pint bier
Schenk dat meiske een pint bier. Ik trakteer.
En?
Ja, en met U?
Ja, ook goed.
Welke geurige naajaarswind brengt jou hierheen?
Het regent buiten. Ik kom hier elke week. Meende je dat nu echt?
Wat meende ik?
Dat van dat meiske.
Neen, dat was maar om te zeveren. Bij jou merk ik dat leeftijdsverschil niet eens. Er hangt een herfstblad in je haar. Mag ik een beetje tabak van je lenen?
Het blijft regenen met koude wind in het donker. Meer dan de helft van de wereldbevolking moet dit ontberen. Laten we kontent zijn.
Zullen we wat roddelen over collega's?
Oh ja, fijn. Wie begint?
Jij. Zeg iets over Theofiel.
Theofiel is een dommerik. Arthur is goedaardig en Gustaaf is best aardig. Nu is het jouw beurt.
Ik ben dezelfde mening toegedaan.
Is dat alles?
Neen, Jacquelinne vind ik een trezebees.
Vanwege de muziek leg ik mijn rechteroor rakelings aan haar mond te luisteren. Ik voel de wind van haar spraak terwijl mijn neus in haar haren verstrengeld geraakt. Het is een noodzaak om elkander te verstaan.
Eet jij graag kip?
Ja, op voorwaarde dat het een Mechelse koekkoek is.
Waarom een Mechelse koekoek?
Omdat die minstens een uitloop van negentig dagen heeft voor ze hem slachten op een kipvriendelijke manier. De verpakking zou ook milieuvriendelijk zijn.
Weet je wat ik mis in deze stad?
Neen.
Een minaret met een zanger erbij. Ik ben dat klokkengelui beu.




3 reacties op dit bericht
Zonder titel
klokgedraaid...
Yep.
‘Een minaret met een zanger erbij.’
Dat is overal enkel een kwestie van tijd.
Groeten, Uilenspiegel.