
Uit "Ons land" 1912.
"11 November! Sint-Maarten!
Sint-Maarten, de patroon der ganzen en der drinkebroers! Hoe komt het dat Sint-Maarten, waarvan de eenvoudigheid legendarisch en de matigheid spreekwoordelijk is, de uitverkorene is der volgelingen van Coveces en van Bacchus?
Luistert. Ziehier wat de overoude kronieken vertellen: Wanneer in 383, na zijn opstand tegen Gratiaan, Maximus, een Romeins generaal, Gallië, Engeland en Spanje bemachtigde, vestigde hij de hoofdstad van zijn keizerrijk te Trier.
Sint -Maarten begaf zich er naartoe om er eenige gunsten te verkrijgen. Maximus ontving hem schitterend. Hij liet hem aan zijne eigen tafel mede eten, hem de eereplaats gevende tusschen de voornaamste en beroemdste mannen van zijn hof. Wanneer bij het einde van het eetmaal, de officier den wijnbeker aan Maximus bood, beval deze hem aan den bisschop van Tours te geven opdat hij hem daarna uit dezes handen zou kunnen ontvangen; maar de beroemde prelaat deed den beker doorgeven aan den priester die hem vergezelde. En dit gebaar voldeed om sint Maarten aan het hoofd der drinkebroers te plaatsen!
Over sint Maarten als patroon der ganzen, vertelt de legende dat de duivel om sint Maarten te bekoren, hem eene fabelachtige gedekte tafel voorzette, maar sint Maarten keurde geen enkel gerecht waardig buiten de gans!
Moet het bestaan der talrijke Sint-Maartensmaatschappijen in de omringende gemeenten van Brussel, zooals Molenbeek, Jette, Laeken, Koekelberg, Ganshoren, daaraan toegewezen worden?
Te Ganshoren bestaat er eene kerk genoemd de St.-Maartenskerk. Zij werd gebouwd in 1369. Nu, volgens de waarschijnlijke gevolgtrekking van MM. de Graaf de Villegas en Van Leeuw, zou Ganshoren betekenen, een plaats gelegen in den vorm van een horen, waar het kweeken der ganzen op groote schaal plaats had in de oudere tijden. Vandaar de kerk van den omtrek (Ganshoren) toegewijd aan sint Maarten. Het dorp Ganshoren is ook nog steeds de bedevaartplaats gebleven der "chocheteiten" van St.-Maarten. Alle jaren op den Maandag volgende op 11 November, geven zij er elkaar afspraak en wonen er de mis bij die gezongen wordt aan het altaar van St.-Maarten.
De St.-Maartensmannen zijn te paard evenals hunnen generalen staf, voor de gelegenheid, mannen gekleed in militaire uniformen, met de gestreepte broek der gidsen en de berenmuts der grenadiers van voor den oorlog. Over een vijftiental jaren geleden kwam sint Maarten en zijn gevolg nog te paard de kerk binnen, maar daar er dikwijls ongelukken voorvielen, zo is de gewoonte om met de paarden binnen te komen langzaam verdwenen. Na de mis gehoord te hebben, scheidde de stoet zich uit elkaar en ieder sint Maarten, gevolgd van zijne mannen, trok naar zijne eigene gemeente terug.
En hier beginnen de omgangen en de ... drinkpartijen. Nochtans beoefent sint Maarten ook de weldadigheid. Hij snijdt wel zijn mantel niet in twee, maar werpt met volle handsvollen vijgen of noten tusschen de talrijke groepen die den stoet vergezellen.
Bij het eindigen van den dag, heeft men het banket van sint Maarten. Ganzen worden er niet opgediend, maar uitmuntend vleesch wordt er gesmuld en buitengewoon veel gedronken, zoodat deze feesten soms in bloedige vechtpartijen uitlopen.
Te Mechelen wordt sint Maarten gevierd door de kinderen. Men heeft het klein Sint-Maartensfeest op 11 November, en het groot Sint-Maartensfeest den daaropvolgenden Zondag.Jonge bengels gaan dan zingend van deur tot deur:
"Hij heeft zijnen mantel doorgesneden
Om aan de armen te geven,
Jufvrouw wil ons kabaske vullen
En laat ons nie lang meer staan."
Op den Zondag van het Sint-Maartensfeest zijn de rondgaande kinderen-zangers gekostumeerd op de zotste wijze. Ze hebben dan kleine schoone papieren vlaggetjes en wandelen rond op een soort draagbaar, een St.-Maarten die getooid is met een mijter en gekleed in rok, met de eene hand houdt hij een staf en met de andere een scheel of bakje dienende om geldstukken te ontvangen.
Deze met den schoonsten sint-Maarten komen dan zingen in de groote straten van het midden der stad, zij gaan ermede de koffiehuizen binnen en keeren terug naar huis, voorzien van lekkernijen en geld.
In de omstreken van Hasselt en in zekere gemeenten van Vlaanderen, bestaat het St.-Maartensvuur. Van af den morgend van 11 November gaan de jonge lieden rond en bedelen droog hout, strooi en eikentoppen. Dit alles wordt dan op eene kar geladen welke geledigd wordt te midden een veld, waar het vuur aangestoken wordt.
De jonkheid van het dorp voert daar rond dan de drolligste dansen en sprongen uit die er maar mogelijk zijn. Daarna houdt men eetmalen en drinkgelagen ter eere van St.-Maarten, patroon der drinkebroers en der ganzen." J.L.