alweer een jaar verder!

alweer een jaar verder!
Pasen 2009: Geloofsbelijdenis - Leo Tolstoj

Ljef Nikolajewitsj Tolstoj, Russisch schrijver, werd op 9 september 1828 geboren en overleed op 20 november 1910. Hij behoorde tot de Russische adel. Zijn beroemdste romans waren Oorlog en Vrede en Anna Karenina. Tolstoj heeft grote invloed gehad op de Russische politiek en literatuur. Later schreef hij religieus-filosofische traktaten.
Ook raakte hij geïnteresseerd in de internationale taal Esperanto, gemaakt door de Poolse oogarts Dr.Zamenhof.
Ik geloof in God, Hij is voor mij geest, liefde, beginsel van alle dingen.
Ik geloof dat God in mij is, en dat ik ben in Hem.
Ik geloof dat het ware welzijn van de mens bestaat in het volbrengen van Gods wil.
Ik geloof dat het vervullen van Gods wil ten goede komt aan mij en alle mensen.
Ik geloof dat God wil dat alle mensen van hun naasten houden en zo met anderen omgaan als zij ook zelf behandeld zouden willen worden.
Ik geloof dat de reden waarom wij leven eenvoudigweg is,
dat wij groeien in liefde.
Ik geloof dat deze groei in liefde de allergrootste kracht is om het Rijk van God te vestigen op aarde,
en om een samenleving waarin verdeeldheid, onwaarheid en geweld almachtig zijn, te vervangen door een nieuwe ordening, waarin menselijkheid, waarachtigheid en broederschap zullen heersen.
Leo tolstoj
Een oud Soefiverhaal
Elke dag een uitnodiging

Elke dag een uitnodiging
om goed te zijn voor jezelf,
om jezelf op te bouwen.
Elke dag een uitnodiging
om jezelf te oefenen
in waardering voor dit leven,
in waardering voor je kunnen.
Elke dag een uitnodiging
om jezelf te verwonderen
over zoveel goeds in anderen,
over zoveel verlangen naar liefde.
Elke dag is een uitnodiging
om tijd te nemen voor zorg,
om aandachtig te leven.
Elke dag is een uitnodiging
om elkaar te bemoedigen,
om te bouwen aan een wereld van liefde.
Martinus van de Berg
Nelson Mandela

Mijn grootste angst is niet dat ik onvolmaakt ben, mijn grootste angst is dat ik mateloos krachtig ben.
Het is mijn licht, niet mijn schaduw, die mij het meest beangstigt.
Ik vraag mijzelf af: wie ben ik om briljant te zijn, prachtig, talentvol, fantastisch?
Maar wie ben ik om dat niet te zijn?
Ik ben een kind van God.
Mijzelf als onbelangrijk voordoen, bewijst de wereld geen dienst.
Er is niets verlichts, aan mijzelf klein te maken opdat andere mensen zich bij mij niet onzeker zullen voelen.
Ik ben bedoeld om te stralen als een kind.
Ik ben geboren om de glorie van God die in mij is, te openbaren.
Die is niet alleen maar in mij, die is in iedereen!
En als ik mijn licht laat stralen, geef ik onbewust aan andere mensen toestemming hetzelfde te doen.
Als ik van mijn angst bevrijd ben, bevrijdt mijn aanwezigheid vanzelf anderen.
Nelson Mandela, 1994, Inaugurele Rede bij
presidentschap van de republiek Zuid-afrika.
Hoe kun je merken dat je ouder wordt?Hoe kun je merken dat je ouder wordt?
Alles is veel verder weg dan vroeger. Het is twee keer zo ver naar de hoek en ze hebben er een heuvel bij gemaakt heb ik gemerkt.
Ik heb ’t maar opgegeven om te rennen om de bus te halen, hij vertrekt trouwens eerder dan vroeger.
Ik heb bovendien de indruk dat ze de trappen steiler maken dan jaren geleden.
Heb je gemerkt dat ze de krant in kleinere letters drukken?
Het heeft ook geen zin om iemand te vragen hardop voor te lezen, want iedereen praat tegenwoordig zo zachtjes dat ik ’t nauwelijks kan verstaan.
Het materiaal in kleding wordt zo krap, vooral rond middel en heupen.
Zelfs de mensen veranderen, ze zijn veel jonger dan wij toen wij zo oud waren.
Van de andere kant:
Mensen van mijn leeftijd zijn veel ouder dan ik. Ik kwam gisteren een oude vriendin tegen en ze was zo oud geworden dat ze mij niet meer herkende. Ik moest nog aan dat arme mens denken vanmorgen, terwijl ik mijn haar stond te kammen. Ik zag mezelf in de spiegel en ik dacht: “Verdraaid, die spiegels zijn ook niet meer van zo’n goede kwaliteit als vroeger”.
Aad Fokker
De klok begint te zingen
Neeltje Maria Min werd op 21 juli 1944 geboren in het Nederlandse Bergen. Vanaf haar 14e schrijft zij in eenvoudige taal lichtvoetige en ritmische poëzie. Voor het eerst werd een gedicht van haar in de krant gepubliceerd toen zij 19 jaar oud was onder het pseudoniem Sophie Perk. Haar eerste dichtbundel ,Voor wie ik liefheb wil ik heten, verscheen in1966.
De klok begint te zingen
Vanmorgen zag ik door de kieren
van de gesloten luiken licht,
dat straalde over mijn gezicht
en al het stof als vuur deed vieren.
Toen werd mijn kamer warm tot op het bot
en op de kast begon de klok te zingen
van ruisende herinneringen
en plotseling verscheen mij god.
Neeltje Maria Min
Gedeelde vreugde

Gedeelde vreugde
In Kolomea leefde eens een pelshandelaar, Simson Hübner, die niet alleen een slimme koopman, maar ook een groot grappenmaker was. Hij trok van markt tot markt om zijn koopwaar te verhandelen.
Hij had de vreemde gewoonte om een somber gezicht op te zetten als hij die dag goede zaken had gedaan. Hij stak dan ’s avonds in zijn huis geen kaarsen aan, het bleef er donker. Had hij echter slecht zaken gedaan, dan verlichtte hij zijn hele huis met kaarsen en was hij een en al vrolijkheid. Een buurman die dit merkwaardige gedrag al vaker had waargenomen, vroeg op een dag naar het motief. Simson zei hem lachend:” Ik zal je mijn geheim verklappen. Je weet toch hoe jaloers en vol leedvermaak mensen soms kunnen zijn? Ook ik heb de nodige vijanden, mensen die me benijden. Wanneer ik goede zaken heb gedaan, steek ik thuis geen kaars aan. Ik gun ieder het zijne. Als ik gelukkig en blij ben, dan moeten mijn vijanden het ook kunnen zijn. Ze zullen denken dat ik met mijn handel er flink bij ingeschoten ben. Wanneer ik echter slecht zaken heb gedaan en daar ’s avonds de smoor over in heb, dan verlicht ik mijn hele huis met kaarsen. Mijn vijanden zullen denken dat ik die dag veel geld heb verdiend en zich daaraan behoorlijk ergeren!”
Uit:Gottfrid van Eck, Bidden met de benen. Utrecht: Servire 1998
Nodeloos gevangen

Baukje Jacoba van Kesteren (1950) was na een studie persoonlijkheidspsychologie een aantal jaren werkzaam als onderwijskundig onderzoeker. Op 20 jarige leeftijd distantieerde zij zich van haar gereformeerde opvoeding. Een kwarteeuw later kreeg zij het boek ‘Een cursus in wonderen’ in handen dat haar inspireerde tot schrijven en dichten.
Nodeloos gevangen
Er doen nog zoveel kleine dingen zeer
van jaren her soms, en nog niet vergeten.
De meeste stellen nauwelijks iets voor,
toch is hun scherpte nog niet weggesleten.
Er doen nog zoveel harde woorden pijn,
die in mijn hoofd en hart zijn blijven hangen
en die ik in gedachten soms herhaal;
zo houdt een mens zich nodeloos gevangen.
Er doen nog veel herinneringen zeer,
de meeste zijn al niet meer uit te praten.
Dus is er nog maar één remedie voor:
ze stuk voor stuk volledig los te laten.
Baukje van Kesteren
Auteur van de dichtbundel ‘Overgave’, Trivium, Sneek 2006
Het verhaal van een parelHet verhaal van een parel
Een enkele regendruppel viel
uit een hemelwolk,
maar hij was van schaamte vervuld
bij het zien van de wijde zee.
“Wie ben ik bij de zee vergeleken?
Als de zee bestaat, wie ben ik dan?”
Terwijl ze minachtend
neerkeek op zichzelf
nam een oester haar in zich op
om zich met haar te voeden.
En zo geviel het, dat dit
haar lot bezegelde.
Zij werd een beroemde parel,
zo mooi, dat zij de kroon van een vorst kon tooien.
(uit: Soefi-wijsheden van John Baldock)
Een nadenkertje........Een nadenkertje, doordenkertje of….
Als ik blijf kijken
zoals ik heb gekeken,
blijf ik denken
zoals ik altijd heb gedacht.
Als ik blijf denken
zoals ik altijd heb gedacht,
blijf ik geloven
zoals ik altijd heb geloofd.
Als ik blijf geloven
wat ik altijd heb geloofd,
blijf ik doen
zoals ik altijd heb gedaan.
Als ik blijf doen
zoals ik altijd heb gedaan,
blijft mij overkomen
wat mij altijd overkwam.
(dichter onbekend)
Vrijzinnigen hebben de toekomstDe vrijzinnigen hebben de toekomst!
Onder deze titel hield Meerten ter Borg, godsdienstsocioloog en bijzonder hoogleraar 'niet-institutionele religie in de moderne samenleving' aan de Universiteit Leiden, een lezing op zaterdag 18 oktober 2008, in de Dominicuskerk in Amsterdam.
Hij zei daar o.a. het volgende:
’Vrijzinnigheid wordt vaak gezien als het begin van het eind, als verpietering van het christelijk geloof. In die optiek zijn vrijzinnigen bijna-ongelovigen die dat voor zichzelf nog niet durven te bekennen. Maar dat is oude vrijzinnigheid, die de maatstaf legt bij de orthodoxie. Nieuwe vrijzinnigheid is niet inhoudelijk bepaald, maar kenmerkt zich door een kritische houding, openheid en ruimdenkendheid.’
(uit: Volzin, opinieblad voor geloof en samenleving, nr. 21 – 2008)
de vluchteling
De vluchteling
Een man zoekt bescherming bij een rabbijn. Hij vertelt hem dat hij voor soldaten op de vlucht is en dat hij gedood zal worden als ze hem vinden.
De rabbi besluit de vluchteling onderdak te bieden, maar zijn daad stuit op weerstand van de dorpsbewoners. "Waarom heb jij die vluchteling gastvrij in je huis opgenomen? Wat gaat er straks met ons gebeuren," vragen zij. De rabbi wijst erop dat de thora de opdracht geeft vervolgden die met de dood worden bedreigd, gastvrijheid te verlenen. De inwoners van het dorp vrezen echter represailles, waarbij het hele dorp uitgemoord zal worden. Zij vragen de rabbi een oplossing te zoeken en de vluchteling uit te leveren. De hele nacht bestudeert de rabbi de talmoed. Pas als het al ochtend is, vindt hij een tekst die luidt: Omwille van één man hoeft niet het hele volk om te komen. Hij leest de vluchteling de tekst voor. Op dat ogenblik komen de soldaten het dorp binnen en vragen: "Zeg ons waar de vluchteling zich schuil houdt, anders zullen we het hele dorp in brand steken." De rabbi antwoordt: "hier is hij." Uitgelaten, omdat het gevaar is afgewend, vieren de mensen van het dorp de hele dag feest. Maar de rabbi laat zich niet zien. In zijn kamer staart hij verdrietig vol schuldgevoel voor zich uit. Op dat moment komt Elia binnen, de profeet die de komst van de Messias aankondigt.
Elia zegt: "wat heb jij gedaan?" De rabbi antwoordt: "Ik heb een mens laten omkomen om het hele volk te sparen." Daarop zegt Elia: "die opgejaagde vluchteling was de messias." "Maar hoe kon ik weten dat hij de messias was", vraagt de rabbi. Elia zegt: "Als je niet de hele nacht in je boeken had gezocht, maar één keer naar het gezicht van de man had gekeken, had je het geweten."
Chassidische vertelling
Het jaar 2009
Oudejaarsavond
Oudejaarsavond
Alle kind'ren uitgezworven,
soms heel ver bij je vandaan.
Op een avond zoals deze,
grijpt de weemoed je dan aan
en je vouwt je handen samen,
noemt aan God heel zacht hun namen.
O. zij zullen het best voelen,
dat 't gebed hen nog omgeeft.
Ook als zij Gods naam niet noemen,
die geen inhoud voor hen heeft,
zullen zij toch stil beamen,
twee paar handen gaan nu samen.
Alle kind'ren uitgezworven
en je weet niet goed waarheen,
maar je blijft wel voor hen bidden,
want je weet dat God alleen
nog hun levens kan bewaren,
voor de eeuwigheid kan sparen.
O, zij zullen het best voelen,
dat 't gebed hen nog omringt.
Op een avond zoals deze,
als 't verleden door hen zingt,
weten zij dat jullie samen
God herinnert aan hun namen.
(uit:'Nooit zal 't donker worden'van Co 't Hart)
Kerstnacht
Kerstnacht
NadenkertjeNadenkertje
Er waren eens drie mensen: Iedereen, Iemand en Niemand.
Op een dag werd er een belangrijke opdracht gegeven.
Iedereen werd gevraagd zich hiermee bezig te houden.
Iedereen dacht dat Iemand het wel zou doen en wachtte rustig af….
Uiteindelijk deed Niemand het.
Iemand werd toen kwaad, omdat het de taak van Iedereen was.
Niemand realiseerde zich dat Iedereen het niet wilde doen.
Uiteindelijk deed Niemand wat Iedereen had kunnen doen.
Advent 2008
Advent 2008
We ontsteken een kaars
om onze wanhoop te verdrijven
als teken dat we durven geloven
dat de duisternis niet zal overheersen
en dat er licht zal zijn voor iedereen.
We ontsteken een kaars
om onze twijfel te verdrijven
als teken dat we durven geloven
dat er een wereld zal komen
waarin toekomst zal zijn voor iedereen.
We ontsteken een kaars
om onze angst te verdrijven
als teken dat we durven geloven
dat de dromen van de profeten
werkelijkheid zullen worden in onze dagen.
We ontsteken een kaars
om onze moedeloosheid te verdrijven
als teken dat we durven geloven
dat wij nieuwe mensen zullen zijn
die metterdaad werken aan Gods Koninkrijk.
(dichter onbekend)
St. Nicolaas

Vitaminen op papier
Vitaminen op papier
Ik heb reeds lang met je gesproken aan de telefoon. Hier krijg je nu je ‘vitaminen’ op papier. Ik weet heel goed dat men niet altijd helpen kan met een paar mooie worden.
Toch ga ik voort, omdat je erom gevraagd hebt, bijna om gebedeld. Eigenlijk zal ik altijd hetzelfde zeggen tegen onbekende, onzichtbare mensen, als een dwaze profeet, die zaait in de wind, niet wetend waar de akker ligt, altijd met hetzelfde zaad dat hij ook maar van elders ontvangen heeft.
Eigenlijk ben ik maar een vreemde kleine kabouter, die in het huis van je dwaasheid tegen moderne afgoden schopt en bij je welgevulde tafel, achter de krant en je teevee, bij je werken en je zaken doen en bij elk gesprek je achtervolgt met die stomme vraag naar het ‘hart’.
Maar ik weet één ding. Een woord dat het hart raakt, verandert het hart.
Als je moe bent en je weet niet van wat, kan een woord een gebeurtenis zijn, een stuk brood voor een nieuwe start, een ster die uit de hemel valt.
Phil Bosmans