313. een crisis

Ik voel ze zelden aankomen, ik weet niet precies waardoor ze ontstaan maar het was gisteren duidelijk een crisis. Het is vooral ontgoochelend omdat ik toch bezig was uit te zoeken waarmee ik me goed kon voelen, wat soelaas bracht. Ik rommelde gisteren, een andere dag werkte ik in de tuin... maar het heeft blijkbaar niet geholpen, het werd nog erger. Nog steeds vermoed ik dat er teveel gaande is, dat ik amper tijd en ruimte vind om emotioneel tot rust te komen. Door de aanwezige onrust is dat zo mogelijk nog moeilijker, dan wil ik net met iets bezig zijn. Het hele ritme is uiteraard ook verstoord door de vakantiemaanden en daarbij het vooruitzicht drie weken geen therapie, een mens zou voor minder tilt slaan zeker? Toch merk ik dat ik me met al die argumenten niet kan verzoenen. Nog altijd niet in staat mijn eige grenzen te accepteren, omdat ze zo verdomd onduidelijk zijn. Vandaag probeer ik opnieuw rust te vinden. Ik had graag een kamer aangepakt. Uit angst voor nog een crisis weet ik het even niet meer. Een verwittigde vrouw is er toch twee waard? Ik kan aan die kamer beginnen terwijl ik tegelijk uitkijk dat het me niet teveel wordt.Alsof ik uit een fel draaiende molen kom. Het raakt me ook dat ik van mijn omgeving uit weinig of geen aandacht meer voel. Het raakt me dat alles weer zeer fel rond ze draait, dat ze niet eens voor even stilstaan hoe zaken op me overkomen... Ik heb het dan niet over de depressie of de klachten van bps, neen slechts over mij als menselijk wezen. Soms voelt het of ze als buldozers over me heen walsen zonder ook maar één keer stil te staan bij hoe ik bepaalde zaken ervaar of voel. Het komt erop neer dat het slechts van één zijde komt. Altijd alert zijn dat je ze niet kwetst of ongeduldig bent maar omgekeerd? Zucht. Het lijkt wel of ze denken dat ik niet ook mijn gevoelens heb.
Omdat ik ze meer zie is het nog moeilijker om me af te schermen tegen de impact van gesnauw en gegrauw. Voel me nogal donker geworden, de zin om buiten te komen is geheel verdwenen. Opnieuw mezelf naar buiten duwen en dat zal ik ook vandaag moeten doen, enkele dringende administratieve verplichtingen.
De plannen die ik maakte, zijn vergruisd, het zegt me allemaal niets meer. Ik weet niet meer of ik ze toch moet uitvoeren of net niet en thuis rust proberen in te bouwen. Het blijft een strijd tegen een onzichtbare vijand, één die steeds van gedaante verandert.
En hele zwermen sferen van vroeger komen weer naar boven. Het is de atmosfeer, blijkbaar een bepaald weer dat me terugvoert naar een hele nare tijd uit mijn jeugd.




















