Bidprentjes.
Vóór 1850 laat alleen de gegoede burgerij en de adel prentjes drukken om een gebed te vragen voor een overledene. Deze beeldekens waren voor de gewone man te duur. ( Vergeet ook niet dat een groot percentage van de lagere klasse analfabeet was. ) Dikwijls waren het kopergravuurtjes op perkament, op velijn of op stevig papier. Men gebruikte inderdaad zestiende en zeventiende eeuwse devotieprentjes als drager van een overlijdensbericht. Wat er op de voorkant stond afgebeeld speelde geen rol, er was immers geen relatie met de tekst op de keerzijde. Zeldzaam zijn de prentjes met sint-Maarten op de voorkant.
Door de intrede van de lithografie en goedkoop papier is in de tweede helft van de negentiende eeuw het bidprentje ( of doodsprentje ) binnen ieders bereik. Zeker als de mechanisch geproduceerde massaprent op de markt verschijnt.
In Retie vinden we maar weinig doodsprentjes terug van vóór 1830.(gestorven) De zeldzame die ik heb gevonden zijn inderdaad Antwerpse santjes uit de 17de eeuw, die in de 19de eeuw dienst hebben gedaan als drager van een overlijdensbericht. De meeste zijn gedrukt in Turnhout bij de welbekende drukkerijen: Glenisson en Van Genechten, Brepols en Dierckx, Splichal - Roosen, Beersman - Pleek, e.a. Ook in Mol drukten N. Havermans en K. Raeymaekers doodsprentjes voor Retienaren.



