uw stem, uw stilte


foto en gedicht : kerima ellouise ©
kerima ellouise : woorden in wind
uw stem, uw stilte

foto en gedicht : kerima ellouise ©
gastgedicht van Appelboom : Zonnezwaai
foto : Appelboom ©Al draagt de oceaan zijn passen
rond zilte dromen, vloeit
de wolk tussen mijn handen
opdat ik wijzen zal,
geen sterrenkwast noch wimper
sluit jouw doek in losse golven.
Terwijl ik kijk hoe korrels
een weg waaien, wiegen
jouw ogen als rozenkwarts
met het dansen mee.
Laat het blauw wederkomen,
de magie aan jouw hielen
wandelt wel verder
Kerima Ellouise.
Appelboom ©
dank je wel Vicky !
de nacht ervoor
de nacht ervooreen beetje vreemdwanneer ik bladeren knipuit de herfst, zwartrondom kastanjebomen.niemand vraagt naar lege armenof waarom ik ver van lichtversteen, traag in donkere bolsters.de hond sterft met een vloeknu ook de zomer is verdwenen;jij schoof de ogen dichten sloeg de mijne blind.hij was onschuldig in zijn spreken.
kerima ellouise ©
daarboven de wind
foto Robin ©
tot het eind
tot het eindzeg niets. mijn slaap blijft anoniemnaast de anderen, veel meer nabij
dan mijn geluidloos wachten
ik neem wel een minuut stilte in acht
om al de gevallen woorden die
niet eens uitgesproken zijn
mijn haar wordt grijs, ik ga naar huis
ontwaken kan ik morgen nog, al zal
het slapen onbereikbaar zijn
kerima ellouise ©
in beweging van het leven
in beweging van het levenhet ademt
wanneer winterde bomen aftast
zoals jij de dagenop glazen kalenderslangzaam geborenen verder dragend, verwegvan kaartrandenmet eenzelfde oceaan
die binnen in golven
en verklaarde waterwoningende lucht recht hangen
het ademt, jij ademtin blauwe kruinenen zelfs op een uitgewiste dagals deze
kerima ellouise ©
* Opgedragen aan Vicky *
in Bewegung des Lebens
es atmet
wenn der Winter
die Bäume abtastet
gleich wie du die Tage
auf dem gläsernen Kalender
langsam geboren
und weiter tragend, weit
entfernt
von Kartenrändern
mit einem gleichen Weltmeer
welche in den Wellen
und erklärten Wasserwohnungen
die Luft aufrecht hängen
es atmet, du atmest
auf den blauen Wipfeln
und selbst an einem ausgelöschten Tage
wie diesem
kerima ellouise ©
vertaling door : Julius Dreyfsandt zu Schlamm
wachten
wachtenje geeften ik luister-verder-naar zichzelfwoordenof de mogelijkheid vanbinnenin beloftenhaastigdruipend opmijn maanwoningen zoutiger dan ik meherinnerje geeften ik hoor-dichter-bovenwind tegen sterrenklotsenonrustig door de holle vaarten dubbelhuidigeliefdetransparant voor mijdoor de traagheid van mijn stilte
kerima ellouise ©
Zes meisjes rond de tafel.jpg)
bron foto : www.wijnadvies.nl/wijnadvies/149
Zes meisjes rond de tafelHet spiegeltwanneer de klok op zevenslaatterug naar docentenen het toen gunstig lot, uitbundigop het schoolbord.Niemand is veranderd. Allesis veranderd in het middenvan de tafel.Ik luister,witte wijn helpt de stemmenomhoogschakelt oude liedjesaan nieuwe.Navelsex, potloodshorts, chevroletsen milf’s werpen de jarenvooruitin het kwadraat van vijf.Onze lijven kraken.
Proost.Ik droom weg in het glas.
kerima ellouise ©
om te dichten
om te dichtenik herkende het niet, het had geen naamhet was licht en windstilvol van zang en dagenen het bleef liggenop mijn wanger viel geen regenook geen schaduw, het was zoiets alseeuwigheid in een gedichtik kon het niet optillenniet in woorden of met handenademwarm en zo dichtbijjij gaf het me, net voor het afscheidliefde, zei jeogenblauw
kerima ellouise ©
als uit den hemel
als uit den hemel
oh gij
met uwe blommenden herte
waarom raak ik uwe ziele niet
aanschouw mij toch met oogen lief
en laat mij wenschen uwe zoeten mond
oh kindeke schoone
van alle menschen die ik bemin
zijt gij mijn roozeken en alwaar ik spreeken mag
hoor ik slechts uwe teedersten lach
zoet, zoo zoet
in mijne biddenden herte woont gij reeds lange tijd
zeg mij toch, onbevreesd, dat uwe perelden blomme
zich zal neêrvlijen in den rooden gloed, gelijk nooit eer
ik zal u eeren, mijne deerne
in den schoot van uwe ruischenden vruchten
zeg mij toch; wilt gij de mijne zijn in het schoonsten woord
nog voor den ochtend in’ t eeuw’gen oosten gloort
*als ode aan Guido Gezelle*
kerima ellouise ©
als het uur slaat
als het uur slaatzo zal het zijnen nooit anders datmen van een dichter niet wil horenhoe het verlangenzichzelf neerschrijft in wisselwoordenvreemd aan rustzijn handen liggen stil, nog wachtendop vlagen doodslag, met de vuist omhoogaverechts, alsof het in iets gelovenhet duister zou oproepenzo zal het zijndat het raam steeds gesloten blijftsmal begraven in de woningvan de nacht
kerima ellouise ©
ik ween om de kosmos
ik ween om de kosmosik raak je niet aanje zou kunnen verdwijnenachter bomen, roerloos aanwezigals toen de winterin het huishet zal vast donker zijnom alles en het bekendetot nog meer is verzwegenachter gebogen ruggenzeg dat ik sterven gazodat ik los kom van de nachten heen kan gaan in lege plekkenzeg dat ik behoor tot de eeuwigheiden tot de handpalm vanhet onvermijdelijke
kerima ellouise ©
geluiden van de ziel
geluiden van de zieleen ervarenwaar jij was, waar ik wasmet de ogen dichteen geklopop de binnendeur als zachtzeegeruis, wachtendtot druppelsde eerste golven zouden opheffenver boven de impasse uiteen boom, voltooidin duingedachten, getuigdevan taalen ontpopte stiltetussen de warme trouwvan woorden, opengeschuddoor herkennende rozenblaadjesop witte kussensvan ziel en zee
kerima ellouise ©- poëzieavond ‘impasse van de ziel’ -
poëzieavond

ochtenden zonder ogen
ochtenden zonder ogenals een moeder zwijgten haar kind dichtvouwt, dat van nergens lijktte komen,in een niets dan lege kamervan onverschilligheidvraagt het kind zich dan niet afof zijn naam bestaatin gedichten, vernietigd doorgebrek aan gelijkenisen zal de stilte dan het einde vindenin verwilderde dromenwetend dat de werkelijkheiddie erop volgt,sterft in vreemde,ongewekte liefde
kerima ellouise ©
aan de rand van lakens
aan de rand van lakenshelp me, zegschreeuw, vloek desnoodshoe lenig de minnaarde tafel dekt en lakens opgooitover smalle heupenik wil liggen, likken, verdrinkenin woorden, veel hoger dan benenen borstenverover mein niet minder dan liefdeen zegwanneer het daglicht vertrektdat ik groot genoeg benom je te strelenzomers en winters, diep uit de nachtmet mijn handen- verwonderd-op je oren
kerima ellouise ©
wat ik zag, zonder
wat ik zag, zonderniets beweegt voortin je gezicht, niet de kleurvan mijn zakdoek of die vanjouw mondje haar is grijs en volmet regen, uitverteldnog niet over de randvan herhalingen hoe je klein mijn woordenwegveegt, haastig en zonderomarming, tot asverschroeidmet ogen, stil in tijd,woon ik nergensook al hoor ikbij dit huis
kerima ellouise ©
Souvenir
SouvenirDe zee wordtmijn lichaamwanneer ik duinenin handpalmen verander;bloeddoorlopendoor avondzanden vastgelijmde schaamte.Windweerspiegelt mijn wankelen;vel over beenverwaaiendtussen dikke lagen schaduwen meeuwen die vluchten.Morgen blijftzonder tegenspraakwanneer mijn mond zichgehoorzaam sluitongewijzigd door het zoutalsof het nergens bijbehorenme achterlaatonder invloed van wandelaarsen het huilen.
kerima ellouise ©
lief mens
lief mensmag ikmijn dank vereeuwigen met begin en eindezoals eenheid in het sterrenlichtde woorden opvangenin het thuisgevoel als een immerdurende dageraadmag ikdicht, in ieders lach,bloemen schenkenook al wordt dit schrijven oudik dank ieder en allemaalvoor de steeds weer lieve aanwezigheidin woorden en zijn in het voorbije jaar
kerima ellouise ©
sneeuwbank
sneeuwbank
het was nietde taal van de winter
ijzig in het wonen
het was ook niet
het wachten van het blinde kind
dat minder weende in de stilte
het was de geur van afscheid
toen je me neerschreef
in de dag van
morgen
kerima ellouise ©