Het interview met Omsk Van Togenbirger (Tiende deel)
Het interview met Omsk Van Togenbirger (Tiende deel)
– Is dat niet een beetje oneerbiedig uitgedrukt?
OVT: Pardon?
– Je spreekt over onze leiders als over potentaten die zichzelf als
goden beschouwen en die ons als hun vee behandelen.
OVT: Leiders? Zei je dat? Leiders?
– Tja, dat zijn ze toch?
OVT: Ben je het ermee eens dat het leiderschap, tenminste als er
zoiets kan bestaan, een voorbeeld moet nemen aan het goede
ouderschap?
– Jazeker...
OVT: Het ouderschap met verantwoordelijkheidszin en
zelfopoffering?
– Vanzelfsprekend...
OVT: Op dat vlak kunnen we trouwens nog wat leren van de
dieren! Heb je al eens gezien hoe de dieren zorg dragen voor hun
jongen?
– Ja, dat is instinct...
OVT: Dat begrip is achterhaald, mijn beste: je moet dringend gaan
bijlezen!
– Ik heb zo weinig tijd...
OVT: Vissen, zoals je weet, zwemmen in scholen en de kleintjes
zwemmen aan de binnenkant, ze worden beschermd door de grote
vissen die aan de buitenkant van de school gaan zwemmen, zo
omsluiten ze de kleintjes als een levend schild. Alle comfort voor
de kleintjes, zelfopoffering voor de ouderen.
– Inderdaad, ja...
OVT: En om maar het nu maar te houden bij het maritieme: de
reddingssloepen van de Titanic waren gevuld met volwassen
mannen!
– Tja...
OVT: De pausen achten zich de vertegenwoordigers van Christus
op aarde, nietwaar? De leiders van de kerk die naar hun eigen
zeggen het opgestane lichaam van Christus is. Zo is het toch?
– Kennelijk...
OVT: Als wij de oude teksten mogen geloven, was Christus een
leider voor de mensen: hij had zijn leven veil voor hen. Hebben de
pausen hun leven veil voor de mensen?
– Je gaat toch niet weer vertellen over die opalen?
OVT: Inderdaad, ik had het al verteld. Maar je begrijpt toch wel
waarom ik het herhaal?
– Je hoeft dat verhaal niet te herhalen want ik ken het al.
OVT: Mijn beste, denk je echt dat ik het vertel opdat jij het zou
kennen?
– Waarom anders?
OVT: Kijk, dat is wat ik nu precies bedoel: dit gaat helemaal niet
over informatie.
– En waarover gaat het dan wel?
OVT: Als die opalen konden spreken, dan zouden zij ons vertellen
dat ze elk vijftigduizend euro waard zijn. Dat is een bedrag
waarvan welgeteld de vijfentwintigduizend mensen die dagelijks
van honger omkomen, een OCMW-maaltijd kunnen genieten.
– Ja?
OVT: De zaak is nu dat die opalen inderdaad ook kunnen spreken.
Het staat ergens in oude teksten die ik niet meteen kan citeren
omdat mijn geheugen achteruitboert, het zijn teksten waarover
men zegt dat ze figuurlijk moeten opgevat worden omdat iedereen
wel weet dat stenen niet in staat zijn om te spreken, ook niet als
het edelstenen zijn. Maar ik verklap je nu, mijn beste, dat stenen
wél in staat zijn om te spreken. Meer zelfs: stenen zijn in staat om
te getuigen in rechtszaken. De opalen op de mijters van de pausen
en de andere hoogwaardigheidsbekleders in de kerk maar ook de
edelstenen op de kronen van koningen en koninginnen en in de
ringen, in de pols- en halsbanden van miljardairs... zij zijn de
directe getuigen van een niet meer te tellen aantal
volkerenmoorden! En stenen kunnen niet alleen spreken en
getuigen, zij zijn ook perfect geloofwaardige getuigen want stenen
kunnen helemaal niet liegen, mijn beste, ze zijn immers van steen,
begrijp je? De beesten dragen zorg voor hun jongen, zij geven hen
het voedsel uit hun bek en zij beschermen hen met hun eigen lijf.
Maar onze leiders, zoals jij hen noemt: dragen zij mijters met
parels van geslepen glas? Worden zij gekroond met doornen?
Rijden zij rond met een Toyota Corolla?
– Dat is allemaal reeds gekende informatie.
OVT: Toch niet. Het zijn convocaties.
– Convocaties?
OVT: Meer nog: het zijn aantijgingen.
– Aantijgingen?
OVT: Tenlasteleggingen, beschuldigingen.
– En waarvan beschuldig jij onze leiders dan wel?
OVT: Zie je wel hoe diep de leugens zitten? Je hebt het weer over
leiders, mijn beste! Leiders, zo zeg je maar dat zijn ze niet! Het
zijn commerçanten of zelfs platte bedriegers. Zij geven zich uit
voor leiders, maar dat leiderschap is slechts een voorwendsel om
je in de doeken te kunnen doen. Ze hebben limousines nodig om je
ervan te overtuigen dat zij leiders zijn: limousines, mijters, kronen,
paleizen, dienaren, parades: het dient allemaal om te verbergen dat
zij ordinaire dieven zijn terwijl zij dat zodoende etaleren. Zij
blijken niet eens te weten dat leiderschap, dienaarschap is en dat
bevelen hun kracht halen uit het feit dat zij het goede beogen van
diegenen aan wie zij gericht zijn. Nu, zij weten dat natuurlijk wel.
Wat ze doen is helemaal niet leiden maar imponeren, manipuleren,
onder druk zetten, intimideren en afpersen. Heb je al eens gezien
hoe naarstig politici hun ronde doen in de weken voorafgaand aan
de verkiezingen? Handjes geven in de OCMW-rusthuizen, briefjes
uitdelen waarbij zij 'de gewone mensen', zoals zij hen zo graag
noemen, bij de voornaam aanspreken? Als dat geen intimidatie is,
dan ben ik de paus van Rome! Zij doen exact hetzelfde wat Poetin
deed toen hij grote, bemande oorlogsschepen voor de kuststeden
op de Krim liet aanmeren in de aanloop naar het referendum
waarop de bevolking zich 'vrij' kon uitspreken over haar
onderwerping aan Rusland! En nu ga jij wellicht tegenwerpen dat
men onze vriendelijke dorpspolitici niet mag vergelijken met de
dictator van een grootmacht?
– Wij hebben onze politici zelf verkozen.
OVT: Mijn beste: zie je nu zelf niet hoe diep het zit? Wij stemmen
voor zekere politici zoals wij ook zekere merken kopen en dat
doen wij vaker dan wij zelf toegeven onder invloed van reclame.
En is dat niet iets heel anders dan handelen uit vertrouwen? Het
schenken van vertrouwen vereist vrijheid. Reclame is een aanval
op de vrijheid.
(Wordt vervolgd)
(J.B., 3 mei 2021)


