TIJD???

Want jij laat allesnaren in mij
trillen
naar klank en
lied vol
tederheid.
Ik zou zoveel,
oneindig véél nog
willen
Ik kijk je aan
en vraag me af:
is er nog
tijd?
TIJD???
Want jij laat alle
Memorabele bedevaart!

Het was zomer en de wereld had de kleuren van licht en zon. Bovendien was het grote vakantie en het leven zag er voor de komende maanden heerlijk uit! Hoe graag ik ook naar school ging, vakantie was ook niet te versmaden en ik genoot met volle teugen. Toch hadden wij niets bijzonders om naar uit te kijken, want geld voor reizen was er niet en thuis moest, zoals steeds, aangepakt worden!
Ik stond dan ook te strijken en niettemin genoot ik met volle teugen van de dag en het leven.
Mijn broer N., die een jaar jonger was dan ik, liep voorbij en vroeg: heb je mijn hemd al gestreken? Ja, dat had ik inderdaad en het hing netjes op een kleerhanger te wachten, totdat ik het in de kast zou hangen.
Dat heb ik namelijk straks nodig, zegde hij. Toen vertelde hij mij, dat hij te voet naar Scherpenheuvel zou gaan en diezelfde avond aan de tocht zou beginnen. Hij had namelijk beloofd, dat hij dit zou doen, als hij zonder kleerscheuren of herexamens zijn jaar zou afsluiten. Alles was in kannen en kruiken en dus diende hij zijn belofte na te komen! In onze kinderjaren werden zulke beloften nog gedaan en we hielden ons dan ook strikt aan de afspraak. Eigenlijk leek het een beetje op handeltje drijven met de hemel!
Het idee sprak mij wel aan en ik beloofde prompt dat ik hem zou vergezellen op zijn tocht. Het zullen zo om en bij de 55 à 60 kilometers enkele reis zijn en dat was en is een behoorlijke afstand om in je ééntje te lopen. Mijn grootmoedige belofte deed ik terloops en ging gewoon door met mijn strijkwerk, in plaats van even wat te rusten, vooraleer die tocht aan te vatten. Zo nonchalant kan natuurlijk alleen maar jeugd omspringen met het vooruitzicht om een ganse nacht te lopen.
Wij zouden rond 21u00 vetrekken in de hoop om de volgende morgen veilig en wel aan te komen in Scherpenheuvel.
Zo gezegd, zo gedaan. Wij hadden beiden een rugzak met drinken, boterhammetjes en wat fruit bij en daarmee moesten wij het doen. Zelfs geen deken of plaid om onderweg eens uit te rusten, zat er in die rugzak. Wie denkt er nu aan rusten als je 17 en 18 jaar oud bent!
Vol goede moed vetrokken wij en aan gespreksstof hadden wij nooit gebrek. We hadden een erg goede band met elkaar en konden uren met elkaar babbelen over vanalles en nog wat.
We liepen gestadig door en langzaam haalde de duisternis ons in.
We hadden ondertussen al lang in de gaten dat het geen sinecure zou worden en dat wij eigenlijk véél te weinig drank meegenomen hadden. We besloten dan ook op een bepaald moment om maar ergens iets warms te gaan drinken, zolang er nog kans was dat er een of ander café open was, en zo ons meegeebrachte drinken te bewaren voor de uren en kilometers, die nog voor ons lagen.
Het was een gewone avond in de week en in de meeste café's brandde er al geen licht meer tegen middernacht.
Maar plots zagen wij een gelegenheid, die iets verder van de weg lag en waar nog licht brandde.Weliswaar een gedempt licht maar het was ook al middernacht, dus vonden wij dat niet echt vreemd. Het gebouw leek op een paviljoentje en had iets romantisch!
Wij gingen naar binnen en keken een beetje ongemakkelijk rond, want we waren er allesbehalve aan gewend om naar café's of andere horecazaken te gaan. Er zaten enkele mannen aan de toog en achter de toog stond een fel opgemaakte mevrouw, die ons nogal verwonderd bekeek.
Wij lieten ons echter niet uit ons lood slaan en namen plaats aan een rond tafeltje en deponeerden onze rugzakjes naast onze stoelen.
Ondertussen hadden ook de mannen op de barkrukken zich naar ons omgedraaid en bestudeerden ons, alsof we wezens van een andere planeet waren.
De dame kwam naar ons tafeltje en noteerde onze bestelling: twee warme chocomel, die wij genietend uitdronken en nadien nog eens aanvulden met hete koffie.
Zo, nu waren we weer klaar voor het vervolg van onze tocht. We rekenden af, zegden vriendelijk goedenavond, hetgeen op wat gebrom werd onthaald, en vertrokken voor het vervolg van onze bedevaart.
We hebben de ganse nacht doorgelopen en op een bepaald ogenblik loop je als in trance of op automatische piloot. Maar we wisten niet van opgeven en we vertikten het om autostop te doen. Te voet was te voet en belofte maakt schuld, zo eenvoudig was dat.
Wij zijn, na een bezoek aan de basiliek, wel per autostop terug naar huis gekomen, want de terugreis ook nog eens lopend af te leggen, dat zagen we niet meer tot een goed einde te brengen.
Wij hadden het er onder elkaar wel nog over gehad, dat die mensen in dat café ons toch maar raar bekeken hadden, en wat daar wel de reden voor geweest kon zijn! Wij konden er geen verzinnen.
Jaren later gingen mijn man en ik na onze huwelijksreis in het dorp van dat cafeetje wonen, en begreep ik eindelijk de oorzaak van die rare blikken.
Het café bleek namelijk een gelegenheid te zijn voor dames van lichte zeden, die hun diensten te koop aanboden aan de bezoekende mannen. Dus die gingen daar echt niet alleen naar toe om iets te drinken.
Geen wonder dat hun ogen bijna uit hun kassen rolden, toen ze die twee snotneuzen met hun rugzakje daar zagen binnenstappen om een choco te drinken!
Mijn broer en ik kwamen niet meer bij, toen de waarheid tot ons doordrong. Op bedevaart gaan en de eerste stop, die we inlasten was een hoerenkot!
Tukje!!!
Ik ben op wandel door de blogs, bij mijn geliefde blogvriendin Bojako gestuit op haar beschrijving van de lange spieren haar op het hoofd van haar vader! En floep, alles kwam terug!
Een nieuw jaar en herinneringen!

Een jaar is voorbij en het nieuwe is gestart. Ik vind het een prachtig getal 2007, want ik heb duidelijk iets met 7 en 3. Zelfs mijn geboortedatum heeft alles te maken met deze twee cijfers, en misschien is dat dan wel de oorzaak van mijn voorkeur! Ik ben een winterkind en in januari geboren, maar bij winter stel ik mij echt iets anders voor dat het druilerige weer, waarmee wij nu verwend worden. Terwijl ik deze woorden tokkel, tokkelt buiten de regen tegen de ramen en het liefst van al neem ik daar helemaal geen nota van. Ofschoon ik midden in de winter geboren ben, ben ik echt een zonnekind en kom ik pas echt tot leven als Laura staat te stralen in de lucht en de hele wereld zich wentelt in bonte kleuren en geuren.
Deze tijd van het jaar is uitermate geschikt om onder te duiken in herinneringen?. Oude foto's en tijdschriften opdiepen, die ik weet niet hoe lang al, ergens in een la vergeten liggen te wezen. Zo ontdekte ik verleden week enkel oude boekjes in een heel grote la. Daar ga ik dan echt bij op de grond zitten en ben ik de eerste uren niet meer weg te slaan uit het verleden. Ben ik echt al zo oud????
Ik ontdekte een oud banjoboekje, dat ik ergens in 1950 gekregen heb. Ik heb een oude banjo geerfd van mijn pa. Hij heeft hem mij gegeven, nog tijdens zijn leven, omdat ik de enige ben van de kinderen , die erop kan spelen. Het ding hangt tegen de grote schouw aan de open haard en is wel speciaal. Ik kan echt niet zeggen hoe oud het is, maar bestaat uit glanzend metaal, en helemaal rondom mooie metalen clipsen erop. Het heeft geen bodem, zoals de meeste banjo's wel hebben, hetgeen resulteert in een helder mooi geluid. De kop aan het uiteinde van de hals is uitgesneden als een bloem. Het model van deze banjo staat in het boekje beschreven als een amerikaanse banjo, en eigenlijk zou ik heel graag weten, hoe bejaard het ding werkelijk is! In elk geval ouder dan ik!
Buiten dit boekje, vond ik nog verschillende personeelstijdschriften van firma's, waar ik gewerkt hebt. Eén van die firma's was Siemens A.G. en terwijl ik rustig in de boekjes zat te bladeren kwam ik tot de ontdekking dat het allereerste nummer ook erbij was.
In dat nummer staat een intervieuw van een redacteur met mijzelf en dat ter gelegenheid van het feit dat ik de wedstrijd gewonnen had, die uitgeschreven was voor het kiezen van een naam voor het splinternieuwe tijdschrift.
De naam moest bruikbaar zijn voor het nederlandstalig en franstalig gedeelte van België. Ik had aan de wedstrijd deelgenomen, gewoon omdat ik graag met taal en woorden speel. Er waren maanden overeen gegaan en plots kreeg ik op mijn bureel een telefoontje met de mededeling: Proficiat, u heeft gewonnen.
Gewonnen???? Wat had ik gewonnen?? Ik wist niet eens meer dat ik aan de wedstrijd had deelgenomen, omdat er zoveel maanden overeen gegaan waren, en ik wel meer dingen invulde en opstuurde. Ik moest dus vragen, waar en wat ik gewonnen had. De naam die ik voorgesteld had, was uitgekozen voor het tijdschrift : SIEM-phonie. De stem van Siemens en de samenklank in harmonie van alle personeelsleden van het bedrijf. Vandaar de allusie op symfonie.
Ik was natuurlijk behoorlijk blij en ook trots dat mijn inzending bekroond werd. Er volgde een prijsuitreiking, genoemd intervieuw en een foto, die in het eerste nummer gepubliceerd werd.
Ik kijk naar die foto en zie een jonge vrouw met lange haren, die gelukgewenst wordt door de beide directeuren en de personeelschef. En dan kijk ik naar de omslag van het boekje en dit eerste nummer werd uitgegeven in december 1975: 31 jaar geleden en nog steeds draagt het blad die naam. Ik ben al een beetje oud, maar nog niet vergeten!
Schilderij: Un air de banjo van Yutao
Kerstwensen.

Lieve bezoeker van mijn blog.
Ik wil jou een vredige Kerst wensen en een héérlijk Nieuw Jaar, vol vreugde, goede gezondheid en liefde, voor jou en allen die je lief zijn.
En ik wil je bedanken voor je interesse in mijn schrijfsels. Ik hoop je nog heel dikwijls hier welkom te mogen heten.
Michelly
"Foto(c)Ruben Weytjens"
WAAR WAS JIJ?
ZOALS IK JOU ZIE.
Jij bent mijn vlinder
in blauw, geel en rood
en mooier, véél mooier
dan de mooiste regenboog;
Mijn elfenkind
mijn zomerwind
mijn mooiste melodie.
Ziet ieder ander jou,
zoals ik jou nu zie???
Muis!
Het gaat nu wel heel snel naar het einde van het jaar. Kerstmis en Nieuwjaar komen met rasse schreden dichterbij. En steeds méér valt het me op, hoe alles veranderd is in minder dan 50 jaren. In mijn jeugd, was er geen sprake van pakjes onder de kerstboom en al helemaal niet van overdadig eten en uitgaan tot in de vroege morgenuren of vuurwerk afsteken. Er waren wel andere gebruiken, die even, zoniet gezelliger waren. Familie en vienden deden echt de ronde bij elkaar om een gelukkig nieuw jaar te wensen. Zo ook de collega's van mijn pa. Ze maakten een stop bij elk van de douaniers thuis. Er werd een flinke borrel ingeschonken en er waren natuurlijk mannen bij, die er wel méér dan één lusten. Ik herinner me nog haarfijn zo'n dag, waarop de collega's van mijn pa allemaal in ons kleine huisje, kort bij de Maas, bijeen waren om hun nieuwjaarsborrel te halen. We waren duidelijk niet de eerste plaats, waar ze halt hielden en er werd luidruchtig verteld en gezongen. Wij, de kinderen, stonden van op enige afstand alles met grote ogen te bekijken. Eén van de douaniers, was een grote, forse man, met een behoorlijke buik en een héél dikke, grote donkere snor. Mijn tweede broertje stond hem zonder ophouden aan te staren. Hij was werkelijk gefascineerd door de man.
Dob, dob......
Dat zo'n broertje, dat 7 jaren na de jongste geboren wordt, verwend wordt, hoeft wel geen betoog zeker!
Kleine broertje.
Ik heb zes broers en één zus, dat is ondertussen al bekend. Zoals dat in heel veel gezinnen in die tijd was, volgden de kinderen elkaar in een gestaag tempo op. Eén jaar of maximum twee jaren waren er tussen de op elkaar volgende broers of zussen. Zo ook bij ons. Alleen mijn jongste broer is zeven jaren later geboren dan de voorlaatste. Die voorlaatste, die wij Puk noemden, was dus 7 jaren lang het jongste kind. Ik heb daar uren mee rondgedragen. Het was namelijk in die tijd, dat mijn ouders gebouwd hebben. De blokken om de kelder op te metselen werden ook nog zelf gemaakt. Ergens heb ik nog een foto, waarop wij allemaal op de hurken rond de hoop mortelspecie zitten. Mijn pa met een shop om de brij te mengen en mijn ma, die toen in verwachting was van mijn voorlaatste broer, bracht de vormen met specie naar de hof en draaide die daar voorzichtig om, zodat ze mooi konden drogen en later als bouwstenen voor de kelder konden dienen. In de loop van die bouwperiode is mijn ma dan bevallen van Puk. Ik vind het gek dat ik aan die geboorte geen herinnering heb! Aan de tijd, die dan volgde zoveel te meer! Ik heb zoveel met dat kleine hummeltje rondgesleept, dat het wel mijn eigen kind leek. Het was een heel rustig jongetje en die karaktertrek is tot op de dag van heden niet veranderd. Hij had een bos krullend haar en grote gitzwarte ogen.
Griekse oudheid!
Volleybal: het heeft eigenlijk heel mijn jonge leven beheerst, en als ik daarover nadenk ook nog een heel veel jaren van mijn leven als getrouwde jonge vrouw! In mijn jonge jaren waren er nauwelijks meisjesploegen, en als ze er waren, dan was dat in de grotere steden en zaten ze echt niet te wachten op meisjes van de boerenbuiten! Ik heb veel meegespeeld met mijn broers en moest de nodige meppen incasseren, evenals verstuikte vingers en bloeduitstortingen aan de binnenkant van de polsen door het opvangen van smashen en opslagen.
Zo ontzettend verdrietig!
Ik wandel op sennet van de ene rubriek naar de andere . Lees hier iets en sta stil bij het weer iets anders. PLots zie ik dat ik een privé-berichtje heb. Persoonlijke post is altijd fijn, en dus open ik snel dat bericht, dat van een vriendin komt, die ik via sennet heb leren kennen, en daarna reeds de nodige keren heb ontmoet.
Sportief en hoe!!!!

Dat ik uit een groot gezin kom, is wel reeds duidelijk geworden zeker. Ik weet echter niet of ik al vermeld heb, dat ik zes broers heb, die gelukkig nog allemaal gezond en wel zijn. Zij waren en zijn allemaal erg sportief en toen ze jong waren uitte zich dat vooral in volleybal spelen. Reeds jong, werd er verwoed gespeeld op de koer achter ons huis. Er was een open plaats, niet zo erg groot, tussen de stal en het woonhuis. Later is daar een veranda gebouwd, die de beide bouwsels met elkaar verbond. Toen wij jong waren, echter, was deze ruimte nog open en werd dus gebruikt als oefenterrein voor onze sportieve exploten.
Dat was niet zo evident, omdat de ruimte eigenlijk te beperkt was, maar wat moet je, als er geen andere mogelijkheid is? Er werd dus een koord gespannen van de muur van de stal naar de muur van het woonhuis, die dan dienst deed als volleybalnet. En daar werd dus gespeeld met een uithoudingsvermogen en een ernst, die bijna lachwekkend genoemd kon worden. Er werd opgeslagen, opgevangen, getoetst en gesmasht dat het een lust was om te zien, uren en uren, zonder verpozen. Het was dus onvermijdelijk dat er regelmatig een harde smash tegen het venster belandde met alle gevolgen vandien. Alle vensters waren namelijk uitgevoerd in glas in lood. Na zo'n smah stonden de gebroken ruitjes mooi gebogen naar binnen! Ze vielen er niet uit, want het lood hield ze nog netjes gevangen, maar verschillende van die ruitjes vertoonden dan een lijnrechte barst van links naar rechts! Héél voorzichtig werd de ruit dan van binnenuit terug in haar oorspronkelijke stand geduwd en klaar was kees.
Toen dat echter regelmatig gebeurde kregen mijn ouders er genoeg van, want zo'n vensterraam met al die verschillende ruitjes in gekleurd glas laten herstellen, was echt niet goedkoop. Er moest dus een oplossing komen! De jongens verbieden nog te volleyballen, was geen optie, want er moest geoefend worden!
Wat was de oplossing? Wel heel eenvoudig: zodra het spel begon, werd het rolluik naar beneden gelaten en zaten wij binnen in het duister. Het gebeurde dus regelmatig dat reeds om één uur in de namiddag de lichten moesten aangestoken worden, want buiten werd de match van hun leven gespeeld! Er sneuvelden nu geen ruiten meer, maar het alternatief, was zeker zo erg. Elke smah, die nu met jong geweld tegen het rolluik denderde, deed de binnenzitters uit hun stoel omhoogspringen lijk marionetten aan een touwtje! Het waren ongelooflijke kanonschoten en mijn broers hielden zich dus echt niet in!
Mijn jongste broertje, die toch 15 jaar jonger was dan de oudste wilde steeds meespelen, en dat mocht, op voorwaarde dat hij niet weende!! En hij weende niet, tenminste niet in het bijzijn van de anderen. Als hij weer eens een ferme smash had geïncasseerd, en het echt niet kon uithouden, liep hij wel even om de hoek, plengde een paar traantjes en verscheen prompt terug op zijn plaats. Iedereen wist waarom hij even verdween, maar niemand leverde commentaar!
De verbeten oefening in hun favoriete spelletje, heeft zijn vruchten afgeworpen. Verschillende van mijn broers hebben bij heel bekende volleybalploegen gespeeld. Ik denk dat zij het nooit zover gebracht hadden, als ze ons niet elke zondagnamiddag de daver op het lijf gejaagd hadden met hun smashen!
ZONGEBRUIND GELUK

Je loopt langs het strand
je ranke lijfje bruingebrand
je haren, een blonde sluier
van zongevangen licht.
Je bent zo ver weg
en wat ik ook zeg
het dringt niet eens door
je geest speelt met water.
Dat ruist en dat fluistert
terwijl jij er naar luistert
naar onvertelde sprookjes
in een wereldvreemde taal.
Een meeuw krijst en zwenkt
over het water en wenkt
naar een boot aan de einder
en de wereld valt stil.
Alleen jij langs het water
je huid bruin gebrand
met ogen als sterren
vol zinderend geluk.
GELUK ZONDER MEER!

Mijn voeten in het zand
aan de rand van het water
de deinende golven
die zingen en tateren
hun kragen getooid
met ziltwitte kant.
Ik kijk naar mijn voeten
in het zandige water
de zon op mijn huid
en licht in mijn hart
hoor meeuwen, die krijsen.
Ver weg waait een vlag.
Ik kijk naar de einder
en loop door het water
de vloedlijn die spoelt
langs mijn benen omhoog
en voel hoe mijn hart
springt en dan buitelt
een vreugde gewoon
hemelhoog!
De zee.

Ik ben totaal verliefd op de zee, en waar die liefde vandaan komt, kan ik zelfs bij benadering niet verklaren. Mijn sterrebeeld is Steenbok, en dus is die hang naar het grote water echt niet zo alledaags. Ik woon niet eens in de buurt van de zee, maar eerder aan de andere kant van het land. Wanneer ik die aandrang voel om mij totaal en volledig over te geven aan dat grote geweld sluit ik mijn ogen en lig achterover in een gemakkelijke ligzetel. De zon tintelt op mijn huid en dringt gans zacht, hoe langer hoe dieper, tot op mijn botten, die de weldoende warmte met dankbaarheid ontvangen en ervaren. Af en toe streelt een gesluierd briesje over mijn huid en maakt dit intense gevoel nog heerlijker. Ik duik helemaal naar binnen, in mijzelf en hoor zelfs niet meer het geluid van de andere badgasten. Mijn voeten wroeten zich diep in het warme zand, dat ze omsluit als een wollige deken. En af en aan ruist de branding en rollen de golven in een onhoudbaar ritme, dat door niets verstoord wordt. Ik hoor dat zingen en bruisen en heb de indruk, dat het hoe langer hoe intenser en heviger wordt. Het gaat hoger en hoger en dan plots...... valt het totaal weg! Enkele seconden maar, totale stilte.... Dan herneemt de branding zijn lied en rolt over me heen met zijn tonen en geluid. Dit patroon herhaalt zich regelmatig en fascineert me ongewoon, omdat er een soort regelmaat in zit, die ik helemaal niet kan verklaren. In enkele seconden valt alles totaal stil, en dan gaat alles gewoon weer door! Als je die enorme watermassa bekijkt en weet dat dit daarin gebeurt, dan wordt het ongeloof en de fascinatie alleen maar groter. Is dit een soort oerinstinct, dat mij naar die watermassa trekt? Ik heb de zee gezien in alle tinten van groen en blauw, naar grijs en zwart. Van sereen en kalm naar woest, brutaal en beangstigend. En toch blijft in mij die mateloze bewondering en liefde, voor die grote watervlakte, waar ook ter wereld .
Beangstigend!
Ik sta op het trapje dat naar de voordeur leidt en kijk uit over de uitgestrektheid van zand en heidestruiken, die zinderen in de zon. Het houten huisje achter mij is van een sobere eenvoud en ik woon er in mijn eentje, zonder partner, zonder kinderen, totaal op mijzelf teruggeworpen. Ik leun tegen de deurstijl en staar verdroomd over het water van een groot, heel diep ven, dat roerloos in de
Weggestuurd!!

Na het groot verlof waren wij, ondanks de méér dan strenge regels, blij dat we weer naar school konden en dus ook weer op internaat! We misten onze vriendinnen en schoolmaatjes en konden niet wachten om alles te vertellen, wat we beleefd hadden tijdens het verlof. Voor sommigen waren dat reizen naar Spanje, Frankrijk, Italië enz... . Voor mijzelf zat er dat gewoon niet in en was vakantie gewoon thuis een hand toesteken en zorgen dat alle werk zo snel mogelijk gedaan was, zodat er wat vrije tijd overbleef voor het lezen van een boek of tekenen.
Bij het begin van het schooljaar moesten de internen de avond van tevoren aanwezig zijn. Wij kwamen aangereisd met koffers gevuld met lakens, dekens, handdoeken, ondergoed enz... Alles werd naar de chambretten gebracht en netjes in de kast getast. Het bed werd klaargemaakt voor de nacht en heel de slaapzaal gonsde van de bedrijvigheid. Er werd wel niet gesproken, want dat was strikt verboden, maar al die geluiden van kasten, bedden, deuren enz. vertelden ons, dat wij niet alleen waren met onze voorbereidingen.
Zoals ik reeds vertelde, waren de de chambretten gescheiden door houten wanden, die niet tot aan de grond reikten maar een opening lieten van ongeveer 25cm.
Die eerste avond lagen we dan ook gewoonlijk op een zijde op het matje voor het bed met het gezicht naar de afscheiding en lagen zo op fluistertoon met ons buurmeisje te praten. Vakantiefoto's werden getoond en alle spannende nieuwsjes met rode wangen verteld.
Het was echter opletten geblazen want de controlerende mère kwam naderbij geslopen zonder dat ook maar iemand haar hoorde. Ik geloof echt dat die een "Para"-opleiding genoten had in het besluipen van mensen! Plots ging dan de deur open en stond ze gewoon achter je rug! Afschuwelijk was dat en je hart ging in één sprong naar je keel. De straf volgde dan ook prompt! Het gevolg was, dat er al leerlingen gestraft waren, nog voor het schooljaar begonnen was!
Mijn Italiaanse vriendin werd zo betrapt terwijl ze op haar zijde lag te kletsen met haar buurmeisje. Ze kreeg een ferme straf en de verwittiging, als er nog een dergelijk voorval gemeld werd, zij haar biezen kon pakken en enkele reis naar huis mocht boeken. Enige tijd later is ze inderdaad naar huis gestuurd. Het fijne hebben wij er nooit van geweten, maar er werd verteld, dat ze op de chambrette bij haar buurmeisje "betrapt" was. Ze zaten samen op het bed te praten en plots stond de "Para-mère" in de kamer. De vriendin werd niet weggestuurd, maar zij wel. Er was dan ook een duidelijk verschil in maatschappelijke stand tussen beiden.
Verder heb ik weet van één ander geval, waar een leerling "vriendelijk" verzocht werd niet meer terug te komen en ergens anders haar heil te zoeken. Het was een Nederlandse A.V.d.B. Ze was groot, spontaan, open van geest en niet op haar mondje gevallen! Veel te vrijgevochten om in een gemeenschap zoals deze te kunnen aarden. Als de mère iets zei, wat haar niet zinde, durfde ze echt wel binnensmonds te sputteren : "Stom wijf". Maar dan steeds hard genoeg dat de persoon in kwestie het wel degelijk hoorde, hetgeen ook haar bedoeling was. Dat had haar reeds heel wat strafstudie en opmerkingen bezorgd, maar daar veegde ze met zwier haar voeten aan.
Zij was de dochter van een gegoede Nederlandse zakenman, die veel onderweg was. Dat verklaarde haar aanwezigheid in het internaat. Zij was echter een bonte vogel, die daar schril afstak tegen de gedweeë Belgen, die wij waren. Op een dag moesten wij onze chambretten een goede poetsbeurt geven. Kasten uitruimen, met een natte doek inwendig en uitwendig afvegen en nadien als alles netjes terug op orde lag, werd dat alles gecontroleerd door de "Para-mère" A. had echter niet veel zin in poetsen, want dat was iets, wat ze echt van huis uit niet meegekregen had. In plaats van een natte doek te gebruiken voor haar kast, had ze haar haarborstel onder de kraan gehouden en was ze boven op de kast geklommen. Daar zat ze lustig nar de ander zijde te sprenkelen, terwijl ze zong : het regent , het zegent....! Het was echter niet haar buurmeisje die de nattigheid op haar hoofd kreeg maar de mère. Toen ze dat in de gaten kreeg, schrok ze behoorlijk en wilde zo snel mogelijk van die kast af. Opeens een gekraak en geraas van jewelste en A. zakte met natte borstel en al door de kast naar beneden.
Dat was meteen het einde van haar carrière als clown in het internaat.
Ze verdween zonder boeh of bah, en we hebben ook nooit meer iets van haar gezien of gehoord.
Ik vond het spijtig, want zij was de allereerste die ooit een tennisballetje met mij geslagen heeft op het slecht onderhouden tennisplein achter het park.
Preuts of streng?
Dieven!
Het jaar liep op zijn einde en Sinterklaas naderde met rasse schreden. Wij hadden het plan opgevat om te sparen voor een groep van kinderen, die onder toezicht geplaatst waren door de jeugdrechter, en die in Schoten of in Bonheiden, als ik mij goed herinner, woonden. Er werd zoveel mogelijk een gezinssituatie nagestreefd. De kinderen woonden dan ook met groepen van een stuk of tien samen onder begeleiding van een "leider" of "leidster". Ik meen mij te herinneren dat ze allemaal de puberleeftijd hadden. Wij zijn daar ooit een week naar toe geweest met de klas om de leiders te ontlasten en hen enkele verlofdagen te gunnen. Wij deden dan spellen met de kinderen, die niet zoveel jonger waren dan wijzelf, hielden hen bezig en hielpen eten bereiden en zaten samen met hen aan tafel. Overnachten deden wij dan weer in het internaat.
5 reacties op dit bericht
28 januari
EN EEN MOOI GEDICHT
MUISKE
Verschijnt hier
..
Kusje,
..
*
Maar ik zou de uitvinder van dat gezegde wel eens willen vragen hoe je dat moet doen.
Althans vroeger dan, want nu heb ik feitelijk tijd genoeg.
Mooi verwoord M.
Knuff van