ELFENKIND (Michelly 12/08/2000)

Mijn windekindmijn elfenkind
ik weet niet
wat ik mooier vind,
je lach om te zoenen,
je ogen,
blauwe bloemen,
je hele lieve "JIJ",
je maakt me zo
innig, onmogelijk
blij.....
ELFENKIND (Michelly 12/08/2000)
Mijn windekind
GELUK (Michelly: 08/1997)
Kind van mijn kind
De appel!
In de hof ven Eden heeft de slang gepoogd, Eva te verleiden met een appel. En volgens de overlevering liet zij zich verleiden. Een nonnetje van de kleuterschool in mijn dorp moet gedacht hebben, wat toen lukte kan nu ook nog lukken. Wij gaan de proef op de som nemen en kijken hoe sterk de wil is van dat kleine meisje, en of zij aan de bekoring kan weerstaan.
Mijn eerste vriendje.
Als ik aan mijn kleutertijd op school denk, zie ik steeds datzelfde beeld van de speelplaats vol spelende kinderen op een warme zomerdag. In het midden van de "koer" stond een groot beeld omgeven door den smalle gordel van planten en bloemen, en daar omheen weer een afrastering, om al te enthousiaste leerlingen op eerbiedige afstand te houden. Je kwam de speelplaats op via een groot metalen hekken, onderverdeeld in twee grote vleugels en aan weerszijden een smal poortje, waarlangs men ook naar binnen kon. Direct naast de poort aan de rechterzijde waren de toiletten, met van die mini-deurtjes, beneden hoog en boven laag zodat ze steeds je voeten konden zien en als je rechtstond, je hoofd: kwestie van controle!
EMOTIE (Michelly 06.05.2005)
Muziek overspoelt mij
ZOMERMIDDAG (Michelly 04-05-05)
Er waren bloemen en weiden,
Prikkeldraad!
Ik was een jaar of zes en mijn broertje één jaar jonger. Samen wandelden wij van het dorp, waar wij op school waren, naar huis. Dat was een behoorlijk eindje, maar het was zomer en het was stralend weer en niets kon ons deren. Dat dachten we tenminste... Ons dorp had een echt kasteel en een kasteelgracht, waarover een brug liep en over die brug moesten wij steeds tweemaal per dag, éénmaal heen en éénmaal terug. Het water was fascinerened en de weiden waren groen en bebloemd met wilde varianten, die je nu nauwelijks nog ziet. Het gras stond hoog en wij hadden geen haast, zoals kleine kinderen nu eenmaal zijn. We stonden regelmatig stil langs de weg, in de grasboord en bemerkten voortdurend allerlei dingen, die onze aandacht gevangen hielden.
WONDERKIND. (Michelly 12/08/1999)
De zon slaat vonken
De Kunstenaar.
Als klein meisje moest ik een behoorlijk eind lopen van huis naar school en 's avonds weer terug. Gewoonlijk waren wij met meerdere kinderen,waarvan enkele oudere, die ons kleintjes dan op sleeptouw namen.
De groene kathedraal.

Totdat ik een jaar of tien was woonden wij in een piepklein huisje in de buurt van de Maas, de grens met Nederland. Mijn ouders hebben dan een huis gebouwd aan de andere zijde van het dorp, bijna op de grens met het buurdorp en in een mooie laan, overschaduwd met oude eiken. Als ik nu voorbij het oude huisje rijd, het staat er nog steeds, dan begrijp ik niet hoe wij met ons gezin daarin gepast hebben. Tussen het huisje en onze tuin liep een soort van aarden weggetje, dat doodliep in het veld, maar waarlangs niettemin nog verschillende huisje lagen, die ook bewoond waren door gezinnen met kinderen.
In één huis was het zelfs een bonte mengeling van kinderen, met allemaal dezelfde moeder maar verschillende vaders. Zij waren de sexuele revolutie lang vooruit! De grotere meisjes uit dat huisgezin en uit enkele huizen verder namen ons, de kleine ukken, steeds op sleeptouw op de weg naar school.
Ik herinner mij een stralende zomernamiddag, die in die tijd steeds warmer en zonniger leken dan nu. De "grote" meisjes gingen wandelen en vroegen of wij ook mee mochten. Dat mocht en met een klein emmertje en een speciaal steekwerktuig om paardenbloemen uit te steken ( wij noemden het ganzentongen) trokken wij op pad. Waarom dat emmertje en het werktuig? De paardenbloemen werden uitgestoken en in het emmertje meegnomen en dat was voer voor de konijntjes, die daar zeer verlekkerd op waren. Steeds het aangename aan het nuttige paren, was de leuze in die tijd! Wij liepen met z'n allen samen door de velden richting oude Maas en kwamen dan in de uitgestrekte weiden waar ook de paardenbloemen te vinden waren. Ik was in die tijd nog behoorlijk klein maar nog steeds loop ik in gedachten door het groene hoge gras, met de keuvelende groten achter ons aan op die verdroomde zomermiddag. Wij waren ondertussen op een plaats aangekomen, die steeds in mijn herinnering zal gegrift blijven als "de groene kathedraal"! Toen was ik te klein om dat woord ooit gehoord te hebben of te begrijpen, maar bij een terugblik kan ik geen andere omschrijving geven van wat ik toen zag. Weiden en weiden ver stonden er allemaal abelen, lang en slank en kaarsrecht. En zo onnoemelijk hoog, vooral voor een klein meisje. Ze filterden het zonnelicht tot een groen diffuus licht en alles had een onwaarschijnlijk sprookjesachtige sfeer, zodat zelfs de kleintjes stiller spraken en rustiger werden.
Het was als een bovennatuurlijke wereld, waarin wij per ongeluk terecht gekomen waren.
Nooit heb ik dat beeld en gevoel vergeten : "mijn groene kathedraal".
MEISJE( Michelly 09/2003)
Jij bent het meisje,
Jeugdherinneringen
Wij hebben ze allemaal. Sommigen mooi en vertederend, andere minder mooi en minder fraai, en soms beangstigend.
EENVOUD.

Niet doen. (Toon Hermans)
In het licht, mijn lief
stilstaan in het groen
doe je ogen dicht
niet denken hoor, niet doen.
stilzijn, alle twee
stilzijn met de zee
zoen zijn met een zoen
niet denken hoor, niet doen.
even hand in hand
kind zijn net als toen
hinkelen op het strand
niet denken hoor, niet doen.
Dood van een moeder.
Deze morgen kreeg ik een brief uit Canada, een brief van Charles, een van mijn correspondenten. Hij schrijft letterlijk: ik kom maar direct ter zake en viel met de deur in huis: mijn moeder is gestorven op dezelfde dag als de paus. Nu heb ik geen moeder meer. Hijzelf is een Afro-Amerikaan en journalist van beroep. Als je zijn foto bekijkt, dan zou je hem zo schilderen. Deels Amerikaans en deels Afrikaans met een woeste bos witte krulharen en een verbazend melancholieke blik, gezien zijn beroep, of misschien juist daardoor. Hij is jaren geleden naar Canada vertrokken en leeft daar alleen, zonder partner als gescheiden man, en heeft ook geen kinderen. Ik vraag hem soms wel eens of hij zich daar niet eenzaam voelt. Voor zover ik begrepen heb, heeft hij daar absoluut geen last van en is zijn werk niet alleen een broodwinning maar ook een hobby. Buiten de werkuren schrijft hij verhalen en boeken.
Een stukje paradijs.

Er zijn van die herinneringen, die op gezette tijden ineens weer daar zijn. Wat ze oproept, is moeilijk in te schatten of te achterhalen. Het kunnen pijnlijke, romantische, warme en heldere herinneringen zijn. En opeens zijn ze daar weer. Eén van zulke herinneringen situeert zich in onze vakantie, enkele jaren geleden op het Griekse eiland Korfoe.
Wij logeerden in een hotel in de nabijheid van het kasteel, waar Sissy veel van haar tijd heeft doorgebracht. Ondanks het feit, dat men ons verzekerd had, dat het op die Griekse eilanden steeds "aangenaam" warm was onder invloed van de zeewind, was het tijdens die vakantie afschuwelijk heet! Afkoelen in het zwembad was er niet bij, want het water was letterlijk lauw. Alleen de douche naast het zwembbad kon nog verkoeling brengen. Vanaf 11u00 in de voormiddag zaten wij onder het zonnescherm en kwamen er voor 17u00 niet meer onder uit. Dit gaat gauw vervelen en we besloten een motor of een vespa te huren om het eiland te verkennen. Zo gezegd, zo gedaan en binnen de kortste keren trokken wij op pad. Ik lekker achterop in een open bloesje en short. Mijn arm ventje deed zijn trainingspak aan om zijn armen en bovenbenen niet te verbranden tijdens het rijden. Je kunt namelijk het stuur niet loslaten (!) en je benen niet een beetje wegsteken. We toerden het hele eiland rond, tussen de appelsienenplantages en de dadelbomen en als we zin hadden stopten we en legden ons lui in de schaduw van een boom. We waren weer eens onderweg en opeens stopte mijn man midden op het weggetje. Ik vroeg hem wat er scheelde: Stap eens af zei hij. Ik deed, wat hij vroeg en vervolgens zei hij: Kijk daar op de weg. Een schildpad liep op haar dooie gemak over de weg en zou gegarandeerd worden overreden, als er een auto langs zou komen. Neem dat diertje eens op en zet het naast de weg, vroeg mijn man. Oh schande, maar dat durfde ik niet!! Ik moest mij niet voorstellen, dat die kriebelende beentjes in mijn handen zouden friemelen!!Mijn man vroeg mij de vespa vast te houden en zette het diertje zelf naast de weg, waarop de schildpad en wij onze weg vervolgden.
Na een tijdje kwamen we boven op een heuvel op een zéér smal weggetje voorbij een soort cafeetje, waarvoor een reus van een boom stond. Onder de boom was een terrasje gemaakt met tafeltjes, waarop vrolijk geblokte kleedjes lagen. Daar stopten wij om een tasje koffie te drinken. Wat schets onze verbazing: op een bordje naast de deur stond met krijt geschreven: verse koffie en taart staan klaar.Bleek de eigenares een Hollands meisje te zijn, gehuwd met een Griek. Zo klein is de wereld!! Na onze koffie en taart en een gezellig gesprek ging ons ritje verder.
Een andere dag reden wij langs de hoofdweg richting bergop. Op een zeker ogenblik vond mijn man, dat het echt niet leuk meer was, met al het verkeer, dat ons voorbijreed en besloot een klein zijweggetje in te slaan. Zo ver zo goed, maar dat weggetje voerde het bos in en werd hoe langer hoe hobbeliger en steiler naar beneden! Naar beneden, dat gaat vlot, maar hoe moesten wij hier straks weer naar boven!!! Ik zag ons reeds stranden en niet meer boven geraken. Op een bepaald ogenblik werd het weggetje wat breder en gaf opeens uit op een groot terras, waarop stoelen en tafeltjes stonden. Links lag een tuin vol bloemen en groenten en daarachter lag een lange witte woning.
De enige levende ziel, die wij zagen was een man, aan een van de tafeltjes, die verdiept was, in wat later een bijbel, bleek te zijn. Hij was totaal in zichzelf gekeerd, en wij konden ons moeilijk voorstellen, dat hij een soort waard of ober was. Ik ging naar de woning en klopte aan. Binnen was een jonge vrouw aan het werk en in de hoek van de vrij grote gelagzaal stond een baby in een wieg. Ik vroeg of het mogelijk was iets te eten en te drinken. Ik had er een zwaar hoofd in maar het kon! Dus wij namen plaats op dat terras, aten ons lekkere maal op die heerlijke stille namiddag, dronken een glaasje wijn en als afsluiter een lekkere koffie. We waren helemaal soezerig van de stilte, de zon en het welbehagen. Rechts, aan de rand van het terras was een houten afrastering gemaakt tussen de bomen. Ik ging tot aan de rand om te zien, wat daar verder nog was. Tot op de dag van vandaag zie ik terug dat beeld: diep beneden mij lag het totaal verlaten, hagelwitte strand en zag ik wat verder de zee.In de verte kwamen een jongen en een meisje , vergezeld van een hond aangewandeld. Ze wierpen een stok en de hond rende er achter aan. En voor de rest alleen maar zon, zee en strand en het ruisen van de bomen en het water.
Het gevoel en de aanblik waren zo ongelooflijk heerlijk, dat ik, tot op de dag van vandaag, op gezette tijden, dat beeld ineens terugzie. En dan krijg ik weer dat héérlijke gevoel van toen: alsof ik een stukje van het paradijs ontdekt had.
Gesprekken met mijn kleinzoon.
Mijn kleinzoon, je zou hem af en toe "achter het behang plakken", zoals dat in Nederland zo mooi wordt gezegd, en andere keren dan eet ik hem haast op. Als ik hem dan stevig knuffel, zegt hij altijd: Jij knuffelt mij kapot!!! Hij is uiterst spontaan en handelt steeds eerst en denkt dan na. Maar och God och arme hij is eerst 4!!! Wat heb je dan aan nadenken??? Alhoewel, luister naar de redenering, die nu volgt: Hij zit aan tafel en eet, zoals altijd, met veel moeite en leed zijn broodje op. Ik breng steeds yoghourt mee, met een smaakje, dat ze bijzonder graag lusten. (En sowieso : wat omi meebrengt is steeds lekkerder!!)
Positieve energie.Ik wil wel aan wat anders denken, maar kan het niet. Vandaag wordt bij de zus van mijn man de tweede borst geamputeerd. Het gebeurt dagelijks bij héél veel vrouwen. Je leest het zo dikwijls in artikels en verslagen, je hoort het op TV en in de radio en geen mens kan zeggen, dat hij niet weet, dat dit dagelijkse kost geworden is. En gewoonlijk gaan wij daar vrij onachtzaam aan voorbij. Tot het ogenblik, dat het iemand van je geliefden treft en dat monster wel héél erg dichtbij komt! Je wilt helpen, troosten, iets doen!!! En je kunt helemaal niets. Lieve deugd wat is dat frustrerend! Je wilt telefoneren, er naar toe, om bij haar te zijn, maar ik realiseer mij héél erg, dat dit wel eens het laatste zou kunnen zijn, waar zij nu behoefte aan heeft.Als dan je man en je kinderen dicht bij je zijn, zal dat wel het belangrijkste zijn, en die privacy moet je respecteren. En dan is daar nog het feit, dat je er zelf mee klaar moeten komen. Daar heb je tijd voor jezelf voor nodig! Ik heb dus niet aan de telefoon gehangen, en ben er niet heen gerend, maar heb haar een lange, lieve mail gestuurd en hoop dan maar, dat zij begrijpt, waarom ik dat op deze manier doe.
En hier brandt een kaarsje en mijn gedachten zijn bij haar, en als die haar kunnen helpen, komt ze "gezond" en wel terug naar huis.
BETOVERING. (Michelly: 12-08-2000)

Jouw lach
klatert door mijn hoofd,
kruipt in mijn bloed,
blijft in mijn hart dan
hangen.
En ik,
mijn kind,
betoverd door jou,
lief,
wil je dan steeds
met duizend armen
vangen.
HERINNERING (Michelly 18/03/2004)

Een vlinder hangt
verloren
hoog
tegen de zon.
Ik kijk naar
jou
en zie plots
weer,
hoe alles
eens begon.
(Michelly 18-03-04)
LENTE!!!! (Michelly 21/05/2004)

De krant is
leeg
mijn hoofd is
vol
van heerlijke
blije
gedachten.
De lucht is
vol
van
blonde geuren
en LENTE
die niet langer
kon
wachten.
(Michelly 21.05.04)