senryu: glazenwasser
glazenwasser
achter 't mensenraam
klemmen leugens de waarheid
aan kortgezichten
kerima ellouise ©
kerima ellouise : woorden in wind
senryu: glazenwasser
glazenwasser
achter 't mensenraam
klemmen leugens de waarheid
aan kortgezichten
kerima ellouise ©
van dag noch uur
van dag noch uurhet veldin onbeslapen lijnennodigt me uit tot vertetot vergeten wat dichtbij lagen zich niet beschrijven lietwellicht probeerde ik gelukals woordwie hield me immers tegenom op te gaan in lichte zinnenrozelaarsen herschreven stillevensde lucht is schaduwloosen –zoals dat gaat- in bloeizo anders dan de tijddie nu mijn waan verzameltde wolkengrijs, de vlagen zwarten alles wat nog donkerin mijn buik ligt opgebaard
kerima ellouise ©
geroezemoes

geroezemoes
ik weetwaarom jouw zwijgende dag onderdompelt in bleke kringenom je ogen(stil maar)hoe het geschuifelvan beminnen kan klinken in holle handenals koude op het winterstranduit woordennoodomdat lippen sterven en de helften van jouw hartzwart maken in geschonden duinenen in alles wat is geweest(stil maar)dit is onze wereld en het zwenkenvan de zee
kerima ellouise ©
met kleine gezichten
met kleine gezichtenopnieuwraakt mijn stemde dagen van dobberende bootjesop vuurduinen te traagtussen vreemde mensenik ben getuige van mijn mondwaarin iedereen verdwijnt en de zeehetzelfde begint te zijnkinderen lopen naakt hun lijfjes voorbijmet licht en schelpjesaan het oorin en uit het water, hun ademlangs de barensweeënalsof dit gedicht te beluisteren valtin de baarmoeder vanhet zand
kerima ellouise ©
Nestbloed
NestbloedMisschien was ze dertien. Een meisjevan dertien is een kind. Een meisjevan dertien is een vrouw. Een kindis een vrouw. Misschien was ze twaalf.Misschien had ze borstjes. Een meisjevan twaalf heeft borstjes. Een meisjevan twaalf is een kind. Een kind heeftgeen borstjes. Misschien was ze dertien.Misschien was ze een kind. Maar was zeniet alleen. Kinderen kermen niet. Misschienwerd ze een vrouw. Een vrouw met een vader.
Een kind met een moeder. Een vrouw met broers.Misschien was ze gewoon niet. Tien of twaalf.
kerima ellouise ©
wie niet weg is, is gezien - zwarte schoentjes

wie niet weg is, is gezien
(versie één)
wolken vallen op daken
en langs de kant van de weg,
in plassen regen, kijk ik terug
naar dode bloemen en gezichten
achter ramen, die ik nog steeds
tel, van één tot tien
ze herkennen me niet
noch de droefheid die ik draag
achterwaarts
naar het zwarte huis
en de appelboom, mank
door het sterven van seizoenen
bij elf zoek ik mezelf en het kind
als een oneindigheid zonder
schaduw
maar vind de kleuren niet
enkel het jongleren van
gesloten jaren
ik ben weg, nooit gezien
kerima ellouise ©
zwarte schoentjes
(versie twee)
wolken vallen op
daken
ik tel ze
van één tot tien, tot gezichten
achter ramen
ze herkennen me niet
noch de droefheid die ik draag
achterwaarts
naar de appelboom, mank
door het sterven van
seizoenen
(ze kan doodgaan, zegt men)
bij elf zoek ik mezelf en het kind
als een oneindigheid zonder
schaduw
maar vind de schoentjes niet
enkel het jongleren van
gesloten jaren
ik ben weg, nooit gezien
kerima ellouise ©
voltooiing
voltooiing
ik hoor het lied vanjouw tuin
het zingt zo mooi
over stilte en omarming, over
een samenvloeien van zoeken en ogen
over het vinden van schoonheid
de ontmoeting met jou
om te bewaren
als wit linnen in
mijn ziel
voor Hieke
kerima ellouise ©
Gebundelde stilte
Stilte in het tegenlicht
De bundel bevat ongeveer 90 gedichten
Prijs: voor de belgjes : 10 € (incl. verzendkosten)
voor de lieve buurlandertjes: 13 € (incl.verzendkosten)
Wilt u graag deze boreling wiegelen met eigen ogen
voor verdere info: kerima.ellouise@hotmail.com
ISBN 978-3-86703-895-9
Engelsdorfer Verlag
een handvol namen
een handvol namenin mijn straatwoont een staden wanneer ze ontwaaktlijkt het licht te veranderenin raamloze huizenzwijgende gezichtenlekken door murenalsofde dag nooit spreektzoals de vreemde minnaardie onder het dekendak een naamzoekthaar verhaal probeert te onderscheidenvan het zijneik kom hem wel eens tegenhij gaat haastig met de stenenmeedag Louise
kerima ellouise ©
doorploegd
doorploegdangst. om eens de dagdie zich niet verder dan de nachtverdelen zalkoud. het schuimdat over akkers valt en aan het ouderhuis vreetvinger na vingerherinneringen uitkotst op lendenenvan het vaderlandschap, noodlottigveroordeeld-nog eenmaal-het zoeken naarwaarheid. (onuit)roeibaar langsde gordel en de deur verderoplaat mij. wat moet ik nogik ben geen moordenaar, zegt hijgerechtigheid is niet voor dochtersmélangez-vous
kerima ellouise ©
een Drentse knipoog

een Drentse knipoogwanneer ik vogelszie spelen in de lucht- ik vang jouen jij vangt mij –dan word ikzomaar blijen glimlachmet kleine handen naarde stiltezoiets als heimwee‘n tikkeltje dan
Speelweide
foto: Drentse Open-Dicht poëziefestival
speelweidedoe je ogen dichten luister- hoor je de poëzie -ze hoeft niet waterpas te zijnvoor de vogel die in het lichtstralen zalnoch voor het sterrenbeeldwaarop de nacht fluit metverliefde vingersdenk open luchttussen bomen en de drie heuvelsdie in en uit zinnen stappen als zomerpassagiersmet een hartopengewreven dooreen late zonlosjesweg in mijn hals gekust
kerima ellouise ©
stilte woorden



toegangsbewijs

toegangsbewijsneem mijn liefhebben meenaar de tuinen vraag aan hendie met stenen hoofdende aardkleuren opgravenof de kalkwitte woordenop mij lijken(je ne suis pas belle)misschienzijn ze slechts een vertragingvan oppervlakte, te eenvoudiglosgescheurduit een voldragen cirkelvan weleer(je ne suis pas belle)want zo was ons samenzijnin stille dagen toen wijzochtennaar die ene oogopslagvan tijd
Gastgedicht + kunstwerk van ClaireQ : Hoop

foto: ClaireQ ©
kunstenaar: ClaireQ ©
Hoop
Wanneer straten doodlopend lijken
de aarde onder mijn voeten
weg splijt
rozen hun kelken doen hangen
het sterven mij dieper lokt
oostenwind mijn ziel uitrekt
transparant in een ijzige zucht verdwijnt
breken mijn ogen broos
zoals ze behoren te breken
zoals wimpers zilte splinters opvangen
zo zwaaien kloosterdeuren
moeiteloos open
groeien te korte vleugels omhoog
naar de vol gevulde blauwe lucht
daar hoor ik de stem van poëzie
over een allesomvattend leven
in vreemde tongval fluisteren zuiver spreken
alsof mijn stilstaande zee
uit woestijnen barst
over de uitgerolde fluwelenrode lopers golft
naar het innerlijk weten
de kern van het bestaan(srecht)
claireQ ©
dank je wel ClaireQ!
Gastgedicht van Appelboom: Huil de bloemen maar
Huil de bloemen maar
Kom dichterbij, lieverdliefdicht herfst en regen tot gewaden
van troost, ik wrijf de dode tijd
wel uit jouw ogen.
Niets is vergeten,
zelfs niet mijn schouder die immer
hoofden draagt.
Nu ook jouw tranenspoor
in de nacht verdwaalt, luister ik
naar het begraven van je tong. Leg
stenen opzij en huil de bloemen
maar.
Kom dichterbij, lieverdlief
laat me jouw stilte oogsten.
Appelboom ©
Ik dank je Appelboom voor deze prachtige reeks gedichten
uit je bundel 'poëzie als rozenkwarts' !
koud weer
foto: locatie beeldentuin Dehullu 2007(Drenthe)
koud weerstiltefluistert zich opengrijs en immer nieuwwerpt mij in de spiegel, het onbekendeplein van de doodschuld wordt een gewassenbladzijdemijn hand uitgestrekt, witin koude regenwant daar begint hetvanbinnenik zie noch hoorwat mooi is of dat wat mijverlaten heefthet maakt ook geen verschilaan het eindevan mijn woordendraaien de dagen zich toch niet meer omniet op verbeten gezichtendicht of veraf
kerima ellouise ©
voetzoeker
voetzoekerdiep, heel diepgraaft hij een woning omhoog
als nalatenschap voor het onbewuste
schrijft gesprekken op muren
met vuistgrote peuken om het voetzoekennaar binnenrook te rechtvaardigenwant immers,hij is de danser tussen pluimen
die langs grenzeloze deuren glijdtmijn zolder bevrijdt van sluiptenen en kwelkommersvan rijstdons en grachtgeblaf, opgedroogd in’t hese
landschap
van drieklank frustratiesjonge goden
ademvrij
kerima ellouise ©
Opgedragen aan Nino
met hese stem
bron foto: http://aliceday.wordpress.com/
met hese stemik ben niet meer bewoonbaarnu alles schreeuwt omhet tekortwant waar is mijn wereldwaar zijn de dingen die gevoedwerden, vertrouwdzichtbaarals grijze ademin het bewierookte gekkenhuis, net buitende spiegel en het opzwellen vanmijn buikwaar zijn de ankersdie ik slaafs vasthield en in de tijd gooidezodat ik ze beleven konverzadigd, getroostdodendzoals voorbijgangersmet een mondvol as
kerima ellouise ©