Naar de inhoud

Tisallemaiet

Deze blog beoogt een duplicaat en/of een voortzetting van de blog Tisallemaiet (https://www.bloggen.be/tisallemaiet) - © J. Bauwens, Serskamp
akke.beakke.be
Deze blog beoogt een duplicaat en/of een voortzetting van de blog Tisallemaiet (https://www.bloggen.be/tisallemaiet ) - © J. Bauwens, Serskamp

Archief

In de marge

In de marge

Al wie de productie- en consumptiemachinerie tot dewelke onze maatschappij herleid werd, grondig bestuderen, zullen merken dat zij nimmer een perpetuum mobile kan zijn en wel om de eenvoudige reden die ook het perpetuum mobile onmogelijk maakt: de eindigheid der dingen.

De eindigheid, de onomkeerbaarheid van de tijd en de vervalwet drukken alle drie eenzelfde werkelijkheid uit, welke echter vloekt met een zeker aangepraat menselijk verlangen naar het bereiken van een eeuwigdurend genot, meestal verzinnebeeld in de fictie van de hemel.

De hemel zou de beloning zijn van al onze inspanningen en, vrij vertaald, zou derhalve het opsouperen van alle energie worden beloond met het niets of de warmtedood, het stilstaan van de tijd of de eeuwigheid.

Edoch, door ongeacht welk onafwendbaar gevolg te beschouwen als een beloning, maken wie zichzelf bedriegen, blij - het is warempel een kunst zoals een andere. De vorig jaar overleden Jezuïet en antropoloog Herwig Arts schrijft in een publicatie over spiritualiteit: “De dood is de noodzakelijke overgang van tijd naar eeuwigheid.”1 Op een welhaast Spinozistische wijze (want Spinoza ziet het geluk in de identificatie van de wil met de noodzaak) maakt deze zin van de nood een deugd, althans in de fantasie van de auteur want ofschoon de dood onafwendbaar is, is en blijft de hemel pure fictie, hij kan hooguit het niets zijn.

De slavenmoraal van het hele christendom is, zoals Friedrich Nietzsche in zijn Zur Genealogie der Moral uit 1887 heeft uitgelegd, niets anders dan de identificatie van het onafwendbare met het deugdzame: de slaaf heeft geen eigen wil, hij moet zijn meester gehoorzamen, legt zich daarbij neer om redenen van zelfbehoud maar om spanningen te vermijden, catalogiseert hij zijn gehoorzaamheid als een deugd.

De verenging van de samenleving tot een productie- en consumptiemaatschappij kan pas aan het volk worden verkocht als zij belooft uit te monden in een hemel maar de navenante prestatiedruk put niet alleen de mens uit maar ook en vooreerst het milieu en wie zich rekenschap geven van die fataliteit, kunnen niet anders dan die gang van zaken afwijzen, al is de afwijzing vanwege het systeem in kwestie hen altijd voor. Het systeem anticipeert op zijn critici door hen a priori monddood te maken: hun onwil om mee te werken aan de vernietiging van het leven wordt verkocht als een onvermogen om mee te draaien in de maatschappij. En zij belanden in de marge.

Dat de critici van de huidige suïcidale maatschappij belanden in haar marge, betekent echter dat het uitgerekend in die (maatschappelijke) marge is dat de kiemen voor een andere maatschappij moeten gezocht worden: een maatschappij die rekening houdt met de eindigheid en die derhalve de hemel van de godsdiensten en zo ook de religies zelf, verstaat als puur bedrog van doortrapte potentaten. Immers, de voorgehouden hemel is de motor van de mallemolen die hetzelfde lot beschoren is als de toren van Babel en als niet eerst die motor wordt stilgelegd, kan de waanzin van de toren die de aarde met de hemel moet verbinden en die aldus van de mens een god maakt, nimmer worden gestopt.

Het kapitaal en het kapitalisme resulteren zoals door Max Weber aangetoond uit een geloof dat lustangst predikt, versterving en spaarzaamheid, en datzelfde geloof is tevens de motor van een productiemachine die pas kan blijven draaien als zij haar snelheid almaar opvoert waardoor zij zich te pletter rijdt. Het atheïsme blijkt een noodzaak om de wereld van de ondergang te redden.

De mens beschouwt zichzelf onder de invloed van de godsdienst, die hem de hoeder van de schepping noemt, als het meest hoogstaande levende wezen, en hij voert aan dat hij complexer is dan alle andere vormen van bestaan. Een hier te noemen tweede antropoloog, Pierre Teilhard de Chardin, heeft over die toenemende complexiteit een heuse theologie ontwikkeld.

Edoch, de homo sapiens is pas 300.000 jaar oud en is derhalve een relatief jong schepsel. Veel langer bestaan bijvoorbeeld de reptielen, waaronder de vogels, die meer dan 66 miljoen jaar oud zijn. Zij zien er alvast veel eenvoudiger uit dan mensen en zo bijvoorbeeld zijn hun ogen simpel vergeleken bij de onze. Echter, heel wat vogelsoorten kunnen met hun 'simpele' ogen veel beter zien dan de mens vermag te zien en stemt het niet tot nadenken dat aldus eenvoud helemaal niet in de schaduw hoeft te staan van complexiteit? Men kon vermoeden dat, naarmate zij ouder zijn, levende wezens zich vereenvoudigen, kennelijk ten bate van hun prestatievermogen. Dat vloekt weliswaar met de geëigende opvattingen maar wie benijdt de vogels niet, die “zaaien noch maaien, noch verzamelen in de schuren”?2 Zij verliezen zich niet in de waanzin van oorlogen, vrij bewegen zij zich door de luchten, getooid in een prachtig vederkleed en zij maken onnavolgbare muziek.

(J.B., 16 augustus 2026)

1Herwig Arts, Een kwestie van verlangen. Over spiritualiteit, Davidsfonds Leuven 2000, pag. 127.

2Mattheüs 6:26.

Apache over homorechten vandaag (Aflevering 1)

 

Apache over homorechten vandaag (Aflevering 1)

Waar nieuwe Hitlers opstaan, keert de libricide weer, de voorbode van genocide, en is onafhankelijke journalistiek de witte raaf. Apache besteedde in 2025 een winternummer aan homorechten met de vraag of er nog gelijkheid is en levensruimte voor iedereen.1 De politieke ommezwaai in de V.S. jaagt mensen op de vlucht en ook hier te lande worden nog homo's uit huis gezet om hun geaardheid: verworven rechten blijken heel precair, schrijft Anneleen Ophoff. In een interview met sociologe Marian Lens en auteur Tom Lannoye over die teruggedraaide klok wijst Joannes Wirix-Speetjens op de poging van een Roemeense presidentskandidaat om homoseksualiteit te hercriminaliseren, op de moorden op trans vrouwen in Frankrijk en Denemarken, op het terugdraaien van LGBTQI+-rechten in de V.S. en in Hongarije en op het feit hoe hier een op vijf jongeren het homohuwelijk wil afgeschaft zien. Terwijl het gaat om mensenrechten, zo benadrukt Marian Lens, die ook het machisme binnen de beweging aankaart en de (door de oorlogen aangevuurde) terugkeer van het patriarchaat, wat Lannoye eerder pessimistisch stemt en uit de tijd van zijn huwelijk herinnert deze zich de woorden van Louis Tobback: “De dag dat ze hier binnen komen om te trouwen, sjot ik ze eigenhandig buiten.” De schrijver wijst er op hoe de grootste tegenstanders uit de politiek nu mee marcheren in de als politieke en commerciële opportuniteit gevierde Pride, onder wie N-VA “die condooms uitdeelt met een Vlaamse leeuw en de slogan 'in het hol van de leeuw'”.2

“De term 'trans-Atlantische vlucht' krijgt nieuwe betekenis”: zo dichterlijk drukt onderzoekster Jelske Antonissen uit hoe, opgejaagd door een heuse genderpolitie onder Trump, heel wat Amerikanen die niet langer toegang krijgen tot gezondheidszorg, eraan denken om hun land te verlaten en te vluchten naar het land dat hun voorouders ontvluchtten; Rainbow Relocation en Rainbow Railroad hebben de handen vol maar emigreren is niet simpel, is duur en voedt schuldgevoelens. Ook is onbehagen geen voldoende reden voor asiel en wie wegvluchten, kunnen niet meer terug. Antonissen brengt getuigenissen van mensen die nauwelijks nog buiten komen, onder meer vanwege neonazi-rally's. Transpersonen worden niet langer juridisch erkend, ze worden uit het leger geweerd en er wordt jacht gemaakt op hun ouders die nu prompt van kindermisbruik worden verdacht. Artsen die transpersonen alsnog helpen, riskeren sancties en politici nemen medische dossiers van burgers zomaar in beslag. Zelfmoord piekt en Trumps haatideologie rukt families uit elkaar; mensen wordt op straat achtervolgd. Een trans man getuigt: “Ik moest gewoon weg uit de VS. Na de verkiezing van Trump in 2016 voelde ik me nooit meer op mijn gemak. Mensen konden ineens alles zeggen en doen zonder gevolgen.”3 Dat verontwaardigt ook Tom Lannoye: “Mensen worden uit het [VS] leger gezet. De weinige verontwaardiging die dat hier oproept, voelt voor mij aan als een aanhoudende schok.”4 En men zag het nu ook na de aanslag van 25 juli in Berlijn: zelfverklaarde morele wereldleiders, waaronder de paus, vinden het andermaal niet nodig om hun mond open te doen.

(Wordt vervolgd)

(J.B., 17 augustus 2026)













1Apache Magazine, Winter 2025, p. 6.

2O.c., Winter 2025, pp. 8-15.

3O.c., Winter 2025, pp. 16-21.

4O.c., Winter 2025, p. 15.

 

Acteurs in andermans toneel

 

Acteurs in andermans toneel

Mens- en wereldbeelden zijn geen abstracte begrippen waarmee alleen wijsgeren, sociologen en andere geesteswetenschappers bezig zijn om die dan in definities te vangen en te noteren in boeken die voor eeuwig en drie dagen gevertikaliseerd de bibliotheken vullen: mens- en wereldbeelden bepalen voor een groot deel wie wij zijn, wat wij denken en wat wij doen - zij bepalen ons mens- en wereldbeeld.

Die stelling lijkt nietszeggend maar zij wijst er alleen maar op dat wat wij beschouwen als een product van onze eigen geest, reeds bestaat in de werkelijkheid waarin wij gevangen zitten. Mens- en wereldbeelden definiëren ons als elementen in een welomschreven kader, of beter: als functionarissen in een welomschreven activiteit, en het is de blinde of onbewuste identificatie met onze functie welke maakt dat wij verkeerdelijk gaan geloven dat het eigen mens- en wereldbeeld ook aan de creativiteit van onze eigen geest ontspringt.

Niets is minder waar: het scenario waarin wij opereren wordt door anderen geschreven en geregisseerd, wijzelf voeren het om den brode uit zonder te begrijpen dat dit het geval is maar op de een of andere manier kunnen wij het uiteraard wel voelen.

Het aanvoelen van het gegeven dat wij niet de makers of de regisseurs zijn van ons eigen leven bestaat vooreerst in de bewustwording van ons 'in de wereld geworpen zijn': we hebben niet gevraagd om te bestaan, we komen daar pas achter nadat het een feit geworden is en daar hebben wij geen zeg over. Maar dat wij ons bestaan niet eigenhandig regisseren, is een heel ander paar mouwen omdat wij daarover wel degelijk inspraak kunnen bekomen - of beter: verwerven, want het gaat om een zaak van macht en aldus is het een kwestie van strijd. Het gaat om de mogelijkheid om zich te bevrijden van een zekere slavernij.

Sprekende voorbeelden van het onderhavige euvel vindt men makkelijk terug, en reeds ter sprake kwam inzake neurodiversiteit hoe wereldbeelden ons ontmenselijken.

Met het oog op nog meer bezit, investeren kapitalisten in productiemachines, in gang gehouden door mensen die dan beschouwd worden als aanhangsels daarvan en die moeten dus bij die machines passen: ze moeten er zo goed mogelijk op gelijken. Loonslaven zijn mensen die zo goed en zo kwaad als dat met de dreiging van het geld en de zweep kan lukken, werden omgekneed tot machines. Alles aan de loonslaaf wat geen machine is, is ballast en moet worden weggewerkt en wie weerstand bieden aan die verminkende transformatie, worden prompt ziek verklaard. Voor de geldwolven hebben zij immers helemaal geen nut en zij belanden in de marge van de productie- en consumptiemaatschappij, hetzij op straat, hetzij in de schijnwerelden van gestichten en andere gevangenissen, aan banden gelegd met kettingen of met 'medicijnen', in de rol van de zieke of de crimineel.

Mensen met een gezonde natuurlijke afkeer van afstompend bandwerk als fabrieksarbeider met als enig vooruitzicht de promotie tot frontsoldaat (en dan verder tot arduinen monument) werden, zoals men zich herinnert, door nazidokter Hans Asperger voorzien van het nieuwe label 'autistisch' en dit leugenachtige brandmerk doet nog altijd dienst in een wezenlijk onveranderd systeem. Nog ter herinnering: precies zoals dat heden het geval is in de V.S., werd de Führer in het zadel geholpen door het grootkapitaal, de industrie, naar wiens pijpen niet alleen de politiek danst maar alles wat zij in haar macht heeft zodat uiteindelijk de beurzen bepalen wat waar en onwaar, goed en slecht, schoon en lelijk of gezond en ziek is.

Het gangbare mens- en wereldbeeld (het 'heersende paradigma') is niet van onszelf afkomstig maar bepaalt wel onze rol en ons leven, wat inhoudt dat anderen - zekere lui met macht - maken dat wij gelabeld worden als goede burgers of als criminelen/zieken. Zoals reeds aangetoond in het vertoog over diversiteit, is dit spelletje danig ingrijpend dat de meest gezonde mensen, en dat zijn uiteraard degenen die alsnog weerstand bieden aan de opgedrongen verminkende patronen, voortaan zullen doorgaan voor gestoord of voor misdadig.

Dit verbijsterende gegeven kan ons bewust maken van de hele mistoestand en meer bepaald van de valsheid van het aan ons opgedrongen mens- en wereldbeeld: niet wijzelf, pacifisten en gewetensbezwaarden, zijn verkeerd maar het beeld dat wij van onszelf door onze potentaten opgedrongen krijgen en waarmee wij ons om den brode identificeren, werd grondig vervalst en wel met het oog op grenzeloze en gewetenloze, onmenselijke uitbuiting, met andere woorden: slavernij.

Nu beschouwen wij slavernij weliswaar (en uiteraard terecht) als mensonwaardig maar tevens gaat het om een toestand met een verleidelijke, bedrieglijke aantrekkingskracht. Slavernij berooft ons immers niet alleen van onze eigen wil maar tevens 'verlost' de onderwerping aan derden ons van het lastige verantwoordelijkheidsgevoel. Dat is het geval waar de staat alles voor het zeggen heeft, ofwel de religie, of ook nog, zoals vandaag vaak het geval is, de perverse kapitalistische economie.

Een communistisch systeem fnuikt vaker de vrijheid en de individuele creativiteit maar een doorgedreven vrije marktsysteem met monopolievorming doet dat ook. Religie of volks-opium functioneert zoals gedefinieerd in Dostojevski's parabel van de Grootinquisiteur van Sevilla als de door het instituut van de kerk in scène gezette tegemoetkoming aan de mens die, zoals de grootinquisiteur beweert, zou falen om eigenhandig het hoofd te bieden aan existentiële angsten. Het geld ten slotte bezorgt ons de illusie dat wij ons kunnen vrijkopen uit dit tranendal.

Bevrijding van de genoemde slavernij kan uiteraard alleen zelfbevrijding zijn en dat is emancipatie. Maar emancipatie vergt veel moed daar zij te kampen heeft met in de eerste plaats gemakzucht. Ook daarvan reikt de actualiteit ons voorbeelden aan en voor de hand liggend is dat van de Pride die immers van de deelnemers eist dat zij weerstand bieden aan de angst voor aanslagen en in de eerste plaats de moorddadige aanslagen die de optocht als het ware willen veranderen in een gevaarlijk en dus te vermijden spel van Russische roulette. Maar die angst voor mogelijk of zelfs waarschijnlijk onheil wordt ingehaald door het nu - dankzij de 'woke' of de bewustwording - algemeen uitgesproken besef van de veel ergere want daadwerkelijke repressie in het dagelijkse leven.

Het besef dat het 'gemak' dat de slavernij te bieden heeft - het gemak van het geloof in een of andere verlosser, een politiek systeem of een demon zoals het geld - niet opweegt tegen de vrijheid die voor het grijpen ligt omdat vrijheid, bewustzijn is, bestaansbesef of mens-zijn.

(J.B., 16 augustus 2026)


 

 

Koningin Victoria

 

Koningin Victoria

Er blijkt een verband tussen spaarzaamheid en weelde en zo toeren wie in villa's resideren, vaker rond in mini's van het A-segment terwijl men succesvol limo's spot op parkings van low budget supermarkten en voor de deur van stulpjes zonder autostalling. Mensen maken zich zorgen over hoe anderen hen zien en naarmate daarvoor meer redenen zijn, wordt de nood aan theater en spektakel alleen maar prangender. Geluk lijkt een zaak van sociale vergelijking en de pikorde manifesteert zich dan ook in de uiterlijkheid waar men elkaar de ogen uitsteekt. Bovendien is mimicry een niet te versmaden wapen dat quasi garandeert dat de kleren de man maken en dat de wereld aan de durvers is. Brave lieden werken zich uit de naad om een bank vooruit te geraken in de klas maar blijven in de schaduw van windbuilen. Het contrast tussen verpakking en inhoud is welhaast spreekwoordelijk maar zorgt er alsnog voor dat wie sterk, verstandig en deugdzaam weten over te komen, prompt worden behandeld alsof ze dat ook zijn, het weze ministers die de staat oplichten of bisschoppen met losse handjes.

En in het zog van een morele anarchie is daaraan inherent geheid opnieuw het Victoriaanse tijdperk aangebroken: fatsoen, van het Engelse fashion, mode, façade of uiterlijk vertoon vergezelt het minder fraaie van een graaicultuur welke zij moet verkappen. Die hypocrisie kent haar artistieke climax in Andersens De nieuwe kleren van de keizer of bij een adellijk applaus voor een leeg doek en dat wekt de woede van de smoelentrekkers, zoals in het slot van Tijl Uilenspiegel in de versie van Charles De Coster. Uiteraard speelt die climax ook in de realiteit zelf waarop de kunst anticipeert, zoals geopenbaard in het lot van Han van Meegeren: klokkenluiders en andere ontmaskeraars worden zonder pardon of protest en bij voorkeur in den duik, genadeloos afgeslacht en aan een altijd op wraak belust want gefrustreerd publiek als misdadigers verkocht naar het paradigma van de Messias. Ook ongelovigen zullen beamen dat het nimmer een sinecure kan wezen om het contrast tussen de Nazoreeër aan de schandpaal en zijn zelfverklaarde plaatsvervangers in het beruchte Romeinse resort naar de kroon te steken.

Dit alles om er op te wijzen dat een nieuwe preutsheid in volle opmars is en dus niet toevallig tegelijk met het onbeschaamd publiekelijk pronken in de massamedia van met geld uit lust en lotto toegeëigend (vrouwelijk) schoon. Het met de vinger wijzen van de exhibitie van Asmodeus' speelgoed werkt allerminst als waarschuwing of rem: het wakkert, zij het vaak onbedoeld, de macht van de demonen aan zoals ook het ombrengen van klokkenluiders doet en het afmaaien van alles wat de neergang in de weg staat. De opkomst van de preutsheid is dan de bestraffing van dit euvel met ons aller gevangenschap in een kooi van ontwrichtende gekunsteldheid: zij stopt prompt alle natuurlijke schoonheid in de kast en tegelijk alle middelen om nog langer spontaan aan authentieke menselijke gevoelens uitdrukking te geven.

Opgedrongen schaamte en ongegronde angsten komen in de plaats van ongedwongenheid en vrijheid en bovenop de verwoesting van het natuurlijke milieu verminkt de pruderie op haar beurt het psychosociale leven met de onzin van taboes onder Big Brothers dictatuur. In Het Zoute klaagt een bourgeoisie, die weliswaar exquise cruiseschepen frequenteert, over korte broeken aan 'hun' zomerstrand en in streken waar hittegolven de regel zijn, bakeren religies hun vrouwen na een genetische verminking in zoals men ooit deed met pasgeborenen in Rusland. Steeds vaker worden rechters geconfronteerd met de pedanterie van zekere gehersenspoelden die, heiliger dan de paus, met camera's gewapend in de tuinen van hun buren vermeende onbehoorlijkheden spotten. Een irrationaliteit neemt bezit van het openbare leven op uiteindelijk elk vlak en nieuwe hoogdagen breken aan voor papen en nog andersoortige charlatans die zich leep verrijken op de kap van wie met de nieuwe frustraties zijn vergiftigd.

(J.B. 14 augustus 2026)

 

 

LGTBQ+ en de blijvende maatschappelijke discriminatie

LGTBQ+ en de blijvende maatschappelijke discriminatie

In ons land gelden gelijke rechten voor homo's maar daar stopt het niet, vandaar de nood aan manifestaties zoals de Pride. Hetzelfde geldt uiteraard voor alle andere minderheden of kwetsbare groepen, zoals kinderen,vrouwen, kleurlingen, inwijkelingen en noem maar op.

Gelijke rechten wil zeggen dat de betrokken rechten wettelijk verzekerd worden maar de kloof tussen wat de wet gebiedt en wat effectief gebeurt, is dikwijls aanzienlijk. Kijken we andermaal naar de geschiedenis rond het (stichtende) voorbeeld van dr. Karel Van Noppen: de wet verbiedt het gebruik van hormonen in de veeteelt maar in de greep van niets en niemand ontziend winstbejag worden wie de uitvoering van deze wet bekrachtigen middels controles - de eerste stap in sanctionering - omgebracht, met als bewezen gevolg de alom te bezichtigen handhaving van het onrecht.

Uiteraard zijn wetten welkome en ultieme instrumenten voor het verzekeren van rechten maar evenzeer geldt dat zij aan tegenstanders middelen verschaffen om het tegendeel te bewerken, vooral dan waar criminelen ze gebruiken om zich daar achter te verschuilen. En in dat geval kunnen zij zelfs niet als 'crimineel' worden bestempeld daar zij er dan voor zorgen de wet aan hun kant te hebben, zodat zij dan alsnog hun slag thuishalen in overeenstemming met het recht van de sterkste.

Een schokkend voorbeeld biedt het feit (beschreven in de V.S. maar uiteraard ook elders gangbaar) dat de helft der gevangenen onterecht zitten en meer bepaald: hun veroordeling werd valselijk in scène gezet door de betrokken schuldigen die immers niet langer worden opgespoord van zodra de zaak als opgelost geboekstaafd staat. Sociale fraude biedt daarvan voorbeelden maar hetzelfde is het geval inzake discriminatie.

Pertinent is het feit dat wie gediscrimineerd worden, vaak geen gebruik maken van hun alsnog verkregen rechten omdat zij daar “geen goed gevoel bij hebben”, wat betekent dat daar waar zij hun rechten opnemen, zij zich blootstellen aan een soms aanzienlijke hoeveelheid stress. Stress veroorzaakt door de angst dat wie hen hun rechten misgunnen, soelaas zouden zoeken in vormen van wraak waaronder moord geen uitzondering is.

Ook hiervan biedt de geschiedenis voorbeelden te over, naast dat van de moord op Karel Van Noppen: Patrice Lumumba werd wettelijk verkozen maar het Westen dat garen spint bij het (neo)kolonialisme, gunt hem zijn rechten niet en de man wordt prompt vermoord; de daders blijven buiten schot.

Uiteraard stonden zowel Karel Van Noppen als Patrice Lumumba bloot aan een enorme hoeveelheid stress die hen had kunnen weerhouden van het plichtsgetrouwe uitvoeren van hun taak of van het gebruik maken van hun rechten, welke met hun ethische plichten samenvielen. Zij overwonnen zichzelf en stelden op die manier een historisch voorbeeld dat bijzonder betekenisvol is voor de vooruitgang van de mensheid als zodanig. Een gelijkaardige stress ondergaan al wie voor de keuze worden gesteld om al dan niet deel te nemen aan optochten voor mensenrechten, zoals de Pride. De gezaghebbende Roemeens-Amerikaanse filosoof Costica Bradatan schreef over die bijzondere realiteit met betrekking tot de menselijke ethiek een gevierd boek.

Hier geldt vooral dat het veel makkelijker is om een ander te verdedigen dan om zichzelf te verdedigen. Voor zelfverdediging is alertheid nodig en bezonnenheid maar vooral ook weerstand tegen stress.

Stress is een verborgen maar bijzonder vernietigend wapen in de handen van wie erop uit zijn om misdaden te plegen, bijvoorbeeld wanneer zij iemand iets afhandig willen maken. Stress speelt bij discriminatie, bij ontmenselijking en bij pesten.

De misdadiger weet zichzelf altijd buiten schot te plaatsen, bijvoorbeeld door zich weg te steken achter een wet of achter een recht. Mede daardoor veroorzaakt hij bij zijn slachtoffers frustratie en dat is stress. En daar is wetenschappelijk onderzoek naar gedaan:

In een artikel van de hand van Zico Saerens, d.d. 4 april 2024, getiteld: “Na het drama in Finland (waarbij een 12-jarige gepeste jongen drie klasgenoten neerschoot): hoever kan jarenlang pesten jongeren drijven?”, vertelt traumapsycholoog Margo Van Landegem dat de invloed van pesten vaak onderschat wordt: "Bij trauma's denken de meeste mensen aan mishandeling, verwaarlozing of seksueel misbruik. Maar ook pesten - zeker als je daar lange tijd slachtoffer van bent - kan een serieuze impact hebben op jezelf en je zelfbeeld, zeker als je nog in volle ontwikkeling bent." Trauma is niet abstract maar betekent vaak ook beschadiging van het zenuwstelsel: in het genoemde artikel legt M. Devriendt uit hoe slachtoffers van pesten op den duur de controle verliezen over hun emoties en gedrag. “"Ons oerbrein gaat standaard de omgeving scannen op gevaar. (…) Als je lange tijd wordt gekleineerd of vernederd, gaat je omgeving altijd als onveilig aanvoelen. Je lichaam wordt hyperalert en gaat constant in een stressreactie. Daardoor ervaar je geen veiligheid meer. (...)" Wie stress ervaart of zich bedreigd voelt - iets wat slachtoffers van pesten continu ervaren - valt terug op een automatisch verdedigingsmechanisme. Het is iets waar je niet zélf bewust voor kiest, je lichaam neemt het over.” Het slachtoffer wil alleen maar dat het ophoudt.

Iemand met stress opzadelen is iemand traumatiseren, het is: iemands zenuwstelsel beschadigen. Het gaat dus niet zomaar om woorden: het betreft hier een fysieke ingreep en dan nog in de kern van het lichaam, het zenuwstelsel. Het slachtoffer wil alleen maar dat het ophoudt, zo schrijft de onderzoeker. Men heeft er geen goed gevoel bij en men haakt af. Het lijkt erop dat men zichzelf benadeelt maar uiteraard betreft de keuze als zodanig niet deze tegen de eigen rechten maar die voor de eigen veiligheid. Want wat baten rechten voor de dode rechthebbende?

(J.B., 12 augustus 2026)

 

Bijwerkingen

Bijwerkingen

Ruim dertig jaar geleden kreeg hij zijn eerste infarct, er volgde dra een bypass-operatie, die verliep opperbest maar de techniek zelf stond toen nog in haar kinderschoenen. Er volgde een operatie aan de benen en later in datzelfde jaar nog moest een nier verwijderd worden. De klachten ingevolge hoge bloeddruk en aderverstopping konden met zware medicamenten wat getemperd worden. Een zorgeloos bestaan was voor hem niet meer weggelegd maar dankzij het dagelijks innemen van handenvol pillen en papjes, kon hij quasi zonder noemenswaardige pijnen toch in leven blijven: eten, slapen, converseren... hij kon zich zelfs in een beperkte doch bevredigende mate verplaatsen. Het grootste probleem waarmee hij in zijn dan toch mooi gestabiliseerde toestand nog wel te kampen had, dat waren de zogenaamde 'bijwerkingen'.

- Het leven zelf heeft talloze bijwerkingen, zegde de dokter, maar zolang dat draaglijk blijft, laten we ons niet ontmoedigen: we beschikken trouwens over al aardig wat vervangstukken, en tegen de pijn hebben we pilletjes en pleisters. Ook die hebben bijwerkingen, maar ook daar hebben we vaak pillen tegen. Het gebeurt zelfs dat placebo's helpen...

- Placebo's? vroeg hij geschrokken: maar dat zijn toch suikerbolletjes?

- Een placebo bevat zelfs geen suiker, zo verbeterde de dokter hem. Maar het is intussen eens en voorgoed bewezen dat het in bepaalde gevallen helpt, en dat is vooral goed nieuws waar échte geneesmiddelen teveel bijwerkingen hebben. Er is uiteraard ook slecht nieuws...

- Toch?

- Welja: het slechte nieuws is dat ook placebo's bijwerkingen kunnen hebben...

- Ongelooflijk, stotterde hij.

- Tja, maar nog een stuk vervelender is dat die bijwerkingen volstrekt onvoorspelbaar zijn!

- Is dat zo? schrok hij.

- Uiteraard, antwoordde de dokter, er zit immers niks in!

- Onvoorstelbaar, mompelde hij weer.

- Maar dat is dan vooral een streep door de rekening van de verzekeraars...

- De verzekeraars?

- Welja: als geneesmiddelen pretenderen doeltreffend te zijn tegen een of andere kwaal, dan zijn ze vaak ook werkzaam waar ze dat niét hoeven te zijn: in die gevallen spreekt men dan van bijwerkingen. Ik hoef je niet meer uit te leggen, wat dat zijn, niet?

- Ik kon er warempel over doceren!

- Wel, voor die bijwerkingen dient de bijsluiter uiteraard te waarschuwen, en dat is een zaak van de verzekeraars. Dat zij zich goed proberen in te dekken, maakt dat die bijsluiters zo erg lang zijn. De lettertjes worden almaar kleiner, het papier dunner... Mocht men de bijsluiter in leesbare tekst drukken, dan moest men een boek meegeven bij elk pillendoosje. En in geval van placebo's...

- Een telefoonboek! lachte hij.

- Tja, zei de dokter: maar wat die bijsluiter ook vermeldt... àlle mogelijke bijwerkingen opsommen, kan men nooit, precies omdat ze onvoorspelbaar zijn.

- In de praktijk loopt het zo'n vaart niet, wees gerust, krabbelde hij nu terug: de werkzaamheid van het placebo is immers niet te wijten aan een bepaalde substantie in de pil, want die pil bevat niks dan vulsel: het effect wordt teweeg gebracht door het gelóóf van de patiënt. Je ziet intussen wel waar ik naartoe wil?

- Je bedoelt dat ook de bijwerkingen door de patiënt veroorzaakt worden?

- Tja, dat is dus wat de verzekeraars zouden willen bevestigd zien, zo beaamde de dokter, maar heel zuiver op de graat is die redenering natuurlijk niet...

- Neen?

- Bepaalde bijwerkingen van geneesmiddelen, en dus ook bijwerkingen van placebo's, kunnen veroorzaakt worden door een specifieke angst daarvoor bij de patiënt. Iemand die angst heeft om hoofdpijn te krijgen van zijn pilletje, kan ook een stress ontwikkelen die voor die hoofdpijn garant staat. Maar... er is uiteraard een grote maar!

- Een grote maar?

- Ja, in het geval van een placebo is het wel zo dat er van werkingen of bijwerkingen helemaal geen sprake kan zijn zónder die pil, ook al bevat ze alleen maar vulsel, zie je?

- Dus komen de bijwerkingen dan toch van het vulsel? vroeg hij benieuwd.

- Van belang is dat voor dat vulsel betaald moet worden, zei de dokter, want dat maakt ook dat de schuld terecht komt op de nek van wie achter dat vulsel geld verdienen.

- Erger nog is dat de werkzaamheid van placebo's de geldigheid van de dubbleblind tests teniet doet, of dan toch voor een gedeelte. Je weet wat dubbleblind test zijn?

- Ik heb daar nog van gehoord, ja...

- Zij dienen om de werkzaamheid van een medicament te testen. Men geeft aan de ene helft van een groep proefpersonen met bijvoorbeeld hoge bloeddruk, een pil om die bloeddruk te doen zakken; de andere helft krijgt een placebo dat er eender uitziet als de echte pil. Tijdens de proef weten noch de proefpersonen noch de artsen wie een échte pil te slikken krijgen. Welnu, als diegenen die de échte pil kregen, beduidend vaker genezen dan de anderen, dan is bewezen dat de pil werkt.

- Uiteraard... Maar hoe heeft men dan aangetoond dat ook placebo's werken?

- Tja... het onderzoek moet daar uiteraard een beetje aangepast worden. Ik vermoed dat de ene helft van de groep proefpersonen een placebo te slikken krijgt, de andere helft helemaal niets. Maar om nu terug te keren naar de zaak... en ik geloof dat ze mij is ontsnapt...

- Je zei dat de werkzaamheid van placebo's de geldigheid van die dubbleblind tests voor een stuk teniet doet.

- Inderdaad, ja, want in het allerergste geval werkt het placebo even goed als het medicament, zie je?

- En gaat het dan nog om een ziekte?

- Dat blijft uiteraard de vraag. Maar als er klachten zijn, dan moeten wij ervan uit gaan dat er iets scheelt, nietwaar? Neem nu dat vermoeidheidssyndroom: vroeger dacht men dat het luiheid was, vandaag spreekt men over een virus... Migraine, nog zo'n lastig geval: de oorzaak is dikwijls gewoon onvindbaar!

- En wat is dan de oplossing, dokter?

- Oplossing! De geneeskunde heeft door de eeuwen moeten leren leven met lapmiddeltjes en ook met onoplosbaarheden, al blijven vanzelfsprekend altijd de hoop en de wil bestaan dat er ooit oplossingen komen. Alleen de dood is een absolute uitkomst, maar zo ver zijn we nog niet he? Zolang we leven, kunnen we schipperen, en laten we dat dan ook doen, en met veel plezier!

- Uiteraard...

- Lig maar niet wakker van het vulsel van placebo's, zei de dokter: het is iets bijzonder merkwaardigs, iets veeleer van metafysische dan van medicinale aard.

- Maar meen je dat nu?

- Wat?

- Dat het placeboprobleem metafysisch is.

- Jij hebt zeker al gehoord van de transsubstantiatieleer? vroeg de dokter. Vroeger, in de kleine dorpen, waar wij met de burgemeester en de pastoor soms vergaderden om de bijzondere problemen van de dorpelingen te bespreken, wilden de gesprekken onder invloed van een Saint-Emilion nogal eens ontaarden, en dan durfden allerlei duistere onderwerpen de kop opsteken...

- Zoals de transsubstantiatieleer?

- Inderdaad, het is een op het concilie van Trente bevestigd geloofspunt, dat trouwens de kern vormt van de heilige mis: in de consecratie wordt de wijn veranderd in het bloed van Christus en het brood van de hostie verandert in zijn Lichaam.

- En wanneer precies is dat geloofspunt er gekomen?

- Och, als ik me nog goed herinner dateert dat concilie uit de zestiende eeuw, maar het was al drie eeuwen eerder aan de orde hoor, in Lateranen, en het begrip zelf gaat terug tot Aristoteles, uit de vierde eeuw vóór Christus!

- Aristoteles?

- Aristoteles ontwierp een zogenaamde categorieënleer. Hij geloofde dat alle dingen enerzijds een wezen hebben, maar daarnaast ook allerlei eigenschappen, zogenaamde 'categorieën', zoals kleur en vorm, om nu maar iets te zeggen, want op de keper is wat ik nu zeg niet correct. Maar met Aristoteles zijn begrippen hebben de bisschoppen dan beslist dat in de consecratie de categorieën of dus de eigenschappen van wijn en brood dezelfde blijven, maar dat hun uiteraard geheel onzichtbare wézen voor een ander verwisseld wordt.

- Dat van Christus.

- Precies!

- En dat is ook met placebo's het geval?

- Wel... men zegt dat het geloof bergen kan verzetten. Ik moet nog de eerste berg onder invloed van het geloof zien weglopen, maar uit onze praktijk blijkt dan toch wel dat het geloof een zekere kracht kan geven aan bepaalde mensen, zij het niet aan iedereen; het geloof is dan ook een gave, zegt men...

- Het vulsel van het placebo verandert door het geloof van de patiënt in een werkzaam medicijn?

- Niet het vulsel, niet het vulsel! haastte zich de dokter: Indien er aan het vulsel iets veranderd werd, dan zou dit vast te stellen zijn! Het zogenaamde 'wezen' van de pil verandert!

- En geloof jij dat, dokter?

- Ha, geloven! Ik kan je alvast dit zeggen: als men afspreekt dat de pil gelijk is aan haar stoffelijkheid, dan verandert haar wezen uiteraard niét. Maar als men afspreekt dat de pil niet alleen dat stoffelijke bolletje is, doch alles wat daarbij komt kijken...

- Zoals?

- Zoals... de wetenschap, uiteraard, waarin wij terecht geloven, en het gesprek met de arts die de patiënt raadpleegt, en betaalt, de prijs van het medicijn, de zorg die besteed wordt aan de uitleg over de kwaal en ook nog al de goede zorgen en de raad die op de koop toe worden meegegeven... wel, als men afspreekt dat die ene pil in feite dat alles vertegenwoordigt, dan is het innemen van een pil uiteraard veel meer dan het inslikken van een paar milligram kalk, versta je?

- Interessante uitleg.

- Tja, we hebben allerminst een vervelend vak, dat is waar. En de tijd dat genezing een eerder zeldzame bijwerking was van medicatie, is gelukkig voorbij.

- Zal men ooit alle ziekten kunnen genezen?

- De ziekten niet, maar misschien wel de zieken, ha!

- En dan zal ook de dood verdwijnen?

- Dat durf ik niet te zeggen. Er zullen uiteraard nog altijd ongevallen gebeuren, en wat doe je met iemand die helemaal verhakkeld is? Naast de nieuwe ziekten, want die blijven er natuurlijk ook altijd komen... Maar een deel mensen, die voorzichtig zijn, en die wat geluk hebben, zullen beslist steeds ouder worden. Op het eeuwig leven durf ik, eerlijk gezegd, niet te hopen. Hier lijkt het mij in alle ernst zo te zijn... dat het leven een bijwerking is van de dood in plaats van andersom.

(J.B., 28 november 2009)(Verhalen 2006-2009)

 

De Pride verkondigt helemaal geen ideologie

De Pride verkondigt helemaal geen ideologie

Sinds drieëntwintig jaar kunnen in België homo's huwen en sinds twintig jaar zijn er gelijke adoptierechten; er zijn eveneens wetten tegen haatmisdrijven en discriminatie. Op die manier garandeert ons land gelijkheid voor homo's alsook bescherming tegen discriminatie.

Het doen naleven van wetten die waken over het leven en het welzijn van alle burgers blijkt echter geen sinecure: een aanzienlijk segment van de bevolking acht zich meer dan de rest, wat blijkt uit het feit dat de betrokkenen zich deze wetten niet ter harte nemen. Dat was ook het geval toen (in België in 1831) de slavernij werd afgeschaft, toen hier te lande op de dag van de onnozele kinderen in 1944 met het Sociaal Pact de arbeiders sociale rechten afdwongen en toen amper een halve eeuw geleden de vrouwenbewegingen gelijke rechten veroverden: om puur egoïstische redenen waren steeds een aantal mensen het hier niet mee eens.

Rechten zijn één zaak maar hun naleving is nog een andere en zo ging de slavernij ook na 1831 hardnekkig door, met dwangarbeid en genocides in de kolonies en in het neokoloniale tijdperk dat nog steeds aan de gang is, met zelfs een oproep tot terugkeer naar het kolonialisme bij de huidige reactionaire regering in de V.S. en slavernij is ook troef in de zogenaamde vierde wereld. Ook het Sociaal Pact wordt door de huidige regering uitgehold, onder meer middels de zogenaamde 'pensioenroof'1 en vrouwenrechten bestaan amper in de praktijk.

Maar die uitholling van rechten brengt onheil. Wat maakt dat campagnes ter zake altijd welkom zijn, zoals bijvoorbeeld ook campagnes tegen rijden onder invloed, bedoeld om mensen op de vingers te tikken die denken dat zij voor zichzelf alsnog een uitzondering mogen maken.

Die campagnes zijn allerminst ideologisch gekleurd en zo ook verkondigen de jaarlijkse optochten van de LGBTQ+-gemeenschap die in verschillende steden plaatsvinden allerminst een ideologie, zoals extreemrechts het blijft voorliegen in partijen die flirten met een volstrekte wetteloosheid en waarvan de optochten echter wél ideologisch gekleurd zijn. En hetzelfde geldt voor de godsdiensten, ook voor de erkende, waarvan de subsidiëring terecht ter discussie staat waar zij een visie verkondigen die strijdt met de wet.

Het Vaticaan is een dictatuur maar het bestaan van een pausschap heeft wel het voordeel voor beleidsmakers dat het katholieke geloof uit één mond kan spreken, ofschoon innerlijke verdeeldheid in de kerk de regel is, afgezien nog van de vele schisma's en de ontelbare religies die zich erop beroepen christelijk te zijn. Dat geldt des te meer voor de islam met vooreerst de onderling oorlogende soennitische en sjiitische tak en ook geldt dat voor het jodendom met in beider gevallen het geheel ontbreken van een door een centrale spreekbuis te verwoorden gemeenschappelijk standpunt, wat staten ertoe noopt om ook vanwege die religies een executieve te eisen.

Theocratieën zijn middeleeuws en in het Westen bestaan ze dan ook niet langer, behalve sinds de herinvoering van de middeleeuwen in 1929 met de oprichting van de achterlijke stadstaat Vaticaanstad waar de paus in feite keizer is; hij is namelijk de vorst van een (wereld)kerk maar ook van de genoemde (dwerg)staat en daar bezit deze westerse dictator de wetgevende, de uitvoerende en de rechterlijke macht en dit dankzij de moorddadige fascist Benito Mussolini, voorloper en evenknie van Adolf Hitler. Maar verder behoort het tijdperk van de theocratieën tot het verleden zoals ook het koloniale tijdperk dat doet... wat wil zeggen dat, vergelijkbaar met het neokolonialisme, ook nu nog de scheiding van kerk en staat jammer genoeg vooral een theoretische aangelegenheid is.

In de praktijk zijn sinds oudsher de beide machten twee handen op één buik en de kerk infiltreert het leven van de burgers nog steeds op die plekken waar de staat niet bij kan komen, ofschoon het kerkwerk nu voor een groot deel door hightech kan vervangen worden, en zo bijvoorbeeld stroomt de info die potentaten eertijds verzamelden via de biecht, nu binnen middels alomtegenwoordige microfoons en camera's die ons van onze natuurlijke territoria beroven en via de groots opgezette privacyroof op het internet dat in wezen een schaduwwereld is waar men naartoe gelokt wordt zodat de echte grond waar wij ooit woonden en leefden, kan worden ingepalmd.

Politieke beslissingen zijn aldus nog altijd ideologisch gekleurd en dat is geen goede zaak voor de mensenrechten want religieuze invloeden resulteren in beslissingen die niet op de rede gebaseerd zijn maar op een absurde en machtsbestendigende dogmatiek: die gaat helemaal niet uit van democratische principes of van de gelijkheid tussen de geslachten en de volkeren: zij heeft het over de onderdanigheid van de vrouw aan de man, over 'uitverkoren volkeren' of over een 'ene heilige katholieke en apostolische' groep binnen (of beter: terzijde van) de gemeenschap. Absurd, want zonder redelijk verdedigbare gronden en daarom ook vooral werkzaam in zekere krochten van de maatschappij die onder de radar blijven doch vaak grote invloed hebben.

De wetten die de rechten van alle burgers garanderen staan aldus aan verschillende kanten onder druk en hun handhaving vereist blijvend manifestaties vanwege de burgers die deze wetten stemden. Recht en vrijheid zijn immers nooit voor immer verworven goederen: het superlichaam van de maatschappij dient in stand gehouden te worden door blijvende actie, zoals dat het geval is met onze eigen lichamen en met al onze instrumenten: die vereisten voeding, lering, bijscholing, onderhoud en herstel.

(J.B., 9 augustus 2026)

1Cf. Kim De Witte, De grote pensioenroof. En het plan om ons pensioen terug te winnen, Epo, Antwerpen 2018. Cf.: https://epo.be/shop/de-grote-pensioenroof/

 

Meer van Tisallemaiet

↑ Terug naar de berichten