“Nee, de herfst begint vandaag niet op de 21ste”: waarom het nog enkele dagen wachten is op het nieuwe seizoen
De herfst start op 21 september, of dat hebben velen van ons zo geleerd. Maar klopt dat wel? “Het is een misverstand dat nog heel vaak de ronde doet”, “Onze seizoenen beginnen immers niét altijd op de 21ste van de maand. De astronomische herfst start pas over twee dagen, op 23 september.”
We kunnen onze vier seizoenen – lente, zomer, herfst en winter – indelen op twee manieren. De makkelijkste is de weerkundige indeling, ook wel de meteorologische genoemd. Elk seizoen begint dan gewoon op de eerste dag van een maand. De herfst loopt bijvoorbeeld van 1 september tot en met 30 november. Meteorologen gebruiken die indeling al sinds 1780, gewoonweg omdat ze zo simpel is.
Verwarring over precieze start
De tweede manier zaait echter veel verwarring. Dat is de astronomische opdeling, waarbij de stand van de zon een rol speelt. Zo starten de lente en de herfst op het moment dat de zon loodrecht boven de evenaar staat in maart en september. Dag en nacht zijn dan ongeveer even lang. Als de zon naar het noorden schuift en pal boven de kreeftskeerkring staat in juni, begint de zomer. Staat de zon in december boven de steenbokskeerkring, dan begint de winter. Die twee momenten vallen samen met de langste dag of langste nacht.
Wiebelende aardas
Maar in zo’n astronomische berekening starten de seizoen niet altijd op dezelfde dag. Dat komt doordat ons kalenderjaar korter is dan de tijd die onze aarde nodig heeft om rond de zon te reizen. Die reis duurt 5 uur, 59 minuten en 16 seconden lànger dan 365 dagen. Om dat bij te sturen, hebben we schrikkeljaren met een extra dag in februari.

|