Nico Bulder, de houtgraveur.
In het Groningse Hoogezand, ver van de grote culturele centra, werkte Nico Bulder (1898-1964) als houtgraveur in een bijna volstrekt isolement. Hij was begonnen met de houtsnede, de oudste der grafische technieken. Al heel vroeg leerde hij als timmermanszoon met hout en gereedschappen omgaan. Maar ook zijn karakter moet bij de keus voor het "xylograferen" een belangrijke rol hebben gespeeld. Hij was een typische zwart/wit figuur, rechtlijnig, direct. Hij dacht niet in kleur, maar was een Groninger gericht op nuttigheid.
Al voor de Tweede Wereldoorlog werden zijn werken op internationale tentoonstellingen bekroond en onderscheiden en werd zijn werk door musea aangekocht.
Nico Bulders prenten tonen een vaktechnisch kunnen, een compositorisch vermogen en een uitbeeldingskracht van een zo hoog niveau, dat hij beschouwd mag worden als één van de grootste houtgraveurs die Nederland ooit heeft gekend.
Hij stierf in 1964 op 65-jarige leeftijd. Zijn heengaan drong amper in zijn thuisland door. In regionale kranten verschenen bescheiden bijdragen, in landelijke kranten werd in een summier bericht meegedeeld, dat het werk van de overledene in 1937 in Chicago werd onderscheiden en in hetzelfde jaar op de wereldtentoonstelling in Parijs met een gouden medaille was beloond.
Werd Bulder als een figuur van hoogstens regionale betekenis beschouwd, zodat zijn verscheiden slechts met een kort bericht in de landelijke pers royaal was gehonoreerd?
Het is waar dat de kunstenaar zich weinig buiten de grenzen van zijn eigen gewest heeft opgehouden.
Zijn leven speelde zich hoofdzakelijk af in Hoogeland, het veen-koloniale dorp waar hij geboren en getogen was. Zou hij als graficus meer bekendheid hebben gekregen als hij in één van de grote culturele wereldcentra had gewoond? Waarschijnlijk wel.
Of is: "Men is nooit sant in eigen land!" ook op hem van toepassing?

