BEZOEKDAG


Het was zaterdag, en het was bezoekdag.
De wekelijkse poetsklus was achter de rug, en na het middagmaal gingen de meisjes zich omkleden om hun bezoek te ontvangen.
Diegen die geen bezoek kregen trokken naar de recreatiezaal. Zo ook ik.
Maar de non riep mij terug, en vroeg wat ik van plan was.
"Jij moet je gaan omkleden, want vandaag komen je pleegouders op bezoek."
Hoe zij dat zo stellig kon weten was mij op dat moment een raadsel, want ik wist van niets.
Wel had ik een brief gehad waarin mijn pleegmoeder beloofde om te komen, maar hun beloftes nam ik al lang niet meer au serieus.
Maar mére Emillienne (moeder overste) klonk heel overtuigend.
Ik dus naar de slaapzaal om mij te verfrissen.
Toen ik bij de anderen zat te wachten tot mijn naam werd afgeroepen, gingen er duizende gedachten en vragen door mij heen.
Wat gaan ze zeggen? Wat moet ik zeggen? Hoe moet ik reageren? Wat kan ik verwachten?
In feite was ik al bezig om mij te verdedigen nog voor er maar één woord was gesproken.
Ik zou mij niet laten uitkafferen. Ik zou niet de schuld op mij nemen. Ik zou niet.....!
Doodnerveus was ik.
En hoewel het bezoek een afwisseling was in de dagelijkse sleur, ik zag er enorm tegenop.
Het was zo om en nabij de tien maanden geleden dat ik hen nog had gezien of gesproken.
Klokslag 14.00h. begon de telefoon te rinkelen ten teken dat het bezoek begon binnen te sijpelen.
Telkens maakte mijn hart een sprong, en was het net of mijn blaas stond op springen.
Mijn naam werd als één van de eersten afgeroepen, en ik moest de neiging om te vluchten onderdrukken.
Maar omdat ik in het onderdrukken van gevoelens enorm bedreven was, volgde ik gedwee en in stilte de non naar beneden, en naar de grote bezoekerszaal.
Naast de dubbele deur van de zaal stonden langs de muur rijen tafels in L.vorm gerangschikt.
Daarop stonden alle benodigheden om het bezoek te verwennen.
Je kon er soep en koffie verkrijgen, frisdrank, broodjes met kaas of hesp en stukken taart of vlaai.
Wat je er moest voor betalen weet ik niet meer, maar wees maar zeker dat alles uitverkocht was op het einde van het bezoek.
De nonnen verdienden zo menig centje bij aan ons bezoek.
De zaal zelf had aan het einde een groot podium alwaar er toneel werd opgevoerd met bepaalde gelegendheden.
Die gelegendheden hadden zich voor mij nog niet voorgedaan, want ik was hier nog nooit geweest.
In het midden stonden netjes op een rij de tafels en de stoelen waar het bezoek mocht plaats nemen.
Ik keek rond maar zag in feite niets. Alles leek door mekaar heen te lopen op mijn netvlies.
De non gaf me een stevige duw in de goede richting.... en dan zag ik hen!
Mijn pleegmoeder kwam vrijwel nooit buiten, dus ik zag haar nooit anders dan met een oud kleed en een schort ervoor.
Nu zat haar haar netjes in de krul, zij had lippenstift op, en een outfit aan die ik nog nooit had gezien.
"Pa" had een hemd met das aan, iets dat hij ook enkel droeg bij speciale gelegenheden.
Mijn eerste gedachte was niet zo fraai want ik vroeg mij af waar ze plots het geld vandaan had om haar zo te kunnen uitdossen.
Zij stond op van haar stoel en ik kreeg een knuffel en een zoen.
Ik verstijfde, want ook dat was ik niet gewend.
Ik zou nog jaren verstijven bij elke lieve aanraking, dit ten gevolge van mijn liefdeloze jeugd ervaringen, maar dat besef had ik op dat moment nog niet.
Het leek er meer op dat ik hen afwees, en zo nam mijn pleegmoeder het ook op.
Maar ze sprak er mij toen niet over aan, ze deed net of ze het niet merkte.
Ook van mijn pleegvader kreeg ik een knuffel en een kus, hetgeen mij al beter beviel, maar ook niet helemaal van harte was.
Ik was het niet gewend om op die manier door hen te worden aangeraakt, en ik wist er mij geen raad mee.
Wat er allemaal is gezegd weet ik natuurlijk niet meer woord voor woord, maar het klonk allemaal heel vriendelijk en lief.
Ze hadden ook een tas met snoepgoed bij. Het was niet mijn favoriete snoepgoed, ze waren voortgegaan op de smaak van mijn pleegbroer, maar het was wel lief bedoeld.
Tegen het einde van het bezoek vroeg mijn pleegmoeder hoe ik zou vinden om terug bij hen te komen wonen.
Ik hoorde het in Keulen donderen, en wist niet wat te antwoorden.
Ik wou natuurlijk zo vlug mogelijk uit deze gevangenis, maar het liefst was ik terug naar het "home" gegaan.
Daar had ik zekerheid en geborgenheid.
Alles moest daar van twee kanten komen, maar dat deed het dan ook.
Het leven in het "home" verliep op eerlijkheid en vertrouwen langs beide zijde.
Mijn pleegmoeder wist mij te vertellen dat ik als proef eerst enkele keren op weekend zou komen.
Dat zou al heel vlug kunnen zei ze me.
Ik deed er nog steeds het zwijgen toe. Ik kon, ik wou niet geloven wat ik hoorde.
Doordat ik mij geen houding wist te geven kwam het over alsof ik liever bleef waar ik was.
"We praten er nog wel over, zei pa, als je op weekend komt.
Het bezoek was voorbij, en we gingen in stilte, twee aan twee terug naar boven.
Daar aangekomen moesten we onze tas met snoep afgeven, en moesten we naar de recreatiezaal.
Druppels gewijs begonnen de woorden van mijn pleegouders door te dringen.
En beetje bij beetje kwam er terug wat leven in mij.
Maar ik durfde het nog steeds niet geloven, de teleurstelling zou te erg zijn wanneer er nog maar eens niets van waar bleek te zijn.
Maar vooral was ik niet zeker dat het een goede zaak was dat ik terug ging. Doch in 'Cortona' blijven was ook geen optie.
Ik zou wel zien wat morgen zou brengen, eerst moesten de weekenden nog geregeld worden.
Dat was nu hetgeen ik naar uitkeek.
Niet naar mijn pleegouders an sich, maar naar de vrijheid, de straat en mijn vrienden.




















