Albert Einstein .

uit ' God als Misvatting' van Richard Dawkins.Er zijn veel intellectuele atheïsten die zichzelf met trots joods noemen en de joodse richten in acht nemen, misschien uit loyaliteit tegenover een oude traditie of jegens vermoorde familieleden, maar ook vanwege een onbestemde en verwarrende bereidheid om het etiket 'religie' te plakken op het pantheïstische 'ontzag ' dat velen van ons delen met Albert Einstein, de meest eminente exponent daarvan.
Ze geloven misschien niet in de traditionele zin van het woord, maar ze -geloven het met de woorden van Dan Denett te zeggen -'geloven in geloven'.
Een van Einsteins meest gretige aangehaalde opmerkingen is :' Wetenschap zonder religie is kreupel, religie zonder wetenschap is blind. ' Maar Einstein zei ook " Het was natuurlijk gelogen wat je hebt gelezen over mijn godsdienstige overtuigingen; het is een leugen die stelselmatig wordt herhaald. Ik geloof niet in een persoonlijke God. Als er iets is in mij dat je godsdienstig zou kunnen noemen , dan is het mijn tomeloze verwondering over de structuur van de wereld, voor zover onze wetenschap die aan het licht kan brengen.
Lijkt Einstein zichzelf tegen te spreken? Kun je naar believen putten uit zijn woorden om beide zijden van een argument te schragen? Nee. Einstein bedoelde met 'religie' enerzijds iets volslagen anders dan men doorgaans onder verstaat. In mijn verdere pogingen om het onderscheid tussen bovennatuurlijke religie enerzijds en het geloof van Einstein anderzijds duidelijk te maken, is het zaak te weten dat ik alleen bovennatuurlijke goden wanen en misvattingen noem.
Hier een paar citaten van Einstein om het Einsteiniaanse geloof in perspectief te zien.
Ik ben een diep religieuze ongelovige. Dit is een enigszins nieuwe religie.
De idee van een persoonlijke God is mij geheel vreemd en komt mij zelfs als naïef voor.
Een ongepubliceerde brief van die fysicus Albert Einstein, waarin hij schrijft dat het geloof in God een "kinderlijk bijgeloof" is, wordt donderdag in Londen te koop aangeboden. Dat meldde het veilingshuis Bloomsbury.
Menselijke zwakte
Van de vader van de relativiteitstheorie werd eerst gedacht dat hij een "ambivalente" houding had tegenover religie. Maar in een brief, die 3 januari 1954 gedateerd werd, aan filosoof Erik Gutkind is van enige ambivalentie geen sprake: "Het woord Gods is voor mij niets meer dan een expressie en het product van menselijke zwakheid. De Bijbel is een verzamelwerk van legendes die achtenswaardig zijn maar ook primitief en kinderachtig


