Naar de inhoud

verbruikte toekomst

verbruikte toekomst
akke.beakke.be

Archief

wandelstok

Hij zit gevangen in iets dat hij niet begrijpt. Hij schaterlacht en soms is hij lastig. Hij is op een andere manier zichzelf. Ik was bang om hem te ontmoeten. Toen we in zijn kamer kwamen was hij er niet.

Het was halfvier en volgens de verpleegster zou hij na de therapie, die tot vijftien uur duurde, nu op zijn kamer moeten zijn.

Eerst ijsbeerden we benieuwd, dan in de gang tot Marcos besloot om hem te gaan zoeken.

    Ga eerst eens kijken in het cafetaria, misschien zit hij op café.

Hij herkende mij niet meteen toen Marcos met hem uit de lift kwam.

Langzamerhand besefte ik dat hij anders geworden is.

    Kunt ge opstaan en u voort bewegen?

Hij grijpt mijn hand en we stappen twee meter verder. Dan laat ik hem los.

We luisteren naar de onzin die hij vertelt en drinken met hem champagne.

    Eet u geen indigeste   met die praniles…we trekken streepjes op de muur.

Hij schaterlacht…wij schaterlachen.

    Kom, we gaan op café.

Als ik hem zijn jas aantrek is hij dicht bij mij en tiert hij:’ Ge stinkt naar den toebak’

Eens buiten met hem kwam een jonge verpleegster aangelopen die zei dat het verboden was om zonder toestemming van de balie met een patient het pand te verlaten. Gelukkig bemiddelde vollemaan en stoven we verder.

Ge ziet er goed uit, zegt kristjan.

Hij glundert.

    Ik heb veel lieven gehad…lacht

In het café doet iedereen zijn best om ons met een rolstoel binnen te laten. Dan neem ik afscheid van hem en zegt hij: ‘allee, het feest begint pas’. Daarna zegt hij mercie.

Een paar dagen later verliest een kraai haar schraapsel, draait ze in scheervlucht  om en verliest ze bij het opstijgen opnieuw haar buit.

In een berm kamperen zigeuners, lopen vrouwen in gevlochten haren met kinderen om zich heen.

Ik kijk met smeltende sneeuw in mijn ogen. De kou kleeft aan mijn kin. Ik wil met een mes een wilgentak afsnijden en een wandelstok maken.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 18:46 Reageer op dit bericht

vraag me af

In de werfbarak ligt snoepverpakking, staan koffiethermossen op twee goedkoop versleten tafels. De timmerlieden zitten met wollen mutsen op het dak. Ik zie door hun plastieken brooddozen dat ze van hun vrouwen boterhammen met kaas meekregen. Waarom altijd die Hollandse kaas? Jonger dan ik zijn ze heel vroeg in de ochtend vertrokken.

Ik heb geleerd om mij alles af te vragen. Deze voormiddag schijnt een vreemd zonlicht over de stad. Toch vraag ik mij niet af waarom.

Iemand fietst met een grijze haarlok vervreemd in zwart voorbij. Is het met opzet of zo?

Kijk, daar begint het weer in dagelijksheid. Wat is de samenstelling van de inkt die deze woorden zichtbaar maakt, hoe maken ze een inktpot die betaalbaar blijft, waarom kiezen mooie vrouwen voor lelijke mannen?

Geen zier weet ik van de dingen en neem het afvragen mee in het graf.

Ik vraag me af waarom zovelen zich weinig afvragen en vraag me af of dat wel zo is.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 10:54 2 reacties Reageer op dit bericht

straatsteenCé

De Cé is een week geleden gecremeerd. Het was doodstil in de kerk toen ze hem binnen droegen. Er werd zelfs niet gekucht. Stef droeg mee de kist. Wij stonden achteraan in de zijbeuk. De kist werd bijgezet in het koor.

Dan doorbrak een ijzig geluid de stilte. Undefined speelde life.

Lowie heeft iets voorgelezen. Daarna is hij ineengestort.

Cé zijn zus had ook iets te vertellen. Eerst trilde haar stem, dan werd ze zangerig en af en toe sprak ze tranen. Weinig dichters kunnen  zo’n  waarachtigheid evenaren.

Voor ze hem buiten droegen gaf zijn ma hem nog gauw zijn pet mee. Daarna viel Stef in moeders armen. Hij had zich kranig gedragen.

Vandaag ben ik thuis gebleven. Het is opnieuw beginnen sneeuwen. Nochtans is  het ijs aan het smelten en is de poolster zichtbaar. Het lijkt erop dat deze winter niet wil sterven.

Het merelkoppel is terug gekeerd. Speels knisperen ze in een gewiekste vlucht naar de berk vlakbij de wilde haag waar ze overnachten. Ze planten zich elk jaar drie keer voort. Ze gedragen zich in het licht van lengende dagen.

Wat u niet ziet is hoe ik met mijn rechterhand deze woorden schrijf terwijl mijn linkerhand het bloed dept dat uit mijn neusgat druipt.

Vanavond eten we  rijst met kip, look en ananas.

Nog iemand wijn?

Neen. Ik wil straatstenen tellen.


         maandag 2 februari 2009

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 21:24 2 reacties Reageer op dit bericht

vrijdag 16 januari 2009

molshopen stulpen uit de grond

het begint te schemeren om halfacht

op de terugweg zie ik een aureool rond wolken

niet meer pikzwart

 

de nacht is zacht

zie de maan in sterren geschreven

 

nog veelmaals

zal ik blijven beschrijven

en geen dichter zijn

 

ondertussen sprijdt een vrouw

wijdbeens met nylonkousen aan

mijn zicht

 

nogmaals heet ik geen dichter te zijn

eerder als een nietsnut te kijken

 

nog twintig minuten te gaan,

ben ik thuis

laat dit iets ziin

thuis te zijn

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 17:14 Reageer op dit bericht

lompenvrouw

Mensen op hun knieën met een kartonnen bekertje roerloos voor zich uitstarend als wassen beelden. Je ziet het meer en meer in de straat, in drukke winkelstraten zonder verkeer. Ook in de vrieskou. Ze kijken niet meer op naar de voorbijgangers. Ze spreken niet meer. We durven hen niet in de ogen kijken uit schaamte. Bedelaars, het slechts betaalde beroep ter wereld. Zelfs vrolijke zigeunermuzikanten voelen zich er onwennig bij.

Ik had in een pittabar een Afrikaanse schotel besteld. Dat is hetzelfde als een kebap maar dan met meer sla, tomaten, ajuin en pepers opgediend op een bord met frieten en drie sauzen erbij. Halverwege de maaltijd kwam er een in kleurrijke lompen geklede vrouw binnen die meteen naar de toog ging. Ze droeg een kind in haar rechter arm en vroeg iets aan de man die mij bediend had. Ik zag hoe hij afwijzend zijn hoofd schudde. Tenslotte kwam ze zonder aarzelen naar mijn tafel. Ik was de enige aanwezige klant. Eerst keek ze naar mijn bord en dan recht in mijn ogen terwijl ze haar duim met wijs- en middenvinger tegen elkaar gedrukt naar haar mond bracht. Geen enkele taal zou dit gebaar kunnen evenaren.

Instinctmatig sneed ik het broodje dat bij de schotel opgediend werd langsdoor en liet haar kiezen wat er tussen moest. Voor ze wegging keek ze me kort vanzelfsprekend aan. Zelden heb ik me zo klein gevoeld.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 22:27 1 reactie Reageer op dit bericht

brief

En in tweeduizendenvijf…

 

Ik heb gedroomd over een veerboot met vrouwen. Het lijkt of het nog nacht is buiten. Gisteren heeft het de ganse dag hard gevroren. Het huis geraakt moeilijk verwarmd. Ik neem de vrijdagskrant mee. Eerst nog tanden poetsen. Tandpasta vinden. De tube is leeg geperst. Geen tandpasta vergeten als we naar de GB gaan en ook geen glansmiddel voor de afwas.
We schrijven het nooit op. Zo komt het dat we dingen vergeten. In plaats van een boodschappenlijst bij te houden denken we dat we het niet zullen vergeten. En toch vergeten: tandpasta, glansmiddel en scheermesjes.

Later begint de sneeuw te smelten in het bos. Hij druipt van de takken in mijn nek. We slaan een modderig bospad in. Daar ga ik niet door, zegt ze.

Mijn paté met kerstmis was heerlijk en mijn zus had lekker gekookt.

De bliksem beweegt zich voort met een snelheid van driehonderdduizend kilometer per seconde. Ons leven gaat iets trager maar de gebouwen, wegen en nog wat, blijven bestaan als we er niet meer zijn. Ik bedoel maar, verspil geen seconde van dit leven als het je dierbaar is want het is zo voorbij. Te snel om alles te begrijpen.

Dag vriend. Uw e-mailadres is letterlijk in het bierkaartje verwaterd door een regenbui net voor ik verleden jaar ‘s morgens thuis kwam. Ik doe een gok om het correct te spellen al zal dit bericht u wellicht nooit bereiken. In dat geval zal het als een spreuk in een wijnfles op de internetzee blijven dobberen en zal ik de enige zijn die het kan weten. Toch probeer ik enkele zinnen te lispelen.  Geen wereldfilosofie of verzonnen waarheden maar iets over halfweg tussen Leuven en Duisburg. Halverwege omdat net op dat moment de volle maan in mijn gezichtsveld door de wolken breekt en de hemel in het oosten begint op te klaren tussen nacht en ochtend. Ik denk aan hier en nu, een fragment uit de toekomst dat al sluimerde toen we nog op de schoolbanken naar spannende avonturen van Jan Zonder Vrees luisterden. Was het niet die meester Volders die zo'n boeiende verteller was?

Weet ge, het heeft me ontzettend goed gedaan iemand zoals u eens te ontmoeten want soms voel ik me als overschot van een op de klippen verpletterd schip. Het komt misschien door het verlangen naar onmogelijke schoonheid of naar een zweem van solidariteit dat ik niet zie in mijn straat.

Maar beste, nu in tweeduizendennegen  bestaat ge al bijna een jaar niet meer. Ik kon het mij niet laten dit te schrijven.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 21:47 Reageer op dit bericht

rugkeuvel

ze lijkt groter dan hij

misschien is het wel zo

dat ze groter is dan hij

 

hij lijkt jonger

net volwassen te zijn

 

tegen een zwijgzaam gebogen rug

keuvelt hij

keutert hij langdurig

met een pink in zijn oor

en is het oprecht

 

waarschijnlijk zijn ze broer en zus
uit het buitenland
in een laatavonduur

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 11:21 Reageer op dit bericht

begin 2009

Vannacht riep een uil vanuit het gebergte. Dankbaar voor de schaduw op dit tafelblad ruik ik aan mijn pols terwijl honden blaffen in het dal. De uil zwijgt allang.

Met een stoel aan de afgrond zwabbert een lachtraan aan Marco’s neus. Vanavond maken we een kieken klaar.

Mijn nek kraakt als ik achterover leun. De tafel wiebelt. Ik hoor het van de inktpot.

Elke ochtend beitel ik aan een houtstapel een gedicht van steen voor iemand die ik nauwelijks ken. Een ongekende die elke morgen mijn woorden leest in een wereld voortdurend in het schemer.

Eens onderweg hoor ik er niet meer bij, gebeuren ongelukken met schade en menselijk leed. Alleen de bouwwerven blijven veilig.

Ik ben als eerste opgestaan en veeg etensrest van tafel. Nog voor de vrouwen verschijnen is de koffie klaar.

Na het ontbijt drinken we champagne in een regenwolk, beuken mijn gedachten tegen een rotsmassief.

Doe het venster dicht. Dat houdt het gedierte buiten zeg ik tegen haar.


Begaanbaarheid afbakenen in de sneeuw. Ik heb het lang niet meer gedaan. Ik hoop nog steeds dat de sneeuw blijft liggen, wit onder een ijskoude blauwe hemel met in het nachtelijk uur sterren en een wassende maan. Ik herdenk de doden die ernaar keken.


Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 21:01 1 reactie Reageer op dit bericht

simpel

Met een onderlip in scheve lach verkondigen heersers van alle werelden het nietszeggende woord waarvoor jonge mannen ten strijde gaan naar het eind van het pad der levenden. Grauw is de lucht als de wereld brandt, het bloed in de rivieren verdampt en de bodem barst. Nu het buskruit zwijgt wordt goed en kwaad vernieuwd, schreeuwen oude mannen een belofte van wraak terwijl hun vrouwen wenen om het geleden verlies.

Moeders, we zijn blij door julie gebaard te zijn, het nageslacht te vereeuwigen en niet gedoemd in armoede geschapen te zijn.

Ik zou een lied in dit landschap van stilte willen zingen maar mijn stem is te schor, verschrompeld door de roes van genot.

Niet ver vandaan breekt een vlinder uit haar eerste gedaante. In een zonnestraal proeft ze nectar uit het bloeisel. Zolang zal het duren tot haar veelkleurige dunne vleugels verschrompelen in haar kortstondig bestaan.

Ga niet over uw limiet. Drie dagen geleden hebt ge uw grens al eens overschreden.. dat is voor niks nodig.

Miskende Godin der stormen, bemin ons met uw toorn. Omhels ons met mistdampen, grijp ons met uw zwaarmoedigheid.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 15:20 Reageer op dit bericht

vrijdag 26 december 2008

9h Ik wordt wakker. Zij is in de badkamer. Ze werkt vandaag. Morgen ook. Dan gaan we weg.

Ik ruim de spullen op die we gisterenavond lieten staan. De hond krijgt haar spuitje en eten. Buiten schijnt de zon. De wind waait koud. Ik rook een sigaret in het atelier en kijk naar de pastorie. Daarna trek ik potloodlijnen in mijn schrift die ik weggom als de bladzijde volgeschreven is. Nu nog leeggoed verzamelen, de vuilbak ledigen en het afwasmachien vullen. De binnenglippende zonnestralen zitten vol met stof. Stapsgewijs huistaken vervullen. Door ze tussendoor te beschrijven wordt het plezant.

Middag. Een stuk stinkkaas met een glas La Châsse du Pape. De belangrijkste nog te voltooien taak is de badkamerkraan herstellen of desnoods vervangen. Eerst trek ik mijn kleren aan. De hond gedraagt zich besluiteloos.

Het is nu halfeen als ik aan de kraan begin. De dop van de inktpot is ook versleten.

Kwart voor twee. Met de kraan was niks mis. Ik heb ze gekuist en ga nu buiten brandhout zagen. Daarna steek ik de houtkachel aan.

 

Ik wil nu bij haar zijn

of met een onbekende slapen gaan.

Mijn wil schraap ik uit het hol der alleenzamen.

Is het geluk uit ongeluk dat men voelt

of gevoelloosheid.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door warket om 20:57 Reageer op dit bericht

Meer van verbruikte toekomst

↑ Terug naar de berichten