Naar de inhoud

Vrijzinnigenblog

Vrij - zinnige gedachten,gedichten, verhalen en berichten
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 1 augustus 2008 tot 31 augustus 2008

Sterven





Sterven

Wij staan aan de kust en zien een schip met volle zeilen dat uitvaart naar de blauwe oceaan.
Hij is schitterend en vol kracht.
Wij slaan hem gade, tot er uiteindelijk niets meer is dan een wit wolkje,
daar waar de zee en de lucht samenkomen en in elkaar overgaan.
Dan zegt iemand naast ons,
"Kijk ! Hij is weg!"
Hij is niet meer te zien.
Zijn mast, romp en rondhout zijn nog net zo groot als toen hij bij ons weg ging, en hij is nog net zo goed in staat zijn levende lading naar zijn haven van bestemming te varen.
Zijn kleiner geworden formaat zit in ons, niet in hem.
En op precies hetzelfde moment waarop iemand naast ons zegt: "Kijk! Hij is weg!", zijn er aan de andere kant ogen die hem zien komen, andere stemmen die de blijde roep overnemen:
"Kijk! Daar komt hij!"

En dat is sterven.......
                                         (Uit: De Nienduur - zomer 2007)



Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Postduif om 00:00 Reageer op dit bericht

Verandering




Onweer in het moeras







Naast het vlakke gladde meer
blauw en roze als een maansteen
staat het rechte bos van riet,
elke halm een groene speer,
elke speer staat slank alleen
met een dunne vernis van licht.
Licht en schaduw bewegen niet.

In de bergen hangen zware violet gekleurde wolken.

Niets verraadt de gele schare
vogels, die het riet bevolken.

Dat splijt met een verblindend licht
de hemel open en slaat dicht
met een donderende slag...
Als in een donkre smederij
spatten uit het rieten bos
vonkenregens vogels los
een zwerm van duizend vurige vlerken
stuift geel omhoog in 't sombere zwerk en
een ziedend hoog gezang breekt vrij.

Mijn hart werd plotseling wit en heet,
't was of ik zelf werd omgesmeed.
Ik heb het angstig ondergaan
ik kwam er sterk en nieuw vandaan.

     M.Vasalis (zie ook: 229-2005)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Postduif om 00:00 Reageer op dit bericht

In de dood kun je niet wonen





Anne van der Meiden, (1929), geboren in Enschede, studeerde theologie en communicatiewetenschappen. Na functies in bedrijfsleven en diverse organisaties (reclame, PR en publiciteit) werkzaam als wetenschappelijk medewerker en hoogleraar communicatiewetenschappen en public relations In 1994 gepensioneerd. Gaat nog regelmatig voor in zondagse diensten en huwelijksdiensten. Schreef zo’n dertig boeken en rondde onlangs de grootste klus van zijn leven af: de vertaling van de complete bijbel in het Twents. Al zestig jaar amateur schilder, aquarel en olie, een oude familietraditie.(zie:www.annevandermeiden.nl)

In de dood kun je niet wonen

 

18 mei jl. was er in de Biologische Boerderij Het Exoo in Enter, nabij mijn woonplaats Rijssen, een door onze geloofsgemeenschap georganiseerde lezing door Prof. Dr. Anne van der Meiden over zijn laatste boek: ‘In de dood kun je niet wonen’.  
Hier volgt een samenvatting van een met hem gehouden interview over dit onderwerp:


De plek waar de mensen wonen geeft aan hoe je denkt over het leven en de dood, je gevoelens zijn daardoor in beslag genomen. Je kunt het vergelijken met de zwamvlok van een paddenstoel. Je staat daarboven in de wereld zoals je gemaakt bent, maar daaronder zit de zwamvlok die je voedt. Dat is o.a. de grond waar je op geboren bent. Men zei vroeger altijd: Hoe lichter de grond, hoe lichter het geloof. Hoe zwaarder de grond te bewerken is, hoe zwaarder het geloof. Langs de kusten hebben we veel mensen die zwaar in de leer zijn omdat ze vroeger permanent in de gevaren van de zee zaten.

In het denken over leven en dood speelt ook de streektaal een grote rol, evenals de religieuze opvattingen die vergroeid zijn door de eeuwen heen in de verschillende gebieden. Er is zoiets als het geloof van Saksers, Friezen en Zeeuwen. De Zeeuwen gaan anders om met de voorzienigheid dan de Twentenaren bijvoorbeeld. De beleving is totaal verschillend. Uit déze contreien is nog nooit een dogmaticus voortgekomen. Daar hebben we hier een hekel aan. De vraag is hoe komt dat nou. Prof. Waterink, oorspronkelijk uit Hardenberg, zegt :

De beleving van de dood houdt verband met de cultuur van de mensen, met de grond, met de manier waarop ze met elkaar omgaan in gewoon sociaal verband, dat drukt een stempel op de aard van de rituelen die bij de dood gebruikt worden. Door ergens te wonen zijn we al een klein beetje gepredisponeerd om op een bepaalde manier over de dood te denken en met de dood om te gaan.

Rijssen heeft nog wel een bepaalde traditie van dogmatici, die eigenlijk niet past bij de grondsoort. Import dominees hebben hierbij een grote invloed gehad. Maar een andere invloed komt van de z.g. Groninger school, een theologische stroming uit de 18e, 19e eeuw. Dat waren gemoedelijke predikanten die in Rijssen ‘verrechtst’ zijn in de leer onder invloed van rondreizende predikers. Die stroming heeft de kans gekregen zich te ontwikkelen, hier, maar ook nog een beetje in Enter (naburig dorp). Eigenlijk was men in Twente katholiek, en dan goed, òf men was vrijzinnig protestant. In de jeugd van prof. v.d. Meiden waren er zo’n 10 vrijzinnige predikanten in Enschede. Als je orthodox begraven wilde worden was daar een ‘godsdienstonderwijzer’ voor.

Er zijn ook begrafenisrituelen ontstaan, die van plaats tot plaats totaal anders kunnen zijn. De invloed van de schoolmeester was daarin heel groot. In de grote steden ging de aanzegger rond in een zwart pak met hoge hoed met een lint er aan en belde overal aan in de buurt, liet de kaart zien en ging dan weer verder, maar in een dorp was het ‘aanzeggen’, dus het langs de deuren gaan om te vertellen dat iemand was overleden, de taak van een vrijwilliger of van kinderen.

In de rituelen zat veel bijgeloof. De boze geesten moesten om de tuin geleid worden. Ging iemand b.v. normaal via de achterkant het huis uit, dan moest hij als hij overleden was door de voordeur naar buiten. Zeven keer om de kerk lopen was om de geesten op een dwaalspoor te brengen. Er zijn dus allerlei dingen gemixt: volkscultuur, volksreligie, en de aard van de mensen. Dit leverde een product op waar we nu nog midden in zitten.

In de dood kun je niet wonen. De dood op zichzelf is niets. Je kunt er niet in wonen in de zin van verblijven. Er is geen mogelijkheid om mens te zijn. Dat is het wrede van de dood. Vroeger werd geleerd dat de dood de straf op de zonde is. Dat hoor je niet veel meer, maar er zijn er altijd nog die dat zo zeggen. En bij de begrafenis mocht niet gesproken worden over de dode. Dit was niet alleen bij de protestanten zo, maar ook bij de katholieken. Er komen steeds meer modernere vormen van beleving voor. Mensen die rouwen gaan nu b.v.  vaak voor een tijd op reis, dat kon vroeger niet. Vroeger ging het hele gezin gewoon door. Maar er zijn meer vormen van troost. Je hebt ook de troost van de vervanging. Vooral in vroeger tijd werd een later geboren kind nog wel eens als een vervanging voor een gestorven kind gezien. Men gaf het dan ook vaak de naam van het overleden kind.

Als men b.v. een boerderij en een groot gezin had en de vrouw stierf, werd er vaak snel weer getrouwd om de overledene te vervangen.

Dit was dan gewoon nodig. Tegenwoordig wordt het gemis vaak vervangen door uit te gaan of veel vrijwilligerswerk te doen.

Sommigen leggen zich dezelfde discipline op als in het leven. Het is op de agenda werken, op het uur. Bijvoorbeeld rouwen van 5 tot 6 uur. Zo’n uur kan beleefd worden als veel meer dan een uur.

Anderen zijn zo sterk dat zij het dagelijkse leven weer snel opvatten. Wij relativeren meer tegenwoordig, vroeger was het 6 weken rouwen en men droeg een zwarte band om de arm.  Dit was een duidelijk blijk van sociaal meeleven. Tegenwoordig kun je veel meer kanten op om de rouw te verwerken. Er kan tegenwoordig ook humor zijn bij de begrafenis. Daar was vroeger geen sprake van. Het is ook zo dat hoe ouder men is hoe gemoedelijker men er mee omgaat.

De vercommercialisering van de attributen, bij de huidige begrafenissen, baart v.d.Meiden wel enige zorgen. Inhoudelijk gaat alles prima, maar de attributen die gebruikt kunnen worden, worden object van handel.

En het zijn er vele. Je weet soms niet wat je ziet en wat je allemaal kunt laten doen. Het wordt steeds vrijer en de invloed van de kerken is aanzienlijk afgenomen. Bij de rouwdienst voor katholieken, zeker in Twente, moet er steeds een  echte pastoor aanwezig zijn en een mis gevierd worden, maar bij protestanten kan dat ook een ouderling doen.

Protestanten komen bij elkaar en bouwen een eigen ritueel op.

De kerk moet facilitair zijn, maar niet de hele dienst willen regelen. De familie moet dit doen, het is als het ware al het begin van het rouwen. Hoe vrijer ze daarin kunnen zijn, hoe beter de verwerking.

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Geschreven door Postduif om 15:51 Reageer op dit bericht

Zomer








Antonius Otto Hermannus (Toon) Tellegen werd geboren in Den Briel op 18 november 1941. Zijn vader was huisarts en ook Toon studeerde geneeskunde in Utrecht. Hij schreef verhalen voor volwassenen, maar werd vooral bekend door zijn kinderboeken en dierengedichten.


Zomer

De zon schijnt,
de hemel bloeit.

Mensen kijken omhoog, gaan op hun tenen staan,
klimmen op elkaars schouders
en plukken god.

"God is mooi", zeggen ze, "mooier dan ooit".
Ze zetten hem in vazen
op hun tafels en voor hun ramen,

en God bloeit en geurt een middag en een avond -
dan leggen ze hem tussen de bladzijden van een schrift
onder een ijzeren gewicht;

voor later, in de winter,
                             als er niemand is.
                            

Toon Tellegen

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Postduif om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Vrijzinnigenblog

↑ Terug naar de berichten