Vol van genade
onder een levensboog met
staat met wijd gespreide armen
de Beminnelijke Maagd,
het is haar gelukt een verzonken hek
zij strijkt met warme honing
en bevrucht opnieuw de zin
daar de aarde verwoestend
middels de duivelse geest
eer het gras op wortels kan duiden,
en snijdt het zwaard in gebalsemde fundamenten
doch allengs in voortgang en licht verval
zodat niet de dood victorie kraait


