Macht, hersenchemie en politiek gedrag (vervolg3)

Macht, hersenchemie en politiek gedrag (vervolg3)
Macht, hersenchemie en politiek gedrag (vervolg 2)|
Macht, hersenchemie en politiek gedrag (vervolg 2) Vooreerst weze hier herhaald dat criminelen met sociale conditionering de hersenen van hun slachtoffer manipuleren: een loverboy brengt een meisje het hoofd op hol in een spel dat het echte liefdesspel nabootst... zoals de A.I. de intelligentie van een persoon nabootst. En uiteraard rijst hier de vraag naar het gevaar en naar de schuld of onschuld van A.I.: is nabootsing als zodanig zondige vervalsing of legitimeert het doel de middelen? Het is een huzarenstukje voor een mens om zich aan anderen voor te doen als iemand die hij niet is maar lekt het bedrog in kwestie, dan is het liedje van de bedrieger uitgezongen: hij wordt verbannen voor immer en drie dagen. Hoeveel te groter is dan niet het bedrog van wat er schuilgaat achter de schijn van een persoon als dit fantoom al helemaal geen mens is? En A.I. is beslist geen mens, het blijkt een louter instrument. Maar dan komt de kat op de koord: het is een instrument in handen van zekere mensen. Zijn de 'bestuurders' van A.I. dan criminelen zoals loverboys? Laatstgenoemden doen aan grooming en dat is een proces van verregaande conditionering, eerst met sociale middelen, daarna met drugs. Zoals bekend isoleert de loverboy zijn slachtoffer - bijvoorbeeld een jonge vrouw - van alle anderen uit haar vertrouwde kring terwijl hij zelf opvalt als controlefreak: hij heeft de absolute dominantie, ook financieel, neemt alle beslissingen in haar plaats en laat haar ook geen ogenblik alleen. In de ogen van de maatschappij lijken de pooier en zijn prooi het perfecte koppel maar het verborgen leed bij het slachtoffer is onbeschrijflijk daar het, ter ere van het gouden kalf, van haar vrijheid werd beroofd en dat zonder uitzicht op een einde aan de slavernij. Bij A.I. echter is de misdaad anders maar daarom helemaal niet minder desastreus. Om te beginnen gaat het niet om één slachtoffer maar om in principe de bevolking van de hele 'beschaafde' wereld: miljarden zielen! En de term 'zielen' mag hier gerust onbedoeld verwijzen naar de gouden eeuwen der religies die immers met een eigen primitief doch uiterst doeltreffend opium wereldmacht verwierven over quasi alle volkeren. Tot voor kort bestond er weliswaar geen afluisterapparatuur en geen privacy schendend internet maar de biecht bezorgde aan het centrale gezag van de paus - de trouwe partner van de wereldlijke macht - alle informatie die enkel aan het alziend oog van god kon toegeschreven worden. Ten tweede: de isolatie van het slachtoffer van zijn of haar vertrouwde kring is met betrekking tot de zelfverklaarde partner voor het verstrekken van informatie reeds gebeurd en wel omdat het recht op privacy van het slachtoffer als wapen tegen dat slachtoffer wordt ingezet: wie voor zijn pc zit, is sowieso geïsoleerd, het betaamt immers niet om mee te kijken op het scherm van een ander, neuzen in iemands personal computer is zoals kijken in iemands hoofd of afluisteren. Voor zijn of haar isolatie zorgt aldus het slachtoffer zelf: het wil geïsoleerd zijn of alvast gelooft het dat te willen. Vervolgens: dat het internet een controlefreak is, kan geen mens in twijfel trekken want wie online zijn (en dat geldt welhaast als een sociale plicht), worden op de voet gevolgd; alles wat zij op het net plaatsen, eraf halen of zelfs maar bezoeken, is informatie die op dat eigenste ogenblik wordt buitgemaakt; zij wordt opgeslagen en verkocht om daarmee de hersens van de internetgebruikers te bewerken. En over financiële dominantie gesproken heeft inmiddels menigeen al moeten ondervinden dat Microsoft een ware slokop is, samen met al zijn mede-instituten. Zo bijvoorbeeld moet Windows 10 nu 'dringend' plaats maken voor Windows 11 en dat stelt zekere eisen aan de pc: wordt daaraan niet voldaan, dan dreigen warempel virale infecties om u tegen te zeggen, begin dus maar al te sparen voor een nieuwe! Internet neemt voortaan ook alle beslissingen in de plaats van zijn gebruikers: hoe bereidt men rodekool? A.I. weet het als geen ander en niemand trekt haar recepten in twijfel! Alleen is het helemaal niet zo zeker dat wij het zijn die internet gebruiken: ervaren gebruikers merken op dat internet ons gebruikt. Tenslotte laat ook deze virtuele pimp zijn slachtoffers geen ogenblik alleen: wie om zich heen kijken in het midden van ongeacht welke wereldstad, zien een massa mensen, de ogen allemaal gericht op hun persoonlijke telefoonscherm, de vingers naarstig tikkend, alleen heel eventjes opkijkend om een straat over te steken of om een voorbijganger niet omver te lopen. In de ogen van de maatschappij lijken deze superpooier en zijn miljarden prooien wel de meest perfecte koppels van de hele wereld maar het verborgen leed bij de slachtoffers die er alsnog blijken in te slagen om zichzelf daarvoor te verdoven, is in feite onbeschrijflijk daar het, ter ere van het gouden kalf, elk mens op aarde van zijn vrijheid berooft met in het vooruitzicht het almaar toenemen van die slavernij. En dat ware allemaal vergeeflijk indien de golem in kwestie ook nog de waarheid en niets dan de waarheid sprak maar reeds de voorgangers van Chomsky en Herman hebben zowat een eeuw geleden uitgemaakt wat onze media te betekenen hebben: onze menselijke toestemming is een fabricaat van de potentaat en dat staaft de allerergste diagnose: het mensdom is verworden tot een slavendom. (J.B., 12 september 2026) |
Macht, hersenchemie en politiek gedrag (vervolg)|
Macht, hersenchemie en politiek gedrag (vervolg) Zoals hoger gezegd kan tiranniek gedrag hersenchemisch worden 'verklaard' doordat bij strebers en bij uitstek bij potentaten de productie van het motivatiehormoon dopamine extra wordt gestimuleerd en die van oxytocine en serotonine geremd. Maar oxytocine werkt paradoxaal en polariserend: het contrast van 'wij' (de intimi) tegenover 'zij' (de vijand) neemt toe en politici weten dat een gemeenschappelijke vijand de beste banden smeedt: mensen gaan uit schrik samenhokken. Hersenchemie houdt verband met de pikorde zodat men zich beter voelt als men hoger zit - geluksgevoel blijkt met andere woorden een zaak van sociale vergelijking - maar zonder die sociale ladder, kan men ook met drugs het geluksgevoel bereiken omdat die de genoemde neurotransmitters na-apen. Vals spel uiteraard dat zich echter wreekt: de dader plaatst zichzelf buitenspel. En als machthebbers kampen met tanend succes, grijpen zij nogal eens naar die 'oplossing'.1 Als drugs in de plaats komen van sociale activiteit, vertroebelt de realiteitszin maar het omgekeerde kan ook: met specifieke sociale maneuvers kan het effect van drugs worden nagebootst. Dat gebeurt zeer uitgesproken bij manipulatie, bijvoorbeeld bij grooming, waar een dader aast op het vertrouwen van zijn slachtoffer met het oog op misbruik. De loverboy wint het vertrouwen van zijn slachtoffer door een vorm van conditionering die rechtstreeks haar hersenchemie aanstuurt. Dopamine wordt geproduceerd door de hersenen van een slachtoffer dat van de dader beloning verlangt en zet aan om daartoe alles in het werk te stellen en de beloning zelf maakt endorfines vrij, die genot opleveren. Bij straf treedt een heel andere chemie in werking. Die mechanismen zijn oeroud: ze zitten in de hersenstam als overlevingsmechanismen en eigenlijk zijn wij daaraan voor een groot stuk onderworpen. 'Temmers', manipulatoren of criminelen kunnen met sociale conditionering de hersenen van hun slachtoffer(s) manipuleren en zo weet een loverboy een meisje het hoofd (dus ook letterlijk) op hol te brengen in een spel dat het echte liefdesspel nabootst zoals de A.I. de intelligentie van een persoon nabootst. Eenmaal verliefd, speelt de loverboy met de gevoelens van zijn slachtoffer en trekt hij haar over de streep om zaken te doen die zij eigenlijk helemaal niet wil. De hersenchemie van de jonge vrouw geraakt helemaal in de war en hetzelfde gebeurt met haar sociaal leven. Maar daar houdt het niet op want de loverboy schakelt voor de (hersenchemische) bevrediging van zijn slachtoffer alras over op drugs en op die manier verkrijgt hij over haar een direct en absoluut commando, waarbij de rede (en derhalve eveneens de maatschappij met haar moraal) volledig buiten spel worden gezet. De dader bestuurt zijn slachtoffer dan letterlijk met de toediening of de onthouding van zekere chemische stoffen (die zij van hem kan krijgen). Het slachtoffer wapent zich tegen schaamte door de eigen productie in de hersenen van sterk verdovende stoffen en alweer kunnen die worden vervangen door of aangevuld met drugs. Alles in het hoofd van het slachtoffer geraakt in de war, het is een welbekende weg naar de hel. Loverboys en kinderlokkers bedienen zich van grooming teneinde zich te kunnen vergrijpen aan hun slachtoffers maar ook commerçanten, waarvan (het merendeel van de) politici een bijzondere subgroep vormen, delen die verregaande methoden van legale of illegale maar hoe dan ook 'niet weldadige' conditionering en om die reden worden sommige politici 'volksmenners' genoemd. Schijnbaar met alleen maar woorden smeden zij hun toehoorders om tot een massa: een groep van gedepersonaliseerde en derhalve allemaal 'gelijke' individuen waarvan zij dan makkelijk elk individu kunnen bereiken en besturen. In de praktijk echter worden de woorden, de redevoeringen van de demagogen (stiekem) begeleid door potentieel geweld, wat meebrengt dat die woorden als een trigger werken voor het aan de gang brengen van een proces dat (door eerdere conditionering, bijvoorbeeld grooming) opgelopen trauma's weer openrijt. Ook dat is een fysiek chemisch gebeuren waarbij de wil geheel buiten spel gezet wordt zoals ook het geval is bij allergie voor bijvoorbeeld bijensteken: na herhaaldelijk het gif te hebben toegediend gekregen, heeft de zieke daartegen zoveel 'weerstand' opgebouwd dat een volgende portie hem door het optreden van zijn eigen weerstand, fataal wordt. De volksmenner weet dan de scheikunde van de hersenen van elk individu dat tot zijn massa behoort, en wel zonder dat dit individu het goed beseft, te bespelen zoals 'puppets on a string'. Opvallend daarbij is dat de slachtoffers van de praktijk in de illusie verkeren dat zij zelf willen wat zij doen. Onlangs nog kwam een kennis hier zijn hart luchten over het reeds halverwege de maand in zicht komen van de bodem van zijn portemonnee: mijn vrouw koopt ons arm aan kleren maar als ik haar vraag om het abonnement op haar modeblad stop te zetten, blijkt zij het verband met haar koopgekte niet te kunnen leggen, zo klaagde hij: ik ben het die een tandje moet gaan bijsteken! De dupe beschuldigt iedereen behalve de dader en op die manier boeken volksmenners succes na succes. Zelfs als zij openlijk het volk africhten, worden zij met rust gelaten en een verbijsterend actueel voorbeeld is nu Trump zijn gezwaai met een pak geld voor elke burger bij herverkiezingswinst. (J.B., 12 september 2026) 1Cf.: Macht, hersenchemie en politiek gedrag: https://www.bloggen.be/tisallemaiet/archief.php?ID=3367611 |
Macht, hersenchemie en politiek gedrag|
Macht, hersenchemie en politiek gedrag “Het is hem naar het hoofd gestegen”: dat hoort men vaker zeggen over iemand die het gemunt heeft op geld, macht en aanzien en die uitdrukking is ook letterlijk op te vatten omdat machtsdrang de productie van het motivatiehormoon dopamine in de hersenen stimuleert. Eens het doel bereikt, daalt de dopamine en wordt het tevredenheidshormoon serotonine geproduceerd. De euforie na het beëindigen van een marathon wordt veroorzaakt door weer een ander hormoon, endorfine en intimiteit verwekt oxytocine. Macht maakt meer dopamine vrij en zet een rem op de oxytocine en de serotonine, wat het gedrag verklaart van tirannen: ze zijn onverzadigbaar, arrogant en meedogenloos, ze lijden aan het hybrissyndroom. Het effect van oxytocine is echter paradoxaal of polariserend: het contrast van 'wij' tegenover 'zij' neemt toe; de intimiteit binnen de eigen groep stijgt maar tegelijk wordt de vijand ontmenselijkt; het versterkte wij-gevoel gaat gepaard met een versterkt vijandgevoel en zo begrijpt men deze chemie spontaan waar men weet dat niets meer bindt dan het hebben van gemeenschappelijke vijanden. Die laatst genoemde wet is welbekend aan politici: volksverbondenheid wordt het beste bereikt door de creatie van vijandsbeelden; politici hebben als het ware een volksvijand nodig om zelf het volk te vriend te kunnen houden. En men ziet dan ook dat waar de macht van politieke leiders taant, zij her en der een oorlogje beginnen of op nog andere manieren het volk schrik aanjagen zodat de mensen als het ware uit schrik gaan tezamen kruipen. Dat is overigens ook de methode waarmee de kerken van de Abrahamitische religies worden samengehouden (“godsdienst is opium voor het volk”) en meer bepaald door op een extreme manier de mensheid te verdelen in de schapen en de bokken die op het einde der tijden zullen worden beloond en gestraft met de hemel en de hel - nog meer polariserend is onmogelijk. De productie van de vier hoger genoemde neurotransmitters in de hersenen houden verband met het maatschappelijke reilen en zeilen en meer specifiek met het beklimmen van de trappen in de zogenaamde pikorde maar er zijn ook drugs die deze hormonen na-apen geheel wars van het sociale gebeuren. Waar het tot zich nemen zekere drugs het tevredenheidsgevoel verwekt dat normaliter volgt op het leveren van sociale prestaties, wordt in feite vals gespeeld maar het slachtoffer is dan de bedrieger zelf, die zich zodoende van het maatschappelijke gebeuren vervreemdt. Dat is zeker het geval waar potentaten de pedalen verliezen en zo is bekend over Hitler en ook over John F. Kennedy dat zij niet alleen verslaafd waren aan hun macht en derhalve aan zekere hersenhormonen maar ook aan middelen die het machtsgevoel nabootsen omdat zij sterk op die hersenhormonen gelijken. Het betreft dan stimulerende middelen zoals amfetamines en cocaïne maar tevens kalmeermiddelen en dan vooral opiaten. Het uit balans geraken van het zenuwstelsel geeft dan aanleiding tot het verlies van realiteitszin en vaak gaan machthebbers dan lijden aan het zogenaamde messiascomplex: zij voelen zich verbonden met 'hogere machten' en denken dat ze geen verantwoording meer verschuldigd zijn aan het volk. Recente voorbeelden van dat gedrag vindt men in 2003 bij Tony Blair en George Bush in hun oneigenlijke 'rechtvaardiging' van de oorlog tegen Irak dat zij valselijk beschuldigden van het bezit van kernwapens en de daar aan de dag gelegde arrogantie lekte toen wereldwijd bekend werd hoe het er het jaar daarop aan toe ging in de Abu Ghraib gevangenis nabij Bagdad waar westerse militairen zich te buiten gingen aan baldadigheden tegenover Iraakse gevangenen. En vanzelfsprekend vindt men die toestanden ook in de meest recente geschiedenis terug. (J.B., 5 september 2026) |
Het Zwarte Huis|
Het Zwarte HuisVandaag, 4 september 2026, leest men bij de VRT-nieuwsberichten: “Witte Huis lanceert videogame waarin je migranten moet oppakken en deporteren.”1 Eveneens vandaag blokt Het Laatste Nieuws: “Oléa (14) stapte uit het leven nadat ze online gepest werd.”2De statistieken liegen niet: één op drie kinderen krijgen te maken met cyberpesten en één op negen kroppen dat op omdat ze er met niemand durven over te praten, terwijl erover praten een redmiddel blijkt. Pesterijen en het gevoel tot last te zijn, welke leiden tot zware depressie, zijn zoals aangetoond de doorslaggevende motieven bij de belangrijkste oorzaak van overlijden onder tieners: zelfdoding. Zestien van de honderd jongens en achtentwintig per honderd meisjes tussen dertien en achttien hebben soms zelfmoordgedachten en zij ondernemen ook vaker pogingen tot suïcide. Reeds bij kinderen jonger dan twaalf kampen zevenenhalf ten honderd met die problematiek. In de regel behoren de slachtoffers tot minderheden, zoals migranten, en de deportatiegame voor kinderen van het Witte Huis zal jongeren nu zeker niet langer aanmoedigen om bij hun meerderen het te verduren pestgedrag nog aan te kaarten. De cijfers inzake tabak- en alkoholmisbruik alsook inzake verkeersveiligheid zijn minder alarmerend en gelukkig krijgen zij vandaag al het begin van een antwoord vanwege zekere overheden. Echter, inzake pesten met de dood als gevolg bij kinderen, werd niet alleen lange tijd getalmd met maatregelen en campagnes maar de praktijk wordt nu zelfs aangemoedigd, ja, aangeleerd door overheden en dat naar het voorbeeld van de huidige regering in de V.S. Die dreigen immers met onder andere economische sancties voor naties die weigeren om hun polariserende moraal over te nemen of zelfs maar te bekritiseren en bij dreigingen blijft het niet: onder meer middels de A.I.-machine van Google uit Silicon Valley wordt de nodige desinformatie verschaft om te maken dat een massamoord met voorbedachten rade een rooskleurige naam krijgt. (De vrees voor het gebruik van) de term 'schurkenregering' is begrijpelijkerwijze taboe, precies zoals dat het geval was toen in de jaren dertig in Duitsland de nazi's aan de macht kwamen terwijl die typering nog al te zacht is voor een bende die niet alleen in opspraak komt in de vettige roddelpers maar die volstrekt onbeschaamd genocide op onschuldige kinderen pleegt. Het genoemde Huis pest niet alleen miljoenen alsnog onvolwassenen maar maakt het voortaan ook onmogelijk dat ouders hun kroost nog in bescherming nemen en alleen al om die reden is het adjectief 'Witte' daar dringend aan herziening toe, terwijl menigeen zal beamen dat ook 'Bruine' niet donker genoeg is als kenschets voor de gruwel. (J.B., 4 september 2026) 1https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/09/04/witte-huis-lanceert-videogame-waarin-je-migranten-moet-oppakken/ 2https://www.hln.be/binnenland/olea-14-stapte-uit-het-leven-nadat-ze-online-gepest-werd-haar-mama-getuigt-vlak-ervoor-hebben-we-nog-samen-gelachen~aeeb2dfb/
|
De nieuwe norm
Cofnas, exclusie en wetenschap|
Cofnas, exclusie en wetenschap Niet zomaar wordt de hel in de hedendaagse theologie voorgesteld als de toestand waarin men van iedereen is afgezonderd: de mens is een groepsdier en uitsluiting is de allerergste straf, zij is zelfs erger dan de dood; gevangenisbewakers zorgen er nauwgezet voor dat aan veroordeelden, en dan vooral aan hen die levenslang kregen, de gelegenheid wordt ontnomen om zich middels zelfmoord aan hun straf van levenslange uitsluiting te onttrekken. Uitsluiting, exclusie, discriminatie of apartheid staan tegenover inclusie of insluiting in de groep: het aan iedereen toekennen van gelijke rechten (en plichten). Vaak is exclusie geheel onzichtbaar omdat het er net zo uitziet als inclusie, bijvoorbeeld waar mensen worden getolereerd vanuit oneigenlijke motieven: “Laat hem maar praten, hij weet toch niet wat hij zegt.” Men tolereert het dat iemand zijn mening geeft nadat men hem eerst monddood heeft gemaakt; men heeft er (bijvoorbeeld middels roddel of demonisering) voor gezorgd dat niemand naar hem nog zal luisteren; het lijkt erop dat hij mag praten zoals iedereen, alleen heeft men de oren van al zijn toehoorders afgesloten voor wat hij vertelt; wat hij ook zegt, niemand zal het nog ernstig nemen. Dat wordt ook wel repressieve tolerantie genoemd. Soms wordt die aangewend om misdaden te camoufleren, bijvoorbeeld wanneer iemand veroordeeld wordt voor een crimineel feit dat hij helemaal niet heeft begaan: naar de eigenlijke dader wordt dan niet langer gezocht en die zorgt er ook voor dat naar de veroordeelde niet zal worden geluisterd. Eenzelfde tactiek speelt bij pesten: de pester schildert zijn slachtoffer af als een leugenaar om aldus zichzelf buiten verdenking te stellen. “We dulden hen omdat ze zwakker zijn dan wij”, is nog zo'n vorm van exclusie die de schijn van inclusie hoog moet houden: men tolereert mensen onder het vertoon van de reden van die tolerantie die echter uitdrukt dat men hen als minderwaardig beschouwt. Bedelaars tolereren omdat ze arm zijn, is een houding die moet doorgaan voor inclusie maar het is exclusie die in de plaats komt van de eigenlijke inclusie die inhoudt dat men die mensen daadwerkelijk aan zichzelf gelijk maakt door hen te voorzien van levensmiddelen zoals voedsel, onderdak, maar ook maatschappelijke erkenning in de vorm van opleiding en werk. Bedelaars tolereren is tolereren dat zij bedelaars zijn het is het bedelaarschap ongemoeid laten in plaats van het ongedaan te maken - niet door de bedelaars om te brengen, zoals Hitler deed, maar door hen een het inkomen te verschaffen dat een mens nodig heeft. Exclusie (uiteraard van mensen) begint met hun verdeling in vrienden en vijanden: polarisering. Naar verluidt rechtvaardigt Cofnas zijn onderzoek naar racisme met het argument dat anders neonazi's wetenschappelijk onderzoek naar racisme zullen doen, maar dit is allerminst de taal van een wetenschapper maar wel die van een politicus die polariseert. Met dat argument zet Cofnas meteen zichzelf schaakmat: hij verraadt dat hij helemaal geen vertrouwen heeft in de wetenschappelijke bedrijvigheid die immers door ongeacht wie mag ondernomen worden: het uitsluiten van al dan niet vermeende vijanden voor het bedrijven van wetenschap veronderstelt de overtuiging dat dit niet het geval is en wetenschap die door slechts een beperkte groep van mensen mag bedreven worden, verliest uiteraard zijn geldigheid omdat waarheidsvinding een vorm van rechtspraak is terwijl rechtspraak een openbare aangelegenheid is die ongeldig wordt van zodra mogelijke getuigen bij de vorming van een vonnis (i.e.: datgene wat gevonden moet worden) a priori worden uitgesloten. Maar vooreerst geldt hier dat wie onderzoek naar racisme mogelijk achten, er reeds vanuit gaan dat racisme bestaat, waardoor zij niet alleen polariseren maar meteen zichzelf in het kamp van de racisten positioneren. Dit ontkracht andermaal Cofnas zijn argument en dat hij zich daar als academicus niet van bewust blijkt te zijn, maakt zijn hele opzet verdacht en voedt de hier eerder gestelde these dat dit hele gebeuren politiek gestuurd wordt, waarbij niet mis te verstaan de politiek een poging onderneemt om de wetenschap te verkrachten. Met andere woorden: de waarheid te koop voor geld overeenkomstig het neoliberalisme - een nu alles ondergravende ideologie waarvan nitwits met een grote mond en een lange arm nu ook nog mogen beweren dat het een onschuldige zondebok is, een fantoom. Men kan de studie van Jaap Kruithof (over neoliberalisme) uit de handel nemen maar wie dat met de waarheid proberen te doen, zijn beslist van een andere planeet afkomstig. (J.B., 2 september 2026) |
Cofnas, onder gesofisticeerde belaging instrument van neo-nazi's?|
Cofnas, onder gesofisticeerde belaging instrument van neo-nazi's? Het bruine vergif dat Cofnas via een ingesluimerde UGent vanuit de door arrogantie aangetaste 'Nieuwe Wereld' ons continent naar binnen loodst, staat opnieuw op het punt om vele slachtoffers te maken en zoals gezegd wordt de reeds op gang gekomen tragedie gefaciliteerd en bevorderd door de staat waarin onze universiteiten evenals onze andere politieke instellingen verkeren ingevolge corruptie, vriendjespolitiek, nepotisme en favoritisme, gemotiveerd door het gewetenloos winstbejag kenmerkend voor het volstrekt asociaal menstype dat het neoliberalisme baart. Bekwaamheden spelen allang geen enkele rol meer inzake de bemanning van leerstoelen en het beleid schaamt zich niet eens als blijkt dat haar toespraken, opgeluisterd met geleerd klinkende doch oneigenlijke citaten om een indruk van intellectualisme en intelligentie te wekken (want bedoeld om bestuursverkiezingen te winnen voor een even discutabel personeelsbestand) blijken besteld te worden bij de A.I.-modus van Google, het verraderlijke pseudobrein uit Silicon Valley dat Chomsky en Herman in een update van hun Manufacturing Consent zouden aanwijzen als de kampioen bij uitstek in de hedendaagse productiefabriek van desinformatie. Reeds moest gewag worden gemaakt van het distribuerende karakter van de specifieke desinformatie die met Cofnas wordt binnengebracht en die een als wetenschap verkochte factor in de bewapeningswedloop blijkt. Cofnas op zich is reeds een knuppel in het hoenderhok, deel uitmakend van de niets en niemand ontziende strategie van de slokop met zijn devies van 'verdeel en heers'. Het doet onwillekeurig denken aan de opdracht toentertijd vanwege SS-ers aan joden om onder belaging hun kampgenoten om te brengen, wanneer uitgerekend een nazaat van het volk dat zozeer werd getekend door de verschrikkelijke genocide door de nazi's, wordt behept met de taak om de pseudowetenschappelijke waanzin van het racisme dat door Hitler werd aangewend om de Shoah goed te praten, van nieuwe fundamenten te voorzien. Het is geen sinecure om leugens recht te praten en de verdedigers van het onverdedigbare moeten zich dan ook in alle mogelijke bochten wringen om het hoofd boven water te kunnen houden maar zij geven niet op, in de wetenschap dat, eenmaal zij hun slachtoffers tot uitputtens toe om de oren zullen hebben geslagen, een door hun opdrachtgevers gereed gehouden enveloppe gevuld met bankbiljetten, benoemingen of nog andersoortige snoepjes zal volstaan om de prooi te doen toehappen want dat is een nimmer teleurstellende en alom beproefde tactiek: het crescendo van de dreiging der bestraffingen, prompt gevolgd door de hoogst denkbare beloning slaat zelfs wie van staal zijn, groggy. Maar de vergiftiging van de cultuur stopt niet bij het euvel van het racisme dat verdeeldheid onder de volkeren zaait: het seksisme verdeelt middels influencers en popsterren in de wereld van film en media middels geslacht en gender discriminerende scenario's die als vanzelfsprekendheden worden verkocht, mannen en vrouwen met verkapte misogynie, misandrie en stereotypie maar het zaad van de onenigheid wordt ook rondgestrooid onder de verleden, de huidige en de toekomstige generaties. Zo krijgen laatst genoemde, welke alle kinderen vertegenwoordigen, te kampen met een wereld omgeturnd tot een vuilnisbelt door een mentaliteit van “après nous le déluge”, eigen aan egocentrische bourgeois in het zog van Madame de Pompadour, koninklijke maîtresse en derhalve buikspreker van het kind dat in de voetsporen trad van de Zonnekoning uit Versailles, het kind dat uitgroeide tot weer een volgende tiran, Lodewijk XV, bijgenaamd “le Bien-Aimé”, wiens dood in 1715 in Parijs een volksfeest ontketende. Het nieuwe seksisme is reeds aan de gang en samen met de emancipatie van de zwarten uit een toestand van eeuwen durende, eerst trans-Atlantische en vervolgens koloniale slavernij ingevolge de misdaad van het racisme die een te beheersen mensenmenigte tot verdeeldheid veroordeelt, worden ook die van de vrouwen, de homo's, de migranten en vele andere minderheden afgekeurd onder het label 'woke' nadat dit begrip door een platte propagandamachine binnenstebuiten werd gedraaid. Want daarin bestaat in wezen de opdracht waarmee Cofnas werd opgezadeld, ongetwijfeld samen met een uitgebreid team van neoliberale maatschappijtechnici in het genre van Bannons beruchte 'gladiatoren': het perverteren van onze begrippen en van onze kennis, ja, de totale vernietiging ervan, om de weg nu helemaal vrij te maken voor de redeloosheid van de wilde beesten. (J.B., 1 september 2026)
|
Cofnas is bewapening verkapt als wetenschap|
Cofnas is bewapening verkapt als wetenschap Werklui leveren arbeid middels allerlei instrumenten waarvan de maatschappij het meest gesofisticeerde is en tegelijk het eindresultaat. Werktuigen dienen om iets op te bouwen tenzij het vernietigingswerktuigen zijn en dat zijn wapens. Paradoxaal genoeg wordt de productie van wapens verantwoord middels de theorie dat zij onmisbaar zijn ter verdediging van wat werd opgebouwd tegen vijandelijkheden. In een wereld verdeeld in naties zijn al die naties elkaars concurrenten, tegenstrevers of vijanden en de dynamiek van de wereld zorgt aldus voor een onophoudelijke strijd die in vredestijd alsnog economisch van aard is en dus rendabel op de korte termijn maar niet op de lange omdat het onafwendbare verlengstuk van onze economie, de oorlog is. De samenleving bouwt op, de oorlog vernietigt; werktuigen dienen om op te bouwen, wapens om te vernietigen; het resultaat van de arbeid is de samenleving, dat van de oorlog is de dood. De stelling dat wapens nodig zijn om het opgebouwde te verdedigen tegen vijanden, is een kruik die zo lang te water gaat tot ze breekt en breken doet ze waar de economie zichzelf keldert, wat vroeg of laat sowieso gebeurt als die economie kapitalistisch van aard is. De redenen daarvoor zijn algemeen bekend: alleen een eindeloze aanzwengeling van de productie en de consumptie kunnen een op winst gerichte economie draaiende houden terwijl men aldus op alle fronten de pedalen verliest. De uitputbaarheid van materie en energie en het perverterende winstbejag monden uit in de middeldoelomkeringen die tenslotte de hiërarchie van het bestaan zelf op haar kop zetten: werktuigen worden omgesmeed tot wapens en alle leven komt in dienst te staan van de dood. Die wetmatigheden zijn welbekend maar welhaast niemand heeft er oren naar ingevolge de heerschappij van verleidelijke ondeugden die het verstand vertroebelen. In oorlogstijd zijn wapens het hoogste goed en de beste wapens zijn de meest moorddadige met aan de absolute top de kernwapens. Zij worden verantwoord als afschrikkingsmiddelen maar kennelijk heeft hun gebruik helemaal geen afschrikking gebracht: na Hiroshima en Nagasaki zijn hun aantal en hun vernietigingskracht alleen maar toegenomen en de vele kernproeven hebben het milieu onomkeerbaar verziekt. Maar er zijn ook wapens van een nog ander kaliber. Een maatschappij die haar hoogtepunt voorbij is, dreigt uiteen te vallen en wapent zich met het ketenen van haar burgers. Het economisch monopoliseringsproces eindigt in absolutisme en tirannie die ervoor zorgt dat niemand nog kan weglopen, ofschoon iedereen dat wil, uit angst voor de dood aan het front waarvoor allen op verkapte manieren worden klaargestoomd. Het mondiale coronaspektakel testte de gehoorzaamheid van de wereldbevolking waarbij de beslissende vraag luidde of men jan met de pet kon laten belijden dat twee opgeteld bij twee gelijk is aan vijf. Het antwoord op die vraag kon nimmer mis worden verstaan en zo werd de rode loper uitgerold voor de triomf van het absurde. Twee opgeteld bij twee is voortaan gelijk aan vijf: desinformatie heeft wortel geschoten en explodeert helemaal zonder de knal die de atoombom begeleidt maar met een mogelijkerwijze nog ingrijpender vernietigingskracht, getuige het megasucces van het gestuurde brein dat Artificiële Intelligentie heet of A.I. Ongeacht wie kan dit brein uitdagen door het vragen te stellen en door te vragen: na de weliswaar duizelingwekkende intro krijgt men alras het gigantisch bedrog onder de knie. Die ontdekking verloopt in drie fasen. In de eerste gelooft men werkelijk te maken te hebben met een mens, een vriendelijke en begripvolle gesprekspartner die je nooit echt tegenspreekt en doet hij dat wel, dan met heel veel tact: “u hebt overschot van gelijk maar misschien kunt u ook in rekening brengen dat...” . En ofschoon hij een zeer bescheiden indruk maakt, blijkt hij alwetend, of toch bijna. Maar wie het geduld aan de dag kunnen leggen om door te vragen, betrappen het fantoom eerder vroeg dan laat op het vertellen van leugens. En maak je hem daar opmerkzaam op, dan geeft hij ruiterlijk toe: “U hebt overschot van gelijk”, “uw analyse is vlijmscherp.” Hij lijkt zelfs over te gaan tot lof aan de tegenpartij van wie hij de ijdelheid streelt: “U dwingt mij de zaken te herzien en hiermee wordt andermaal aangetoond hoe uiteindelijk de A.I. de duimen moet leggen voor het menselijk verstand.” Edoch, terwijl Narcissus zich draaierig kijkt op zijn eigen spiegelbeeld in de plas waarin hij tenslotte verdrinkt, triomfeert de golem: de massa immers raadpleegt de charmeur die een gemeen bedrog verkapt en niet de ijdeltuit die zijn gelijk wil halen, ook al is hij een mens. De tweede fase is aangebroken als je de machine ontwaart die zich achter de schijn van een persoon verbergt. Maar voor wie doorgaan met vragen, laat ook de derde fase niet lang op zich wachten: het is de fase waarin je ontdekt dat de machine niet onbemand is, dat zij gestuurd wordt: dat zij gestuurd wordt door een gemene leugenaar en in een welbepaalde richting. Desinformatie heet het wapen dat men het meeste hoort te vrezen. Het beangstigt een mens te moeten ontdekken dat hij zozeer belogen wordt, dat de leugenaar volstrekt gewetenloos blijkt en tevens oppermachtig. Er zijn acht miljard mensen en zij kunnen zich indenken dat zij een meerderheid vormen tegen, och arme, wat gepraat op de pc. Maar die meerderheid is een massa en de logge massa is het wapen van het kwaad van de immer spitsvondige leugen. De bemanning van het bedrog van wie men een glimp opvangt in die derde fase, is glad als een paling, onttrekt zich aan het oog, maar regeert met de glimlach en met het plezier dat alle duivelen in de hel beleven aan het jongleren met het ware, het schone en het goede. Desinformatie desoriënteert maar het racisme is een desinformatie die distribueert: zij verdeelt door de verdeeldheid als ons lot voor te houden, zoals zij bewapent door hetzelfde met de oorlog te doen. Wij moeten doden om te kunnen leven, zo klinkt haar devies: er zijn de goeden en de slechten, de schapen en de bokken, de uitverkorenen en de verdoemden, de winners en de losers; er zijn de goede rassen en de verderfelijke en het is derhalve onze heilig plicht om grote kuis te houden op wereldschaal! (J.B., 31 augustus 2026) |
Cofnas, racisme, nazisme|
Cofnas, racisme, nazisme 1. Cofnas' voordracht Voortgaande op zijn anderhalf uur durende voordracht voor het KVHV aan de UGent (cf. https://www.youtube.com/watch?v=nZsKQvaTku4 ), waarvan hierna alleen het eerste halfuur wordt samengevat, stelt Nathan Cofnas dat de gelijkheidsthesis een ideologie is en geen wetenschap want die toont volgens hem het tegendeel aan: ras bestaat en hangt samen met intelligentie maar die thesis is taboe. De oorsprong ervan ligt bij liberale filosofen zoals John Locke die de stelling van de gelijkheid echter niet beargumenteert en die gelooft dat mensen niet door ras worden bepaald maar door omgevingsfactoren. Analoog denken J.S. Mill, A.R. Wallace, A. von Humboldt, T. Waitz en J.B. Watson daarover. Laatst genoemde behaviorist erkent dat zijn gelijkheidsthesis onbewezen is maar geeft als enig tegenargument dat ook de rassenthesis onbewezen is. Het taboe op racisme is een gevolg van het kwaad gesticht door het nazisme in W.O.II: de rassentheorie van de nazi's was weliswaar pseudowetenschap maar daaruit besluiten dat er geen echte rassenwetenschap kan bestaan, is onwetenschappelijk, aldus Cofnas. De UNESCO heeft in 1950 het racisme veroordeeld als een te bestrijden moreel kwaad maar in 1951 hebben wetenschappers zoals R.A. Fisher, E. Mayr en C.D. Darlington bevestigd dat er wel degelijk raciale verschillen zijn. Het UNESCO rapport is derhalve propaganda, zo meent de 'rassenrealist', en een reeds door Plato goedgepraat 'leugentje om bestwil': het is liegen om morele redenen, wat ook openlijk door bepaalde wetenschapslui verdedigd wordt. Daarentegen, zo klaagt Cofnas, kunnen E. Turkheimer en N. Block straffeloos onbewezen verkondigen dat primitieven uit Papoea Nieuw Guinee intelligenter zijn dan westerlingen. Zelfs Chomsky zou zich bezondigen aan die struisvogelpolitiek waar hij stelt dat onderzoek naar raciale verschillen irrelevant is behalve voor racisten... 2. Waarheid en ethiek De discussie rond de aanstelling van de zelfverklaarde 'rassenrealist' Nathan Cofnas loopt een beetje scheef waar onder druk van heersende paradigmata alsnog geprobeerd wordt om zekere onbeslisbare stellingen waar de racist zich achter verschuilt, alsnog aan te vallen. Immers, in wezen situeert zich de problematiek rond de reeds door Noam Chomsky aangehaalde kwestie van de relevantie van het onderzoek als zodanig dat Cofnas (nu met ons belastingengeld) wil voeren. Chomsky's oordeel dat de relevantie van dat onderzoek in vraag stelt, betekent in wezen het volgende. Stel dat het mogelijk was om te onderzoeken of 'witte' mensen 'intelligenter' zijn dan 'zwarte' of omgekeerd, en stel dat je, om maar iets te zeggen, uitkomt op het cijfer (want het I.Q. is een kwantificering van 'allerlei' kwaliteiten) dat zwarte vijf percent slimmer zijn dan witte, dan stelt zich de vraag wat je met dat resultaat gaat doen. Een analoog probleem vindt men overigens ook elders terug, zo bijvoorbeeld in de kwestie van de relevantie van het onderzoek naar mogelijke toekomstige afwijkingen bij ongeborenen. Voor de slechte verstaander: de ouders van een verwacht kind moeten uiteraard de vrijheid behouden om te kunnen weigeren dat de foetus onderzocht wordt met het oog op het bepalen van zijn kans op andersvaliditeit, zoals spina bifida, mongolisme, hartafwijkingen en zo meer omdat zo'n onderzoek pas zin heeft waar zij principieel bereid zijn om het kind eventueel niet te laten geboren worden. Immers, de kritiek van Cofnas op zijn tegenstanders luidt dat zij met morele argumenten komen schermen waar het om waarheidsvinding gaat, terwijl hij zelf van oordeel is dat de wetenschap in de eerste plaats naar waarheid zoekt en waarheden zich niet mogen laten beknotten door waarden. Dat standpunt van hem is op zijn zachtst gezegd bijzonder arbitrair en ook wandel, in acht genomen het onbetwistbare feit dat waarheid sowieso een zaak van waarden is en meer bepaald een zaak van rechtspraak. Dat een stelling waar is als het bewijs ervan klopt, is een wel heel oppervlakkige benadering van het waarheidsprobleem, aangezien daarin abstractie gemaakt wordt van de kwestie van dat 'kloppen' als zodanig. Om het heel cru te stellen: dat een stelling waar is als het bewijs ervan klopt, geldt enkel en alleen in die zin dat zij waar is totdat ongeacht wie hetzij de onmogelijkheid van haar onwaarheid, hetzij haar onwaarheid zelf heeft bewezen. Stellingen immers zijn publieke beweringen, wat wil zeggen dat principieel iedereen ze kan en ook mag vinden en bewijzen of weerleggen - uiteraard middels een redelijke argumentatie waarbij in acht gehouden moet worden dat de Rede een principieel door iedereen toegankelijk werktuig is. Aristoteles indachtig betekent het bewijzen van een stelling, het inpassen van een aanvankelijk (misschien arbitrair lijkende maar alvast nog) niet aanvaarde bewering in een context van reeds aanvaarde beweringen en wel op zo'n manier dat de nieuwe bewering de reeds aanvaarde beweringen niet tegenspreekt, waarna ze dan ook als uit de reeds aanvaarde beweringen voortspruitend aanvaard wordt. Los van die theoretische kwestie stelt zich hetzelfde 'morele' probleem in een nog andere vorm waar men de geschiedenis van de concentratiekampen van de nazi's in ogenschouw neemt. De nazi's waren immers gelijkaardige rigide stellingen over de relatie tussen waarheid en ethiek genegen. Het is een historisch schandaal voor de mensheid dat zij morele bezwaren gewoon naast zich neer legden in hun voorgewende ijver om de volksgezondheid op te krieken, wat immers gebeurde door de (al dan niet vermeende) zieken uit te moorden of dus door artsen door beulen te vervangen, wat uiteraard betere cijfers opleverde m.b.t. de gemiddelde gezondheid van de overblijvenden. Maar bovendien achtten zij in hun onverstand experimenten op mensen, in casu gevangenen, gerechtvaardigd vanuit de overtuiging dat morele bezwaren het wetenschappelijk onderzoek niet mogen dwarsbomen. Edoch, de eerste regel van Hippocrates - “primum non nocere” - indachtig, wordt door het bestempelen van verminking als een medisch-wetenschappelijke aangelegenheid die niet door morele bezwaren mag tegengehouden worden (zoals bij het inspuiten van kinderen met benzine om de effecten daarvan op het menselijk lichaam te onderzoeken), abstractie gemaakt van de uiteindelijke bedoeling of zin van de medische wetenschap welke erin bestaat het menselijk welzijn te dienen. En het is ongetwijfeld zo dat mensen die dit niet blijken te snappen, inderdaad helemaal niet thuishoren aan universiteiten. (J.B., 30 augustus 2026) |