Extreemrechts: van de regen in den drup
|
Extreemrechts: van de regen in den drup Macht heeft de neiging om zich uit te breiden, anders zou het geen macht zijn. Macht ontstaat uit confrontaties van krachten waarbij de winnaars ook de machthebbers worden. Die machthebbers willen machtsbehoud, zij stellen zich derhalve voortdurend defensief op en luisteren naar het devies dat de aanval de beste verdediging is, zodat zij fundamenteel grensverleggend zijn of dus gericht op expansie. Die uitbreiding fnuikt zichzelf uiteraard niet en wordt pas gestopt als zij op haar grenzen botst, wat wil zeggen: als zij krachten ontmoet die er niet aan denken om voor haar geweld te wijken. Maar de genoemde grenzen zijn nooit exclusief en zelfs niet in eerste instantie te wijten aan externe krachten: meestal resulteren zij uit een eigen verzwakking omdat macht die te groot wordt, het begeeft onder het eigen gewicht. Dit is het verhaal van de toren van Babel, die de ambitie had de hoogste toren ooit te worden: voortdurend werden bouwstenen aangevoerd om de top nog hoger te maken maar vanaf een zeker ogenblik geraakten die bouwstoffen niet meer tot boven omdat zij onderweg werden opgebruikt voor herstelwerken noodzakelijk om de onafwendbare erosie tegen te gaan. Waar de groei de duimen moet leggen in zijn wedijver met het verval, botst hij op zijn grenzen en aan elke groei zijn grenzen. Macht wordt aldus niet zozeer van buiten uit tegengewerkt omdat elk wezen zijn einde reeds in zich heeft. Als de toren niet langer hoger wordt, heeft hij zijn absolute top bereikt en kunnen de meest hardnekkige inspanningen alleen nog het behoud van de bereikte hoogte nastreven. Daardoor verdwijnt de euforie van de groei die de motor was van alle inspanningen en met het verdwijnen van die euforie, kwijnen ook het enthousiasme weg, de moraal, de wil en de werkkracht. De toren groeit niet langer maar bovendien begint hij nu ook af te brokkelen. Van zodra zijn rivalen deze afgang bespeuren, hervatten zij de moed, winnen zij aan kracht en gaan zij in de aanval. Een macht die reeds door interne problemen aan het afbrokkelen is, heeft immers geen reservekrachten meer over om zich tegen ook nog die externe aanvallen te gaan verdedigen. Het is een natuurwet die opduikt in de vaststelling dat het einde in het begin vervat zit. In 1972 werd die vaststelling ook gemaakt door bezorgde wetenschappers met betrekking tot de (kapitalistische) economie en gepubliceerd als The Limits To Growth – A Report for the Club of Rome Project on the Predicament of Mankind (Universe Books, New York).1 Het Engelse 'predicament' betekent 'erbarmelijke toestand' of 'netelige positie'. De hele economische kwestie volgt onvermijdelijk uit het kapitalistisch karakter van de economie waarvan het concurrentieel karakter immers geënt is op de natuur en meer bepaald op de wet van de jungle, “the survival of the fittest” of het recht van de sterkste. Humane culturen daarentegen onderscheiden zich van de natuur en enten zich (meestal) op heel andere principes die ook kansen geven aan minderheden en die het solidariteitsprincipe huldigen. Pas waar in de cultuur de samenwerking zoek is en zij gecorrumpeerd werd door bedrog en list voortvloeiend uit concurrentie, dreigt zich een misplaatste ingreep op te dringen: vanuit de verkeerde mening dat men inzake de economie met cultuur te maken heeft, wil men terug naar de natuur die als voorbeeld moet dienen, terwijl men met de principes van absolute vrijheid en concurrentie in feite reeds inhumane, natuurlijke principes aan het volgen is, waardoor men van de regen in den drup belandt. Dit was het geval met het nazisme in de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog en het is ook nu weer aan de orde met de opkomst van extreemrechts, maar deze keer wereldwijd, wat betekent: quasi zonder externe tegenkrachten en derhalve enkel te bestrijden van binnenuit. Maar dat betekent uiteraard het gevaar van burgeroorlogen - wereldwijd - of chaos. De Club van Rome beschikt over geen enkele politieke of economische macht en is er dan ook niet in geslaagd om het tij op afdoende wijze te keren, al heeft zij wel enige invloed gehad op vooral de meer links georiënteerde politieke bewegingen. Wat zich vandaag op een uiterst bedrieglijke wijze presenteert als een gelijkaardig bezorgde club, is het Wereld Economisch Forum: zeer in tegenstelling tot de Club van Rome, bestaat deze elitaire vergadering uit politieke en economische zwaargewichten, meer bepaald machthebbers en miljardairs, met enorme invloed wereldwijd en in dienst van de belangen van deze machthebbers zelf, wat dus betekent: zonder authentieke bezorgdheid om de precaire situatie van de mensheid en om ons aller lot: het embleem van de zorg wordt evenwel benut als voorwendsel om een volstrekt onmenselijke politiek te kunnen voeren en meer nog dan dat: een politiek gericht op de vernietiging van de mens. Het meest zorgwekkende van de hele situatie is dan nog dat op democratische wijze en derhalve door een meerderheid of door de massa, populisten en extremisten aan de macht worden gebracht waardoor zich dezelfde catastrofe dreigt te herhalen die men zich herinnert uit de tijd van het nazisme en die de situatie slechts doet verergeren: in de waan dat schoon schip gemaakt wordt met een beschaving die over haar hoogtepunt heen is, worden de oorzaken van haar ondergang nu ook nog eens gelegitimeerd en ontstaat een bewind dat geen enkele weerstand meer biedt aan de wet van de jungle en aan het recht van de sterkste, welke als de enig zaligmakende wetten en rechten worden binnengehaald. (J.B., 1 juli 2024) 1In 1973 in het Nederlands verschenen bij Het Spectrum B.V., Utrecht/Antwerpen, onder de titel: Rapport van de Club van Rome. De grenzen aan de groei. Auteurs: Dennis Meadows (MIT), Donella Meadows, Jorgen Randers en William Behrens, met commentaar van De Club van Rome (die gesticht werd in 1968). |




