De cultus van Mammon (deel 3)
|
De cultus van Mammon (deel 3) (J.B., 'Menseneter') Met Mammon als oppergod wordt alles en iedereen gereduceerd tot zijn marktwaarde en derhalve is een mens nog zoveel waard als men bereid is daarvoor neer te tellen: de waarde van een mens is zijn (actueel en potentieel) bezit. In de economische realiteit van vandaag betekent dit concreet dat mensen nog louter elkaars (actuele en potentiële) klanten zijn en met het oog op een steeds uitgebreider cliënteel, wordt volop handel gedreven in persoonlijke data en dat is het soort van informatie die toelaat om in te schatten wie wel en wie niet tot klant kunnen gemaakt worden, wie met dat oogmerk benaderd kunnen worden en ook hoe die benadering moet verlopen. Mensen ontmoeten elkaar niet langer omdat zij voortaan alleen nog jacht maken op elkaar, alle burgers hebben elkander vogelvrij verklaard, mensen zijn voortaan alleen nog wolven voor hun medemensen.De handel in data floreert: wie beschikken over geboortedata kunnen gericht reclame voeren naar bijvoorbeeld ouderen toe om hen begrafenisverzekeringen aan te smeren en met lijsten die de namen bevatten van alle kaalhoofdigen kunnen op een meer rendabele manier haarstukjes aan de man worden gebracht. Deze voorbeelden kunnen simplistisch lijken maar de mens wordt ook heel simpel als hij in de eerste plaats een prooi is die kan worden verschalkt, gevangen en verslonden. Mensen consumeren elkander, voortaan zijn mensen elkaars kannibalen, mensen vermoorden alleen nog hun medemensen en op die manier worden niet alleen abortus en euthanasie een goed waar zij winstgevend zijn maar ook de moord op onder meer dementen, gehandicapten, gevangenen en illegalen. Er wordt lustig gemarchandeerd in methoden om verlieslatende categorieën van mensen te demoniseren teneinde hun levensbeëindiging als een deugdelijke onderneming te kunnen wegzetten zoals dat ook gebeurde in het Derde Rijk. Het begint met het vervangen van rechten door voorrechten (en 'narechten') of de schending van het gelijkheidsbeginsel en de retorica van de duivel of kunst van het liegen gaat functioneren om die transitie naar allerlei vormen van rechteloosheid aannemelijk te maken met 'vanzelfsprekendheden' zoals 'eigen volk eerst' en 'ziekenzorg ondermijnt de volksgezondheid'. Overbevolkingstheorieën floreren in de stormloop op Lebensraum, het territoriaal instinct krijgt de wind in de zeilen met de jacht op nieuwe territoria, het jachtinstinct en de daaraan verwante moordlust worden gesubsidieerd en een markt van sterilisatietechnieken ontplooit zich, medicijnen die de infertiliteit bevorderen worden alom aangeprezen en het leven wordt op duizend en een manieren gerelativeerd. Het bedrieglijke concept 'volksgezondheid' neemt het over van de gezondheidszorg zoals gedefinieerd door Hippocrates en alras wordt de verpleging van hulpbehoevenden vervangen door de moord op deze economisch niet (langer) rendabele mensen “omdat een gezonder volk een volk met minder zieken is”. Allang is de waarde van een mensenleven niet langer absoluut, risicogedrag wordt het nieuwe normaal van zodra men de gevaren heeft aanvaard die bij de economische bedrijvigheid van het leven horen; wie de auto afzweren en al die andere moordtuigen, kunnen niet langer met anderen wedijveren en vallen uit de boot. Waarheid is overgegaan in waarschijnlijkheid, rechtspraak in de kunst van het compromis en wijzelf zijn enkel nog voer voor statistieken. (Wordt vervolgd) (J.B., 17 maart 2024) |






