hij-kom laten we samen drinken
zij-als dodelijk paar in ‘t niet verzinken
hij- biedt haar de beker aan
zij – ziet de dood hem al in de ogen staan
hij-jij drink eerst
zij- jij daarna
hij-neen ik ga eerst
zij-ik kom achterna
hij-drinkt en sterft op slag
zij-zag hoe
hij- daar levenloos lag
zij-dacht :ik wacht nog wel even
misschien drink ik een andere dag
ik heb nog bezoek
hij -haar minnaar komt op
doek
Een inhoudelijk verband met het ballet Coppélia zou bijdragen hebben ter ondersteuning van de inhoud van het gedicht.
E
Ernst22 januari 2009 om 23:20
@man uit Lede
Het is niet de bedoeling dat het onderwerp van het gedicht en de muziek hetzelfde zijn maar wel dat de sfeer van de muziek en deze van het gedicht bij elkaar passen !
U
Uilenspiegel22 januari 2009 om 22:57
Liefde,
O, adembenemend liefdesspel
tussen een stel.
Terwijl onverwacht een ander wacht.
Drie is één teveel, véél te veel.
Weerom prachtig Ernst!
Vriendelijke groeten, Uilenspiegel
M
Manuitlede22 januari 2009 om 21:55
Ondersteunende muziek
Geen verband tussen ballet Coppélia en dit gedicht? Coppélia
L
Lore22 januari 2009 om 20:51
***
Mooie, donkere muziek, een sprekend beeld en een knap woordenspelletje dat er geen doekjes omwindt. Een drietakt dat kan tellen om een drama in scène te zetten.
Het slot doet even verstommen vanwege het gevaarlijke venijn in zijn staart. Hopelijk mag de bezoeker een cobra zijn, ook al is het slechts een toneeltje
M
Manuitlede22 januari 2009 om 10:17
Zo begint het meestal...
Zo begint het meestal: "Laten we samen iets gaan drinken".
Maar je zult pas ondervinden hoe het eindigt als het te laat is!
Sierlijke eenvoud.
Indien zij meester was
over haar gedachten
zij zou je doden
met haar kleffe tong
Een waterval van weinig woorden
werpt je in haar netten
die zij geduldig weeft
omheen de cathedraal
Een louter theatraal
maar efficiënt gebaar
Indien ik de weg vond
in haar gedachten
dit al te snel verouderende testament
met een beate bewondering
voor groene vuilniszakken
ik zou haar doden
Maar
voor drie seconden eeuwigheid
keer ik niet terug in de tijd
Kind zijn
deed toen al
te veel
pijn
noch mens
noch draak
noch plant
noch dier
maar pure monsters
voor eigen plezier
die god de schepper
vol afgrijzen
nog op vrijdagavond
diende af te wijzen
weet Bosch ons
echter aan te prijzen
onder het motto
Zalig zijn zij
die de hongerige hersens spijzen
en met hun kont omhoog
naar d’ engelen wijzen
Muziek: "Dans van de uren" uit "La Gioconda" van Ponchielli.
haar blik valt in mijn ogen
klikt
zich achter in het hoofd vast
door tederheid verteerd
MOET
ik haar aanraken
een streling
vinger- handpalm
neusrug-wang
een lip die een voorhoofd raakt
om dan bang
te voelen
hoe de begeerte
weer ontwaakt
Muziek: Concierto para Oboe: The Royal Philharmonic Orchestra- Louis Cobos
Zijn ondoordringbare brillenglazen
schitteren als knipperoogjes
van een zonverbrand modepopje
Hij voert dit als machtig label
Naast zijn gewatteerd pompadourhaar
Met de onbuigzaamheid van een dieetboek
buigt hij zich over het kwetsbare lot
van microkredieten en familieversterkende programma’s
uiteraard voor Afrika
Hierbij brengt hij zichzelf even tot staan
in zijn onderdukte hyperactiviteit
Uit respect voor deze oneerbiedigheid
Zal men voor hem de onbevestigde geruchten
bevestigen en met klem ontkennen
dat hij vroeg in bed duikt met een boek
Als de nacht georchestreerd valt over zijn catwalk
Slentert volkomen onopvallend een model
Met een stekelige reputatie langs zijn creatieve geest
Die netjes georganiseerd volgens militair model
De dealinestress opzij schuift
Met een snuifje ijskoude champagne
Muziek: Tzigane van Ravel (duur ca. 10 minuten)
Tzigane is een rapsodie van de Franse componist Maurice Ravel voor viool met begeleiding. In de oorspronkelijke versie uit 1924 bestaat de begeleiding uit een luthéal, een voorloper van de geprepareerde piano. In latere versies wordt de solist begeleid door piano of orkest. Het stuk is opgedragen aan de Hongaarse violist Jelly d'Aranyi.
De naam van het stuk verwijst naar een algemene Europese aanduiding voor de Roma,(gitan, tsigane, tzigane) en niet naar het hongaarse cygany. Het stuk bevat veel materiaal losjes gebaseerd op zigeunermuziek.
Tzigane wordt tegenwoordig vaak uitgevoerd in Ravels eigen arrangement voor viool en orkest. Het stuk begint onbegeleid en iets voor de helft zet de harp in, gevolgd door de rest van het orkest, om uiteindelijk na een krachtig accelererend crescendo af te sluiten met een slotcadens van drie akkoorden. De vioolpartij is gemodelleerd naar de laatromantische stijl van de componist virtuozen als Paganini en Pablo Sarasate.
de wijsheid heeft hij achter zich verbrand loopt trots de kleindochter aan de hand naar een paardenmolen de kleine vingers houdt hij stevig vast als luttele band naar de eeuwigheid
thuis diept hij een stoffig dagboek uit de kast verstrijkt weemoedig een enkel ezelsoor leest het dan onbewogen van achter naar voor
mijn hand staart als een berg in september naar het hiernamaals van je dijen met heiligschennend gebaar open ik je schoot verse melk welt op uit gulzige borsten sterren staan rechtop en zingen in ritmes waar je gek van wordt
in grijs schilderde ik het heden verzweeg het zwart van mijn verleden maar met het wit dat in de toekomst lacht heb jij nu kleur in mijn leven gebracht
Muziek:Romance uit de Gadfly (Reilly , meesterspion) van Shostakovitch
Je as wervelt vergezeld van herfstbladeren in hun narrenpakjes weg van het hazelaarsbosje Bladveegsel en bladvulsel als refrein voor de nalatenschap van de vreemde vogels die achterblijven met de vastgeklonken kennis van je verleden De hatelijke natte wind waarvoor je eens zo huiverde neemt je spottend mee in zijn nietszeggende boezem Een wolkenschaduw werpt zich op de nietszeggende woorden Heldere intimiteit van de dagen met een vrouw mengt zich met de vochtige ochtend van het nietszeggende gras Het water stroomt als in een koppig delirium nietszeggend naar het laagste punt van de weide en een straaltje bittere as door de wind op onze lippen achtergelaten wordt met de achterzijde van de hand achteloos afgeveegd
Het vierde verdiep waar ik woonde een vloot voer met vlaggenschip voorbij onder mijn naam "Student" armlastig geformuleerd het adagio " Pas twintig" en nog ongeschreven tijd
Beloften
Ik onderkende noch geloof noch gebod
maar was wel bachelor in het flexibele steunen van genot
haar kreunen
als onmiskenbaar geluid in slonzig beddengoed verpakt tast nog steeds uitermate mijn geheugen aan
verliest aan cadans
terwijl de herinnering stolt binnen de omheining van de eerste broekkoussen zwart nylon, plukjes schaamhaar en onze groen wortelende kerninstap
We waren ocharme gelukkig in een markt van recessie, vergrijzing en ontgroening
De zon staat krom van te heivig stralen en zaait nog meer armoe dan er al was Zij laat met water voor licht betalen zolang de voorraad strekt
Dat was lang geleden wordt er getoond in donkere zalen goed gekoeld Hier draait men de gang van zaken van ellende die men zijn gang laat gaan Maar goed bedoeld Het schopt een geweten maar schept geen eten Daarom hebben WIJ gegeten en gedronken voor slechts 25 euro die straks bijna zeker integraal in het noodfonds wordt gestort
De zon kraakt vliegenvleugels in een babyoog dat hongerig oogt maar niet meer ziet
Maar met deze povere aarde moeit een stralende zon zich toch niet
Naar aanleiding van een reis naar Egypte. Eigen foto
7 reacties op dit bericht
re:@manuitlede
Een inhoudelijk verband met het ballet Coppélia zou bijdragen hebben ter ondersteuning van de inhoud van het gedicht.
@man uit Lede
Liefde,
tussen een stel.
Terwijl onverwacht een ander wacht.
Drie is één teveel, véél te veel.
Weerom prachtig Ernst!
Vriendelijke groeten, Uilenspiegel
Ondersteunende muziek
Coppélia
***
Het slot doet even verstommen vanwege het gevaarlijke venijn in zijn staart. Hopelijk mag de bezoeker een cobra zijn, ook al is het slechts een toneeltje
Zo begint het meestal...
Sierlijke eenvoud.
*