Naar de inhoud

Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

akke.beakke.be
Welkom op mijn webblog :-)

Gedachtespinsels en andere kronkels

Archief

Het levende lijk.

Onlangs een mooi verhaal gehoord van mijn buurman die bij de gemeente werkt.

Hij had dit verhaal van een collega die op het kerkhof werkt. Het speelde in de zomer, het was warm, héél warm, zo warm dat de mussen dood van het dak vielen, maar dat is een ander verhaal…

Er moest een put gegraven worden. De grafgraver nam halverwege de kuil even een rustpauze zoals alleen gemeentearbeiders dat kunnen doen. Leunend op het handvat van de schop, het zweet van zijn hoofd wrijvend en ondertussen mijmerend alsof hij in hangmat lag in plaats van in een half gegraven graf.

En toen gebeurde het.

Een ijselijk gegil sneed door het stille kerkhof. Het bleek afkomstig van een dame die een graf iets verderop wilde bezoeken. Ze had, vanaf een afstandje, de kale schedel van de doodgraver nèt boven de rand van de kuil zien bewegen. En waar een ander misschien even zou knipperen, koos zij voor de optie, gillend wegrennen alsof de doden daadwerkelijk waren opgestaan.

Later toen ze weer enigszins bij haar positieven was zei ze, dat ze “het leven had voelen wegtrekken” De grafgraver zei dat hij “het liefst óók was weggerend, maar ja, iemand moest die put afmaken.”

Sindsdien heeft de gemeente een nieuw protocol ingevoerd: Elke werknemer op het kerkhof is verplicht een fluorescerend hesje en een daarbij passend petje te dragen. Niet voor hùn veiligheid, maar om te voorkomen dat bezoekers denken dat de doden tegenwoordig ook aan reflecterende werkkledij doen. De administratie is zo al ingewikkeld genoeg zonder spontane wederopstandingen.

Geschreven door Loewiesa om 10:09 2 reacties Reageer op dit bericht

Loewiesa en de zaak van de middelvinger.

 “This is where the Magic Happens” stond er op het vlijmscherpe deksel van het blik dat zojuist de knokkel van mijn linker middelvinger bijna tot op het bot had gefileerd terwijl ik de blikken en drankkartons nog eens extra stevig in de blauwe pmd-zak probeerde te duwen want ”ons bin zuunig” * en er kon nog best wat bij.

Bloedend als een rund liep ik op zoek naar eerst maar een doekje tegen het bloeden en de gapende wond dicht te drukken.  Daarbij moest ik, met één hand, de verbanddoos open zien te krijgen. Even een dilemma, werd het een pleister, of toch maar een gaasje? Ondertussen hield ik mijn gewonde hand onder de stromende kraan, terwijl ik ondertussen met mijn goede hand het zakje van het steriele gaasje open prutste.** En waar was in hemelsnaam die rol hechtpleister…?

Na een hoop gedoe met één hand en bloed overal was mijn vinger verpakt in een keurig wit gaasje dat niet lang wit bleef. Ik heb het nog een paar keer moeten vervangen en uiteindelijk gekozen voor een pleister.

Daarna begon het echte werk, het opruimen van de bloedspatten of beter gezegd, het wissen van de sporen. Een spetter hier, een veeg daar. Als een forensisch expert op een PD maar dan zonder wit pak en zonder lampjes reconstrueer ik de vorm, de grootte en de verspreiding van het bloed.

De sporen leidden me de trap op, richting mijn slaapkamer waar de verbanddoos staat. Op elke trede een vage afdruk, een stipje, een veeg. In de badkamer hetzelfde verhaal, een minuscuul stipje op de rand van de kraan… En telkens wanneer ik dacht dat ik klaar was, zag ik weer iets. Daar… nog een dunne lijn langs het keukenkastje. Het was alsof ik een rondedansje had gemaakt en elke oppervlakte leek te fluisteren “Ik weet wat je hebt gedaan”.

Het blik met het scherpe deksel stak nog steeds uit de blauwe pmd-zak, precies op de plek waar het zijn aanval had ingezet. Het glom onder het licht, alsof het trots was op zijn werk. “Magic Happens.”

En terwijl ik de pmd-zak dichtknoopte, stak mijn eigen middelvinger, dik ingepakt en licht kloppend, als een stille protestvlag de lucht in. “Magic Happens.”

*Refereert aan een reclamecampagne met Hollandse meid met rode appelwangen, gestoken in Zeeuwse klederdracht, een pakje boter in de hand, met de tekst: “Ja, ja, ons bin zuunig”.

** n.v.d.r begin er maar eens aan.

Geschreven door Loewiesa om 08:42 1 reactie Reageer op dit bericht

Het Citrusorakel

“Ik heb mandarijntjes gekocht “vertel ik aan harmonicaman tijdens ons dagelijks telefoongesprek. “Het zullen wel clementines zijn” zegt de allesweter, die meteen in zijn rol als citrus-orakel schiet.

“Oh ja?” vraag ik, benieuwd wat hij nu weer gaat vertellen. “Dat heeft mijn groenteman mij eens verteld” gaat hij verder, “Clementines zijn er iets eerder dan mandarijnen.”

“Oh” zeg ik. Ondertussen zijn wij al februari en zijn de beide winter vruchten al weken in mijn supermarkt. Maar Harmonicaman tegenspreken… of in discussie gaan dat is zoals proberen aan onze César uit te leggen dat de zetel eigenlijk niet van hem is.

Hij heeft een encyclopedie in zijn hoofd vol met weetjes die niemand ooit heeft geverifieerd en ik al zeker niet, maar die hij met de zekerheid van een paus verkondigt.

En ik knik, wijs, met die rustige soort wijsheid waarmee ik Harmonicaman al jaren overleef en eet mijn mandarijntje.

 

Geschreven door Loewiesa om 08:51 2 reacties Reageer op dit bericht

De Mens Die Een Bruine Boterham At.

Onlangs, op blogronde op zoek naar inspiratie, zag ik een blog dat uit het niets naar ongekende hoogte was gestegen. Nieuwsgierig naar wat deze plotselinge populariteit teweeg had gebracht, drukte ik op de link. En wat schetst mijn verbazing. De persoon had één bruine boterham gegeten met kaas.

En dat was het.

Één bruine boterham met kaas. Ik wachtte nog even, scrolde naar beneden, in de hoop dat er toch nog een twist kwam, een jeugdtrauma, een filosofische reflectie of misschien een recept of een grappige mop. Maar nee. Het was echt alleen een boterham, een boterham met kaas. De algoritmes van Seniorennet, die blijkbaar smelten voor volkorenbrood hadden hun werk gedaan.

Vanmiddag heb ik ook een bruine boterham gegeten, of eigenlijk, het waren er twee. Ik weet het, overdrijven is een kunst.

Maar ik voelde geen enkele virale beroering in de lucht. Geen plotselinge stijging in bezoekersaantallen. Geen digitale ovatie voor mijn dubbele daad van koolhydraadconsumptie.

Misschien moet ik mijn ambities bijstellen en stoppen met het streven naar zorgvuldig gecomponeerde mijmeringen, kronkels, en andere waargebeurde en waargebeurde verzonnen gedachtespinsels die ik drie keer polijst tot ze glanzen. Stoppen met zoeken naar perfecte zinnen en mij niet meer druk maken over verkeerd geplaatste leestekens, stijl en spelfouten of verdwaalde komma’s. Het is allemaal overbodige opsmuk in een wereld waar een bruine boterham met kaas het tot een cultureel hoogtepunt schopt.

Geschreven door Loewiesa om 12:08 3 reacties Reageer op dit bericht

Snelle hap

Onlangs, door omstandigheden, die hier verder niet toedoen, weer eens bij de McDonalds geweest. Gegeten: 1 Big Mac met double cheese en ook nog wat Chicken McNuggets verorberd. Èn… om mijn geweten toch ietwat te sussen, een flesje water in plaats van Cola, dit met als achterliggende gedachte dat het dan allemaal wel meevalt. Dat water had natuurlijk ook een salade kunnen zijn, al heb ik ooit ergens gelezen, dat een salade met dressing en gefrituurde kip meer calorieën kan bevatten dan de Big Mac zelf en dan kun je net zo goed, eerlijk zondigen, nietwaar?

Maar hoe je het ook keert en draait, eenmaal weer buiten komt het schuldgevoel, dat zompige, vettige soort schuld, dat niet alleen in je maag zit, maar ook in je ziel. Ik moet aan de kauwgom om de nasmaak weg te poetsen.

Je eet daar trouwens of je leven ervan afhangt. Een soort existentiële crisis in fastfoodformaat, want iets in je brein zegt je dat junkfood snel afkoelt. Dus opschieten met die hap waardoor je het op een schransen zet. Vandaar de snelle hap. En, weet je wat het ergste is? Na een uur heb ik alweer honger.

Veel gelukkiger, maar vast niet gezonder word ik van pasta of gnocchi in Gorgonzolasaus met extra Parmezaan en een lekker glas wijn dat weigert water bij zichzelf te doen…

Geschreven door Loewiesa om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Tussen glans en gruis

Afgesproken met een kennis van vroeger die ik al een tijdje niet meer had gezien. Eerst moet ik haar nieuwe jas bewonderen: “het was een koopje, voor de helft van de prijs, maar toch nog een paar honderd euro. De halsketting die ze droeg had ze ooit meegebracht uit Zuid-Amerika, de oorbellen kwamen uit Azië. Het polshorloge waarvan ze me ooit verteld had dat het een fake was, bleek vervangen te zijn door een echte. Tijdens het apéro legde ze duidelijk in het zicht een gloednieuwe smartphone. Ze straalt, ik reflecteer. Iemand moet het licht terugkaatsen.

Wanneer we samen ergens zijn, weten de andere mensen van onze groep binnen het kwartier, dat ze in een dure straat in een chique buurt woont, dat ze een ruim appartement hebben aan zee met een privéstrand waar de golven op haar commando breken.

Terwijl ik zelf een gereviseerde oude smartphone heb die nog net foto’s maakt zonder witte kartelrandjes, showt zij haar professionele camera-uitrusting alsof ze een bekend en getalenteerde fotografe is. Haar kinderen hebben prestigieuze carrières, haar kleinkinderen, zijn vanzelfsprekend de beste van de klas.

De anderen in het gezelschap luisteren met open mond, alsof ze een beroemdheid is. Er moet natuurlijk een foto gemaakt worden met de dure camera. Ik wacht nog altijd op het moment dat iemand haar om een handtekening vraagt.

Soms ben ik aan de beurt: “Mijn vriendin Loewiesa, zij woont in Wallonië.” Men kijkt mij dan vaak wat meewarig aan, en wanneer ik met opzet vertel dat ik ergens tussen Charleroi en La Louvière woon, in de meest gesinistreerde zone van het land, zakt de interesse nog verder. Heel af en toe, durft iemand het toch aan om een praatje met mij te maken. Ze vinden bv dat ik goed Nederlands spreek voor iemand die in Wallonië woont. Ik glimlach en laat het maar zo.

 Meestal onderbreekt mijn kennis de conversatie om moeiteloos over te gaan op plat Vlaams met haar streekgenoten.  Want de aandacht moet immers naar haar gaan. "'t zal wel zijn om mij der verre nie tusse te loatn" zoals zij dat in haar keukentafelvlaams zou zeggen. En zo toont ze haar klasse, elke keer opnieuw.

Ik heb me erbij neergelegd: sommige mensen zijn nu eenmaal geboren om te schitteren, anderen om te dienen als decor.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 6 reacties Reageer op dit bericht

spitsuur

Op de lagere school werden er op woensdagmiddag in de aula van de school balletlessen georganiseerd. Hiervoor was een echte ballet juf aangeworven compleet met strak vastgezette haren en chignon, een bijbehorend buitenlands accent en van die sterk uitgedraaide in de tweede positie vast gebleven “tien voor twee voetjes”. Kortom: zij was de dans zelf.

Om mijn houding te verbeteren leek het mijn moeder, die constant pogingen deed om van haar lompe dochter een sierlijk dametje te maken, wel een goed idee mij daarnaartoe te sturen. Had ik talent? Tijdens een opvoering van de Bloemenwals uit de Notenkraker van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski mocht ik een boom zijn. En natuurlijk deed ik dat goed, zéér goed!

Geschreven door Loewiesa om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Over een wraakactie op een zebrapad.

 Mijn zoon was een weekje op wintersport, zijn auto stond ergens op een parking in Charleroi geparkeerd wat eigenlijk al een soort spirituele oefening is in loslaten. Je zet hem daar neer, je fluistert een schietgebedje, en je hoopt dat hij er nog staat bij terugkeer. Eigenlijk hoef ik Charleroi niet eens te noemen want, zie mijn vorige blogje, een mens is tegenwoordig nergens nog helemaal zeker.

Ik ging dus te voet wat boodschappen doen. Daarvoor moest ik een nationale weg oversteken, Ik wacht keurig op groen bij het zebrapad, terwijl auto’s langs mij heen raasden. Wallonië op drift. Zo’n weg waar het verkeer zich gedraagt alsof het net te horen heeft gekregen dat de wereld binnen vijf minuten vergaat. "Opzij opzij opzij, Maak plaats maak plaats maak plaats, Wij hebben ongelofelijke haast, Opzij opzij opzij, Want wij zijn haast te laat. Wij hebben maar een paar minuten tijd." *Zoiets... Eindelijk springt mijn licht op groen…

Maar je kent het, tegelijkertijd springt het licht voor automobilisten aan de overkant ook op groen voor hen die rechtdoor e/o linksaf draaien. 

En terwijl ik mij rustig na de overkant begeef over het zebrapad, word ik nog net niet overreden. Ik krijg zelfs kwade blikken toegeworpen. Ikke,  met mijn boodschappentas en mijn goede bedoelingen.

Op de terugweg moet ik over hetzelfde zebrapad, het licht staat weer op rood, maar er is ook zo’n oversteekknopje. Zo’n knopje dat je even het gevoel geeft dat je invloed hebt op het universum. Er zijn even geen auto’s te zien. Ik druk erop met een binnenpretje, een eerste “Nah”. Het licht voor voetgangers is nog steeds rood, maar Ik steek over, en als ik aan de overkant ben, zie ik auto’s netjes wachten voor het rode licht. Geen voetgangers te bekennen.

Lekker puh!

Nah!

* liedje van Herman van Veen

Geschreven door Loewiesa om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Wanneer een gewone vrijdag kantelt

Vrijdagmiddag op klaarlichte dag, werd mijn 18-jarige kleindochter aangevallen door, een verwarde man van vreemde origine. Watskeburt? Ze was van school op weg naar huis, niets vermoedend, toen haar telefoon ging. Zij pakte haar telefoon uit haar tas en plots stond daar een man voor haar. “Geef telefoon” siste de man.

“Nee je krijgt mijn telefoon niet” antwoordde ze, haar dierbaar bezit stevig tegen zich aangedrukt, die telefoon die op haar leeftijd, zowat haar hele leven bevat. 

Daarop ging de man over tot nog meer geweld. Hij gaf haar een stomp en duwde mijn kleindochter op de grond, Terwijl ze haar telefoon stevig bleef vasthouden, bleef hij slaan en schoppen waar hij kon, tot zij loste en hij er uiteindelijk met de telefoon vandoor ging.

Mijn kleindochter, vol adrenaline en niet van plan zich zomaar gewonnen te geven, rende achter hem aan. Ondertussen was er een camionnette gestopt met een viertal Marokkaanse werkmannen die het hele tafereel hadden gezien. Ze aarzelden geen seconde, ze renden achter de man aan en overmeesterden hem. Mijn kleindochter werd ondertussen ontfermd door buurtbewoners die door haar gegil hun deur hadden opengedaan.

De politie werd gebeld en haar papa, die men tegen moest houden om geen eigen rechter te spelen.

In het ziekenhuis werden haar verwondingen vastgesteld, er werd een PV opgemaakt met haar klacht. In de hoop dat de man morgen niet alweer op straat loopt op zoek naar een volgend slachtoffer en de vier werkmannen verklaarden meteen dat ze wilden getuigen.

Die vrijdagmiddag heeft ons allemaal wakker geschud. De schrik zit diep, bij haar, bij ons, en het zal tijd kosten voor haar om zich weer veilig te voelen in een rustige straat in een nette buurt die gisteren nog vanzelfsprekend was. Maar tussen de klappen en de chaos door zagen we ook iets anders: Mensen die niet wegkeken. Buurtbewoners die hun deur openden toen ze haar hoorde gillen. Vier Marokkaanse werkmannen die zonder aarzelen achter de dader aan gingen en hem overmeesterden.

We hopen dat justitie haar werk doet. En wij doen het onze: haar laten voelen dat ze niet alleen is, dat ze sterker is dan ze denkt, en dat één man haar wereld wel heeft geschud, maar niet heeft gebroken.

Geschreven door Loewiesa om 09:59 1 reactie Reageer op dit bericht

Beknot

Ik heb geen missie om u een boodschap te brengen en er bestaan tachtigduizend fora om op alles je mening te dumpen en heel persoonlijke dingen wil ik, toch ietsje wijzer geworden, op dit blog, al lang niet meer met u delen, want met schrijven over je privé zoals ik in het verleden wel deed moet je uitkijken. Voor je het weet heb je de grootste ruzie en vertrouwen ze je voor geen cent meer. Bang dat ze worden dat je wel eens over hen zou kunnen schrijven. Overdrijf je waar ik de neiging toe heb, dan worden ze achterdochtig.

En zo raak je beknot. Beknot op je eigen blog. Alsof de geheime dienst meeleest, terwijl het in werkelijkheid gewoon je tante is of die ene buurman, of die kennis die denkt dat elke zin over hun gaat. Dus schrijf ik tegenwoordig maar over mijn gebrek aan inspiratie, dat ironisch genoeg vooral veroorzaakt wordt door al die mensen die ik niet meer mag gebruiken als decorstuk.

Geen ruzies meer, geen achterdocht, geen: “Was dat over mij?” Zoals in een ver verleden iemand ooit tegen mij zei: ”Je zou beter een boekje bij de GB kopen om daarin te schrijven, dan alles op een blog gooien.” En misschien had die persoon gelijk, al was het maar per ongeluk.

En toch blijft het jammer, want ze zijn best inspirerend, al die aardige en onaardige mensen in mijn leven. Ik schrijf niet meer over hen, maar ik draag ze wel mee. Als ongevraagde figuranten in mijn hoofd. Ze lopen er rond, ze morren wat, ze geven commentaar. Maar op mijn blog komen ze niet meer. Dat is mijn nieuwe vorm van zelfbeheersing, van zelfcensuur of sabotage. Het hangt ervan af wie het vraagt en vooral wie meeleest.

Geschreven door Loewiesa om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

Meer van Gedachtespinsels en andere kronkels, waargebeurd en waargebeurd verzonnen van een Neder-Waalse.

↑ Terug naar de berichten