Naar de inhoud

Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 6

akke.beakke.be

Archief

Ik en koffiedik

 

 

stuur ik nog wel
op dat wat komt
of lig ik aan een infuus
dat mijn bewustzijn verstomt

verlies ik de grip,
zo die bestaat,
op dingen van belang

lijkt het maar zo
en gaat het onvoorspelbare
gewoon zijn eigen gang

het lijkt uitkijken
naar iets dat een mens verwacht
maar waar de tijd meester is,
en mij als onderdaan veracht

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 11:33

Vol van genade





onder een levensboog met
goudblinkende trompetten
staat met wijd gespreide armen
gekleed in een laken vol witte rozetten
de Beminnelijke Maagd,
 eeuwig verlicht door een fakkel in elke hand
het is haar gelukt een verzonken hek
te openen aan de hemelrand


zij strijkt met warme honing
over een zwartgeblakerde ziel
en bevrucht opnieuw de zin
die reeds vroeg in duisternis verviel
daar de aarde verwoestend
had huisgehouden in het engelenkind
middels de duivelse geest
die enkel de eigen adem bemint


eer het gras op wortels kan duiden,
storten ruïnes nog duizendmaal in
en snijdt het zwaard in gebalsemde fundamenten
van pijn en hellegewin
doch allengs in voortgang en licht verval
voedt het zoet een teder gevoel
zodat niet de dood victorie kraait
maar het leven zichzelf herkent als doel




Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

Perpetuum Mobile

 

 

al smeult het as en is vuur als de dood
waakt er toch een vlaag van puur purperrood
over verspreide paden door onzichtbaarheid
opdat geen traan zich daar verbrandt aan sterfelijkheid

ook al draagt mijn hand een hemel zonder gewicht
en zijn de ogen verdwaald of zichtbaar gedicht
waar ook nog kreten zijn gestaald door beproefde gebruiken
hoe duid ik jou, in vredesnaam, dat mijn rozen naar rose ruiken

of in wit zijn gebouwd op luchtige stromende stralen
die drijven over heldere toppen en neerslachtige dalen
gelijk het water het botsen tegen oevers kent
maar onbevangen in overgave aan voortgang is gewend

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

Onwetendheid

 

 

wat schuilt er toch in mijn gedachten
wie stuurt de stilte in mijn hoofd
hoe komt het, dat je blijft verwachten
wanneer wellicht alle antwoorden
reeds zijn verdoofd

zwijg ik de stilte aldoor
omdat mijn tong is verdroogd
en schreeuwt een hemels koor,
dat alleen mijn zwanenzang
nog wordt gedoogd

het is raden in een doolhof
met steeds meer onwillige heggen
of likken aan aardse stof
waarin dorre wortels
vruchteloos naar wijsheid dreggen

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

Unne sieleruste

 

 

icke bluuie effe op,
gelieck oewe sieje,
as die skemering faelt

dun daeg is dan bestreeje
ende draoge miene
swaore haande meeje

naor die fraogende naegt
moei van slegts
eene etmaol geleeje

ut flacke ontwaockt
as allengs ut ligt
sich ieler verspriede

telle skraope sich
sulcks bie elckaore,
leefe betaest ut geniete

urstes in die afont
bestaoi icke weere
vor unne korte duere

so is ut gewon
waj icke meene as
unne geruste sielefuere




(iegene taole)

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

De rozenkrans

 

 

gister verliet ik mijn huis
van dromen en verlangen
ook de straat bleef leeg
geen leven wist ik te vangen

zie weer de steegjes
waardoor ik liep
in jonge jaren
het was toen al
dat ik haast dagelijks
in eenzaamheid sliep

seizoenen waren als elastiek
of doods in de rek
leerde slenteren
zocht kontakt in denken
bladzijden vol
met verlaten mystiek

gister, buiten, vulde ik
weer een terras
vol met tafels en stoelen
en volgde de rozenkrans

telde daarin
voorbijgaande mensen
immers ieder weesgegroetje
was een kans

het bleef bij verstilde wensen


Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

Zomerklets

 

moe word ik steeds meer
van al dat rijmen en dichten
wroeten in de ellende, keer op keer
ik kan mijn voeten niet meer lichten

er gaat wat voorbij
aan woorden en tranen
zeg maar leed
het vreet aan mensen
zuigt je leeg
als door een non-stop slangenbeet

daar zijn er nog
die aartsoptimisten
van bloemetjes, bijtjes
en een door liefde
overgoten hemel
soms is dat pure fantasie
of zieltogend gezemel

zeker, de zon schijnt achter
grauwe of witte wolken
en iedere ochtend kennen we
het klapperen der gebitten
van de morgenstond

maar in huize De Laatste Wens
wacht telkens weer de nacht
onder leiding van zorgmanager
Gijsbert-Jan Avondrood

de goede man kan
vanwege zijn naam
eenvoudig gedankt worden
op bidprentjes bij weer een dood

het leven is een rijm
van mensenverhalen,
is een cryptogram
dat me telkens weer
op het spellen van woordjes
doet richten

en deze dan verzamel
opdat zij te samen
met mij en opnieuw
voor de basale poëzie zwichten


Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 00:00

Meer van Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 6

↑ Terug naar de berichten