van trouwen.  En ergens fluisterde een stemmetje in mijn hoofd dat dit geen romantiek was, maar een financieel plan in vermomming zoiets als: ” jouw schulden zijn mijn schulden”.

Uiteindelijk bleek hij, de hoboseksueel , met koffer en zonder portemonnee, nog ambitieuzer dan ik dacht. Hij vond namelijk “iets beters”.

Een beter huis, platvloers, en een vrouw die in de verpleging werkte en veel “huishoudelijker” dan ik, want ik schreef en ging liever wandelen dan dat ik zijn sokken alfabetisch ordende.

Het was alsof hij niet zozeer op zoek was naar liefde, maar naar een zorgplan met een bijbehorende infrastructuur. Het fascinerende aan hoboseksuelen is dat ze oprecht geloven dat ze romantisch zijn. Ze zien zichzelf als een soort moderne troubadour: reizend van hart naar hart, van sofa naar sofa, met een koffer vol goede bedoelingen en een licht gebrek aan grenzen.

En nu ik het woord hoboseksueel ken, voel ik me eindelijk gewapend. Gewapend tegen mannen die eigenlijk alleen een verpleegster of een huishoudster nodig hebben of gewoon een k** die kan koken. En vooral een vaste plek op de sofa waar hij zich zonder schaamte laat bedienen. 

Taal is macht. En soms is één woord precies wat je nodig hebt om een (oud) patroon te herkennen.

En laat ik vandaag nu eens iets lezen over een man die onder toezicht staat en dus geen cent te makken heeft. En die in de grootwarenhuizen met beschaamde kaken gedwongen wordt al zijn boodschappen terug te geven, omdat zijn schamele leefloon binnen de dag op is. En wat schrijft hij op Facebook? Dat hij via Parship weer wil gaan daten “om liefde te geven en te krijgen”. Hij is in de zeventig, gezond en wel, intelligent en met toekomstperspectief, schrijft hij.

Ik moest lachen. Soms kondigen nieuwe hoboseksuelen zich gewoon zelf aan.

En ik, ik beklaag de nieuwe eventuele partner die straks denkt dat ze liefde krijgt maar eigenlijk gewoon een financieel project adopteert. 

Geschreven door Loewiesa om 00:00 15 reacties Reageer op dit bericht

Hoe ik in een leven terecht kwam

En op een dag had hij een ring gekocht en vroeg hij mijn hand aan mijn ouders. En ik… Ik zat erbij, en ik keek ernaar en liet alles gebeuren, stomverbaasd en sprakeloos. Mijn ouders zeiden “ja”. Hun missie leek bereikt. In de jaren zeventig gold het huwelijk nog altijd als de ultieme levensbestemming en het hoogste doel voor een vrouw. Al begon de feministische golf die overtuiging al flink te schudden. Of was hun enthousiasme eerder strategisch…?

Vanaf dat moment draaide alles in mijn leven om een uitzet en over het draaiboek van de trouw. Ik weet nog hoe totaal niet geïnteresseerd ik was in al die toestanden. Moest dat nu echt? Al die rompslomp. Mijn collegaatjes bij de bank, waar ik indertijd werkte en van wie sommigen al jaren verloofd waren, waren nog enthousiaster dan ik en strooiden met advies.

Ik was verliefd en verward. Pas veel later zou ik leren dat verstand inderdaad met de jaren komt, en dat je beter geen beslissingen neemt wanneer je verliefd bent. Natuurlijk, hij was lief en goed voor mij, droeg mij op handen, beloofde me de sterren en de maan. En ik…ik wilde het ogenschijnlijk saaie leven van mijn ouders niet... Ik wilde passie en avontuur. En dat kreeg ik. Het universum had duidelijk zijn eigen manier om mij op mijn wenken te bedienen. Al was het niet bepaald de versie die ik had verwacht...

We zouden in Maisons-Laffitte gaan wonen, een klein stadje zo’n 20 km ten westen van Parijs, waar hij werkte. En ik was klaar voor het avontuur. Een sprong in het diepe.

Het vervolg leest u over twintig jaar in mijn memoires.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 11 reacties Reageer op dit bericht

Une belle histoire

Twee bloglogjes geleden schreef ik hoe ik kennis maakte met België en hoe het universum mij iets probeerde duidelijk te maken. Dat duidelijk maken van het universum is natuurlijk een vrije interpretatie, zoals die ene keer toen ik met drie schoolvriendinnen eens bij een handlezeres op een Amsterdamse kermis binnenstapten en waar ik te horen kreeg dat mijn plaats van overlijden ver van mijn geboorteplek zou zijn. Nu zit ik daar niet meer mee in, maar als jong meisje op de smalle “route Napoleon”, op weg naar het zonnige zuiden of terug naar het grijze noorden, met opeens een tegenligger gevaarlijk dicht in zicht, dacht ik wel eens terwijl ik mij achteroverdrukte in de zetel: “En nu gaat het gebeuren”. De handlezeres krijgt gelijk. 

Op één van die vakanties aan een Spaanse Costa heb ik trouwens mijn toen toekomstige echtgenoot ontmoet, een jonge fransman. Blond en met blauwe ogen, alsof ik daarvoor helemaal tot in het zuiden had moeten reizen. Wij brachten samen met een paar leeftijdsgenoten de vakantie door en tussen ons klikte het al gauw. Alles wilden we van elkaar weten, we genoten van de gouden stranden, de turquoise zee en maakten de gekste plannen en geen van beiden dacht aan de tijd… Op de laatste avond van de vakantie werden er adressen uitgewisseld en er werden traantjes gelaten.

Mijn toekomstige echtgenoot bleek hardnekkig. Bij mijn thuiskomst lag er al een brief en vele brieven zouden komen. Er bestond toen nog geen Google-translate en elk woord dat ik niet begreep werd opgezocht in het woordenboek. Mijn Franse leraar van het middelbaar zou trots op mij zijn geweest. Mijn toekomstige echtgenoot had zich ook een Frans-Nederlands woordenboek aangeschaft, vastbesloten om zich in mijn taal te oefenen, Gewoonlijk sloot hij zijn brieven af met een:“Je t’embrasse.” Maar deze keer had hij gewapend met het woordenboek, een ambitieuze poging gewaagd en stond er: “Ik je gordijnophanger”.

Hoe krom die zin ook was, voor mij voelde het onmiskenbaar als een liefdesverklaring.

Wordt (misschien) vervolgd

Geschreven door Loewiesa om 00:00 7 reacties Reageer op dit bericht

Het Meesterwerk

En op een dag schrijf ik een boek. Het idee kwam toen ik weer eens zo’n zelf uitgegeven familieverhaal onder ogen kreeg. Verhalen over tante Mien, ome Jan en z’n mallemoer doorspekt met anekdotes over “den vreemde” waar nooit iets gebeurt behalve dat men er ooit een geit heeft gemolken en toen van de kruk gleed. Hilarisch volgens de schrijfster. Ik wacht nog steeds...

Als zij dat kunnen, dan doe ik dat ook wel even, dacht ik, en beter.

Alleen niet in eigen beheer, Ik heb geen leger plattelandsvrouwen achter mij dat uit pure beleefdheid mijn boek koopt om het vervolgens als pannenonderzetter te gebruiken of om een wiebelend meubelstuk waterpas te krijgen.

Het ligt ook niet in mijn stijl om, zoals één van die Facebookeurs, die mij ooit een vriendschapsverzoek deed en omdat wij gezamenlijk vrienden hadden, ik dat verzoek accepteerde. Ik dacht nog “leuk” maar dat werd het niet. Het ging namelijk maar om één doel, reclame maken voor zijn boek. Ik heb het trouwens nooit gelezen, maar de uittreksels zeiden genoeg om te weten dat ik mijn tijd beter kon besteden aan het bij elkaar zoeken van de 31 paar witte tennissokken van mijn zoon.

Zoals ik al zei: dat doe ik wel even. Alleen ben ik lui. Mijn manuscript in eigen beheer zou ergens onder een stapel tijdschriften belanden, wachtend op een lezerspubliek dat nooit komt. En ja ik weet het: de brutalen hebben de halve wereld. En dat is nu net waar het schoentje wringt.

Maar natuurlijk vind ik, in mijn dromen, meteen een uitgever die laaiend enthousiast wordt van mijn schrijfsels. Een paar maanden later ligt mijn boek in alle goede boekwinkels tussen de grote namen De recensies zijn jubelend, bijna gênant. Er worden mij allerlei kwaliteiten toegeschreven waarvan ik niet wist dat ik ze had. Een invloedrijke criticus verklaart mijn boek zelfs als grote kunst, wat ik zelf nooit had durven denken en spreek hem niet tegen, want wie ben ik? En ik knik natuurlijk alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

Mijn boek verkoopt als warme broodjes en ik word uitgenodigd in de juiste programma’s. De gerenommeerde tijdschriften en kranten melden zich ook, de serieuze, de zelfverklaarde kwaliteitsbewakers, de redacties die normaal alleen schrijvers met een Nobelprijscomplex uitnodigen.

Ik leg met een bedachtzame blik uit, dat ik “gewoon schrijf wat ik zie”. "Het lijkt simpel en dat is het ook “Dus ze knikken alsof ik een diepzinnige openbaring heb gedaan. Sommigen roepen al om een vervolg. Maar laten we duidelijk zijn, dat komt er niet. Ik ben lui, weet je nog…

Ondertussen wordt mijn boek vertaald in het Frans, in het Duits en het  Engels en nog een paar talen waarvan ik de naam niet kan uitspreken en nog minder dat ik weet hoe je ze schrijft.

De uitgever en ik worden schandalig rijk. Ik koop misschien een nieuwe pen, om mijn boodschappenlijstjes mee te maken, en mijn kerst en ansichtkaarten, want die schrijf ik ook altijd nog zelf Een nieuw boek schrijven? Nee hoor. Eén meesterwerk is genoeg.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 8 reacties Reageer op dit bericht

Over Stalagmieten, Puntzakken, Sanseveria’s en Andere Belgische Mysteries

De eerste keer dat ik kennis maakte met dit land was tijdens een vakantie. Ik zal een jaar of elf geweest zijn, toen wij op vakantie in Nederlands Limburg een uitstap maakte naar de grotten van Han. Bij de grens net voor Visé veranderde het landschap al. Ik verbaasde me toen al, een prachtig landschap, maar de gebouwen, fabrieken, de huizen, wat een smerige oude meuk.

Ik leerde er niet alleen het ezelsbruggetje dat stalagmieten staan en dat stalactieten hangen, maar ook de Belgische friet en de typische puntzak kennen.

Het jaar daarna vertrokken wij (mijn ouders, mijn broertje en ik) vanuit Amsterdam met de Ami6 richting een Spaanse Costa. Om mijn Vlaamse lezers te plezieren, schrijf ik erbij, dat de auto vol zat met aardappelen, pindakaas, hagelslag, blikvoer en verse melk, genoeg voor een hele maand, want dat geloven ze graag, die Belgen. In Frankrijk zouden wij onderweg ook nog een paar keer kamperen. Maar eerst moesten we dat “k****” België” door.

In die tijd reed je niet in een paar uur over de snelweg van de ene grens naar de ander. De snelweg hield ergens bij Brussel op. Bijna dreigden we verloren te raken in één van de vele zwarte gaten in de weg, speciaal aangelegd voor ‘Ollanders met de bedoeling ze daarin te laten verdwijnen, vernam ik later uit zeer welingelichte kringen.

Maar mijn moeder had de reis tot in de puntjes voorbereid en las de kaart. Zij bepaalde de route, mijn vader voerde uit. En zo kwam alles goed...

Ik weet nog dat we door Mons (Bergen) reden, de draai maakten voor het station, richting Maubeuge, niet wetende dat ik hier jaren later nog vele malen zou komen, als bewoonster van de streek. Laat staan dat mijn schoonzoon mij hier ooit van het station zou oppikken om mijn pasgeboren kleinzoon te gaan bewonderen. Mijn twaalfjarige zelf had het nooit geloofd…

De huizen waren hier raar. Althans, dat vond ik als vervelende puber indertijd. Voor de ramen overal koperen potten met vrouwentongen of grote opzichtige Chinese vazen. Alles was even lelijk in dit land.

Op een zeker moment toen de auto even moesten stoppen voor een stoplicht en ik naar buiten keek, zag ik een raam met een door de wind zacht bewegend gordijn, als een ademtocht van het huis. Beneden liep een postbode, een bode: Met mijn hoofd tegen het autoraampje gedrukt bekeek ik het schouwspel en wist: dit was een teken!

Althans, zo leek het. Het moment was bijzonder en is mij altijd bijgebleven. Het was alsof dit moment mij een richting aanwees, zonder dat ik wist hoe en wanneer…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 12 reacties Reageer op dit bericht

Dokter is het erg...?

Chondropathie kreeg ik te horen in 2009 toen ik voor het eerst consulteerde voor mijn pijnlijk knietje; Een woord dat klinkt als een zeldzame vogelsoort, die vooral in moerassen broedt, maar dat in werkelijkheid gewoon betekent: “Uw kraakbeen is boos.” Ik mocht, moest zelfs, gewoon doorgaan met bewegen, wat ik interpreteerde als: strompel voort meisje, strompel voort…

Met nog wat extra stretch oefeningetjes en bij pijn eventueel een pijnstiller e/o een antiontstekingsmiddel werd ik de spreekkamer weer uitgewuifd.

Het knietje hield een tijdje op met lastig te zijn om een paar maanden later terug zijn kop op te steken zo van: “Oehoe! Hier ben ik weer!”

De orthopeed die eerder nog enthousiast had gesuggereerd om de verdwaalde stukjes kraakbeen eventueel via een kijkoperatie te verwijderen, wilde eerst nog iets anders proberen zodat hij zijn snij, zuig en hakmateriaal in zijn kast mocht laten.

Hij vergeleek mijn knie met een krakend en piepend scharnier dat verholpen kon worden met een druppeltje olie. En zo kreeg mijn knie een paar van die druppeltjes en liep ik een aantal jaren zonder kraken en piepen en andere blokkades weer zo vlot als een kievit.

We zijn nu 15 jaar verder. In de tussentijd heb ik beide knieën nog 2x van een hyaluronzuur injectie laten voorzien. En tot nu toe ging alles prima. Tot een tiental dagen geleden. De olie is verdampt, opgelost, verdwenen in de nevel der tijd. Ik loop op mijn velgen, mijn hoofd is dof van de pijnstillers en mijn tred is die van een honderdjarige die weigert toe te geven dat ze moe is…

“Misschien krijg je een nieuwe knie”? Opperen mijn vriendinnen, alsof het om een nieuwe handtas gaat en dan vertellen ze me van iemand die ze kennen die iemand kent die zo’n operatie heeft ondergaan. Ik kijk er al bijna helemaal naar uit. Woensdag heb ik een afspraak…

Geschreven door Loewiesa om 09:14 8 reacties Reageer op dit bericht

Seniorenjaren

Sinds 2019 is ons gezin uitgebreid met een hond: Cesar, een gekruiste Americain Stafford door mijn zoon uit het asiel gehaald. Mijn zoon, die op dat moment al zijn eigen stek had, droomde als kind al van een hond van dit ras. Ik heb het toen altijd tegen weten te houden. Niet uit hondenhaat maar uit een nuchtere vrees voor het gedoe dat zo’n beest met zich meebrengt. Maar de zoon deed uiteindelijk wat zonen doen: hij volgde zijn eigen zin. En zo stond hij op een dag met Cesar voor me, liefde op het eerste gezicht, dat was meteen duidelijk. Cesar was langs de kant van de weg gevonden. Waarom zijn vorig baasje hem nooit is komen afhalen zullen we nooit te weten komen.

Hij was toen anderhalf jaar en ik? Ik was, ondanks de ongemakken, ook meteen verkocht. Zucht...

Vanaf dat moment liep hij als vanzelf ons leven binnen, alsof hij altijd al ergens in de coulissen had staan wachten tot wij eindelijk doorhadden dat hij bij ons hoorde.

Net als zoveel honden vond Cesar vond het niet prettig om lang alleen te moeten blijven wanneer de zoon ging werken, Eerst begon hij aan de kussentjes op de bank, daarna sloopte hij de zetel. Tegen de tijd dat zoonlief weer thuiskwam had hij een tunnel gegraven richting het epicentrum van zijn verlatingsangst, ondersteund door veren, schuimrubber en een onwrikbaar gevoel van rechtvaardiging.

"Mààm wil jij op de kleine passen" stuurde mijn zoon mij een berichtje. En zo geschiedde het. Vanaf die dag werd ik uit mijn luie zetel gehaald, werd ik "Dogsit" en zorgde Cesar voor mijn dagelijks portie cardio.

Ondertussen is Cesar zijn 9e levensjaar ingegaan en wordt hij volgens algemeen begrip dus beschouwt als senior. “Misschien moet je wat minder lange wandelingen gaan maken, nu hij wat ouder wordt.” Opperde mijn zoon onlangs.

Gisteren was ik met Cesar bij de dierenarts voor zijn jaarlijks vaccin tegen leptospirose (rattenziekte) en stelde de vraag aan de dokter. En die antwoordde zoals mijn eigen arts mij een paar jaar geleden ook aanraadde toen ik last kreeg van mijn knieën. “Vooral doorgaan met bewegen! Anders slaat artrose toe.”

En dus doen we voort. De hond die mijn zoon ooit impulsief uit het asiel meenam, wandelt nu elke dag met mij door bossen en door velden. Samen schuiven we onze oude dag vooruit, in gelijk tempo…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 11 reacties Reageer op dit bericht

Uit mijn vakantiedagboek

Marmaris mei 2013

We gaan ons klaarmaken voor de avondmaaltijd in het hotel “Vanavond trek ik een nieuw jurkje aan...” fluistert de Brugse en kijkt mij samenzweerderig aan. "best wel duur..." Een lichte schok gaat door mij heen en ik denk: “oeps”.

Het is een kleedje van huppeldepup, de een of andere designer, waarvan ik onlangs bij de Amsterdamse Bijenkorf jurkjes heb zien hangen met prijzen die mijn paard niet kan en wil trekken. “Gekocht in een boetiek in Knokke,” gaat ze verder, “ik twijfelde toen ik het paste, mijn buik he? Maar de verkoopster zei dat het mij goed stond, ze raadde me ook corrigerend ondergoed aan, dus heb ik het maar gekocht”.

Mijn ervaring is, dat er maar weinig verkoopsters zijn die echt eerlijk zijn en onzekerheden vaak uitbuiten. En dat je het best op je eigen oordeel afgaat. Zit het niet goed, staat het niet goed, dan is het niet goed, niet kopen is dan mijn motto.

En daar stond ze even later in haar te korte en te kleine dure imponeer jurkje en haar corrigerend ondergoed volledig ingesnoerd. Het is een soort natuurwet: alles dat gecorrigeerd moet worden, moet ergens naar toe. Dus…In dit geval naar boven. Enfin (Gelukkig) hebben we de foto’s nog.

Geschreven door Loewiesa om 08:43 9 reacties Reageer op dit bericht

Loewiesa/Het been (met excuses aan Ellschot)

Ah, ik ben zeker gaan hemelen was mijn eerste gedachte, toen ik nog half in de zachte Ibuprofen-nevel van de vorige avond, om 6.20 mijn ogen opendeed. Ik voelde immers de pijn niet meer in mijn been. Ik draaide me nog eens om...

Maar daar was ze weer: die zeurende, uitstralende pijn die ik sinds een paar dagen heb, ergens aan de achterkant van mijn knie. Ik bleek nog steeds “alive”, maar niet “kicking”. Door de pijn kort ik alle wandelingen met Cesar in en breng ik mijn middagen door op de bank met nóg een ibuprofen, in de hoop dat het overgaat.

Als een 100-jarige strompel ik twee uurtjes later naar beneden en begin aan een bloglog over mijn lijden.

En eerlijk? Het heeft wel iets.

Een beetje sterven bij het opstaan, een beetje herrijzen tegen de middag, ’s middags bankhangen en tegen de avond alweer genoeg energie om mezelf te beloven dat het morgen beter zal zijn.

Tot die tijd oefen ik in elegant strompelen. Bij het van de trap af gaan schrijd ik zoals gewoonlijk niet, maar maak vreemde, doch altijd elegante huppelsprongetjes. Het is een kunstvorm. Uit eerder ervaringen, zie mijn vroegere bloglogs zoals “Loewiesa en de grote meniscusshow” in de categorie “ziek, zwak en misselijk” , is indertijd al gebleken dat ik hier een zeker talent voor heb.

Ondertussen hebben we een soort wapenstilstand gesloten, het been en ik: ik beweeg zo weinig mogelijk, en het been klaagt zo weinig mogelijk. Iedereen tevreden.

Onze Cesar vindt het allemaal prima. Hij weet dat hij zijn mens goed heeft afgericht: veel bank, veel snacks en af en toe werp ik zijn bal de tuin of de kamer eens door als bewijs dat ik nog leef. Proberend obstakels te vermijden stuitert de bal tegen de omlijsting van de keukendeur, kaatst terug, rolt onder de eettafel door, maakt een scherpe bocht en komt uiteindelijk tot stilstand onder de bank, precies waar ik als lijdend voorwerp lig te hangen en waardoor ik dus alsnog op mijn knieën moet.

Vervolgens komt hij met zijn buit weer naast me op de bank liggen, zuchtend, alsof hij degene is de hele dag met dat been moet rondzeulen. Als je zijn blik ziet zou, zou je hem bijna geloven. Nog even en hij sleurt het been gewoon zelf mee naar buiten, zodat ik eindelijk weer eens een frisse neus haal…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 11 reacties Reageer op dit bericht

Lumenleed

Dit logje bewijst weer eens hoe leeg mijn leven eigenlijk, want wie schrijft er nu over lampen?

Ikke dus, want watsgeburt? Gisteravond wilde ik naar boven gaan om te gaan slapen. En toe ik het licht op de overloop aanstak, zei het licht “paf” en het licht was niet meer. “Pfff “dacht ik: “dat zal voor morgen zijn”.

En toen ik de volgende dag met mijn wasmand de trap afdaalde richting de kelder waar mijn wasmachine staat zei het licht daar ook “paf” en het licht was ook daar niet meer. Terug naar boven dan maar, zoeken in mijn stock van lampen, maar helaas. Begeleid door het licht van mijn telefoon heb ik mijn wasmachine gevuld en een programma gekozen. Hoe doen blinden dat eigenlijk? Kwam even in mij op. Waarschijnlijk leren die zo’n programmaknop uit hun hoofd en weten ze precies hoeveel klikjes tot het gewenste programma bereikt is.

Vandaag ben ik dus even naar de Delhaize geweest waar ze ook lampen verkopen. De keuze is daar maar klein, waarschijnlijk bewust ingekocht voor mensen zoals ik, veel kleiner dan bij de Brico, waar ik door de bomen het bos niet meer zie. Want even een nieuwe lamp kopen zoals vroeger is er niet meer bij. Tegenwoordig moet een mens al bijna een masterclass astrofysica gevolgd hebben of afgestudeerd zijn in de lampelogie.

Vroeger had je 40 watt, 60 watt, 100 watt, en klaar! Je wist 40 watt is gezellig, 60 watt is “want ik moet iets kunnen zien” bij 100 watt” ik wil zwarte puntjes kunnen zien of kleine haartjes en daarna eventueel een kleine chirurgische ingreep willen uitvoeren”.

Nu zijn het lumen. Lumen is het nieuwe calorieën tellen. Je staat daar in het gangpad te rekenen 470 lumen, warm wit, E27,6,5 W,2700K, A+ staat er op de doos. Je moet erin geloven, anders werkt het niet.

“470 lumen”? Ja maar hoe voelt dat? Is dat “ik zie mijn trap” of “ik zie mijn trap maar ik vertrouw hem niet?”

Uiteindelijk heb ik gekozen voor twee lampen van 7W=60W=806 lumen. Volgens de verpakking is dit “warm wit”. Ik neem het voor kennisgeving aan...en nu maar hopen dat ze voor 18,89 euro jàren willen werken. 

Geschreven door Loewiesa om 09:19 6 reacties Reageer op dit bericht

In de tijd van de baas (en andere leesmomenten)

Ik heb thuis een hele kast vol boeken. Ik las al vroeg, nog voor ik naar school ging. Op verjaardagen, Sinterklaas, altijd kreeg ik wel een boek cadeau. Ik las, ik las. “Kind, je verleest je verstand nog eens ” zei mijn oma vroeger. En later kocht ik mijn boeken zelf.

En ik las en ik las in verloren momenten, in de trein, wachtend op een station, zomers onder een parasol in de tuin en zelfs op mijn werk, in de baas zijn tijd. Een paar bladzijden hier, een halve pagina daar, niemand die het merkte, behalve soms, mijn geweten, dat toen nog jong en soepel was. Achteraf vermoed ik dat iedereen het wèl zag, en dat men mij dat kleine leesgelukje allerminst gunde… maar dat terzijde.

En zo groeide mijn kast, plank na plank, tot een soort papieren biografie.

Bij een paar van mijn kennissen ben ik altijd verbaast hoe opgeruimd hun kasten altijd zijn. Er staat niets, “épuré” noemen ze dat. Strak, minimalistisch, zonder onnodige versieringen maar zoals Marcus Tullius Cicero het lang geleden al zei : ”Een huis zonder boeken is als een lichaam zonder ziel.”

Wanneer ik weer thuiskom, in de war van zoveel minimalisme, kijk ik naar mijn eigen “rommelige boekenkast”, en vraag mij af waarom ik eigenlijk al die boeken bezit.

Sommigen maar één keer gelezen, de meesten meermaals, een paar maar voor de helft... Zoals bv dat ene boek dat prachtig mooi oogt in mijn boekenkast, maar waar ik met de beste wil van de wereld maar niet door heen kom. Enkelen ken ik uit mijn hoofd, geraakt door bepaalde passages, zinnen.

Heel even voel ik mij bijna schuldig bij de gedachte dat mede dankzij mij de regenwouden het zo moeilijk hebben. Al dat papier. Wat had me ooit bezielt ze aan te schaffen? 

Even komt de gedachte in mij op om heel die boekenhandel te verpatsen. In de geest van Marie Kondo, zou ik mij moeten afvragen: maakt dit boek mij gelukkig? Wat is de toegevoegde waarde in mijn leven? Ze staan daar maar wat te staan en doen stof op.

En dan weet ik het weer, dit zijn mijn vrienden, ze boden mij gezelschap in tijden van eenzaamheid, In mijn boeken kon ik verdwijnen. Sommigen waren een bron van troost, in anderen vond ik herkenning, weer anderen een gids. Ze hebben mij gevormd, opgetild, uitgedaagd. Mijn boeken horen hier, in mijn kast, bij mij.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 9 reacties Reageer op dit bericht

een foto

2696296-dbb1647fc7c337c86cec8bdb53a4ba0f.jpg

Een foto, door een onbekende genomen. Op de foto, mijn ouders, het gezin dat wij ooit waren. Het blonde meisje aan de hand van haar vader ben ik en in de kinderwagen mijn "onzichtbare" broertje. Ik zag deze foto voor het eerst in 2016, één maand na het overlijden van mijn vader, op de Facebookpagina "Amsterdam heden en verleden vol herinneringen."

De schok, die mengeling van ontroering en dat bijna bovennatuurlijke gevoel dat je soms krijgt in de weken na een verlies. Die periode waarin de wereld nog een beetje scheef staat, en waarin elk toeval net iets te precies voelt om zomaar toeval te zijn…

Toeval? Een teken uit het hiernamaals…?

Mijn ouders hebben deze foto zelfs nooit gezien, bedacht ik, terwijl ik de fotoalbums uit die periode tevoorschijn haalde, op zoek naar “bewijzen”. Ze wisten misschien niet eens dat zij gefotografeerd werden.

Het voelt als een onverwachte erfenis, een nieuw venster op hun wereld.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 7 reacties Reageer op dit bericht

Birthday Blues

Vandaag, vijfendertig jaar geleden werd hij geboren, mijn zoon. Een mensenleven in wording en een moederleven in voortdurende heruitvinding. De laatste keer dat wij zijn verjaardag “en famille” hebben gevierd was in 2020 het beruchte Coronajaar, het jaar waarin de wereld voor velen plotseling kleiner werd, stiller, en tegelijk bijna hysterisch luid met alle nieuwsberichten en halfbakken maatregelen. Maar dat ter zijde.

Het was ook zijn eerste verjaardag in zijn “eigen woning”. Een mijlpaal die we vierden met cava, borrelnootjes, pizza, andere lekkere hapjes, een taart met kaarsjes en nog meer cava. Een eigen woning dat klinkt zo volwassen, zo stevig, alsof iemand plotseling een fundament heeft gekregen.

Deze verjaardag was dus ook een beetje een “Housewarming”. Het schijnt dat deze traditie uit de middeleeuwen komt, toen gasten letterlijk brandhout meebrachten om het huis te verwarmen en boze geesten te verjagen. In dit geval misschien de geest van zijn vader die er in 2016 dood gevonden werd en er volgens de zoon, nog rondspookte. Niet kwaadaardig overigens, maar toch aanwezig...

Een paar dagen na het feestje werden drie mensen, waaronder ik, geveld door het virus. Alsof het feestje een soort loterij was geweest, en wij de ongelukkige winnaars. En zo wordt deze verjaardag nog vaak herdacht op familiefeestjes als running joke en is voor mijn zoon een goed excuus om nooit meer aan verjaardagen te doen. “Te veel risico’s” zegt hij dan, half lachend, half serieus, half opgelucht.

Van de week moest ik even op mijn zolder zijn. Je kent het wel: je gaat voor één ding naar boven en komt met tien herinneringen terug. Mijn oog viel op de zak met de guirlandes, vlaggetjes, slingers en andere versiersels die we vroeger in de woonkamer ophingen bij een verjaardag, die kleuren, dat papier, die vrolijkheid en de vanzelfsprekendheid dat een verjaardag gevierd moest worden, en even heb ik gedacht, zal ik…?

Maar het moment trok voorbij, zoals zoveel momenten die alleen bestaan om je even iets te laten voelen, maar niet om iets te doen...

Geschreven door Loewiesa om 00:00 5 reacties Reageer op dit bericht

Den kleine Johannes

Je kent ze vast wel, die buurtboekenkastjes met het principe: je geeft er een, je neemt er een. Meestal (vaak) alleen wat oude meuk. Maar de wonderen zijn de wereld nog niet uit en zo vond ik deze in La Louvière, en natuurlijk kon ik dit pareltje van de Nederlandse literatuur niet laten liggen. "Den kleine Johannes van Frederik van Eeden" Ooit stond dit boekje op de leeslijst van veel middelbare scholen. Een ijverig iemand is begonnen de oude spelling te "verbeteren" en er is een aantekening gemaakt dat een sprookje "un conte" is in het Frans.

En zo belandde ik ineens in de wereld van Johannes: een jongetje dat met zijn vader, hond Presto en kat Simon, in een oud, geheimzinnig huis woont, omringt door een grote tuin. Hij leeft half in de werkelijkheid, half in de natuur die hem omringt...

En om een lang en mooi verhaal kort te maken, want er zou te veel verloren gaan, mocht ik hier een echt verslag van maken, zeker het bloemrijke taalgebruik, en ik snap meteen waarom het vroeger op de leestlijst stond.  Het verhaal gaat over de ontwikkeling van kind tot volwassene, van droomwereld naar realiteit. Johannes wordt in dit “sprookje” begeleid door figuren die verschillende levensfases en wereldbeelden symboliseren. Waaronder, Windekind, (fantasie, natuur), Robinetta, (de eerste liefde en de overgang naar volwassenheid), de kabouter Wistik, (dorst naar kennis en weetdrang), dokter Cijfer, (droge, wetenschappelijke kennis), de materialistische Pluizer en Hein, de Dood, En daarachter, de ongenoemde, onuitgesproken, maar onmiskenbaar aanwezig: God, het hogere levensdoel.

En dan, helemaal op het einde van het boek, staat die ene zin die alles samenvat en tegelijk openlaat: “Wellicht vertel ik u eenmaal meer van den kleine Johannes, doch op een sprookje zal het dan niet meer gelijken.”

Geschreven door Loewiesa om 00:00 5 reacties Reageer op dit bericht

Sorry dat ik ook eens iets heb meegemaakt

Ik weet dat vrienden je steunen. Dat zeggen ze toch altijd. Maar soms voelt het alsof ik een parallel universum leef waar “steunen” betekent: je verhaal onmiddellijk vervangen door het hunne.

Je begint iets te vertellen, iets kleins, iets kwetsbaars, iets dat even aandacht vraagt, en nog voor je zin is afgelopen, schuift er al een ander verhaal overheen. Ik zeg dat ik een hartgeruis* heb en naar de cardioloog moet voor verdere onderzoeken. En dan zegt zij: Mijn hond had dat ook, nu is hij dood.

En ik denk: Nou fijn, gezellig, dankjewel, dit helpt enorm.

*(Voor de zekerheid: het hartgeruis is een voorbeeld, geen actuele medische toestand.) 

Het is alsof sommige mensen een ingebouwde reflex hebben: elk verhaal is een trampoline naar eigen anekdote. Je vertelt dat je laatst lekker uit eten bent geweest, en dan krijg je te horen dat zij niet van uit eten gaan houden, want zij koken liever zelf. Ik moet dan altijd aan die ene ex denken die zich altijd ongemakkelijk voelde in restaurants. Behalve als ik de rekening betaalde, dan was het plots zijn natuurlijke habitat.

Je vertelt dat je een mooie wandeling hebt gemaakt. en vervolgens wordt je verhaal in de kiem gesmoord, nog voor het zich verder kan ontwikkelen Want zij, zij fietsen liever. En ergens in mijn hoofd fluistert een stem: Je weet toch? Wandelen is alleen voor mensen zonder ambitie of quadriceps.

Je vertelt dat je tijdens de laatste vakantie de grotten van Han hebt bezocht. En ja hoor, Zij waren een keer in Frankrijk en hebben daar drie grotten bezocht. Ik was het bijna vergeten: België is voor beginners en mensen zonder internationale allure.

En dan zit ik daar, met mijn kleine verhaal, dat blijkbaar onmiddellijk moet worden overstemd door een groter, beter, dramatischer verhaal.

En dan denk ik zoiets van: oké, sorry, dat ik iets mee heb gemaakt en het aan je vertel.

En misschien blog ik hierover omdat het me helpt om het te zien voor wat het is: geen bewijs dat mijn leven leeg is, want dat denk ik soms, wanneer ik op dit blog weer eens over kleine ergernissen zit te zeuren (zagen voor de Vlamingen) maar dat sommige mensen gewoon niet kunnen luisteren zonder zichzelf in het midden van het toneel te schuiven.

Ik observeer dat soort dingen. Niet omdat ikzelf zo perfect ben. Ik heb ooit een cursus communicatie gevolgd, die me vooral leerde dat ikzelf ook regelmatig de mist in ga. Ik ben een mens en niets menselijks is mij vreemd. Maar gesprekken fascineren me. Vooral wanneer ze geen gesprekken blijken te zijn, maar een soort opbieden, wie heeft het meest meegemaakt, het ergst geleden, het verste gereisd, de meest indrukwekkende anekdote. Het is geen wedstrijd, maar het voelt soms wel alsof iedereen alvast in de startblokken staat.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht

Stof

Het is woensdag; ze hebben een mooie zonnige dag voorspeld met temperaturen die weleens het gemiddelde zouden kunnen overstijgen. Wanneer ik ’s morgens beneden de gordijnen opentrek, schuift de zon al laag naar binnen.

Haar stralen glijden de kamer binnen als dunne linten licht, en alles wat ze raken wordt plots zichtbaar. Het zonlicht confronteert mij genadeloos met hoe smerig mijn ramen eigenlijk zijn: de bleke afdruk van een handje, vermoedelijk van onze jongste, en de vertrouwde neusstoot van Cesar op de glazen keukendeur. Het lijkt alsof ide verwaarlozing van mijn ramen tot kunst is verheven. In datzelfde licht tekenen zich twee spinnenwebben af op het raam, gelukkig zonder spinnen.

Want zoals mijn moeder en daarvoor mijn oma al zeiden: ”Spin in de morgen brengt kommer en zorgen”. Op de metalen sixtieslamp boven de eettafel ligt stof dat zich de winter heeft eigen gemaakt en met een theedoek (schoteldoek voor de Vlamingen) die straks toch in de wasmachine gaat, sla ik de stofdraden weg aan het plafond. Zo’n dag is het. De soort dag waarop iemand ooit dacht: Laat ons de lenteschoonmaak uitvinden.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

Meer van Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

↑ Terug naar de berichten