Naar de inhoud

Sintemetten.

Retiese Patroonheilige.
seniorennet.beseniorennet.be

Sint-Maarten.

Uit: "Een jaarkring in legenden."
Illustratie van Leon Holman.
Utrecht 1948.
Uitg. W. De Haan N. V. Blz.: 236-239.


"Op 11 November wordt er in Italië over het algemeen flink gedronken, maar in Sicilië moet men dien dag tenminsten den wijn gaan proeven, zelfs al zou men daar geen lust toe hebben. Doet men het niet, dan wordt de wijn in de vaten zuur. Maar wat erger is, zo zegt het volk, wie geen wijn drinkt komt niet in de hemel. De deskundigen beweren, dat op dien dag de most in wijn veranderd wordt. In Noord-Italië bewaren de boeren een tros druiven van den wijnoogst die ze dan op 11 November, als herinnering aan het mooie jaargetijde, opeten. De eerbiedwaardige bisschop Sint Maarten wordt in Sicilië als de patroon van de dronkaards beschouwd en zelfs gaat het volksgeloof zo ver, dat men deze Heilige, natuurlijk geheel ten onrechte, voor een onvervaarden wijndrinker houdt. Van hem is echter bekend, dat hij zo sober was, dat men in een door hem gesticht klooster, waar hij met tachtig leerlingen woonde, zelfs nooit wijn heeft gedronken.
St. Maarten geldt trouwens algemeen als een voorbeeld van de meest onbaatzuchtige christelijke liefdadigheid. Deze deugd komt mooi tot uiting in een legende, die ons verhaalt hoe Maarten, toen hij eens een armen man zonder klederen op straat ontmoette, met zijn zwaard zijn mantel in twee gedeelten verdeelde en de ene helft aan den arme gaf. Den volgenden nacht zag hij Christus, gekleed met het deel van zijn mantel dat hij daags te voren aan den armen man geschonken had, terwijl Hij tot de rond Hem vergaarde engelen sprak: "Weet, dat Maarten, toen hij nog catechumeen was, mij met dezen mantel heeft gedekt!" Volgens een Noord-Italiaanse legende hadden St. Maarten en de duivel beiden een molen. Nadat de duivel eens de molen van St. Maarten had bezichtigd, vroeg de Heilige hem of hij ook eens zijn molen mocht komen bekijken. De duivel willigde den wens van den Heilige in onder voorwaarde, dat hij gedurende zijn bezoek geen kruistekens zou maken. Maarten beloofde dit, maar, toen hij voor den molen van den duivel stond, maakte hij toch kruistekens met gevolg, dat de molen plotseling onbruikbaar werd. "De molens;" zeide de duivel, "zullen voortaan aan U behoren, maar de molenaars aan mij!" Om niet in de handen van de duivel te vallen, vasten de molenaars op het vigilie van St. Maartensdag. Een Siciliaanse legende vertelt ons weer, dat de duivel, die de bijnaam Culicchia draagt, zich vermomde als een arm man, die op het punt stond van honger om te komen, en die aan de weg gezeten was, waar St. Maarten gewoonlijk voorbijkwam. De Heilige had die dag geen geld bij zich en zei tot den arme, dat hij hem niets kon geven. Maar de arme hield aan zeggende, dat hij sinds twee dagen niets gegeten had. Maarten kreeg medelijden, trok zijn mantel uit en gaf hem aan den arme met de woorden: "Ziedaar deze mantel, ik heb niets anders, neem hem en ga dan eten!" De duivel was zeer tevreden, dat hij Maarten had kunnen bedriegen, wierp zijn vermomming af en vertoonde zich in zijn ware gedaante. Doch Maarten liet zich niet uit zijn lood slaan en sprak tot de duivel: "Ik geloofde dat je arm was, daarom heb ik datgene gegeven dat ik bezat, maar nu, verachtelijk beest, verdwijn in de diepten van de hel!" Naar een andere versie gaf de heilige zijn mantel aan een armen man, die dronken aan den weg lag, om hem tegen de koude te beschutten. Aan deze daad van liefdadigheid is het waarschijnlijk te danken, dat men aan St. Maarten het niet bijzonder eerbiedwaardige beschermheerschap der dronkaards heeft toegedacht.
St. Maarten heeft met dronkenschap niets te maken. Het ongelukkige toeval wil, dat zijn feestdag op 11 November valt, den dag waarop in Italië de wijn geproefd en de vaten aangebroken worden. Deze gewoonte lijkt de directe voortzetting te zijn van het oude wijnfeest der Grieken, dat in de eerste helft van de maand Anthesterion ter ere van Bacchus gevierd werd. Die dag wordt in Italië in vreugde, uitgelatenheid en braspartijen doorgebracht. Meestal begint het feestmaal op den Zondag na 11 November, wanneer een ieder vrij is. In Sicilië is het zede bij deze gelegenheid kalkoen te eten en natuurlijk wijn te drinken. Is er geen kalkoen dan mag varkensvlees niet ontbreken. De beschuiten, die men op dien dag eet en van welke reeds dagen te voren de etalages vol liggen, heten in het Siciliaanse dialect Viscotta di S. Martinu "St. Maartensbeschuit." en zijn werkelijk artistiek van vorm. De banketbakkers bereiden ook allerlei uit suiker vervaardigde gebakjes, die St. Maarten in een theatrale houding te paard voorstellen, zwaaiend met zijn zwaard. Het moet voor de kleine Italiaantjes een probleem zijn die gebakjes op te eten. Komt eerst het paard aan de beurt en dan de Heilige of omgekeerd?
Op vele plaatsen is St. Maartensdag in Italië een intiem en gezellig familiefeest. Men ontvangt niet graag bezoek, aangezien de hele familie in de keuken bezig is om de feestmaaltijd klaar te maken en zij wenst daarbij niet gestoord te worden. De arbeiders en boeren haasten zich om zo vlug mogelijk thuis te zijn. Welk een drukte heerst er op de stations, waar de mensen zich verdringen om 's avonds zo vroeg mogelijk te Mestre of te Treviso bij hun gezin te kunnen komen! Terwijl in Noord-Italië op de bergen reeds de eerste sneeuw gevallen is, is het over het algemeen tegen St. Maartensdag in heel Italië zacht en mild weer: men noemt dan ook te Venetië de tien dagen die op 11 November volgen istadela de S. Martin "het St. Maartenszomertje." Juist omdat tegen 11 November voor een korten tijd de natuur ontwaakt, wensen de Sicilianen elkaar op dien dag, Bon Sammartinu "Goede St. Maarten.", d.w.z. overvloed van wijn, olie, melk, enz. Wanneer de bedienden hun St. Maartenswensen komen aanbieden, ontvangen ze enkele der voor St. Maartensdag gebakken beschuiten ten geschenke. Misschien staat met het mooie weer de minder mooie gewoonte te Venetië in verband om op St. Maartensdag te verhuizen. Dat onze Heilige oorspronkelijk soldaat is geweest, blijkt niet alleen uit de gebakjes, die hem te paard met het zwaard in de hand voorstellen, maar ook uit het feit, dat St. Maarten, te zamen met St. Joris, de beschermer is van de Italiaanse soldaten, die hem niet zelden met den omineuzen wijn, waarmee hij eigenlijk niets te maken heeft, vereren."

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Oud gedicht van de heilige Martinus.

Rijmgedicht over de H. Martinus in het maandschrift van de Engelbewaarder. 1897.

't Is snerpend koud, de winter zwaait
Zijn staf meedoogloos rond;
De noordenwind snijdt door de leën,
De sneeuwjacht stuift verwoed doorheen
En dekt den killen grond.

Een arme, naakt, verkleumd van kou,
Ter poort van Amiensstad,
Smeekt biddend om een bete brood;
Maar niemand, die zich in zijn nood
Erbarmde, hoe hij bad.

Martinus reed ter stadspoort uit;
Ook hem vroeg de arme teër
Erbarming, met gebroken stem,
Erbarming in zijn nood met hem;
Ter liefde van den Heer.

De krijgsman wierp een liefdeblik
op d'arme bedelaar,
Met schaam'le lompen nauw bedekt,
Die biddend hem de handen strekt,
Ter liefdegifte klaar.

Martinus' hart verteedert zich
Bij de armoede in de nood;
Zijn liefde had reeds al verdeeld,
Niets had hij, wat hij bood.

Niets had Martinus, wat hij bood
Den armen bedelaar;
Zijn mantel, kleeding en zwaard
Is 't enigst, wat hem rest op aard
Ter gifte op 't liefdealtaar.

De krijgsman grijpt zijn glimmend zwaard,
Wijl hij zijn mantel strekt;
Hij houwt dien middendoor in  twee,
Deelt 't eene stuk den arme mêe,
Wijl hem het andre dekt.

Nauw sliep dien nacht, ter ruste gevlijd,
Martinus, of hij zag
Den Heer, omringd door englenschaar,
In 't kleed, dat hij den bedelaar
Gegeven had dien dag.

"Martinus", sprak tot de englenschaar
De Heer, en wees op 't kleed,
"Martinus, nog katechumeen,
Sloeg mij deez kleeding om de lêen,
Toen ik in armoê leed".

De krijgsman door dit droomgezicht
Vloeide over van genot;
Met meerder vuur nog dan weleer
Beminde hij zijn God en Heer
En de armen om zijn God.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Rond het feest van sint-Maarten.

Uit "Ons land" 1912.

"11 November! Sint-Maarten!
Sint-Maarten, de patroon  der ganzen en der drinkebroers! Hoe komt het dat Sint-Maarten, waarvan de eenvoudigheid legendarisch en de matigheid spreekwoordelijk is, de uitverkorene is der volgelingen van Coveces en van Bacchus?
Luistert. Ziehier wat de overoude kronieken vertellen: Wanneer in 383, na zijn opstand tegen Gratiaan, Maximus, een Romeins generaal, Gallië, Engeland en Spanje bemachtigde, vestigde hij de hoofdstad van zijn keizerrijk te Trier.
Sint -Maarten begaf zich er naartoe om er eenige gunsten te verkrijgen. Maximus ontving hem schitterend. Hij liet hem aan zijne eigen tafel mede eten, hem de eereplaats gevende tusschen de voornaamste en beroemdste mannen van zijn hof. Wanneer bij het einde van het eetmaal, de officier den wijnbeker aan Maximus bood, beval deze hem aan den bisschop van Tours te geven opdat hij hem daarna uit dezes handen zou kunnen ontvangen; maar de beroemde prelaat deed den beker doorgeven aan den priester die hem vergezelde. En dit gebaar voldeed om sint Maarten aan het hoofd der drinkebroers te plaatsen!
Over sint Maarten als patroon der ganzen, vertelt de legende dat de duivel om sint Maarten te bekoren, hem eene fabelachtige gedekte tafel voorzette, maar sint Maarten keurde geen enkel gerecht waardig buiten de gans!
Moet het bestaan der talrijke Sint-Maartensmaatschappijen in de omringende gemeenten van Brussel, zooals Molenbeek, Jette, Laeken, Koekelberg, Ganshoren, daaraan toegewezen worden?
Te Ganshoren bestaat er eene kerk genoemd de St.-Maartenskerk. Zij werd gebouwd in 1369. Nu, volgens de waarschijnlijke gevolgtrekking van MM. de Graaf de Villegas en Van Leeuw, zou Ganshoren betekenen, een plaats gelegen in den vorm van een horen, waar het kweeken der ganzen op groote schaal plaats had in de oudere tijden. Vandaar de kerk van den omtrek (Ganshoren) toegewijd aan sint Maarten. Het dorp Ganshoren is ook nog steeds de bedevaartplaats gebleven der "chocheteiten" van St.-Maarten. Alle jaren op den Maandag volgende op 11 November, geven zij er elkaar afspraak en wonen er de mis bij die gezongen wordt aan het altaar van St.-Maarten.
De St.-Maartensmannen zijn te paard evenals hunnen generalen staf, voor de gelegenheid, mannen gekleed in militaire uniformen, met de gestreepte broek der gidsen en de berenmuts der grenadiers van voor den oorlog. Over een vijftiental jaren geleden kwam sint Maarten en zijn gevolg nog te paard de kerk binnen, maar daar er dikwijls ongelukken voorvielen, zo is de gewoonte om met de paarden binnen te komen langzaam verdwenen. Na de mis gehoord te hebben, scheidde de stoet zich uit elkaar en ieder sint Maarten, gevolgd van zijne mannen, trok naar zijne eigene gemeente terug.
En hier beginnen de omgangen en de ... drinkpartijen. Nochtans beoefent sint Maarten  ook de weldadigheid. Hij snijdt wel zijn mantel niet in twee, maar werpt met volle handsvollen vijgen of noten tusschen de talrijke groepen die den stoet vergezellen.
Bij het eindigen van den dag, heeft men het banket van sint Maarten. Ganzen worden er niet opgediend, maar uitmuntend vleesch wordt er gesmuld en buitengewoon veel gedronken, zoodat deze feesten soms in bloedige vechtpartijen uitlopen.
Te Mechelen wordt sint Maarten gevierd door de kinderen. Men heeft het klein Sint-Maartensfeest op 11 November, en het groot Sint-Maartensfeest den daaropvolgenden Zondag.Jonge bengels gaan dan zingend van deur tot deur:

"Hij heeft zijnen mantel doorgesneden
Om aan de armen te geven,
Jufvrouw wil ons kabaske vullen
En laat ons nie lang meer staan."

Op den Zondag van het Sint-Maartensfeest zijn de rondgaande kinderen-zangers gekostumeerd op de zotste wijze. Ze hebben dan kleine schoone papieren vlaggetjes en wandelen rond op een soort draagbaar, een St.-Maarten die getooid is met een mijter en gekleed in rok, met de eene hand houdt hij een staf en met de andere een scheel of bakje dienende om geldstukken te ontvangen.
Deze met den schoonsten sint-Maarten komen dan zingen in de groote straten van het midden der stad, zij gaan ermede de koffiehuizen binnen en keeren terug naar huis, voorzien van lekkernijen en geld.
In de omstreken van Hasselt en in zekere gemeenten van Vlaanderen, bestaat het St.-Maartensvuur. Van af den morgend van 11 November gaan de jonge lieden rond en bedelen droog hout, strooi en eikentoppen. Dit alles wordt dan op eene kar geladen welke geledigd wordt te midden een veld, waar het vuur aangestoken wordt.
De jonkheid van het dorp voert daar rond dan de drolligste dansen en sprongen uit die er maar mogelijk zijn. Daarna houdt men eetmalen en drinkgelagen ter eere van St.-Maarten, patroon der drinkebroers en der ganzen."  J.L.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

De H. Martinus.

In een eenvoudig boekje "Sint-Niklaas gevolgd door andere lezingen." door "Eenen priester", uit 1898, vond ik volgend stukje over Sintemetten:

"De H. Martinus, nog jong zijnde, diende in het Fransche leger, en was reeds alom bekend door zijne groote liefde voor de ongelukkigen.
Op eenen kouden winterdag, door een woud rijdende, ontmoette hij eenen armen man die bijna naakt was, en hem om eene aalmoes smeekte. Martinus had reeds al zijn geld uitgedeeld, zoodat hij niets meer bij zich had, tenzij zijne kleederen en de wapens die hij droeg. Wat doet hij? Hij neemt zijnen sabel en snijdt zijnen mantel in twee stukken, waarvan hij het eene aan den bedelaar geeft, terwijl hij de andere helft zoo goed mogelijk rond zich draait.
Eenigen, die getuige waren dezer edelmoedige daad, hielden er den spot mede, maar anderen, door dit schoon voorbeeld getroffen, waren beschaamd den noodwendige niet te hebben bijgestaan, en maakten goede voornemens voor de toekomst.
Den volgenden nacht zag de H. Martinus in eenen droom, den Zaligmaker, bedekt met den halven mantel, terwijl hij zegde tot eene menigte hemelsche geesten die hem omringden:   " Martinus heeft mij met dit kleed bedekt."
Het goed, dat wij aan de armen doen, zal ons aangerekend worden als ware het aan God zelf gedaan: hebben wij dus altijd medelijden met de ongelukkigen."

Dit boekje van 48 blz. werd uitgegeven te Brugge, door A. J. Witteryck-Delplace, Nieuwe Wandeling 4.
Ook de levens van andere heiligen worden summier in deze uitgave besproken. Zo komen sint-Niklaas, de heilige Antonius van Padua en de heilige Joseph aan bod.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Sintemetten in koper gedreven .

Deze koperen sierplaten met Sintemetten als onderwerp, voorstelling meestal naar het beroemde schilderij van van Dyck, komen nog veelvuldig voor in verschillende vormen en groottes, in geel of rood koper.
Ze zijn ontstaan wanneer de koperslager een koperen plaat in een houten mal ( of vorm ) slaat ( of drijft) en die daarmee omvormt tot een echt siervoorwerp. Op deze manier konden deze grote sierplaten betrekkelijk snel in serie worden gefabriceerd, zonder gebruik te maken van speciale ovens.
Tijdens de industriële revolutie is het ambacht van koperslager in onbruik geraakt door de opkomst van de persen. Die voerden het werk, waar een ervaren koperslager enkele uren over deed, uit in luttele seconden.
Volledig machinale productie van deze koperen "Sintemettenplaten" vond vooral plaats door persen en stampen. Hierbij wordt een koperen plaat onder hoge druk tussen twee stalen modellen tot een sierplaat geperst. Sommige borden dragen de naam van de ontwerper, andere een merkteken van de werkplaats.
Ben al lang op zoek naar informatie over fabrieken die deze sierborden hebben gemaakt.
Wie kan me daarbij helpen?

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

De teervoeteisen.

In dit boekje van de scouts: "De teervoeteisen." (v.v.k.s.- Uitgeverij st-Joris. Brussel.) zag ik op blz. 60, een afbeelding van de manteldeling van sint-Martinus.
Onder het beeld een gedicht (gedeelte) van Alice Nahon.

"En vind ik in het huis mijns harten,
de troost dat ik een wee genas,
dat ik mijn armen heb gewonden
rondom één hoofd dat eenzaam was.
Dan voel ik op mijn jonge lippen
die goedheid als een avondzoen.
't Is goed in't eigen hart te kijken
en zo zijn ogen toe te doen."

Als geen ander kon A. Nahon het zalige gevoel verwoorden dat je krijgt als je een goede daad hebt gesteld.
Ook Sintemetten moet zich na de manteldeling zo hebben gevoeld!

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Historia.

Verzameling: "Het Europees Erfgoed." Rome.
Album II. Reeks 15. Nr. 72.

"Het leven van Sint-Martinus van Tours heeft
de christelijke ikonografie sterk geïnspireerd."

Uitgegeven door HISTORIA N.V.
G. Brugmannlaan 297a.
Brussel 18.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

Folkloristische sprokkelingen uit de kinderwereld.

Olie op doek.
Von Marees Hans. 1869.
" Saint Martin et le mendiant."
Winterthour, Fondation Reinhart.


Rijmkes en Liedjes uit Kinderspelen.
Te Turnhout verzameld door E. H. J. Nuyts.
Turnhout. Drukkerij "Lumen" N. V.  1930.

Blz. 24. Hoofdstuk 3. Gelegenheidsliedjes.

"Bepaalde tijdstippen in het jaar hebben voor kinderen hun bijzondere vermakelijkheden met soms spel en lied. Buiten die gelegenheden hoort men die kinderen nooit."

Punt 7. "Op Sint-Maartensdag worden er 's avonds op den buiten vuurkens gestookt. De jongens van heel de wijk gaan dan samen op den bedel om bij elken boer brandmateriaal te vragen, en al wat branden kan, sleuren ze mee, soms op een hondenkar of op een stootwagentje dat ze zelf voortstooten: mutsaards, knuppels, spaanders, turf, enz... Ze bedelen al zingend en ... krijgen ze, dan zingen ze den lof van de goedhartige geefster, maar, krijgen ze niets: dan zingen ze bedreigingen en verwenschingen, en zullen toch wel zorgen dat ze er aan de mutsaardmijt of in't houtkot geraken."

"Vandaag is't Sintre Merten, en morge is't de kruk.
Wij komen uit goeder herten. En helpt ons uit den druk.
Wij zullen van ze leven van hier nie gaan, of wij hebben wat opgedaan:
hout, hout, turven hout, kloere, kloeren haantje, een turfken of een spaantje.
Hoe wijd zal da vliegen? Over de markt en over den dijk.
't Zal ne goeie Sintre Merte zijn. Krijg ik wat asteblieft?
Daar is nog wel een goei vrouw, die ons nog wel wa geven zal.
Hoe lank zal ze leven? Honderd jaar en eenen dag,
zoo lank als ze 'n korstje brood mag."

Ofwel: "Ginder achter aan dat hoog huis, daar hangt ne zak me zemelen uit.
Hoe menige zemel, hoe menige luis. Daar zit een gierige pin in huis."

Als het een boer is die nietgeven wil; dan verandert het laatste rijmke:
"Schup den boer in 't schijthuis!"

Een gierige pin: iemand die heel gierig is, wordt soms wel een "pin" genoemd: daar is 't pinneken-dun, d.i. daar wordt niet veel opgeschept.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Binnen en buiten.

Binnen en buiten.
Nr. 7. Dertiende uitgave. Blz. 34.
Leesmethode Van Hoof en Vermeulen.
De Sikkel Antwerpen. 1955.
Geïllustreerd door Elsa van Hagendoren.
Spelling volgens de Woordenlijst van de Nederlandse Taal 1954.

7. Sint-Maarten.

"Stookt vier, maakt vier,
Sint-Maarten komt alhier.
Met zijn blote armen,
Hij zou zich geerne warmen;
Hij kroop al in het hoekske,
En daar kreeg hij een koekske;
Hij kroop al onder de tafel,
En daar kreeg hij een wafel;
Hij kroop al onder de zoldertrap,
En wij gaven hem een schotel pap."

1. Eeuwen geleden leefde er een volk, dat meester was over bijna de gehele aarde, voor zover men die toen kende. Dat volk heette de Romeinen.
Die Romeinen lagen ook met een groot leger in Frankrijk. Eén van de kapiteins heette Martinus.
Martinus was zeer braaf, dapper en jonkman, die ook geen heiden meer was. Zonder dat zijn vader het wist, was hij christen geworden.

2. Eens beval zijn bevelhebber hem, zo spoedig mogelijk een boodschap naar een ver verwijderde stad over te brengen. Martinus sprong te paard en reed weg. Het was vinnig koud en de wind sneed in zijn gezicht. Zijn medelijdend hart deed hem telkens in de zak tasten om aan de armen, die hij ontmoette, wat geld te geven. Spoedig was al zijn geld op, en hij kon niet eens voor zichzelf een stuk brood meer kopen.

3. Bij de poort van de stad, waar hij wezen moest, zag hij een oude man half naakt aan de weg zitten. Martinus tastte in zijn zak, doch die was leeg. "Een aalmoes, edele heer!" smeekte de arme. Wat deed hij nu? Hij sprong van zijn paard, nam zijn zwaard, sneed zijn mantel in tweeën en gaf de ene helft aan de oude man, die het kleed dankbaar aannam.

4. In de stad werd Martinus uitgelachen om het korte manteltje, dat hij nog droeg. Het stond ook zo bespottelijk. Maar Martinus was zó gelukkig een half naakte te hebben gekleed, dat hij deed alsof hij die spotternijen niet hoorde.
Later werd hij bisschop, en als je nu eens over "Sint-Maarten" hoort spreken, dan weet je, dat die heilige niemand anders was dan de brave Romein, die vol liefde alles aan de armen gaf, tot
zelfs de helft van zijn mantel.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Sint-Maarten.

Jan of Lucas van Duetecum.
Deventer (?) ca.1530-1608.
Naar Hieronymus Bosch.
Gravure en ets, 33,3 x 42,3 cm.

Bij de poort van een middeleeuwse stad waarvan de muren gedeeltelijk in zee staan, deelt Sintemetten, staande op een boot, zijn mantel met een groepje vreemde bedelaars.
Op een bootje wat hoger in de gravure zien we weer een wijnvat met de gekende vlag met twee krukken. Duidende op het sint-martinusfeest. Met de wijnstraal uit het midden van het vat vullen enkele drinkebroers hun glazen.
De ondankbaarheid van het "creupel vuyl arm gespuijs" wordt zowel in het Vlaamse onderschrift als in de voorstelling benadrukt.
Terwijl Sintemetten zijn mantel gaat delen trachten andere bedelaars zich meester te maken van zijn paard dat even zonder berijder is.

Onder de gravure lezen we duidelijk:
 "De goede Sint Martenis hier gestelt; onder al dit Cruepel Vuyl arm gespuijs haer deylende fijnen mantele inde stede Va gelt; nou Vechtese om de proije dit quaet gedruijs.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Sint-Martinusvuur.

Maerten van Cleef. (1527 Antwerpen 1581).
Olieverf op paneel. 77 x 108 cm.
Duinkerken.
Musée de Beaux-Arts de Dunkerque.

Het sint-martinusfeest bood de behoeftigen onder de bevolking op 11 november de gelegenheid de ontberingen van de komende winter uitbundig te lijf te gaan.
Op een dorpsplein dansen bewoners om het traditionele vreugdevuur van sint-Maarten. Rechts proberen enkele mannen een vlag, met de beeltenis van Sintemetten, te veroveren. Ook hier dient de wimpel, met de manteldeling, om aan te geven dat het wel degelijk over het feest van sint-Maarten gaat.
Op de achtergrond rechts zien we nog een groepje zingende kinderen die van een gulle vrouw in een deuropening iets krijgen toegestoken.
Links zien we een vrouw met witte hoofddoek die een deugniet een ferme oorvijg wil geven. Op de voorgrond een moeder met kind op haar schoot, gezeten op een tenen mand. Voor zich een mand noten. Ze geeft de bedelaar met de hoed enkele vruchten. Helemaal in de benedenhoek verkoopt een man appels, een aapje houdt hem gezelschap. Achter hem trekt een bedelkind met schoteltje aan de mouw van een oudere patricïer.
Opvallend de vele schakeringen rood die de schilder heeft gebruikt. Of hij de gloed van het vuur wilde weergeven.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Sint-Maartenfeest.

Schilderij van Pieter Balten. (1525-na 1598)
Olieverf op paneel. 110 cm x 148 cm.
Utrecht. Rijksmuseum Het Catharijneconvent.

Van overal zijn armen, kreupelen en bedelaars afgekomen om het sint-martinusfeest te vieren. Er wordt gratis wijn uitgedeeld. Op een verhoging ligt een enorm rood-wit wijnvat dat wordt bestormd door een haveloze menigte. Aan het vat zit een bezem vast met daaraan een vlag, waarop twee krukken te zien zijn. Het teken dat kreupelen en andere verschoppelingen van de maatschappij, hier hun dorst mogen komen lessen. Er wordt gedrumd om in de omgeving van het vat te geraken. Een reus van een vent, half naakt, heeft een goed plaatsje bemachtigd, hij houdt zijn mond vlak onder de wijnstraal! Uiterst links van hem staan enkele patriciërs, leden van de betere klasse,  het hele gebeuren te bekijken.
Sintemetten, op zijn schimmel, is helemaal rechts op het doek te zien, juist op het moment dat hij zijn fel rode mantel deelt met een man met een lier op zijn rug. (Straatzanger?) De manteldeling, één van de belangrijkste gebeurtenissen uit de legende van sint-Martinus, krijgt hier een ondergeschikte plaats. Zó ligt de nadruk vooral op de uitdeling van de wijn en het feestgedruis. Sint-Maarten dient hier alleen maar om aan te geven dat het wel degelijk over een sint-martinusfeest gaat.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Tentoonstelling:

Op maandag 11 januari 2010, één van de vele strenge winterdagen met sneeuw en ijs, waagden wij ons op weg naar het verre Lommel. Via de media hadden we vernomen dat daar in het " Museum De Kolonie" een tentoonstelling over Sintemetten te bewonderen was. Na een uur over gevaarlijk gladde wegen, vonden we het mooie heemmuseum. Een vriendelijke dame liet ons binnen, niettegenstaande we buiten de openingsuren aanklopten. "We komen van ver, speciaal voor Sintemetten, zijn erge fans, weten echt de openingstijden niet". De warmte van het museum deed ons goed. Bij de ingang kregen we een zeer verzorgde "toegangskaart" met de afbeelding van onze favoriete heilige te paard. De manteldeling. Op de keerzijde lazen we:
 
"Op de tentoonstelling kan oud en jong, groot en klein, kennis maken met het beeld van Sint-Maarten in diverse materialen en vormen. Erfgoed Lommel heeft dankbaar geput uit de collectie van Tony Vaessen, die gefascineerd is door de figuur van Sint-Maarten. In de loop der jaren heeft hij een prachtige collectie rond de figuur van Sint-Maarten opgebouwd, beelden, santjes, medailles, tegels, ikonen, ... zeer vaak fraaie staaltjes van volksdevotie."

De tentoonstelling stond boven opgesteld. (Op het gelijkvloers bezochten we later de vaste tentoonstelling over het leven van onze voorvaderen in Limburg.) Groot was onze verwondering toen we de tentoonstellingsruimte zagen. We hadden iets groter verwacht. Even slikken. In enkele zeer mooie pronkkasten met beschermend glas zagen we slechts een klein gedeelte van een verzameling. Een paar gipsen beelden in het middengedeelte dienden als blikvanger. De enkele autentieke santjes, bedevaartvaantjes, vlagontwerpen, medailles en een fotokopie van El Greco vulden de rest van de beperkte tentoonstellingsruimte. Een beetje ontgoocheld dropen we af. Tijdens de terugtocht veel stilte in de kleine Micra. Was het de verplaatsing waard geweest? We genoten in ieder geval nog van het wijde ingesneeuwde Limburgse landschap.
Ik hoop dat mijn commentaar niet te streng overkomt, ben erg veeleisend, het was tenslotte een tentoonstelling. Misschien waren mijn verwachtingen te hoog gespannen.
Hoe vind je dit bericht?
1 reactie Reageer op dit bericht

Egino Weinert.

Egino Weinert. Geboren op 3 maart 1920 te Berlin-Schöneberg.
Wereldberoemde Duitse kunstenaar. Een meester op het gebied van de goudsmeedkunst en de emailkunst. Schilder en beeldhouwer. Naast het creëren van vooral sacrale kunst voor kerken en kathedralen over de ganse wereld, heeft Egino Weinert ook een opmerkelijke verzameling kleine bronzen beelden ontworpen en geproduceerd. Vele van zijn oorspronkelijke emailwerken zijn te bewonderen in de Galleria Moderna van het Vaticaans Museum.
Enkele opmerkelijke gebeurtenissen uit zijn lang leven:
1934 - Toegang als leerling tot het klooster van de Missionarissen Benedictijner Abdij Münsterschwarzach.
1941 - In de gevangenis voor het weigeren van de Hitler-groet in Würzburg.
1945 - Verlies van zijn rechter hand door een explosief in het ouderlijk huis in Berlijn. Toch blijft hij verder werken. Maakt nog alleen stukken die hij kan "hanteren" met één hand.
1951 - Huwelijk in Bonn, met Anneliese Leopold, moeder van zijn vier kinderen.
1985 - Na de dood van zijn eerste vrouw, tweede huwelijk met zijn huidige vrouw Waltraud Foerster.

Met dank aan Lowie Peeters voor het mogen gebruiken van zijn prachtige "Sintemetten op zijn rood paard"!

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Reageer op dit bericht

Heiligen in de kerk van het Heilig Hart te Turnhout..

In een zeer verzorgd, handig en met smaak uitgegeven "meeneemboekje" in de prachtige kerk van het Heilig Hart te Turnhout vond ik dit glasraam van sint-Martinus terug. Ik lees de summiere beschrijving bij deze afbeelding:

Martinus
bisschop en belijder (11 november)


Linkerzijbeuk. Glasraam naar het schilderij van Antoon van Dijck in de kerk van Zaventem.

Geboren in 316 in Hongarije als zoon van een Romeins magistraat. Ging als 15-jarige in het Romeinse leger. Uit die periode is de scène bekend waarbij hij aan de poorten van Amiens een stuk van zijn mantel sneed en aan een bedelaar gaf. Liet zich op zijn 18de dopen en werd in 371 bisschop van Tours.

Hij wijdde zich vooral aan missionariswerk van het heidense Gallië (het huidige Noord-Italië, Frankrijk en België), en predikte o.a. in Wenen en Parijs, waar hij ooit een  leprapatiënt wonderbaarlijk genas. Overleed in 397. Zijn begrafenis in Tours bracht een enorm grote mensenmassa bij elkaar.
Patroon van o.a. soldaten en kleermakers.

Het 42 blz. tellende  "Heiligenboekje" met zijn vele afbeeldingen (in kleur) en levensbeschrijvingen van de heiligen die in deze kerk nog te zien zijn werd gemaakt in Turnhout op 9 november 2005.
Met dank aan: Guy De Kort, Herman en Lyie De Haes.
                         Rob Koop, Griet Verwaest.
                         Seppe Koop.
                         Guy Van Beeck.
                         Jos Van Bedaf.
Opgedragen aan de honderden medewerkers in de parochie.
Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Reageer op dit bericht

Anciaux laat Sinterklaas en Sint-Maarten beschermen.

Uit: "De Morgen Kunst en Literatuur."
Donderdag 11 juni 2009.

Anciaux laat Sinterklaas en Sint-Maarten beschermen.

Vlaams minister van Cultuur Bert Anciaux heeft beslist de Sinterklaas- en Sint-Maartengebruiken in Vlaanderen op te nemen in de inventaris van het immaterieel Cultureel Erfgoed Vlaanderen. Ze komen daarmee op een lijst van typisch Vlaamse gebruiken zoals de Heilige Bloedprocessie in Brugge en het carnaval van Aalst.
Op termijn maken deze tradities kans opgenomen te worden op de Unescolijst van werelderfgoed.
Voor de Sinterklaas- en Sint-Martinusgebruiken hadden het Sint-Nicolaasgenootschap en het Sint-Maartenscomité uit Beveren zich kandidaat gesteld samen met Toerisme Waasland en de Erfgoedcel Waasland. Dankzij beide genootschappen is de kennis over de gebruiken en het enthousiasme rond de figuren van Sinterklaas en "Sintemetten" in de regio erg groot. In de toekomst wil men ook nog kijken of er samenwerking mogelijk is met andere landen waar de traditie van Sinterklaas en Sint-Maarten voorkomt.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Wannes van de Velde en Sintemetten.

De Antwerpse bard Wannes van de Velde werd geboren in 1937 en bracht al in 1966 zijn eerste plaat uit. Hij werd vooral bekend als zanger van Antwerpse liederen in zijn dialect. Hij was ook aktief als dichter en beeldend kunstenaar en in het theater. Als muzikant vond hij zijn inspiratie in de traditionele folk, maar ook in de flamenco en jazz. Hij overleed op 10 november 2008.
In 1967 bracht hij "Wannes van de Velde 2" uit. Hierop vond ik dit liedje over "Sintemetten"

Sinte Meerten.

Sinte Merte vandere genuchte
ij meh' zijne grijzen baend
juffrake wilde m'n kabasken is vulle
en lot mij ni laenk ni miër staan
want a ust, a eed een valling
geft'em een pastilleke 't zal overgaan.

Sinte Merten oep de kruk
gefd nen appel of een stuk
gefd een peer of een smeêr
Sinte Metten den bedeleêr.

En a ee' z'ne maentel deurgesneje
oem on den aerme te geve
dad ieder uit z'n oêge zag
wa dat 'em on den aerme gaf
dad ieder uit z'n oêge zag
wa dat 'em on den aerme gaf.

Sint-Merten ad veul vrinde
oemdad ij barmartig was
a beloofden on z'n vrou
dat'em koeke bakke zou
in't vuur in't vuur
dat'em koeke bakke zou.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Reageer op dit bericht

Louange des Saints Populaires.











Uit

"Louange des Saints Populaires." door Camille Melloy.
Illustraties van Felix Timmermans.
Les éditions Jos. Vermaut.

Saint Martin.

Patron de quatre mille églises,
Dans son armure de clarté,
Saint Martin, soldat, symbolise
Deux vertus que le peuple prise:
La bravoure et le charité.

Vaillant comme un preux de la Geste;
Bon comme un ministre de paix,
Maint vitrail rouge et or atteste
Résumés en un même geste
Ses prouesses et bienfaits.

Lui que nul danger n'intimide,
Fût-ce la gueule de Satan,
A dégainer s'il se décide
C'est pour partager sa chlamyde
Avec un pauvre grelottant.

Moine pieux, évêque sage,
Thaumaturge qui féconda
Terres et coeurs sur son passage,
Ce qu'aiment en lui tous les âges,
C'est son aumône de soldat.

... Que de fois j'eus l'âme toucheé
Par ce geste de la pitié
Que, misère et gloire cachées,
Vous, mes frères de la tranchée,
Sans le savoir vous répétiez:

On ôtait, sans s'en faire gloire,
La moitié du faix au copain;
On lui donnait, s'il voulait boire,
La moitié de la gourde, - voire,
S'il voulait manger, tout de pain.

Pour ceux-là, grand Saint, je te prie:
Morts, l'oubli tue encor leur nom,
Ou s'ils vivent, âmes bannies,
Déjà l'orgueilleux les renie,
Et les lâches les railleront.

Si la terre leur est cruelle,
Il leur reste ta gloire: celle
D'avoir aidé plus pauvre qu'eux.
Couvre leur âme fraternelle
De ton manteau miraculeux!

In dit boek komen verder nog heel wat andere heiligen aan bod. Steeds met een afbeelding van Felix Timmermans. O.a.: O. L.V., sint-Jozef, sint-Anna, sint-Peter, sint-Eloi, sint-Franciscus van Assisi, sint-Antonius van Padua, sint-Christoffel, sint-Hubertus, sint-Rochus, sint-Godelieve, sint-Niklaas.
Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

Belgische gemeentepenningen.

Uit zijn "Catalogus Gemeentepenningen van België 2007" distilleerde mijn goede vriend Marc Willemans voor mijn "Sintemetten-blog" alle Belgische gemeentepenningen die ofwel de beeltenis van sint-Martinus dragen, ofwel versierd zijn met een sint-martinuskerk.
Om dit artikel niet te groot te maken vermeld ik alleen het catalogusnummer en de naam van de gemeente. Alle bijbehorende informatie vind je in bovenvermelde cataloog.

47       Halle. (kerk)
87       Zaventem.
104     Retie.
141     Vladslo. (kerk)
143     Weerde. (kerk)
170     Berlare.
226     Overijse.
258     Beveren-Waas. (kerk)
267     Ganshoren.
340     Koekelare.
359     Petit-Rechain.
384     Tessenderlo.
385     Halle. (kerk)
390     Kerksken.
E.72   Tienen.
E.84   Genk.
E.109 Genk. Stratenloop.
E.110 Ieper. (kerk)
E.130 Waterschei.
E.150 Oekene. (kerk)
E.183 Dilsen.

Aalst / 100 jaar sint-martinusinstituut.
Aalst / 500 jaar sint-martinuskerk.
Herk-de-Stad. Biljet.

Ik hoop alle "Sintemetten-fans" hier een plezier mee te doen.
Voor meer en andere weetjes over onze Belgische gemeentepenningen, mail: Marc.Willemans@telenet.be,

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
Reageer op dit bericht

Tentoonstelling Numismatica Herentals. 12.04.2009.

Italiaanse staten. Lucca. Gouden dukaat uit de 17de eeuw. Voorzijde: gekroonde buste van sint-Vultus. Keerzijde: sint-Martinus deelt zijn mantel met een bedelaar.

Sint-Martinus in de numismatiek.
(Info-folder op de tentoonstelling.)

Geachte bezoeker,

Waarom zoveel aandacht voor sint-Martinus? Gewoon omdat ik veel van mijn geboortedorp Retie hou en er ook alles over verzamel. Toevallig is sint-Maarten de patroonheilige van dit klein Kempisch dorp met zijn zeven Neetjes.
Zoals vele verzamelaars van "Sintemetten" wist ik wel waar ik aan begon, maar niet waar ik zou eindigen. Op mijn speurtocht naar onze Franse heilige kwam ik een enorm aantal voorwerpen tegen die zijn beeltenis droegen. Te veel om allemaal op te noemen.
Ook op munten, penningen, medailles en bankbiljetten kwam ik "sinte Metten" tegen. De historiek van sint-Martinus heeft niets te maken met numismatiek. Het verwonderde me dan ook dat er in de voorbije eeuwen echte munten zijn geslagen waarop onze heilige werd afgebeeld. Meestal zijn het zelfs geen alledaagse munten, maar uitzonderlijke stukken waarvoor nu een geïnteresseerde en gepassioneerde verzamelaar  (te) diep in zijn geldgeugel moet tasten. Niet de numismatieke geschiedenis, noch de zeldzaamheid of de hoge waarde van deze stukken primeert voor mij, wel de artistieke schoonheid van de sint-Martinus beeltenis. Vaak gaan de twee natuurlijk samen. Zelf kan ik geen studie opzetten over Sintemetten in de numismatiek, daarvoor heb ik te weinig ervaring in de boeiende wereld van penningen en munten. Misschien voelt iemand uit deze Herentalse "muntenclub" zich wel geroepen. Op mijn medewerking kan hij rekenen.
Waarom werd nu precies st.-Martin zoveel gebruikt op geldstukken, penningen en medailles? Waarschijnlijk omdat deze heilige tot de verbeelding spreekt van velen. De befaamde "manteldeling" aan de stadspoorten van Amiens is door de meesten gekend. Hierdoor staat hij dan ook symbool voor liefdadigheid. Mensen helpen en geld, de link is vlug gelegd. Tot ver over de Franse grenzen heen is zijn legende verteld. Vele kerken en parochies werden naar hem genoemd, in binnen- en buitenland. Ook in die vreemde en verre landen werden munten met zijn beeltenis geslagen: daalders, dukaten, guldens, thalers, scudo's, enz. Vele stukken waren in zilver, de meest gezochte zijn natuurlijk de kostbare munten in goud.
Wat je hier ziet, zijn natuurlijk maar een miniem aantal munten, medailles en penningen uit de enorme aantallen die wereldwijd moeten bestaan. Het kleine aanbod en vooral mijn niet al te grote financiële middelen zijn natuurlijk de voornaamste oorzaken van de beperktheid van deze pretentieloze verzameling.
Toch laat ik ze met veel fierheid zien.

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Reageer op dit bericht

Meer van Sintemetten.

↑ Terug naar de berichten