Geschiedenis
De naam "Halloween" is afgeleid van Hallow-e'en, oftewel All Hallows Eve (Allerheiligenavond), de avond voor Allerheiligen, 1 november.
In de Keltische kalender begon het jaar op 1 november, dus 31 oktober was oudejaarsavond. De oogst was dan binnen, het zaaigoed voor het volgende jaar lag klaar en dus was er even tijd voor een vrije dag, het Keltische Nieuwjaar of Samhain (uitspraak Saun, dat ook het Ierse woord is geworden voor de maand november). Er zijn geen aanwijzingen dat er aan dit feest aan het einde van de zomer bepaalde cultische of rituele gebruiken waren verbonden.
In de 9e eeuw vierden Frankische en Engelse christenen Allerheiligen op 1 november, terwijl men in Ierland Allerheiligen op 20 april vierde. In de loop van de tijd ontstonden er allerlei christelijke gewoontes. Op Allerzielen (2 november) gingen in lompen gehulde christenen in de dorpen rond en bedelden om zielencake (brood met krenten). Voor elk brood beloofden ze een gebed te zeggen voor de dode verwanten van de schenker, om op die manier zijn bevrijding uit de tijdelijke straffen van het vagevuur te versnellen en zodoende zijn opname in de hemel te bespoedigen. De trick-or-treattocht vindt wellicht daar zijn oorsprong.

|