Naar de inhoud

Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

akke.beakke.be
Welkom op mijn webblog :-)

Gedachtespinsels en andere kronkels

Archief

Over intrusies en andere kleine schrikjes van het brein.

Onlangs las ik in “spychologie magazine” ...je weet wel het online tijdschrift waar Freud, Jung en ander andere “spychologen” elkaar ontmoeten, iets over intrusies, bizarre gedachten en mini-scenario’s die nergens op slaan, maar toch even langskomen. Het ergste, ik zie alles gebeuren. Mijn brein is blijkbaar een fulltime regisseur van rampenfilms met een zeer beperkt budget. Zoals:

******

  1. Wat als ik een traptrede mis en de trap afval met mijn volle wasmand.
  2. Wat als ik op mijn fiets in volle vaart een helling afrij en mijn voorwiel  komt in een gat op de weg terecht.
  3. Wat als ik in het openbaar vervoer aan de noodrem trek? Gewoon  omdat ze daar zo uitnodigend hangt.
  4. Wat als ik mijn sleutels boven een straatputje laat vallen en pats, erin.
  5. Wat als ik ineens iemand in het water zie vallen. Wie springt er dan achter aan. Zou ik het zelf doen? Ik kan per slot van rekening zwemmen.
  6. Wat als ik bij het uitstappen per ongeluk tussen de trein en het perron val.
  7. Wat als ik iemand terwijl ik op de metro sta te wachten even een heel klein duwtje geef… wat als ik zelf spring. Zou het pijn doen?

******

Het zijn fracties van seconde, flitsen die opkomen en weer verdwijnen. Ik sla ze af zoals ik alle negatieve gedachten van mij afsla. Met een lichte hoofdbeweging, alsof ik een vlieg wegsla. En ga verder met de gewone dingen van de dag.

Gelukkig zeggen professionals in het artikel dat dit soort gedachten volkomen normaal zijn.

Maar soms blijft er eentje hangen.

Zoals die keer op een speelplaats, waar mijn dochtertjes samen met een paar vriendinnetjes wat rond aan het fietsen waren. Vlak bij de ingang liep een steile weg naar beneden. En toe gebeurde het, één van de vriendinnetjes reed gevaarlijk dicht bij de rand. In plaats van snel naar het kind te rennen stond ik erbij als verlamd, maar in gedachte zag ik het helemaal voor me, het meisje dat in volle vaart naar beneden reed, een complete scene met gegil en tranen.

Haar moeder was net op tijd om haar tegen te houden. Mijn lichaam had gekozen voor de bevries-stand, terwijl mijn brein al drie stappen verder was. De verwijtende blik van de moeder zal ik nooit vergeten. Zo’n blik die zegt: “Echt? Jij stond hier gewoon…te staan?” Ik voelde mij zichtbaar in mijn stilstand, betrapt in het nietsdoen alsof ik iets had fout gedaan.

Maar nu weet ik: dat bevriezen is net zo normaal als die intrusies. Het brein dat even niet meer weet of het moet springen, grijpen of wachten. Een fractie van een seconde waar alles tegelijk gebeurt en niets tegelijk lukt.

En eerlijk? Dat vind ik ergens geruststellend. Mijn brein mag dan af en toe rare dingen doen. Maar blijkbaar ben ik gewoon mens. Een mens met een levendige verbeelding, een scherp oog voor wat er mis kan gaan, en een zenuwstelsel dat soms even op pauze drukt.

www.ggznieuws.nl/veel-mensen-hebben-last-van-intrusies-bizarre-gedachten-aan-iets-wat-je-niet-wilt/

Geschreven door Loewiesa om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht

Mijn heimelijk pleziertje

Ik kijk naar Thuis. Sommige van mijn Vlaamse vrienden halen daar hun neus voor op. Niet cultureel genoeg in hun ogen en ze kijken met die zuinige blik van lichte verontwaardiging en superieure glimlach. Maar ik, ondertussen alles schaamte voorbij, ik kijk. En ik kijk graag. En als ik niet kan kijken dan neem ik het op, of ik kijk terug. Een dag zonder Thuis, is een dag niet geleefd.

Mijn kennismaking met Thuis was trouwens geen bewuste keuze. Ik werd er in 2000 ingeloodst door mijn toenmalige Gentse vent, inmiddels al lang weer ex, die vond dat een degelijke inburgering in Vlaanderen niet kon zonder “F.C. de Kampioenen”. En “Thuis”... Dat hoorde bij het pakket. 

In het begin moest ik vooral wennen aan het taalgebruik, ik keek in die tijd nl zelden naar de Vlaamse tv. Met mijn Franse echtgenoot bevond ik mij eerder in een Franstalige inburgering: de televisie stond vrijwel uitsluitend op de Franstalige zenders. Alleen wanneer hij er niet was, keek ik naar Engelse series of de een of andere kookrubriek.

Vlaamse televisie was voor mij iets uit een ander universum. In mijn jeugd keken we er thuis nauwelijks naar. Behalve op zondagavond, wanneer Kapitein Zeppos en Johan en de Alverman ons toch voor het Vlaamse scherm kregen.

Ik kende ook geen Vlaamse zangers, Nou ja wel eens van Will Tura gehoord en van Eddy Merckx, maar verder…? Nederlandstalige muziek was sowieso niet “hip” bij mij en mijn leeftijdsgenoten. Wij waren Rock, Blues & Soul. Boudewijn de Groot, Rob de Nijs (kon nog net) en dan hield het wel op.

Bij sentimentele liedjes als “Huilen is voor jou te laat” van Corry en de Rekels en andere "noodnummers" ging de radio resoluut even uit, al kan ik dat nummer en veel anderen van dat soort liedjes nog steeds woord voor woord meezingen. Want zo werkt het geheugen: selectief, koppig en soms genadeloos.

Maar goed, "Thuis". Ik kijk dus naar “Thuis” Dat heimelijk pleziertje waar ik me niet meer voor schaam. Wat ooit begon als bijna verplichte kost en waar ik zo aan moest wennen, werd langzaam een bijna antropische fascinatie. De taal, de manier waarop conflicten altijd iets te snel worden opgelost of net iets te lang blijven sudderen.

En dan zijn er de personages van wie ik sommigen “haat” als ik alleen hun kop al zie, met een bijna gênante intensiteit, omdat ze mij doen denken aan mensen die ik ken. Mensen die ik zelf liever niet (meer) in mijn omgeving heb. Thuis is soms als een spiegel die zich elke avond voor mij neerzet. En ik herken en zucht…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

De kunst van het wegkijken

Onderstaande tekst heb ik al eerder gepost in 2011 en na zoveel mogelijk verkeerd geplaatste komma’s op andere verkeerde plaatsen neergezet te hebben en wat spaties heb verwijderd vind ik dat het nog steeds kan.

Ondertussen zijn er de moeders met hun smartphone bijgekomen. Hun kinderen zitten smekend om aandacht in hun kinderwagentjes, hun speeltje ligt op de grond, maar moeders is bezig. Moeders scrollt met haar lange, lelijke, onpraktische, fluonagels en deelt haar drukke leven op het internet.

Er stapt een vrouw in de bus. Ma Flodder in hoogsteigen persoon vergezeld door een stel kleine flodders.

Een van de kinderen, een jochie van een jaar of zes naar ik schat aan de ontbrekende voortanden, doet het waarschijnlijk nog in zijn broek te horen aan de honende opmerkingen, die zijn twee broertjes, zusje en zijn moeder maken. De laatste zou toch beter moeten weten, denk ik dan. Hij wordt bespot, uitgelachen, uitgescholden en vernederd en moeders doet mee. Het kind kijkt schuw naar beneden, alsof hij zich kleiner probeert te maken dan hij al is. Ik heb met het ventje te doen. En ik erger mij aan het wijf dat voor zijn moeder moet doorgaan.

Tegenwoordig heb je voor alles een diploma nodig. Zelfs indien je een carrière als schoonmaakster ambieert moeten er testen afgelegd worden. Hoe belangrijk is het immers om te weten of je beneden begint, ergens in het midden, van boven of toch maar ergens van onderen. Ik ken trouwens iemand met een hogeschoolopleiding die voor dit examen gezakt is. Dit even terzijde.

Maar ik ben laf, zoals de andere mede busreizigers die voor zich uitkijken en niks horen.

Bang voor een grote bek van het lelijke wijf met haar lelijke smoel. Zo van: “Waar bemoei jij je mee, trut “Et de quoi je me mêle?”

Ik hou lafhartig mijn mond.

Geschreven door Loewiesa om 19:15 4 reacties Reageer op dit bericht

De oude man in de supermarkt

Uit de luidspreker komt de typische “niks-aan-de-hand-muziek” het gastvrije masker van de supermarkt, want de muziek bepaald immers de toon of is het omgekeerd? Een oude man schuifelt door de winkelrijen met een piepend winkelkarretje. In zijn hand klemt een papiertje met de grote beverige letters van héél oude mensen. Hij lijkt wat verloren. Hij spreekt een vakkenvuller aan “Mijn vrouw is overleden en nu moet ik de boodschappen doen, maar ik vind niets, waar staat het hondenvoer?”

De jongen wijst zonder verder op te kijken. “Naast het kattenvoer”

De oude man knikt langzaam, alsof hij die logica probeert te begrijpen. “En waar staat het kattenvoer…? “Daar heb ik nu geen tijd voor” zegt de jongen, die ik net nog heb zien lachen met een collega vakkenvuller, zonder verder op te kijken.

Ik krijg medelijden met de oude man en denk aan mijn oude vader die zich indertijd ook zo verloren voelde na het overlijden van mijn moeder, zoekende naar het merk dat mijn moeder ook altijd kocht, het even kwijt, dat mijn moeder in meerdere winkels boodschappen deed.

“Kan ik u helpen?” hoor ik mijzelf, die tijd in overvloed heb, zelfs als ik die niet heb, vragen.

Geschreven door Loewiesa om 08:11 4 reacties Reageer op dit bericht

Nachtelijke energie

4 uur s ’nachts kent al mijn geheimen. Niet dat ik veel geheimen heb. Mijn geheim stopte op een warme lentedag 10 jaar geleden toen zijn zoon mij belde om te zeggen dat zijn vader een hersenbloeding had gehad. In de telefoon van zijn vader had hij onze veelvuldige berichtjes gezien. En zo maakte ik onverwacht kennis met zijn zoon en met zijn ouders en met… de olifant in de kast en die blies met zijn lange snuit, heel ons verhaaltje uit…

En verder ben ik ’s nachts, een soort Marie Kondo* op speed en krijg ik wanneer ik weer eens niet kan slapen, zin mijn kledingkasten te legen en te herschikken. Mijn planken puilen uit, wanneer ik er iets uit wil halen valt de helft eruit. Ik stoor me er mateloos aan. Ik maak stapels, van mijn truien, van mijn bloesjes, mijn jurken en mijn broeken en op raad van diezelfde Marie Kondo, vraag ik me af of ze me nog gelukkig maken. Mijmerend in mijn warm bed zie ik het helemaal voor me, mijn kast helemaal op orde.

De zolder opruimen, zodat mijn kinderen later niet met mijn rommel blijven zitten. Hoewel één van mijn dochters al heeft laten weten, dat alles “gewoon naar de container gaat” dus dat zolder opruimen kan ik in feite met een gerust hart uitstellen, maar toch… Toch blijf ik het doen. Nachtelijke plichtsgetrouwheid is hardnekkig.

Ontspullen heet dat tegenwoordig. Heerlijk, ik voel me bij de gedachte alleen al helemaal zen.

Zelfs mijn gang krijgt een make-over: de muren krijgen eindelijk die tweede laag verf, Een mooie Feng-Shui plant in de nis waar nu een schoenenkast staat. Alles is mogelijk om vier uur ’s nachts.

En dan dat eigen boek of een bundel met korte verhalen dat ik van plan ben te gaan schrijven. Want als ik andermans boeken en verhalen lees, denk ik; dat doe ik ook wel even. Want in de nacht geloof ik in mezelf zonder moeite.

Uiteindelijk val ik in slaap. De volgende ochtend zit ik, moe met mijn beker vers gezette koffie, voor mij uit te staren. In mijn hoofd liggen de stapels uit te zoeken kleding nog steeds op mijn bed en op de grond en overal. Waar moet ik met al die spullen naar toe? En zei mijn moeder niet ooit? “Je moet nooit iets weggooien, de mode is een eeuwig terugkerend fenomeen” De ochtend heeft mijn grootse plannen geruisloos weer laten verdwijnen.

Marie Kondo * Japanse schrijfster van o.a. het boek: De levens veranderende magie van het opruimen

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

Nieuwsfeitje van beperkt maatschappelijk belang.

Tijdens een tussenlanding op de Nederlandse luchthaven Schiphol, dat labyrint waar zelfs Google Maps de weg kwijtraakt verdwijnt een 78-jarige Hongaarse man spoorloos. Zijn zoon in Florida is in totale stress. Hoewel zijn vader helemaal geen schuwe man is en behalve Hongaars een paar woorden Duits spreekt, komt hij, volgens zijn zoon uit een andere wereld en is aan een overweldigende wereld als Schiphol gewoon niet gewend. De Nederlandse Marechaussee is in opperste staat van paraatheid, camera’s worden teruggespoeld…

En waar blijkt meneer uiteindelijk te zitten?

In een Amsterdams hotel.

Hij wilde juist een massage bestellen…

Alsof hij had gedacht: “Amsterdam? Daar hoorde ik vroeger in mijn jeugd al verhalen over. De stad waar alles mag, De stad van de Flower Power en de hippies. De stad van the open-minded  De stad, waar je ongestoord op elke hoek van de straat van bil kan gaan, inclusief een lijntje coke. Waar je de politie gewoon kan vragen hoe dat snuiven nou precies moet en je netjes gedegen uitleg krijgt… Het is nu of nooit!”

Geschreven door Loewiesa om 00:00 3 reacties Reageer op dit bericht

St Valentijn

Het is weer zo ver. We worden er weer eens met onze neus opgedrukt. Valentijn is in het land. Zaterdag 14 februari de liefdevolle geluksdag. Voor de een gewoon commerciële volksverlakkerij en voor de ander hèt moment om luidkeels te verkondigen hoe verliefd ze wel zijn en hoe veel ze wel van elkaar houden. Alsof dat niet gewoon kan, elke dag, het hele jaar door.

De winkels vol met vreemde snuisterijen en alles is in het rood gekleurd. De prijzen van de bloemen swingen de pan uit. Pralines, cakes en andere taartjes in hartjes vormen. Bij de Lidl heb ik zelfs heel enge, onsmakelijk uitziende roodgekleurde ravioli gezien. (Harmonicaman had zelfs een aardappel in die vorm, hij heeft hem opgegeten (met rode kool) en nu maar hopen dat hij er niets van krijgt.)

Alles lijkt alleen nog maar voor twee bestemd, en overal die zoetsappige sentimentele glitterkaartjes. Sommige vrouwen moeten misschien wel zo’n eng, slecht zittend, vulgair setje aantrekken om hèm te plezieren.

En daar zit je dan in je zetel, in je eentje, stug volhoudend hoe gelukkig je wel bent dat je vanavond tenminste je eigen tv-programma mag kiezen. Ondertussen biedt je dapper weerstand aan de universele druk om vandaag met iemand chocolade in hartvorm te delen. Delen? Ik eet die chocolade zelf op, iemand moet tenslotte van mij houden.

Geschreven door Loewiesa om 09:20 2 reacties Reageer op dit bericht

Over algoritmes

 Als Neder-Waalse of als Waalse-Nederlandse, afhankelijk van de dag, volg ik het nieuws van overal. En soms valt er iets op dat niet alleen een land, maar vooral een systeem ontmaskert. Zo las ik gisteren iets over de algoritmes die ervoor zorgen dat de mensen van de reclassering een goede inschatting kunnen maken van het risico te hervallen van veroordeelde misdadigers. Een inschatting die heel belangrijk is voor adviezen waarop rechters straffen baseren. En hiermee gaat het in Nederland al sinds 2018 fout.

”De formules die gebruikt worden voor de inschatting van recidive bij gedetineerden en niet-gedetineerden zijn met elkaar verwisseld. Hierdoor wordt de kans op recidive bij niet-gedetineerden hoger ingeschat, en bij gedetineerden juist lager” (NOS)

Jarenlang werd er gerekend met verouderde Zweedse data, werden cruciale variabelen door elkaar gehaald en vergat men bijvoorbeeld psychiatrische aandoeningen mee te nemen. Eén op de vijf voorspellingen zat ernaast. Dat is geen kleine foutmarge als het gaat om het al dan niet vrijlaten van mensen. Het rapport noemt het “gênant” en dat is nog zacht uitgedrukt.

Maar in het klein, en misschien niet zo belangrijk, maar voor mij toch ergerlijk genoeg, zie je hetzelfde hier bij Seniorennet. Een platform dat ooit bedoeld was om mensen te verbinden, maar waarvan de algoritmes al jaren lijken te draaien op een soort digitale Alzheimer.

Je klikt uit nieuwsgierigheid eens op een blog dat helemaal bovenaan staat, een oude bekende, helemaal uit het niets. En wat blijkt: sinds 2017 is er niets meer geschreven, geen foto’s, geen commentaren, geen beweging. En toch blijft het algoritme haar naar voren schuiven, als een digitale geest, alsof het systeem weigert te erkennen dat de tijd voorbijgaat. Ergens is dat ontroerend, eeuwig nummer één, en leuk voor de familie, een soort Bohemian Rhapsody van de platvorm, maar ook een beetje pijnlijk.

Tot iemand de moed vindt om op “opschonen” te drukken. Want wat zegt het over een platvorm als de doden bovenaan blijven staan omdat niemand het systeem nog begrijpt, laat staan onderhoudt?

Een systeem dat ooit met goede bedoelingen is gebouwd, maar die zonder zorg, kennis of kritische blik langzaam ontspoort.

Geschreven door Loewiesa om 10:13 2 reacties Reageer op dit bericht

Mijn broertje

Vandaag was het de verjaardag van mijn broertje, hij zou 70 jaar geworden zijn als hij in diezelfde maand in 2002 geen einde aan zijn leven had gemaakt. Het paste wel bij hem, dat plotselinge einde. Hij deed altijd alles anders. Altijd in voor iets nieuws, altijd aan het experimenteren, iets waar het Amsterdam van de jaren zeventig royaal in voorzag. Hij had zijn eigen verhaal, zijn eigen demonen, zijn eigen keuzes.

Hij had een briefje voor mijn ouders achtergelaten waarin hij schreef dat het niet hun fout was geweest. Maar toch… Ik weet nog hoe kwaad ik toen was, kwaad op hem, op de wereld, op zijn foute vrienden en vriendinnen, op mezelf omdat ik hem niet had gezien, niet had kunnen tegenhouden, niet had… ja, wat eigenlijk. Alsof ik hem ooit had kunnen stoppen. Hij was altijd onderweg naar een plek waar wij hem niet konden volgen…

Vandaag merk ik dat mijn gevoelens veranderd zijn. De kwaadheid is niet weg, kwaadheid gaat nooit helmaal weg. Maar ze is gestopt met grommen. Ze zit ergens achteraan, als een hond die eindelijk is gaan liggen. Wat overblijft is iets anders, geen vergeving of begrip, maar een soort van onverschillige zachtheid.

Het verdriet van mijn ouders was het moeilijkst. Dat stille verdriet dat altijd aanwezig was. Dat briefje “het was niet jullie fout”. Alsof een schuldgevoel zich zomaar laat wegschrijven.

En toch mis ik hem, zijn rare ideeën, zijn plotselinge plannen, zijn manier om alles net anders te doen dan de rest. Dan vraag ik mij af hoe hij zou denken over de tegenwoordige toestand in de wereld. Wij zouden waarschijnlijk ruzie krijgen, elk onze eigen overtuiging, en hij zou kwaad weglopen. Zelfs zijn koppigheid mis ik, af en toe.

En iedere keer als weer even terug ben in mijn stad, kom ik hem tegen en loopt hij een stukje met mij mee.

Geschreven door Loewiesa om 20:10 4 reacties Reageer op dit bericht

Meer van Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

↑ Terug naar de berichten