NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Marke
Inhoud blog
  • DE MECANICIEN VAN OBLT.KURT WOLFF VAN JASTA 11.
  • DE VLASBAZENBOND IN MARKE.
  • HOOG BEZOEK BIJ LEUTNANT WERNER VOSS LEIDER VAN JASTA 10.
  • DE MECANICIEN VAN MANFRED VON RICHTHOFEN.
  • DE VIADUCT AAN DE 'IJZERENPOORT'.
  • CAFE "IN DE STERRE".
  • Café "DEN BEER" in de Kloosterstraat.
  • EEN AANVARING MET MANFRED FREIHERR VON RICHTHOFEN 100 JAAR GELEDEN
  • HET ONDERWIJS IN MARKE MET DE BROEDERS VAN DALE VAN 1894 TOT 1965 (DEEL 3 laatste deel)
  • HET ONDERWIJS IN MARKE MET DE BROEDERS VAN DALE VAN 1894 TOT 1965 (DEEL 2)
  • HET ONDERWIJS IN MARKE MET DE BROEDERS VAN DALE VAN 1894 TOT 1965 (DEEL 1)
  • 100 JAAR VLIEGVELD MARKEBEKE
  • DE BUNKER OP DE MARKEBEKE in MARKE.
  • DE BRIEF DIE SCHOOLMEESTER EMIEL DEBEURME DE NEK BRAK.
  • MARKE IN DE EERSTE WERELDOORLOG. Uit het schrift van Maurice Holvoet.
  • DE HANDBOOGGILDE SINT-SEBASTIAAN VAN 1836 TOT DE TWEEDE WERELDOORLOG.
  • DE TWEE STEENBAKKERIJEN IN OPEN LUCHT VAN HECTOR ISERBYT.
  • DE JASTA 10 IN MARKE.
  • EHRENFRIEDHOF NR.179 - Een Duitse militaire begraafplaats in Marke
  • HET RECHT TREKKEN VAN DE BUURTWEG Nr.5 OF DE VAGEVUURSTRAAT.
  • DE GEDENKPENNINGEN VAN F.C. MARKE
  • DE PANNENFABRIEK of 'S.A. DES TUILERIES DE MARCKE-LEZ-COURTRAI. Het eerste decennium.
  • 'FLUGPLATZ MARKEBEKE'
  • DWANGARBEID als ZIVIL ARBEITER (Z.A.B.)
  • Een Spoorweg door Marke. Wanneer de trein bleef 'stille' staan.VERVOLG.
  • Een Spoorweg door Marke. Wanneer de trein bleef 'stille' staan.
  • DE BOERENKRIJG IN MARKE (BIJVOEGSEL)
  • DE BOERENKRIJG IN MARKE.
  • HET EEUWFEEST VAN DE BELGISCHE ONAFHANKELIJKHEID.
  • BOOGSCHIETEN OP LIGGENDE WIP: DE LEERZESCHUTTERS.
  • JAMES H. BIRTWELL - EEN KACHEL WERD HEM FATAAL.
  • DE GESCHIEDENIS VAN DE SCHUTTERSGILDE SINT-BARBARA TOT HET EINDE VAN DE 19e EEUW (2)
  • DE GESCHIEDENIS VAN DE SCHUTTERSGILDE SINT-BARBARA TOT HET EINDE VAN DE 19e EEUW.
  • HET ONTBREKEND OORLOGSVERSLAG.
  • een Granaatinslag op 16 maart 1944 in het Klooster van Don Bosco (Kortrijk)
  • DUIVEN ,GEËERDE KOERIERS IN OORLOGSTIJD
  • Een Vrouw dood gevonden in Marke in 1908
  • Een schrikkelijke Moord in 1905
  • Het Oorlogsdagboek van Jean Verhoye (8 jan.1917 tot 30 juni 1917)
  • Een Onopgehelderde Moord in 1908
  • De Wielrijdersgilde (Veloclub) St. Catherine
  • DE TONEELGROEP "GEEN RIJKER KROON DAN EIGEN SCHOON"
  • De Toneelgroep "ONTWAKENDE JEUGD",
  • HET TONEELGEZELSCHAP "PALLIETER"
  • DE MOEIZAME OPRICHTING VAN HET OORLOGSMONUMENT OP MARKEPLAATS
  • De Toneelkring "Door Taal en Deugd naar Hooger Leven" had een dubbele Taak
  • HET ONDERWIJS IN MARKE TOT EINDE 19e EEUW
  • De Lijst van Cafés in 1941
  • HOE BELEEFDE MARKE 1940-45
  • PLAN met DE KOEKEBERG en TRACE van de SPOORWEG
  • De Kortrijkse Burgerwacht houdt schietoefeningen aan de Koekeberg in Marke
  • De Popp-kaart en de Legger van Marke
  • Het Pionierswerk van Pater Emiel Callewaert
  • Van Café tot Café in Marke
  • Van "Maetschappij van Rhetorica" tot "Alles met den Tijd"
  • Onze Markse Lieve-Vrouwkapelletjes
  • De Markse Cafés in 1914
  • Honderdjarige Regina-Sophie Bels ingehuldigd op 8 sept.1907
  • De Moord op Edouard Algoed in 1863
  • De Moord op Laurent Theys in 1918
  • De Zaak van Marcke 1894 annex
  • De Zaak van Marcke 1894
  • De Turngilde "Voor Outer en Heerd" Deel 1
  • De Turngilde "Voor Outer en Heerd" Deel 2
  • De Turngilde "Voor Outer en Heerd" Deel 1
  • DOOR DEN KOP GESCHOTEN
  • Flugplatz Markebeke
  • Verordening caféhouders 1917
  • Een stoomtram doorsnijdt Marke
  • Oorlogsgedenktekens in Marke
  • Marke onder Duits regime.
  • Een misvatting over Manfred von Richthofen
  • Het eerste Jagdgeschwader in wording
  • DE NIEUWE DRIEDEKKER FOKKER DR.I IN MARKE

    Zoeken in blog


    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     


    30-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE MECANICIEN VAN OBLT.KURT WOLFF VAN JASTA 11.

    DE MECANICIEN VAN OBLT. KURT WOLFF VAN JASTA 11.
    _____________________________________________
    Hermann Lohmeyer was de vliegtuigmecanicien bij Oberleutnant Kurt Wolff. Na zijn leertijd in Drepholz als blikslager en installateur, kwam hij op 21 november 1916 aan bij de Fliegersatzabteilung 5 in Hannover. Kort daarna werd hij tot vliegtuigmecanicien opgeleid. Begin 1917 kwam hij terecht bij de Jasta 11, die toen in de omgeving van Douai-Arras gestationeerd was.Op dat ogenblik was Manfred von Richthofen de Staffelführer. Van daar ging het eerst naar Harelbeke (Flugplatz Harelbeke), vervolgens naar Marke (Flugplatz Markebeke).
    In juli 1917 crashte Leutnant Kurt Wolff met zijn Albatros D III tussen de rails op de spoorweg tussen Kortrijk en Marke. Op 12 september 1917 werd hij tot Oberleutnant bevorderd.
    Op 11 juli 1917 kreeg Kurt Wolff een kogel door de hand en werd verzorgd in het Lazarett 76 ( Sint-Niklaas Kortrijk). Hij lag er in dezelfde kamer als Manfred von Richthofen, die getroffen werd op 6 juli in het achterhoofd.
    Op 15 september werd Oberleutnant Kurt Wolff ten noorden van Wervik neergeschoten in zijn driedekker F1/102, die totaal vernield was. Hij had 33 overwinningen op zijn palmares . De resten van het toestel, het lijk en de motor werden op een kleine vrachtwagen weggebracht. Op 18 september 1917 werd het stoffelijk overschot van de Sint- Jozefkerk (Karmelieten), waar de begrafenisdienst plaats had, overgebracht via het station van Kortrijk, richting Memel (Duitsland) in noord-oost Pruisen.
    Hermann Lohmeyer was na de dood van Oberleutnant Kurt Wolff mecanicien bij Leutnant Eberhardt Mohnicke van Jasta 11, die 9 overwinningen op zijn actief had. Later was hij nog werkzaam bij andere piloten.
    Foto’s:
    -1978 in Wittmundhafen JG 71 : v.l.n.r. Hermann Lohmeyer- Christoffers en Georg von der Osten (Jasta 11) , Richard Kraut (Jasta 4) bovenaan.
    -het gecrashte vliegtuig van Kurt Wolff , toen nog Leutnant ,op de spoorweg tussen Kortrijk en Marke.









    30-06-2018, 18:40 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    14-06-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE VLASBAZENBOND IN MARKE.

                                De  Vlasbazenbond in Marke

                    _________________________

    “Als het vlas ging, alles ging”: een uitdrukking die vroeger dikwijls uit de volksmond te horen was.

    Onze eerste stationschef, August Vanderbauwede ( Moeskroen 1864-Marke 1941) , een Waal, dacht daar anders over en  zei wel eens “de vlas de vier (vuur) mag erin’, als een vlashandelaar een wagon verhandelde  op het goederenstation.

    Wel, er  kwam nooit ‘vier’ bij te pas…..want de sporen van de zo belangrijke vlasnijverheid, die gedurende enkele eeuwen, aan honderden werk verschafte, zijn vanzelf gewist. Industrieel erfgoed dat net zoals onze pannenfabriek , onze weverij (NV De Witte-Visage) en onze brouwerij (De Brabandere) niet aan de tijd kon weerstaan.

    Het roten van het vlas in de Leie nam toe in de 18e eeuw . In de 19e eeuw kreeg de Leie de bijnaam ‘The Golden River’.

    Wat betekende de vlasindustrie voor de arbeidersstand. Niemand kon het beter uiteenzetten dan Félix Bethune, burgemeester van Kortrijk:”…het vlas was een bron van inkomsten voor het land dat het cultiveert, een broodwinning voor de arbeider die het bewerkt, een rente voor de vlasfabrikant die het laat bewerken en tenslotte een winstgevende zaak voor de handelaar die het verkoopt en uitvoert.” (‘De Houding van het Parlement ten opzichte van de Vlascrisis in Kortrijk (1830-1850) Marèse Vriens ).

    Vlasbewerking, gekoppeld aan landbouw, en spinnen en weven vormden destijds het voornaamste bedrijfsinkomen van onze landlieden. Begin 19e eeuw zaaiden de meeste landbouwers vlas. Die laatsten lagen aan de basis van de roterijen langs de Leie. Het spinnen was meestal vrouwenwerk: men telde 225 spinsters op de gemeente op 1526 inwoners in 1816. Er waren 40 linnenwevers. Spinnen en weven waren winterwerk. Rond 1830 waren, omwille van de kritieke toestand, de weefstoelen tot de helft verminderd. De vlasindustrie ging trapsgewijze te niet. De textielthuisnijverheid stortte ineen door een heftige landbouwcrisis. In 1843 bereikte de armoede haar hoogtepunt. Het Bureel van Weldadigheid moest dringend ingrijpen. In Marke ontbrak het niet aan pogingen om de armoede wat te verzachten. Maar men zou het over een andere boeg moeten gooien.

    Uit een gemeenterapport van 1846 vernemen we :”Industrie linière presque totalement abandonnée. Filage et tissage sont les métiers ordinaires à Marcke.”

    In 1848 :”Industrie linière: ruine de cette industrie..”

    In 1860 :” De vlashandelaars langs de Leie hebben grote verliezen gekend door de overstroming van november 1860. Nog enkelen houden zich bezig met het spinnen , niettegenstaande de teloorgang van de vlasnijverheid.”

     

    Sedert onheuglijke tijden kende men hier de zeer gunstige rooteigenschappen van het Leiewater. De weefstoelen en spinnewielen ruimden  weldra de plaats in voor een nieuwe nijverheid, de vlasvezelbereiding, die de welstand en de welvaart van ons volk  verzekerde. Talrijke vlaswerkers, ‘Leiewerkers’ en zwingelaars kwamen zich hier vestigen tussen 1860 en 1880.

    De levensomstandigheden verbeterden merkelijk vanaf 1861-62. Een gemeenterapport van toen luidde: “Honderden roten en zwingelen.” Het rootbedrijf deed de bevolking aangroeien. Men mag 1862 aanzien als de start van de ‘industriële revolutie’ in Marke. De levensomstandigheden verbeterden merkelijk, gevolg van de toename van de Leieroterijen. Onze gemeente kende toen ook een ware expansie: in 1861 : 1595 inwoners , in 1880 : 1808 , in 1890: 2075 en in 1900 : 2502. De weverij De Witte-Visage stond er sedert 1897 en de pannenfabriek van Marke werd gesticht in 1899.

    Een rapport van 1863:” De vlasindustrie is de belangrijkste te Marke. Zij schenkt aan de vlaswerkers , tijdens de zomer een luxueus loon. Tijdens de winter wordt het vlas gesorteerd, hetgeen veel handenarbeid vraagt.”

    In 1856 werd een nieuwe kasseiweg gedecreteerd: de weg Kortrijk-Rekkem. Aannemer Tacquenier uit Lessen beëindigde de werken in 1860. In 1876 voorzagen de gebroeders Louis en Alexander Vergracht uit Zwevegem de Kerkdreef en in 1879 de Plaats en de Hellestraat van een kasseidek. In 1885 werd de Markestraat door Raymond Lommens uit Zwevegem bestraat.

     

    In een minimum van jaren was het een en al hekken dat men in de Leie zag.

     

    In een lijst gedateerd 22 januari 1866 vinden we volgende vlashandelaars:

    -Eduard Pycarelle  - Pierre Steenhuyse  - Marcellin Van Belleghem – Victor Vandewiele – Severin D’Hespeel – Pierre Leveugle ( 2 werknemers)-  Petrus Schoore – François Descamps – Kinderen Benoit D’Hespeel – Louis D’Hespeel – Jean François Dumortier – François Dupont – Désiré Herman – Constantin Holvoet.

    De eerste stoommachines in Marke:

    -Petrus Schoore  13 juni 1867 (vlaszwingelarij)

    -Benoit D’Hespeel 1872 (vlaszwingelarij)

    -Ferdinand Vanneste 31 december 1874 (vlaszwingelarij)

    -Frederic Dekimpe 17 juli 1875 (vlaszwingelarij)

    -Augustin Claerhout 15 december 1876 (steenbakker)

    -Leo Callewaert 1883 (vlaszwingelarij)

    -Marcellin Brasseur 13 januari 1889 (vlaszwingelarij)

    -Emile Vanneste 10 november 1889 (molenaar)

    -Polydoor Benoot 20 april 1890 (smidse)

    -Constant Glorieux 1897 (vlaszwingelarij)

    Roterijbazen in die tijd waren Joannes Slosse (vader van pastoor Slosse) , hoeve Coopman– François Van Belleghem, het gebied tussen de Aardweg tot over de Koedreef( 10 werknemers) – Amatus Van Belleghem-Vanneste, hoeve Bekaert op de Markebeke ( 10 werknemers) – Jean François Dumortier ,achter het kasteel de Bethune ( 2 werknemers).

    In 1869 zou Edouard Pycarelle een roterijbedrijf uitbaten, gelegen vanaf de Leiebrug tot aan de Aardweg.

     

    Oscar Dendooven (Marke 1902 – 1986) :”Het vlas  werd begin de 20e eeuw twee maal geroot. Het twee maal gerote vlas was het schoonste vlas. Men sprak dan van ‘rote’ en ‘herrote.’

    1/ eerste rote: april tot begin mei. Het water was nog niet warm genoeg. Men liet het dan 6 à 10 dagen roten. Na de eerste rote werd het vlas in schelven gezet langs de Leie.

    2/ tweede rote: juli-augustus.Het water was warmer en de rote was beter. Na die rote werd het in kapellen gezet om te drogen. Maar na het kapellen werd het eerst in mijten gezet. Daarna ging het op de wagen naar de schuur. In de winter werd het gezwingeld.”

     

    Vroeger gebeurde het zwingelen met het handzwingelmes en betekende dat zwaar handwerk. Daarna ontstond de trap-sterremolen (met de voeten trappen en terzelfder tijd zwingelen)

    Eén zwingelmolen had 12 zeilen of zwingels.

    Men sprak dan van een vlaszwingelarij van X aantal planken.

    Een vlaszwingelarij van 10 planken was een fabriek waar 10 man kon staan , dus had de vlaszwingelarij 10 zwingelmolens.

     

    In het laatste kwart van de 19e eeuw werden de sterremolens met stoom bewogen, daarna met elektrische motor. En na 14-18 kwamen de zwingelmachines (zwingelturbines) te voorschijn.

    De laatste Leieroterijen in Marke:

    -René Vannieuwenhuyse (landbouwer)

    -Gustaaf Coopman (landbouwer)

    -Arthur Delcour (landbouwer)

    -Henri Lambrecht (landbouwer)

    -de kinderen Verspaille (landbouwers)

    -René Delabie (landbouwer)

    -Achilles Desmet

    -Aimé Bekaert (landbouwer)

    Voor Marke was 1932 het laatste jaar van het Leieroten. Aan de hoeve Bekaert lagen dat jaar nog een 15-tal hekkens. Alle landbouwers die de oevers van de Leie bewoonden in Marke verhuurden hekkens. Door een K.B. van 1939 was het officieel verboden om te roten in de Leie.

    Hier in Marke zagen enkele warmwaterroterijen het daglicht, waardoor de Leie als rootkoningin onttroond en verlaten werd:

    -Frans De Brabandere in de Aardweg in 1927

    -Georges Wyseur aan het huidig sportstadion in 1929

    -Jules Holvoet in de Kalvariestraat in 1929

    -René Vannieuwenhuyse in de Hospitaalweg in 1938. Die werd afgebroken voor de verbreding van de spoorweg in 1949. In 1952 werd een nieuwe roterij gebouwd ter hoogte van de huidige burelen van de A.C.V.K.

     

    Na de grote stakingen van 1911 ,gelanceerd door de  vlasarbeiders-bonden, beseften de vlaspatroons dat zij moesten samenspannen  om front te kunnen vormen tegen de groeiende macht van de arbeidersbewegingen. De eerste wereldoorlog zou immers alle activiteiten verlammen.

    In 1919 stichtten E.H. Achiel Jonckheere, onderpastoor te Wevelgem en Honoré De Gryse, vlaspatroon , de eerste vlasbond in Wevelgem. Al vlug werden contacten gelegd met vlassers uit de omliggende gemeenten opdat ze op hun beurt een vlasbond zouden uit de grond stampen. Een centraal bestuur werd gevormd en de vlasbazenbond was een feit.

    De vlasbazenbond in Marke werd gesticht rond 1924. De juiste datum is niet bekend. Bij de overstroming van 1 mei 1925 werd een schadeclaim ingediend bij de vlasbazenbond van Marke door Cyrille Ameye, Leo Gheysen, Camiel Vanhalst, Eduard Vanfleteren en Petrus Desmet, die met 11.500fr. de grootste schade had .

    Het bestuur einde jaren ’30 :

    _______________________

     Marcel Desmedt (Marke 1915-1996)“De eerste voorzitter was ‘de Rosten Delcour’(Henri Delcour-Vanhoutte) en de ondervoorzitter was  ‘de Zwarten Delcour’ (Henri Delcour-Declercq).

    Alle gemeenten hadden dergelijke afdeling. De zetel was in de middenstand te Kortrijk. De voorzitter was Honoré De Gryse, de secretaris was Laurense en de proost deken Achiel Jonckheere. Het ABV (Algemeen Belgisch Vlasverbond) komt daar van voort.”

    Voorzitter  :  Omer Vanhoenacker

    Ondervoorzitter :   Georges Wyseur

    Schrijver :  Marcel Desmedt

    Bestuursleden:  Gerard Holvoet – René Desmedt – Oscar Vanhoenacker.

    Gerard Holvoet werd in 1958 gekozen tot voorzitter van het A.B.V. ( Het Algemeen Belgisch Vlasverbond).

    De leden die aangesloten waren :

    ____________________________

    1/ Gebroeders Vanhoenacker  (Omer en Oscar)                     

    2/ Gebroeders Flamen (Omer en Gerard)

    3/ Gebroeders Lefever (Arthur en Maurice)

    4/ René Desmedt

    5/ Gebroeders Wyseur (Georges en Frans)

    6/ Gebroeders Holvoet  ( Gerard en Pol)

    7/ Alfons Josson

    8/ Achiel Desmet

    9/ Alidor Decock

    10/ August Ostyn

    11/ Camiel Vandewiele

    12/ Jerome Vandenweghe

    13/ Henri Vanneste

    14/ Camiel Fiévé

    15/ Néothère Ameye

    16/ Paul Verrue

    17/  Richard Vanneste

    18/ Jules Dekimpe

    19/ Medard Dendoncker

    20/ Aloïs Lefever

    21/ Jean Maelfait

    22/ Alfons Coopman

    23/ Remi Delabie

    24/ Gerard Brasseur

    25/ Jerome Van Essche

    26/ Achiel  Theys

    27/ Remi Decraene

    28/Camiel Dumortier

    29/ Julien Buyck

    30/ Joseph Decraemer

    31/ Hyppoliet Ameye

    32/ Nestor Delcour

    33/ Cyrille Ameye

    34/ Alfons Steenkiste

    35/ Leopold Verrue

    36/ Henri Delcour – Vanhoutte

    37/ Victor Maelfait

    38/ Achiel Vlieghe

    Bijna de helft van de bestaande vlassers in Marke was geen lid van de vlasbazenbond:

    ______________________________________________________

    1/ Ignaas Ameye

    2/ Achiel Nuttin

    3/ Paul Vandenberghe

    4/ Achiel Fiévé

    5/ Gustaaf Coopman

    6/ Cyriel Missiaen

    7/ Nestor Vanruymbeke

    8/ René Deweerdt

    9/ Emiel Vanhalst

    10/ Gebroeders Vlieghe

    11/ Aloïs Ostyn

    12/ Robert Callens

    13/ Gustaaf Decock

    14/ Michel Chanterie

    15/ Jules Chanterie

    16/ Albert Cagnie

    17/ Remi Vandenbossche

    18/ Alfons Verspaille

    19/ Richard Verrue

    20/ Jerome Vanlandeghem

    21/ Jules Ameye

    22/ Jerome Vanneste

    23/ Maurice Vandewoestyne

    24/ Paul Vandebuerie

    25/ Georges Kesteloot

    26/ Jules Vanhoutte

    27/ René Vannieuwenhuyse

    28/ Cyriel Desmet

     

    Kort na de tweede wereldoorlog werd een einde gemaakt aan het bestaan van de vlasbazenbond in Marke.

     

    -foto van 1910/ De vlaswerkers van Henri Delcour-Declercq ( met bolhoed) op de koer van de vlasfabriek in de Rekkemsestraat:

    Van boven naar onder, van links naar rechts: Leopold Verrue- Marcel Delcour(kind) –‘vuurmaker’ Deschamps – Gentiel Libbrecht – Achiel Verrue –Richard Vercaemer- Cyrille Vinckier –Louis Nuttin –Achiel Vandesonneville – X –Gustaaf Breye – Nestor Delcour – Richard Verrue-X-X-X-X-X- Jules Verrue – xDesmet – René Vandesonneville – X-X- Bruno Verborgh –x Vandesonneville.

    -foto begin de jaren '30 van de vlasroterij van de gebroeders Pol en Gérard Holvoet in de Kalvariestraat. Achteraf sedert einde de jaren '60 Boekbinderij Delabie & Co.

    -2 foto's van de vlaschaard van de gebroeders Pol en Gérard Holvoet op het einde van de jaren '60. Ze stopten hun vlashandel in 1971.

     

     

     

     

     

     

     

                               









    14-06-2018, 15:06 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (1)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (4 Stemmen)
    28-05-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HOOG BEZOEK BIJ LEUTNANT WERNER VOSS LEIDER VAN JASTA 10.

    HOOG BEZOEK BIJ LEUTNANT WERNER VOSS LEIDER VAN JASTA 10
    __________________________________________________________

    Op 31 augustus 1917 kwamen rijkskanselier Georg Michaelis en generaal Friedrich Sixt von Armin ,opperbevelhebber van de 4.Armee, een bezoek brengen op de Markebeke om de demonstratievluchten van de nieuwe Fokker F1 of Dr.1 bij te wonen.
    Halverwege september kreeg Jasta 10 het bezoek van Aartshertog Carl Albrechts van Oostenrijk (Pula 1888 – Ostervik bij Stockholm 1951) een artillerie-kolonel (Wikipedia).
    We zien hier de Oostenrijkse aartshertog in gezelschap van Leutnant Werner Voss in de Marktstraat voorbij ‘De Wittens’ reke ‘ wandelen in de richting van Markeplaats ( foto).
    De volgende foto werd genomen op de Markebeke op dezelfde dag, na de 47e overwinning van Werner Voss. 2e van links is Werner Voss, rechts ernaast de Oostenrijker en rechts Hauptmann Helmut Wilberg (Berlijn 1880- 1941 bij Dresden), Kommandeur der Flieger van de 4.Armee. Tijdens de 2e wereldoorlog was die laatste General der Flieger. Hij verloor het leven in een vliegtuigcrash in november 1941, toen hij op weg was naar de begrafenis van Generalleutnant Ernst Udet (Frankfurt 1896-Berlijn 1941). Ernst Udet werd in maart 1918 bevorderd tot leider van de Jasta 11 door Manfred von Richthofen. Na de dood van Manfred von Richthofen nam hij de leiding van Jasta 4. Hij had 62 overwinningen op zijn actief.
    Leutnant Werner Voss werd neergeschoten met zijn nieuwe Fokker driedekker – na 48 overwinningen - op 23 september 1917, en viel neer in een veld dicht bij Langemark. Naar het schijnt zou hij begraven geweest zijn in een bommentrechter.
    Zijn naam prijkt nu op een paneel op het Kameradengrab (massagraf) in Langemark.

    Derde foto : Werner Voss en de Oostenrijkse aartshertog in gesprek met ernaast Hauptmann Helmut Wilberg ,naast de nieuwe driedekker.
    Met dank aan mijn broer Roger.







    28-05-2018, 15:47 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    25-04-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE MECANICIEN VAN MANFRED VON RICHTHOFEN.

    De Mecanicien van Manfred von Richthofen

    ____________________________________

    Foto genomen in 1917 op de Markebeke . Op de achtergrond bemerkt men de schuur en het huis van Polydoor Lepere (Marke 1850-1914) , vlashandelaar en kleermaker . Vóór de oorlog hield Polydoor er café "Hendrik Conscience”open . Polydoor en zijn vrouw Elodie Verschuere (Deerlijk 1850- Marke 1915) hadden geen kinderen .

    Adolf Gomar Verschuere (Deerlijk 1891), zoon van Petrus, een broer van Elodie, en van Marie-Louise Dick ,was voorbestemd als opvolger van Polydoor en Elodie, doch sneuvelde als soldaat van het 2e Linieregiment in Montpellier (Fr.) op 17 maart 1917.Hij had zijn domicilie in Marke en daarom staat zijn naam gegraveerd op het oorlogsmonument .In 1919 werd het complex via de rechtbank verkocht aan vlashandelaar Jerome Vandenweghe (Marke 1891- Wevelgem 1979).

    Bertha Dick ,een jongere zus van Marie-Louise trouwde met Modest Tollenaere. Ze gingen in Oostakker wonen. Uit dat huwelijk werd de bekende Reimond ( Oostakker 1909- Kopcy 1942) geboren.

    Holzapfel, Richthofens mecanicien, zit hier op de romp van een Engelse driedekker van Naval Sqdn No.10, die door de Jasta 11, met leider Freiherr Manfred von Richthofen, buitgemaakt werd. Boven het dak van het huis Lepere is de hoge schoorsteen nog te zien van de vlaszwingelarij. Links bemerkt men het laag dak van de nu nog bestaande schuur.

    Foto einde jaren ’70 van vorige eeuw met het huis en de schuur .Het dakvenster is ook  gebleven.





    25-04-2018, 21:00 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    28-03-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DE VIADUCT AAN DE 'IJZERENPOORT'.

    DE  VIADUCT AAN  DE  ‘IJZERENPOORT’.

           ________________________________

    Kort na de aanleg van de spoorweg in 1842 liet brouwer August Tack uit Kortrijk  café ‘In de IJzere Poort’ bouwen op de hoek van de Marktstraat en Rekkemsestraat , tegen de viaduct.  Het café werd gesloopt in 1981.

    In 1946 werd door de NMBS plannen gemaakt voor een nieuwe overbrugging aan de ‘IJzerenpoort’, in het vooruitzicht van de uitbreiding van het vormingsstation. Tot nu toe deed een smalle, donkere viaduct van 10m. lang en 5m. breed , dienst als verbinding van de Marktstraat met de Markebekestraat!  De NMBS was van plan die enkel te verlengen tot 50m, de breedte zou blijven.

    Ons gemeentebestuur was daarmee niet akkoord , riep de hulp in van de gouverneur en eiste dat de viaduct een breedte zou hebben van 12m., om zo ‘kruismogelijkheid’ te bekomen, gezien het groeiend  doorgaand verkeer (brief van wd. burgemeester Cyriel Vandermeersch van 7 februari 1946).

    De NMBS gaf te kennen dat de kosten van verbreding van de viaduct door  de gemeente zouden worden gedragen . Waarmee de gemeente natuurlijk  niet  akkoord was . Het was tenslotte de NMBS die plannen maakte voor uitbreiding van haar vormingsstation. Marke kreeg toch haar zin.

    De eerste week van april 1949 werd het gewoon verkeer langs de ‘IJzerpoort’ voor onbepaalde tijd onderbroken.  Voetgangers konden wél nog hun pintje ‘pakken’ in café ‘In de IJzere Poort “.

     Een lange tunnel in gewapend beton  zou het vorige vervangen . De kogel was door de kerk. Die viaduct zou 70m. lang , 12m. breed en 4,50m. hoog worden. Autobusuitbater Alfons Verhenne was er niet het minst om blij, het was niet altijd evident in zo een smal gat een bus te sturen.

    Onze gemeenteoverheid was fier dit monumentale gewrocht los te krijgen van de NMBS, die het nodig achtte voor de uitbreiding  van het vormingsstation .

    Hiervoor moesten ook 4 huizen wijken, die er nog geen 50 jaar stonden.

     

    1/Foto Roger Faillie  van café ‘In de IJzere Poort’ in 1980.

    2/Foto van de werken in juli 1949.

     

     

     





    28-03-2018, 20:18 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    26-02-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.CAFE "IN DE STERRE".

    Café "In de Sterre"

                      _______________

    Café In de Sterre” in de Kloosterstraat bestond al op het einde van de 19e eeuw en was toen gelegen rechtover “Au Café Belge” . Het café was eigendom van de brouwerij van Stacegem. Het klooster wilde het goed kopen , omdat de ouderlingen van het rustoord er veel te vaak zaten. Brouwer De Coninck van Stacegem wilde het café verkopen aan het klooster op voorwaarde dat er weer een café met logo “In de Sterre” zou mogen komen in de omgeving. En inderdaad het klooster kocht het café en maakte het met de grond gelijk. Op die plaats herbouwde en vergrootte het klooster in 1947-48 het rustoord .Brouwer De Coninck bouwde zijn nieuw café in de Vagevuurstraat.

    Wat geschiedenis:

    Het goed (huis + tuin) in de Kloosterstraat was oorspronkelijk eigendom van Joseph Maertens, wagenmaker in Marke. Zijn zoon Victor Maertens erfde het goed en verkocht het aan Ivo Deloof-Wyseur, die het huis afbrak en er in 1885 een gloednieuw gebouw zette café “In de Sterre”. De brouwerij van Stacegem kocht het café op 18 juni 1894.

    De nieuwe “In de Sterre” in de Vagevuurstraat:

    Bij erfenis kwamen de goederen ,zijnde gans de hoek Markeplaats, café “In de Belle Vue” inbegrepen, en daarbij de 2 woonhuizen met inbegrip van de grond tot en met de kapel toegewijd aan de H. Theresia (de kapel werd in 1927 gebouwd) ,  in handen van E.H. August Van Belleghem, onderpastoor in Diksmuide en van Juffrouw Nathalie Vanwambeke, religieuze wonende in Brugge. De goederen kwamen uit de erfenis van Petrus Franciscus Van Belleghem –Glorieux en de ouders van Nathalie namelijk Ivo Vanwambeke-Amelia Roisse.

    Op 29/12/1874 verkochten August Van Belleghem en Nathalie Vanwambeke de goederen. Jean –Baptiste  Josson en zijn zuster Adelaide kochten de 2 woonhuizen nrs. 17 & 18 met bijgaande grond tot en met de kapel H.Theresia . Hun ouders, gareelmakers, woonden  er al sinds 1797. Het gezin telde 12 kinderen en allen werden er geboren. 

    In 1877 bouwden de Jossons een huidvetterij achter de 2 woonhuizen.

    Jean-Baptiste Josson overleed in 1887 en Adelaïde in 1889 : de 2 huizen met het hele erf werden in 1888 verkocht aan Aloys Josson de jongste broer , die gareelmaker was in Wevelgem.

    Aloys stierf in 1895 te Wevelgem ; zijn dochter Victorine Josson, getrouwd met Alfons De Brabandere, zoon van de burgemeester van Wevelgem erfde alles.

    In 1921 verkocht Victorine Josson alles : “twee samenhoudende woonhuizen en verdere gebouwen met erve en lochting, bewoond door Petrus Goegebeur en Jean Vandemaele” aan Polydore Benoot-Eulalie Josson  . Na het overlijden van haar ouders erfde dochter Rachel Benoot alles. Polydore Benoot overleed te Marke 09/01/1922 en Eulalie Josson op 05/11/1924.

    Emma Vanryckeghem (+ 1935), weduwe van Petrus Goegebeur , kocht in 1929 aan Rachel Benoot de 2 aaneenhoudende huisjes en een perceel bouwgrond strekkende vanaf de twee huizen  tot aan de grond waar het huis stond bewoond door Albert Vancauwenberghe ( “In de Sterre”), inbegrepen. Emma hield een kruidenierswinkel open in het 1e huisje.

    De brouwerij van Stacegem kocht grond aan Achille Goegebeur , zoon van Petrus en Emma, in de Vagevuurstraat en bouwde er het nieuw café “In de Sterre” rond 1939.

    Bij het uitbreken van de oorlog was het café onbewoond tot de komst van Albert Vancauwenberghe (Heestert 1916 – Kortrijk 1992) met zijn vrouw Alice Vanhoutte (Desselgem 1911 – Kortrijk 1990) in juni 1941.  Albert Vancauwenberghe , kleermaker, kwam van Otegem naar Marke het café openhouden .Het was café (één venster naar de Plaats toe) en winkel van stoffen en klederen (één venster naar de Pauvre Leute toe). Albert  kocht het goed aan de brouwerij van Stacegem in 1946 en stopte met café te houden. Hij hield er enkel een stoffen- en kleerwinkel , ‘De Sterre’ genaamd ,open. Hij overleed in 1992 en in 1993 na grondige verbouwingen kwam een optieker in de plaats.

    De gerestaureerde brandglasramen van het verdwenen café “In de Sterre” in de Vagevuurstraat zijn in het bezit van Jo Moerman in Stacegem.

    Foto’s:

    Kloosterstraat ca. 1907

    Kloosterstraat in de jaren ’80 van vorige eeuw

    “De Sterre” : Albert Vancauwenberghe-Vanhoutte, maatkleermaker. Vagevuurstraat, in de jaren '50 van vorige eeuw.

                     











    26-02-2018, 17:04 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    30-01-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Café "DEN BEER" in de Kloosterstraat.


    Café 'Den Beer' in de Kloosterstraat.
    _________________________________
    Ten zuiden van café ‘In den Belle Vue’ (Markeplaats) lag in de Kloosterstraat , volgens de eerste kadasterkaart (Poppkaart ca.1840) , een stuk vage grond . De grond was eigendom van Joannes Be(c)kaert. Na het overlijden van Joannes Be(c)kaert kwam de grond in handen van zjn dochter Marie-Anna Bekaert (Marke 1797-1875), die getrouwd was met Petrus Van Belleghem (Marke 1813- 1901), zoon van Joannes-Baptiste en Rosalia PLanckaert . Door het vroegtijdig overlijden van Marie-Anna Bekaert werd haar echtgenoot eigenaar (testament van 1862). Sinds 1664 stonden de Van Belleghems aan het hoofd van onze gemeente, zowel als baljuw , burgemeester en ook ook als schepenen ,tot 1898 (overlijden van burgemeester Leopold Van Belleghem).
    Op een stukje van die grond, nu Kloosterstraat nr.18, lieten de Van Belleghems in 1895 een huis bouwen . De bedoeling was dat Eduardus Van Belleghem ( Marke 1819 ) er verder zou kunnen rentenieren. Maar dat ging niet door, want hetzelfde jaar nog in augustus overleed Eduardus, nadat hij er enkele maanden gewoond had. In oktober werd het goed al verkocht aan brouwer Cyriel De Brabandere. Cyriel maakte er uiteraard een café van , met het logo "Den Beer".
    De voorgevel zag er als volgt uit: boven 4 vensterramen, beneden links , 2 vensterramen, dan de voordeur met opstapje, een 1 vensterraam rechts ( kant Markeplaats).
    De benedenverdieping kreeg in de loop der jaren verschillende bestemmingen. In het café stond Joannes Vandenbossche (Marke 1841-1904) achter de tapkast. Na zijn overlijden nam zijn weduwe Marie-Louise Laevens (Marke 1847- 1933) de zaak over. In 1920 verhuisde het gezin naar Markeplaats, naast café "In de Wapens van Marke". Hetzelfde jaar nog kwam de weduwe van Ferdinand Coopman, namelijk Sylvie Vandeplassche (Deerlijk 1851), uit Beveren-Leie, niet als cafébazin , maar als winkelierster het huis bewonen.
    Ze hield er een kruidenierswinkel samen met haar dochter Irma Coopman (Harelbeke 1892-Kortrijk1969). Intussen had Sylvie het huis al gekocht in 1920. In 1922 liet Sylvie de winkel over aan haar dochter Irma.
    Remi Delabie (Vichte 1890- Kortrijk 1971), die al als vlashandelaar samen met zijn broer Abel (gezegd René) de hoeve achter het kasteel de Bethune uitbaatte , trouwde in 1924 met Irma Coopman, en zodoende zette hij zijn vlashandel voort in de Kloosterstraat . Abel bleef landbouwer.
    Van dan af deed een grote kamer op de bovenverdieping dienst als vlasstapelplaats . Sylvie Vandeplassche overleed in 1942.
    In 1959 werd zoon Gabriël Delabie , die zich tot meubelmaker bekwaamd had, na overeenkomst eigenaar van het huis. In 1958 werden al plannen gemaakt om het ganse complex om te bouwen tot een meubelzaak. Gabriël en broer Michel waren de aannemers en Gilbert Devoldere uit Marke was de architect.
    De meubelzaak stopte alle activiteit in 1994. Het huis werd verkocht aan Jos Denijs, beheerder van Select Magic Mephisto uit Ieper (Pilkem) en er onstond een groothandel in goochelmateriaal. In januari 2011 verkocht Jos Denijs het huis aan de VZW Integrale Bejaardenzorg Marke, met het resultaat dat we kennen: het kinderdagverblijf “De Pagadder” .

    Foto’s: 1/Kloosterstraat ca. 1907.
    2/Meubels Delabie in de jaren ’80 van vorige eeuw.
    3/Select Magic 2006.
    4/Kinderopvang ‘De Pagadder’ 2017.











    30-01-2018, 09:02 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (6 Stemmen)
    03-12-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.EEN AANVARING MET MANFRED FREIHERR VON RICHTHOFEN 100 JAAR GELEDEN
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    EEN AANVARING MET MANFRED FREIHERR VON RICHTHOFEN 100 JAAR GELEDEN.
    ___________________________________________________________
    Dat zelfs notariële akten een licht kunnen werpen op lokale aspecten van het leven tijdens de Eerste Wereldoorlog, blijkt uit een kopie van een notariële akte van 11 augustus 1917 verleden door de Kortrijkse notaris van de familie de Bethune . De akte bevat een verklaring en een aanklacht tegen het eskader nr. 11 (Jasta 11), door Baron Joseph de Bethune (1859-1920) in eigen naam en in naam van zijn zuster Mejuffer Barones Térèse de Bethune (1862-1946). De verklaring moest dienen als geldig bewijs, zo het nodig zou blijken, voor het bekomen van een vergoeding wegens oorlogsschade.
    Afspraken met de Duitse bezetter waren uit den boze en gingen veelal de mist in.
    “De Heer Baron Joseph de Bethune, eigenaar en provincieraadslid, wonende in Kortrijk heeft een verklaring afgelegd.
    1/ Midden juni 1917 heeft zijn zuster Mejuffer Barones Térèse de Bethune, alsook haar neven, de minderjarige kinderen, Jean (1900-1981) en Marie (1902-1989) van wijlen Baron Emmanuel de Bethune (1869-1909), het kasteel op de Markebeke, eigendom van de minderjarige kinderen, moeten verlaten. Ze moesten afstand doen van het grootste deel van het meubilair (1).
    Hij zelf heeft in dezelfde omstandigheden zijn aangrenzend kasteel van Rouxhove (Kortrijk) op 27 juni 1917 moeten verlaten (2).
    Sinds die datum werden het park, de moestuinen, de landerijen en de bijgebouwen bezet door Duitse troepen en namelijk vanaf begin juli door officieren en soldaten van het eskader nr. 11 (Jasta 11) (3).
    - Dat op 1 augustus 1917, tijdens het aansnijden van de onderhandelingen met deze heren over het vrij mogen beschikken van alle vruchten, groenten en de oogsten wassende in de tuinen van het kasteel van de Markebeke, hij door de tussenkomst van Oberleutnant Kurt Scheffer (Jasta 11), namens Manfred von Richthofen, commandeur van het voornoemde eskader volgend schriftelijk bericht ontving.
    Vertaling uit het Duits: “In opdracht van Rittmeister von Richthofen deel ik u mede, dat, in tegenstelling tot de overeenkomst met de barones, op één nacht, door uw tuinier alle rijpe perziken geplukt werden, en daarbij nog verscheidene andere oogsten. Wij hebben met u niets meer te bespreken. Uw tuinier (4) werkt zoals altijd verder in de moestuinen en het park, en wordt volgens onze afspraak passend betaald.”
    - Dat in het belang van de minderjarige kinderen, hij zich verplicht ziet te verklaren dat, noch tussen Mejuffer Barones de Bethune, noch tussen hem zelf en de officieren van de Jasta 11 een regeling of overeenkomst getroffen werd.
    Enkel en alléén:
    1/ In een gesprek met commandeur von Richthofen op 22 juli (5) hebben Mejuffer Térèse de Bethune en hem zelf voorgesteld dat de tuinier de inschrijvingen van de geplukte en verbruikte vruchten en groenten op de rekening zou voortzetten, zoals het ook gedaan werd tot dan toe door de vorige officieren gelogeerd op het kasteel (Jasta 18). Commandeur von Richthofen antwoordde hierop dat hij de zaak zou bekijken.
    2/ Bij een volgende ontmoeting op 26 juli deed een officier andere voorstellen aan Mejuffer Barones de Bethune, maar de barones onthield zich het antwoord. Ze kreeg sedertdien de kans niet meer om te antwoorden.
    3/ Dat geen enkele levering van perziken, vruchten en andere producten werd gedaan, noch aan Mejuffer Barones de Bethune, noch aan hemzelf (Joseph de Bethune), sinds 23 of 24 juli, datum waarop de tuinier een laatste levering deed en dat bovendien geen enkele pluk ’s nachts werd gedaan.
    4/ Dat tot 24 juli, Mejuffer de Bethune, gemachtigd was om de hand te leggen op alle vruchten en groenten die nodig waren voor haar gezin en voor de aangever (Joseph de Bethune).
    Maar het overgeblevene werd opgevorderd door de bezettende militairen, en sindsdien heeft het eskader nr. 11 zich uitsluitend het recht voorbehouden de voortbrengselen en de oogsten uit de moestuinen van het kasteel aan te slaan.”
    Getuigen bij het verlijden van de akte waren Charles Christiaens, timmerman, en Remi Depraetere, politieagent, beiden uit Kortrijk.
    (1) Op 11 juni 1917 kwamen 2 officieren melden aan Barones Mejuffer Térèse de Bethune dat ze het kasteel moest verlaten. Samen met de kinderen vertrok ze op 15 juni naar het kasteel Rouxhove (Ronksdreef, Kortrijk), bewoond door haar broer Baron Joseph de Bethune. Alleen de tuinier Ivo Van Welden (1857-1941) bleef ter plekke. Ook daar werden ze weggejaagd, op 27 juni. Térèse en de kinderen vonden dan een onderkomen bij haar broer Baron François Bethune (1868-1938, burgemeester) op zijn kasteel Blommeghem (Van Belleghemdreef). Op 7 september 1917 stuurde François de 2 wezen naar Leuven, in zijn huis in de Bériotstraat. Ze bleven er tot het einde van het schooljaar 1918-1919.
    (2) Het kasteel Rouxhove was gelegen ten oosten van het kasteel van de Markebeke, maar lag niet op het grondgebied van Marke maar van Kortrijk. Het werd door bommen vernield tijdens het geallieerde bombardement van 21 juli 1944 en werd nadien niet heropgebouwd. Rouxhove behoorde oorspronkelijk toe aan de Kortrijkse burgemeester Benoit Danneel (1805-1893). Diens erfgenamen verkochten het goed in 1894 aan de erfgenamen van Baron Jean-Baptiste Bethune (1821-1894). Mits een onderlinge overeenkomst tussen de kinderen Bethune, werd Baron Emmanuel de Bethune (1869 – 1909) de eigenaar. Baron Joseph de Bethune huurde Rouxhove van zijn broer Emmanuel en vestigde zich er in 1895 (“Le Château de Marke”, Baron Emmanuel de Bethune (1930-2011).
    (3) Zie het artikel in de dorpskrant getiteld "Het eerste Jagdgeschwader in wording".
    (4) Tuinier van dienst was Ivo Van Welden (1857-1941).
    (5) In een brief gedagtekend 22 juli van Leutnant Brauneck (Jasta 11) naar zijn huisgenoten: “Deze voormiddag behaalde ik mijn 9de overwinning… Deze namiddag was Rittmeister Manfred Freiherr von Richthofen bij ons op bezoek…”. (Wereldoorlog I Marke, M. en R. Faillie, blz. 279). In het fotoboek “Marke voor, tijdens en na de 'Groote Oorlog'”, M. Faillie en F. Decock, moet de datum bij foto 31, 22 juli zijn i.p.v. 20 juli.

    FOTO BOVEN: MANFRED VON RICHTOFEN (2e van links) aan de arme van OBERLEUTNANT KURT SCHEFFER (uiterst links).

    03-12-2017, 08:45 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    30-09-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HET ONDERWIJS IN MARKE MET DE BROEDERS VAN DALE VAN 1894 TOT 1965 (DEEL 3 laatste deel)

    Vanaf 1 april 1945 tot 26 augustus 1965 was Br.Livinus schoolhoofd  (overste)met klas. Hij verving Br. Pius die in ziekteverlof was en was voor de derde  maal dat hij in Marke was. De komende jaren ging het hier vrij rustig. Het onderwijzerskorps zou weinig verandering ondergaan.

    Br.Livinus startte als onderwijzer van 26 augustus 1919 tot 31 augustus  1921 Sint-Kruis (Vivenkapelle) en in Kortrijk in de Veldstraat van 1 september 1921 tot 26 januari 1922.

    Hij was onderwijzer in Marke van 27 januari 1922 tot 30 september 1923, in vervanging van Br.Antonius  , een niet-gediplomeerde , die hier een drietal maanden verbleef, en les gaf in Kortrijk (Groeninghe). Br.Livinus vertrok weer naar de Grote Kring .

     Op 1 oktober 1924 , terug van de Grote Kring, verving hij als onderwijzer Br.Veranus tot 6 februari 1932. Op 7 februari 1932 werd hij schoolhoofd te Sint-Kruis (Vivenkapelle) tot 31 januari 1945 .Op 1 februari 1945 werd hij waarnemend schoolhoofd in Marke in opvolging van Br. Gilbert, voorlopig schoolhoofd , tot 31 maart 1945. Vanaf  eerste de dag klas na de oorlog op 10 april 1945 werd hij schoolhoofd (overste) in Marke. Op 26 augustus 1965 vertrok hij naar de Grote Kring en eindigde in Sint-Paulus waar hij overleed op 30 januari 1978.

    Tijdens de 2e oorlog: bij ieder alarm vluchtten de leerlingen in de kelders onder het nieuwe gebouw. Daar werd les gegeven op oude schoolbanken die er nog stonden. Als het gevaar afgelopen was ging het alarm nog eens en dan ging men terug in de schoollokalen.

    Na het bombardement van 14 mei 1943 werd de fel beschadigde broederschool tot 31 mei gesloten. In 1944 sloot de broederschool haar deuren van 23 februari tot 13 maart wegens kolengebrek. In mei 1944 werden de scholen voorlopig gesloten. Zowel bommen die bestemd zijn voor het vliegveld van Wevelgem, als deze die bestemd zijn voor het vormingsstation van Kortrijk kunnen wel eens hier terecht komen. Hoewel in 1943 de kelder nog versterkt werd met een dubbele muur achtten de broeders het toch veiliger elders te overnachten: bij Georges Bels in Rollegem.

    In 1945 werd Br.Pius plechtig ingehuldigd in Marke, na 1 ½ jaar dwangarbeid in Duitsland.

    Op 21 november 1947 werd Br.Donatus weer van de Grote Kring naar Marke overgeplaatst en overleed in Kortrijk op 2 februari 1960.

    Br.Bernardus (Ernest Demeyere) kwam van de Grote Kring op 19 mei 1954 en vertrok naar Menen (Kerkstraat 16) op 27 januari 1960.

    Br.Vincentius (Luciaan Mandeville) kwam van de Grote Kring op 5 augustus 1960 en vertrok weer na 1 maand naar Sint-Paulus op 13 september 1960.

     

    Broeder Hubert (Aimé Cnudde) (Nazareth 1923 – Kortrijk 2014)”Ik was in  Marke van 1943 tot 1949. In 1943, pas geprofest,  stond ik in november en december in de plaats van broeder Angelus, die een appendicitis-operatie moest ondergaan. Ik was eerst in Sint-Paulus.

    Ik  bleef dan achteraf kok tot in 1949.Men kreeg dan nog broeders Gerard en André als koks. Broeder André vertrok achteraf naar Frankrijk.

    In de jaren ’20 was er een kok (men zei Jules, de kok).Het was geen broeder, maar een leek. Alfons Vandevenne.

    Er was er ook nog broeder Justinus (Declercq) die in de keuken stond en die van Marke naar Vijve Kapelle ging.”

    Br.Gerard (Charles Vandercruysse)kwam hier toe van Torhout als kok van 13 september 1949 tot zijn vertrek naar de Grote Kring op 2 september 1960 en kwam terug op 12 december 1961 tot zijn definitief vertrek naar Mesen (Rijselstraat 23) op 24 augustus 1963. In de jaren ’50 was Br.André hier tussentijds kok.

     

     

    Albert Haghebaert (Snaaskerke 1915 – Marke 1987):

    “Tijdens de 2e wereldoorlog heb ik  één jaar met mijn 3e leerjaar les gegeven in het zaaltje boven “Het Christen Werkersverbond”. Een gedeelte zat ook in de ‘Katholieke Kring’. Het laatste jaar van de oorlog werd in mei 1945 geen les meer gegeven voor het gevaar van de vijand. De kinderen kwamen dan 2 maal per week in de voormiddag achter hun schoolwerk, bij de onderwijzers elk in hun klas.

    Op dat moment waren er vele mensen gevlucht. Velen gingen naar school in Aalbeke en in Rollegem , en dat waren dan volle dagen.

    Na het bombardement van mei 1943 is Firmin Clement naar Aalbeke gaan wonen tot na de bevrijding”

    In februari 1955 werd de oud-leerlingenbond van de Broederschool gesticht, met als doel de groei en bloei van de jongensschool te ondersteunen.

     

    Staat van inlichtingen in 1956:

    ________________________

    De school bestond uit 7 gebruikte klaslokalen. Een klas bleef ledig.

    Met welke voorwerpen was elke klas gemeubeld: printen, kaarten, kasten, lessenaars, banken, portret van de koning en heiligenbeelden.

    Waaruit bestonden de leermiddelen in elke klas: landkaarten, vormleer, meetkundig vormen en aanschouwingsmateriaal.

    Het onderwijzend personeel: nog 2 onderwijzende broeders .Br.Donatus is hier op rust en Br.Gerard is kok:

    Br.Livinus (Cyriel Baert) 7e en 8e

    André Vandenberghe     6e

    Sylvain Haghebaert         5e

    Firmin Clement                4e

    Albert Haghebaert           3e

    Br.Victorinus (Camiel Hillegeer)  2e

    Albert Mestdach.             1e

    Van 5 september 1961 tot 26 januari 1962 werd Br.Victorinus in het 1e leerjaarvervangen wegens ziekte door Mw.Vereecke-Huysentruyt Georgette (Heule 1926) wonende in Heule, met diploma behaald aan de private normaalschool in Tielt in 1945. Haar laatste dienst voor zij naar Marke kwam , was de meisjesschool in Lauwe .

    Van 4 september 1962 tot 31 oktober 1962 was het de beurt aan Mw. André Vanloo-Maelfait Elizabeth (Marke 1921), met diploma behaald in 1939 aan de private normaalschool in Heverlee, om voor de zieke Br.Victorinus in te springen. Br.Victorinus vertrok op 26 augustus 1965 naar Menen (Kerkstraat 16).

     

    Godsdienst en zedenleer werden het eerste half uur gegeven.

    Op vraag van Jozef Lammens, secretaris van de ‘Parochiale Werken’, stuurde Vicaris Generaal Mgr. Van Gheluwe op 19 oktober 1956  een brief met  duidelijke  mededeling  aan wat  het schoolcomité en de ‘Parochiale Werken van Marke’ zich moesten houden, want de school  was geen plaatselijk bezit maar stond  onder de bevoegdheid van het bisdom :

    “Volgens het bisschoppelijk schoolreglement moet iedere vrije katholieke school bestuurd worden door een schoolcomité waarvan de voorzitter ambtshalve moet zijn de pastoor van de parochie waar de school gelegen is. De onderhandelingen met het gemeentebestuur voor de vernieuwing van het aannemingscontract moeten door het schoolcomité bij monde van de voorzitter gevoerd worden. De essentiële richtlijnen voor de aanpassing van dit contract aan de gewijzigde omstandigheden worden door het bisdom verstrekt. Schoolcomité en schoolhoofd ontvangen de gelden door de gemeente toegekend en die moeten door het bestuur van het schoolcomité onder leiding van de pastoor voor de noodwendigheden van de school worden gebruikt en niet voor andere doeleinden.”

    Deze brief was in feite het gevolg van een beslissing genomen op een   vergadering van het schoolcomité, onder voorzitterschap van Baron Jean de Bethune dd. 16 oktober 1956 . Er ontstond een twist tussen het bestuur van het schoolcomité  van de ‘Parochiale Werken’ en de toenmalige pastoor Félicien Vanhauwere (Waregem 1897 – Marke 1959), die het schoolcomité stichtte bij zijn aanstelling  in 1951 .De pastoor liet enkel het beheer van het onderhoud van de schoolgebouwen en schoolmeubilair aan de bevoegdheid van het schoolcomité van de ‘Parochiale Werken van Marke’. Baron de Bethune vroeg aan de pastoor , dat in de onderhandelingen van het nieuwe schoolcontract met de gemeente, de opdracht zou toegekend worden aan de beheerraad van ‘De Parochiale Werken’, en dat hij zoals vroeger de tot op heden verleende toelage van ca. 48.000fr. voor onderhoud van gebouwen en meubilair in de nieuwe overeenkomst aan het gemeentebestuur zou aanvragen. Pastoor Vanhauwere  weigerde en Baron de Bethune kon dat niet aanvaarden.

     

     

    Schooljaar 1965-66 : het onderwijzend personeel na de broeders Van Dale:

    _____________________________________________________________

    De ‘Torrewachter’ ( voorloper van ‘Kerk en Leven’) van september 1965 stond te lezen: “André Vandenberghe werd op voorstel van het parochiaal schoolcomité door de bisschoppelijke commissie benoemd tot bestuurder van de jongensschool”.

                                                                        

                                                                    

    André Vandenberghe (Marke 1911-Bissegem 2006)                         

    Behaalde zijn diploma in Torhout op 30 juni 1931.

    Hij was eerst waarnemend onderwijzer op Walle (Kortrijk) van 13 juli 1931 tot 31 juli 1931 en dan op de ‘Barakken’ in Menen van 17 september 1931 tot 7 oktober 1931. In Marke was hij waarnemend van 24  tot 28 november  1931 . Hij was tussentijdig onderwijzer van 30 november tot 7 december 1931  en van 21 tot 24 december 1931 en van 2 tot 29 februari 1932  in vervanging van André Pauwels, die ziek was. Hij werd vast benoemd op 1 maart 1932, in vervanging van Br.Livinus, die toen het 1e leerjaar gaf. Vanaf 1 september 1965 tot 30 september 1965 was hij waarnemend schoolhoofd  en vanaf 1 oktober  was hij vast benoemd als schoolhoofd.

    Hij was de eerste wereldlijke onderwijzer in de Markse jongensschool die in Marke geboren was.

    André Vandenberghe  :”In 1923 was Marcel Deloose kok bij de broeders Van Dale. Daarna werd hij “garçon” te Brugge in de “Ramier d’Or”[het zou kunnen gaan om Medard Deloos(z)e, een uitgetreden broeder, die op een foto van 1916 te zien is].

    Ik was waarnemend onderwijzer van november 1931 tot februari 1932 en vast benoemd onderwijzer op 1 maart 1932. Diploma Torhout 30 juni 1931.

    Ik werd directeur in Marke van de broederschool na het weggaan van de broeders ,van 1965 tot 1971.

    In 1971 werd André Schacht (uit Staden) directeur.”

     

    Sylvain Haghebaert (Snaaskerke 1913-Marke 1968)                               

    Diploma in Torhout op 30 juni 1932. Hij begon als waarnemend onderwijzer in Oostende van 2 tot 7 juli 1932 en van 18 tot 19 juli 1932. In Marke startte hij als  waarnemend onderwijzer van 9  tot 30 september 1932. Werd vast benoemd op 1 oktober 1932 in de 6e klas. René Vermeersch (Damme 1907), wonende in Oostkerke, verving Sylvain tijdens zijn krijgsdienst in 1934 en 1935.Albert Sergoris (Sint Martens-Lennik 1915), met een diploma in St. Thomas  in  Brussel (Nieuwland) in 1934 ,verving op 15 april 1937 , gedurende 10 dagen ,Sylvain Haghebaert, die zijn legerkamp deed.

     Sylvain werd gemobiliseerd vanaf 25 september 1939 tot 10 mei 1940 en werd vervangen door Mw. Soetaert-Gaeremyn Louise (Antwerpen 1905), als waarnemende leerkracht , met diploma lager onderwijs en bibliothecaris ( normaalschool Antwerpen 1921).

     

    Firmin Clement  (Aartrijke 1914 - Kortrijk 1994)                                    

    Hij behaalde zijn diploma in Torhout op 30 juni 1933.

    Was waarnemend onderwijzer van 11 september 1933 tot 28 februari 1934 en verving de zieke Maurice De Bree. Maurice De Bree ging met pensioen op 1 februari 1934 en Clement werd vast benoemd op 1 maart 1934. Op 23 juli 1934 werd hij opgeroepen voor zijn legerdienst tot september 1935. Van 27 november 1935 tot en met 30 november 1935 was hij ziek en werd hij vervangen door Firmin De Meyere (Desselgem 1916, gediplomeerd in Torhout 1935)uit Kortrijk. In april 1937 kwam Jozef Mertens (Halle 1915) uit Bellingen (Brabant), met een diploma behaald in St. Thomas in  Brussel  in 1935 , gedurende 1 maand (van 12 april tot 22 mei 1937) , Firmin Clement vervangen, die zijn legerkamp deed. Jozef Mertens gaf les in Heule van 1  tot 14 maart 1937.

    Albert Derdeyn (Oostende 1919, met diploma in Brussel 1939) uit Slijpe(Oostende) verving , als waarnemende leerkracht, van 18 september 1939 tot 30 juli 1940 (halve dagen) Firmin toen hij gemobiliseerd was.

     

    Firmin Clement :” Ik  kwam hier in het onderwijs te staan op 11 september 1933 in het 4e leerjaar. Diploma Torhout 30 juni 1933. Broeder Eusebius (Vanacker Valère) was overste. Meester De Bree was in ziekteverlof en heeft op dat moment geen les meer gegeven.

    Ik  kwam dan als interimaire van meester De Bree. Ik  werd   vast benoemd in maart 1934.

    In 1935 kreeg ik het 1e leerjaar toegewezen .In die tijd waren het nog staande borden.”

     

     

    Albert Haghebaert (Snaaskerke 1915- Marke 1987)                              

    Albert Haghebaert  ,broer van Sylvain  kwam toe te Marke in 1934, als waarnemend onderwijzer van23 juli 1934 tot 29 juli 1935 en van 14 september 1936 tot 30 september 1936 . Hij werd vast benoemd op 1 oktober 1936. Behaalde zijn diploma in Torhout op 30 juni 1934.

    André Allyns (Kortrijk 1928-2017) uit Kortrijk, met diploma in Torhout 1948, verving hem als waarnemend  onderwijzer van 6  tot 10 september 1950.

    André Allyns was waarnemend en voorlopig onderwijzer in Tiegem van 16 november 1948 tot 29 oktober 1949. Hij was 2 maand waarnemend in Kortrijk ( Beekstraat), vervolgens in Kuurne, weer in  Kortrijk (Beheerstraat) en (Beekstraat)  tot 15 juli 1950.

    Albert Haghebaert :”Sylvain Haghebaert, mijn broer, kwam toe in Marke in 1932, als onderwijzer. Op 31 augustus 1971 had ik  35 jaar dienst.

    De broeders verminderden en verouderden. Er kwamen geen nieuwe meer bij.

     

     Albert Mestdach (Poesele 1915- Zottegem 1997)                                     

    Hij werd vast benoemd op 1 april 1941 .Diploma in St. Thomas in Brussel  op 30 juni 1936. Hij begon als interimair in Landegem, vervolgens in Deurle. Hij  was waarnemend onderwijzer in Marke van 9 januari 1939 tot 30 november 1940. Robert Dosfel  (Menen1920), gediplomeerd in Torhout op 30 juni 1938, trad in dienst als vast benoemd op 1 september 1938, maar moest zijn proeftijd doen tot nieuwjaar 1939, tijd van zijn legerdienst.Hij kwam in dienst bij de inrichting van de 8e klas. Hij kwam terug van het leger op 11 juni 1940 en Albert Mestdach verving nu Sylvain Haghebaert, die gemobiliseerd was (van 25 sepember 1939 tot 10 mei 1940), omdat  Mw. Soetaert –Gaeremyn  het onderwijs verlaten had. Hector Baekelandt (Menen 1919, diploma Torhout 1938) , wonende te Menen ,verving als voorlopig onderwijzer Mestdach van 8 november 1940 tot 7 maart 1941, gedurende 164 halve dagen.

     

    André Schacht ( Staden 1913- Kortrijk 1995)                                       

    Hij  behaalde zijn diploma te Torhout op 30 juni 1932. Hij werd vast onderwijzer in Marke benoemd vanaf 14 januari 1963. Hij werd eerst waarnemend onderwijzer  in Vlamertinge vanaf 17 oktober 1932 tot 4 februari 1933 en in Brugge in de gemeenteschool nr.2 vanaf 6 februari 1933 tot 25 maart 1933. Hij onderwees in Kortrijk in de Vanden Peereboomlaan van 1 april 1933 tot 30 april 1934. Na enkele dagen in september 1934 les gegeven te hebben in Staden centrum onderwees hij nog in de gemeenteschool van Staden van 1 oktober 1934 tot 8 september 1944.

    In 1962 werd ,gevolg van de bevolkingsaangroei, een nieuwe klas opgericht. Edgard Hespeel (Izegem 1943) wonende te Ingelmunster, gediplomeerd aan de normaalschool van Alsemberg in 1962, deed dienst in de nieuwe klas vanaf 1 september 1962 en trad uit dienst op 13 januari 1963.

    André Schacht volgde de laatste op en werd vast onderwijzer benoemd  vanaf 14 januari 1963 en gaf toen het 4e leerjaar. Hij werd nog schoolhoofd in 1971 tot 1976.

     

    In 1965 viel meteen het doek over de episode Broeders Van Dale in Marke. Zo onverwacht zij hier toen gekomen zijn, zo onverwacht verlieten de huidige broeders de gemeente.  Ruim 70 jaar zorgden ze voor het geestelijk welzijn van onze kinderen. Ze werden andere taken toegewezen, zoals missionering en gehandicaptenzorg .

    In de ‘Torrewachter’ van 1-8 augustus 1965 staat vermeld dat “de broeders tot andere werkzaamheden geroepen werden. Ze wilden hun toewijding besteden aan de opleiding van gehandicapte en blinde jongens .”

     De twee laatste broeders waren Br.Livinus en Br.Victorinus. Beiden werden vervangen door  Adrien Theys en  Ignaas Dujardin . De “broederschool” veranderde gewoon in “jongensschool”.

     

    Adrien Theys                                             

    Diploma  St. Thomas in Brussel   . Vast benoemd vanaf 1 september 1965. Werd schoolhoofd op 1 september 1977 van de vrije centrumschool (gemengd kleuter- en lager onderwijs).

    Ignaas Dujardin                                         

    Diploma  St.Thomas in Brussel   . Waarnemend van 1 september 1965 tot 30 september 1965. Vast benoemd op 1 oktober 1965.Werd schoolhoofd  ‘ad interim’ in 1976, in vervanging van André Schacht, door ziekte weerhouden.

     

    Bijzondere leermeesters (godsdienst): onderpastoors Lodewijk Willemyns (Kortrijk 1924 – Veurne 2016) en Albert Vandenbroucke ( Waregem 1915- 1995) vanaf 1-9 -1965.

    Broeder Donatianus : “Broeder Overste (Livinus) was reeds  met pensioen en broeder Victorinus , die wat ziekelijk was ging de verantwoordelijkheid als broeder overste niet kunnen waarnemen, vandaar ook dat de broeders op rust gingen. Alles werd dan  overgenomen door het St. Amandscollege.”

     

     

     

    (1)Bij akte van 30 mei 1861 voor notaris Galloo in Radinghem(Fr.) verkocht Henri Julien Leon Bidé de Lagrandville en Caroline marquise de Beauffort , van het kasteel in Beaucamps (canton d’Haubourdin Nord) aan Felix Baron Bethune,  uit een grotere oppervlakte ,het stuk land SA 311. In 1879-80, vlak voor zijn dood zette hij er een nieuwe constructie op, bestaande uit een huis en een school. Door erfenis kwam het gebouw in handen van Baron Jean Baptiste Bethune (+1894)- van Outryve d’Ydewalle. Hun zoon Baron Emmanuel de Bethune (+1909) werd er eigenaar van bij verdeling in 1895. Na het overlijden van Baron Emmanuel werden zijn minderjarige kinderen  Baron Jean de Bethune en Barones Marie de Bethune, onder de voogdij van Barones Thérèse de Bethune (+1946) ,er eigenaars van.

    Er werd gestart met de bouwwerken van het schoolcomplex in april-mei  1879, zegge 1 jaar voor het overlijden van Baron Felix Bethune ( zie blog-artikel ‘De brief die schoolmeester Emiel Debeurme de nek brak’)

    In november 1879 gaf Emiel Debeurme , onze eerste onderwijzer, al les in de nieuwe vrije school.

     

    (2)Aimé Demuynck (Tiegem 1862- Kortrijk 1925) kwam hier aan in april 1881 en trouwde  te Marke in 1883 met Coleta Moreels (Marke 1856- Bovekerke 1903), dochter van Désiré  (Tiegem 1822 – Marke 1896), die hier toegekomen was als koster uit Tiegem in december 1849. Aimé had zich gevestigd in het woonhuis van de school en leerde zo zijn gebuurmeisje Coleta kennen, die met haar ouders in de Pastoor Van Dommeledreef woonden . Désiré Moreels was tevens ook bakker. In Marke werd één zoon geboren: Octaaf ( januari 1884 ) die onderwijzer werd in Nieuwpoort en er overleed in 1935. Aimé had graag de plaats van koster ingenomen van zijn schoonvader, doch die was voorbehouden aan zijn schoonbroer Jules( Marke 1855-1924) . Vandaar dat hij in 1885 zijn ontslag nam om in Bovekerke de vacante plaats van onderwijzer-koster in te vullen. Hij keerde in februari 1906 terug naar Kortrijk ,volgde Richard Reynaert, eerste koster van Sint-Rochus , op en nam ontslag in 1919. In 1916 hertrouwde hij met Marie-Louise Herman (Marke 1861-Kortrijk 1929). Uit zijn eerste huwelijk werden in Bovekerke nog drie kinderen geboren: Marie Joséphine  (1887) , Omer (1893-1946), die een gekende drukker was te Kortrijk, en Joseph (1885-1916) , die onderwijzer was op Walle (Kortrijk)en ook als hulpkoster van zijn vader fungeerde.

     

    (3)Louise Raepsaet (Zuster Agnes) gaf al les sinds 1880  , aan de vrije gemengde school ,naast schoolhoofd Aimé Demuynck  . Zij was geboren in Kortrijk in 1857 en werd  overste van het klooster Onbevlekte Ontvangenis te Marke van 1894 tot haar overlijden in 1907. Zij behoorde tot de Kortrijkse burgerij. Zij is binnengetreden in 1877 en geprofest in 1880. Zij behaalde haar onderwijsdiploma aan de normaalschool ‘Dames de Saint-André ‘ in Brugge op 20 augustus 1880.

     

    (4) Lees meer over Jozef Van Dale (Kortrijk 1716 – 1781), de stichter van de congregatie, in ‘De Gazette van oud Cortryck’ van maart 2016 nr.17.

    Jeanne-Thérèse Van Dale (Kortrijk 1721 – 1776), een zuster van Jozef, trouwde te Kortrijk in 1747 met Jean-Baptiste Bethune (Rijsel 1722 – Kortrijk 1791). Hun zoon Jean-Baptiste ( Kortrijk 1757 – 1791)trouwde met Thérèse Henriette Delebecq ( Rijsel 1768-Kortrijk 1844), waarvan Felix (Kortrijk 1789-1880), die de nieuwe school liet bouwen in de Markekerkstraat.

     

    (5) Mededeling van Algemeen Overste Broeder Noël Van Noorden:

     

    “Het is inderdaad zo dat er bij ons ook drie etappes worden afgelegd vooraleer iemand “volwaardig” broeder wordt : postulaat (6 maanden), noviciaat (1 jaar), waarna de novice aanvaard (of geweigerd !) kan worden om zijn professie af te leggen. Sinds enige jaren is er nog een ‘facultatieve’ vierde etappe aan toegevoegd : het scolasticaat, een soort vervollediging van de vorming. Meestal gebeurde dit gedurende een soort van stage ‘in het werkelijke leven’ van een broeder. Op 30 december 1929 werd het noviciaat van Torhout overgebracht naar Sint-Paulus in Kortrijk.

    De algemene overste wordt gekozen door alle stemgerechtigde broeders, voor een mandaat van vijf jaar, hernieuwbaar. Voorheen was dat onbeperkt hernieuwbaar. Wij zijn een diocesane congregatie, d.w.z. dat de bisschop van Brugge onze hoogste overheid is. Wij hangen dus niet af van Rome.

     Wij, leden van een diocesane congregatie, leggen ‘eenvoudige geloften’ af, zoals trouwens in praktisch alle broedercongregaties. 

    Het was vroeger normaal dat “een school van de broeders” –meestal waren dat parochiescholen- door een broeder werden bestuurd. Zij werden dan ook benoemd door de Algemeen Overste en de Kloosterraad, met akkoord van de pastoor van de parochie, uiteraard.”

    Br. Donatianus :” Er waren broeders die gingen waken en afleggen. Ik deed het voor Gustaaf Lannoo in 1938. Ik ging ook waken  bij Alberic Theys(1945). Broeder Hubert en Broeder Angelus gingen waken bij Jacques ( Alfred in de volksmond) Demeulemeester(1947). De zusters gingen ook afleggen.”

     

    (6) De Algemene Oversten volgens de panelen  van ‘de overleden broeders van het Gesticht van den Eerw. Heer Joseph Vandale’, (in mijn bezit), aangevuld door broeder Roger Huyghe:

    - Dominicus Verbeke (Ooigem 1743-1788)

    - Martinus Goddaert (Kortrijk 1747-1788)

    - Petrus Vergote (Izegem1750- Kortrijk 1836)

    - Joannes Duponcheele (Outryve 1780-Kortrijk 1846)

    - Joannes Buyse (Rollegem-Kapelle 1824- Kortrijk 1862)

    - Franciscus Deridder (Rijsel 1822 – Kortrijk 1877)

    - Bruno Dejonghe (Br.Aloysius)(Izegem1826- Kortrijk 1892) was 29 jaar Algemeen Overste.

    - Petrus Van Besien (Br.Alphonsus)( Lapscheure 1847- Kortrijk 1908) .Vanaf 1892 tot 1898.

    - Henri Dufour (Br.Dominicus) (Pittem 1853- Brugge 1911).Vanaf 1898 tot 1901.

    - Petrus Van Besien (Br.Alphonsus) weer Algemeen Overste tot zijn overlijden in 1908.

    - Franciscus Serlet (Br.Joseph of Jozef)(Moerkerke 1861- Kortrijk 1928) van 1908

      tot 1921 , toen hij ontslag nam door ziekte.

    -August Demunck (Br.Edwardus)( Wevelgem 1858- Kortrijk 1926) van 1921 tot

     1924.

    - Franciscus Serlet (Br.Joseph of Jozef) opnieuw Algemeen Overste vanaf augustus 1924 tot zijn

      overlijden in 1928.

    -Arthur Dejaeghere (Br.Firminus)(Hulste 1878- Kortrijk 1965).Gedurende 20 jaar Algemeen Overste.

    - Louis Casselein (Br.Eligius) (Wattrelos (Fr)1898-Kortrijk 1961).

    - Albert Volcke (Br.Medard)  van 1956 tot 1967. Uitgetreden.

    -  Urbain Vannoorden (Br.Hugo)  van 1967 tot 1972.Uitgetreden.

    - Roger Huyghe (Br.Rafaël , nu Br.Roger)  van 1972 tot 1987.

    - Georges Gheysens (Br.Walter)( Kuurne 1924 –Kortrijk 2006) van 1987 tot 1997.

    - Jozef Coene (Br.Hendrik) ( Bissegem 1936 – Kortrijk 2005) van 1997 tot 2005.

    - Noël Vannoorden (Br.Rudolf)( Menen 1935 – Kortrijk 2017) van 2005 tot 2017.

    Momenteel  blijven nog 2 broeders over : Roger Huyghe (Br.Roger) en Gustaaf Declercq (Br.Dirk).

     

    (7)Br. Stanislaus volgde als dagscholier de lessen bij de Broeders Van Dale in Kortrijk. Hij werd misdienaar in de Sint-Maartenskerk in Kortrijk. Hij volgde ook de lessen van de zondagsschool bij dezelfde broeders. Hij deed zijn intrede in 1878. Hij ontving nog hetzelfde jaar het kloosterkleed en werd geprofest in 1879. Op 4 november 1889 hielp hij het hulpklooster in Mont-à-Leux stichten. Op 1 oktober 1894 benoemde men hem tot de eerste overste te Marke, en in 1898 in de Kerkstraat te Menen.

     

    (8)Gabriël Vanneste (Lauwe 1894 – Kortrijk 1980) : “Meester Desmet [woonde in Marke] van Kortrijk, was de  zoon van een plakkersbaas . Het was een heertje van een jaar of 20 .In de Marktstraat ,naast Achiel Theys naar de plaats toe woonde Leopold Deprez een bakker. Bij Deprez waren er 3 dochters  en het schoolmeesterke draaide achter één van die dochters. De  schooljongens lachten met die schoolmeester. Hun straf was dan: alle jongens die lachten moesten dan op hun knieën in hun klompen zitten en dat was zeer pijnlijk.

    Achille Deleersnijder die naast de “Vlaamse Leeuw” woonde was een gebrekkige jongen (had een slecht been en hand).Deze moest dan ook die straf ondergaan. Doch Pee Deleersnijder ging protesteren. Het kwam zelfs zo ver dat de gendarmen moesten tussenkomen. Want sommigen gingen de schoolmeester aftroeven. Er waren toen 4 klassen en meester Desmet had toen de minste klas(1e en 2e).”

     

     

    (9)Henri Robijn (Br.Camille) werd geprofest in 1903 en is uitgetreden in 1919 . In 1919 telde men een groot aantal uittredingen , gevolg van de oorlog 14-18.  De eerste post die Henri Robijn kreeg was Marke in 1903 , waar hij als kok fungeerde. Het is niet geweten of hij een onderwijsdiploma had. In die tijd hadden vele onderwijzers geen diploma, vooral de broeders hadden er geen, omdat ze hoofdzakelijk  voorbestemd waren  om de ‘armen’ te onderwijzen en te ‘onderhouden’. In 1911 staat hij geboekstaafd als ‘ religieux -instituteur’ in de Grote Kring in Kortrijk. In december 1911 vertrekt hij naar Mesen. Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog komt hij terug naar de Grote Kring. In januari 1916 werd hij naar Sint-Kruis(Vivenkapelle) gestuurd en in december keert hij terug naar de Grote Kring als ‘garde-malade’. Op het einde van 1916 werd hij als ziekenverzorger naar Marke geroepen .

    Hij verzorgde er namelijk  Remi Vandendriessche ( Marke 1881), die smid was aan de ‘Prinse’. Remi overleed in september 1919 aan tuberculose en Henri  Robijn trouwde op 3 juli  1920 met Zulma Millecamps ( Rollegem 1883 – Kuurne 1965), zijn weduwe. Uit het eerste huwelijk sproten 4 kinderen , uit het tweede 3.

    Joannes Vandendriessche (Deerlijk 1838 – Marke 1913) verliet in 1877  Bellegem om hier aan ‘De Prinse’ de smidse  van Désiré Lauwers, over te nemen . Zijn zoon Remi zette de zaak voort. Omer, een zoon van Remi, heeft er nog een bepaalde tijd fietsen gerepareerd.

     

    (10)Gerard Naert (Br.Donatianus)  :

    “Onder  de naam broeder Donatiaan gaf ik  het 5e leerjaar in Marke van 18/05/1937 tot 03/09/1939, dat was onder het gezag van overste broeder Pius. André Vandenberghe gaf toen het 6e leerjaar. Broeder Pius gaf  het 7e en het 8e leerjaar.”

    Nu heet ik broeder Geert . Mijn wereldlijke naam is Gerard .Vele broeders hebben in de loop der jaren hun naam veranderd , om de simpele reden dat ze liever een andere naam hoorden.”

     

    (11)‘Parochiale Werken van Marcke’: het doel van de vereniging is het geven, besturen en ondersteunen van het onderwijs met confessioneel katholiek karakter, in de parochie van Marke. Deze VZW werd opgericht op 29 april 1929, bij akte van notaris Pieter Dossche in Oostrozebeke, door Baron Jean de Bethune, Gustaaf Lannoo, Michel Vandewiele, Ferdinand Glorieux, Remi Bekaert, Paul Gaston Callens, Gerard Holvoet, Auguste Derdeyn, Cyriel Lapauw, Alfons Meganck en pastoor Albert Vanoverschelde( Menen 1872 – Zwevegem 1949). Hij was pastoor van 1928 tot zijn verplaatsing naar Zwevegem op 8 juli 1931.

    In 1929 werden de schoolgebouwen bij overdrachtsakte overgedragen aan de ‘Parochiale Werken van Marcke’, met de bijzondere voorwaarde dat ze ten dienste moesten staan van het onderwijs en de Broeders Van Dale. Het betrof een schenking van Baron Jean de Bethune – de Vinck.

     

    (12) Br.Pius stak zijn afkeer voor de Duitse bezetter niet onder stoelen of banken .Kinderen kwamen hem melden dat er een hakenkruis was geschilderd in een toilet, gaf hij als zijn mening te kennen dat hakenkruisen daar thuishoren. Niet iedereen was opgezet met dergelijke uitspraken .Hij werd verklikt door twee van zijn eigen leerlingen , die er andere gedachten op nahielden en het mededeelden aan een Markse SS-er. Een van die verklikkers was in de Hitlerjeugd en had Duitse propaganda uitgedeeld aan de klasgenoten en broeder Pius had ze afgenomen . De leerling die in de Hitlerjeugd was , was een gebuur van de SS-er . Die lichtte de Kommandantur in en op 24 juni 1942 werd hij opgepakt door de bezettende overheid en op 10 juli veroordeeld tot 18 maanden tuchthuis en 5 jaar ontzetting uit zijn rechten. 

     

    FOTO’S:

    1/Bij het afscheid van de Broeders Van Dale in 1965:

         x                   Br.Wilfried        Br.Livinus        Aimé Bekaert        Br.Medard           André Goderis

                           (André Volon)    (Cyriel Baert)   (Burgemeester)    (Albert Volcke)        (Pastoor)

                                                                                                  (Algem. Overste)

                                                                                                        uitgetreden

     

    2/Broeder Livinus en Broeder Victorinus , de twee laatste broeders in Marke in 1965.

     

     

    3/In Marke genomen   :  Br.Amatus              Br.Eusebius                  Br.Justinus           Br.Constant Poignie

                                         (Cyriel Despriet)   (Valère Vanackere)    (Gustaaf Couckuyt)         uitgetreden?

                                        uitgetreden 1919

     

     

     

                                          

     4/In Marke jaren ’20:            Br.Livinus                             Maurice De Bree                          ?????

     

                                                                Br.Hieronymus ( Br.Jerome)

     

    5/Onderwijzer      Onderwijzer            Br.Raymond                       Br.Marcel                        Onderwijzer

                                                                (Leon Cackaerl)            (Alfons Vanneste)

    Br.Joachim                       Br.Gerardus              Br.Hilarius                  Br.Damiaan                Br.Bernardus

    (Camille De Splentere)   (Emiel Despriet)     (Adiel Ameye)         (Leon Delbey)           (Remi Timperman)

     

    6/Br.Arnoldus (1897-1978)

    7/Br.Angelus (1919-1986)

    8/ Br.Pius (1895-1979)

















    30-09-2017, 00:00 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (2)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.HET ONDERWIJS IN MARKE MET DE BROEDERS VAN DALE VAN 1894 TOT 1965 (DEEL 2)

    Br.Justinus (Gustaaf Couckuyt) werd op 2 juni 1924 als onderwijzer aangesteld, maar gaf zijn ontslag op 28 september 1924.

    Maurice De Bree (Menen1903- Kortrijk 1985) trouwde  in 1926 met Marguerite Janssens. Hij woonde ook in de Markekerkstraat ,niet ver van school.

     Het onderwijzend personeel in 1924 onder het bestuur van pastoor Evarist Wittouck  :

    _____________________________________________________________

    Br.Celestinus werd  in september 1924 opgevolgd als hoofdonderwijzer door Br.Eusebius .  Br.Eusebius startte zijn carrière in Kortrijk vanaf 16 september 1892 tot 20 september 1893.

    Hij was 5 jaar onderwijzer in de gemeenteschool in Heule (1893-98), en 11 jaar (1898-1909) hoofdonderwijzer. In Mesen werd hij hoofdonderwijzer van 1909 tot 1911. Hij trok naar Brugge van 1911 tot 1919. Hij gaf les in Oostende (Vuurtoren) van 1919 tot 1924. Hij was nog 3 maanden in de Veldstraat te Kortrijk van 30 juni tot 27 september 1924 , toen hij naar Marke kwam en er bleef  tot 30 april 1935. Hij behaalde zijn diploma in Torhout op 13 augustus 1892.

    Jozef Libbrecht  verving sinds oktober 1921 Br.Pacificus en gaf op 5 april 1924 zijn ontslag.

    Maurice De Bree, diploma normaalschool Torhout op 20 september 1923, was vrijgesteld van diploma wegens het aantal dienstjaren (besluit van 15 september 1919) (10).

     Alfons Vandevenne (Kortrijk 1861- Marke 1941) kwam uit Kortrijk en was kok vanaf 25 augustus 1926. Hij kreeg de naam van broeder Jules, niettegenstaande hij een leek was. Hij was gedomicilieerd in de Markekerkstraat nr.8 van 1926 tot 1934.  Als weduwnaar van Maria Bardou (+Kortrijk 1919) , trouwde hij op 3 april 1934 met Stephanie Maertens (Roeselare 1857), weduwe van Adolf Defraeye (+ Marke 1932). Ze  vestigden zich in de Preshoekstraat.  Hij overleed plotseling voor de kerkdeur op 22 januari 1941 terwijl hij het lijk van zijn gebuur, Aloïs Matton (Desselgem 1872- Marke 18 januari 1941) , ten grave hielp dragen.

    Armand Vandemoortele, kwam uit Oostende (Vuurtoren)op 16 juni 1924 en vertrok 3 maanden later in september naar Moeskroen ( Mont-à-Leux ).

     

    Schoolboeken en schoolgerief werden geleverd door Arthur Esquenet-Vanackere uit de Sint-Janslaan te Kortrijk. Hij was de schoonbroer van Br.Eusebius.

    Dienstjaar 1927:

    _______________

    Br.Eusebius hoofdonderwijzer sedert 1 oktober 1924 tot 30 april 1935.

    Maurice De Bree

    Br.Hieronymus

    Br.Pacificus, was hier weer sinds 27 september 1924.

    Br.Livinus, was hier sinds 1 oktober 1924 tot 6 februari 1932 en verving Br.Veranus.

     Dienstjaar 1928:

    ______________

    Br.Eusebius, hoofdonderwijzer.

    Br.Hieronymus

    Br.Livinus

    Marcel Remmerie (L) gaf zijn ontslag op 23 december 1928. Raphaël Decock (L) kwam hem vervangen.

    Maurice De Bree

    Volgens de kiezerslijst van 1928 waren de bewoners van de Kerkstraat nr.8 (school): Br.Hieronymus – Br.Eusebius – Br.Pacificus – Br.Livinus – Alfons Vandevenne (kok).

     

    Het onderwijzend personeel op 2 augustus 1929 , onder het bestuur van ‘De Parochiale Werken van Marke’ (11):

    ____________________________________________________________

    Br.Eusebius, hoofdonderwijzer.

    Maurice De Bree.

    Br.Hieronymus.

    Raphaël Decock (Roeselare 1908), diploma Normaalschool Torhout  op 30 juni 1927.

    In september 1929 werd Robert Maddens (L) (Roeselare 1908), gediplomeerd te Torhout in 1927, benoemd tot onderwijzer.

     

    Aimé Bekaert vertelde mij dat hij altijd het schoolcomité geweten heeft .De onderwijzers werden benoemd door het schoolcomité. Toen Aimé Bekaert burgemeester was legde hij er de nadruk op bij de broeders Van Dale  dat het schoolcomité volledig moest gescheiden blijven van de  VZW Parochiale Werken. Hij eiste dan ook dat er een boekhouding  op punt moest gesteld worden om de in- en uitgaven in te noteren, en dat de boeken  onder het toezicht zouden staan van het schoolcomité.

    Dienstjaar 1930:

    _____________

    Br.Eusebius, hoofdonderwijzer.

    Br.Hieronymus

    Br.Livinus

    Maurice De Bree

    Robert Maddens

     

    In 1930 werd een nieuwe speelplaats aangelegd op de oostzijde. Deze werd genomen op de hof, die veel lager lag. Bijgevolg moest opgehoogd worden. De landbouwers kwamen overeen om met beurtrollen in februari en maart aarde aan te brengen.

     

    Camiel Faillie (Marke 1919 – Kortrijk 1993):” Toen ik vanaf 1926 tot 1932-33 naar de broederschool ging was  broeder Eusebius  overste.Hij gaf toen ook avondlessen. Zijn zuster was getrouwd met drukker Esquenet uit de Sint-Janstraat te Kortrijk.

    Ik heb ook nog broeder Livinus – broeder Pacificus (broeder Sieke) – broeder Jerome - meester Debree- André Vandenberghe en Firmin Clement gekend . Broeder Jules, die feitelijk geen broeder was, was  toen kok.

    Broeder Jerome gaf het 3e leerjaar.

    Het 7e en 8e werden gegeven door Broeder Eusebius. Broeder Livinus gaf toen het 1e leerjaar.Ieder donderdag werd er van 11 tot 12u. in de hoogste klas (7e en 8e ) 1 uur snelschrift (stenografie) gegeven door een speciale lesgever.

    Iedere dag 2 uren Franse les (7e en 8e ) door Broeder Eusebius.

    Bij de prijsuitdeling in de katholieke kring heeft hij eens lelijk tegen de schenen gestampt van vlaamsgezinden door te zeggen dat het een schande was dat die heren hun kinderen naar Doornik of Mons zonden om hun Frans te leren en dat men hier te Marke geen Frans zoude mogen leren aan de kinderen.”

     

     

    Dienstjaar 1931:

    ______________

    Pauwels André (L)( Oostnieuwkerke 1909)  kwam Robert Maddens vervangen op 1 november 1930. Hij bleef er maar twee jaar. Hij bleef gedomicilieerd in Marke gedurende zijn dienst. Op 9 november 1932 gaf hij zijn ontslag en Br.Mattheüs had al een tijdje zijn  plaats ingenomen.

    Op 21 maart 1931 kwam Rudolf Callewaert (L), (Roeselare 1911) de zieke André Pauwels vervangen. André Vandenberghe (L) werd van 30 november tot 7 december 1931 tussentijdig onderwijzer in de plaats van André Pauwels, die ziek was.

    In maart en april 1931 vervingen Karel Delattre (L) (Bredene 1911) en Maurice Beyne (L) (Zuienkerke 1909) Maurice De Bree,  die ziek was.

    De broederschool was met haar 5 klassen overbevolkt en voor het schooljaar 1932-33 werd gestart met een nieuwe klas. Het schoolcomité bekostigde de meubilering en Gustaaf Lannoo voorzag in de andere onkosten.

     

    Dienstjaar 1933:

    _____________

    Br.Eusebius, hoofdonderwijzer.

    René Vermeersch (L) (Damme 1907) uit Oostkerke , gediplomeerd ,werd op 17 april 1934 tot 16 mei 1934 waarnemend onderwijzer in de plaats van Br. Eusebius die door ziekte weerhouden was. Hij kwam van de jongensschool in de Beekstraat te Kortrijk. In hetzelfde jaar in juli was hij waarnemend onderwijzer van 23 juli tot 30 juli 1934  en van 10 september 1934 tot 29 juli 1935 in vervanging van Sylvain Haghebaert (L) die zijn krijgsdienst vervulde.

     

    Br.Hieronymus

    Br.Mattheüs kwam in dienst op 9 september 1932. Hij verving  André Pauwels die ontslag nam. Hij was eerst waarnemend onderwijzer van 9 september 1932 tot 30 september 1932, daarna vast onderwijzer van 1 oktober 1932 tot 13 mei 1937. In november 1932 werd hij wegens ziekte vervangen door Jan Valckenaere  (Br.??)(Torhout 1910)

    Hij behaalde het diploma lager onderwijs voor de ‘middenjury’ in Gent op 14 december 1917 en 30 juli 1921. Hij had het diploma van landmeter behaald in Brugge op 23 augustus 1921 en van de 4e graad te Gent op 26 april 1924.

    Hij begon als onderwijzer in Kortrijk van 15  september 1918 tot 1 december 1919. Hij gaf 3 jaar (19 september1921-17 september 1924) les in Sint-Kruis (Vivenkapelle), 5 jaar in Menen ( 18 september1924- 6 januari 1930) en nog 2 ½  jaar in Kortrijk (7 januari 1930- 31 augustus 1932).

    Hij bleef in Marke  tot 13 mei 1937 toen hij naar Heule vertrok.

    In februari 1933 vervingen Jozef Vanhoutte (L) (Kanegem 1913) en  Marcel Vandewaetere (L) (Izegem 1907),  Maurice De Bree, door ziekte verwijderd. En op 5 april was Jozef Bielen (L) ( Herk St. Lambert 1902 ,diploma Leuven in 1923) aan de beurt om hem te vervangen. Hij was onderwijzer in Ghlin van 19 september 1923 tot 15 augustus 1925 en in Doornik van 19 september 1925 tot 1 september 1927.

    In maart 1934 werd Firmin Clement (L) benoemd tot onderwijzer. Hij verving Maurice De Bree  , die op pensioen ging.

    André Vandenberghe (L) is vast benoemd geweest op 1 maart 1932.

    Sylvain Haghebaert (L) , was in dienst als waarnemend onderwijzer en vanaf 1 oktober 1932 in vaste dienst in de 6e klas.

    Op 1 mei 1935 werd Br.Arnoldus schoolhoofd in Marke met klas, tot 31 januari 1936. Toen verplaatste hij zich naar Menen (Kerkstraat) . Hij had een diploma behaald op 20 oktober 1916 voor de ‘middenjury’ in Gent.

    Br.Arnoldus begon zijn carrière als onderwijzer op de Grote Kring in Kortrijk  van 1 januari  1917 tot 14 september 1922. Hierop werd hij schoolhoofd in de Veldstraat in Kortrijk tot 30 september 1926. In 1926 vertrok hij naar Heule tot 30 april 1935.

    Br.Victor (Alfons Naessens) werd kok in Marke op 11 september 1934. Hij kwam van  Moeskroen (Mont-à-Leux ). Hij vertrok naar de Grote Kring op 16 september 1937. Hij kwam terug  van Mesen naar Marke als kok op 31 juli 1963 na het vertrek van Br.Gerard (Charles Vandercruysse), en vertrok naar de Grote Kring op 26 augustus 1965.

    Br.Daniël kwam hier ook nog als kok. Hij kwam hier al aan van de Grote Kring op 25 november 1936 tot hij vertrok naar Torhout op 17 januari 1944.

     

    In december 1936 kwam een 7e klas.

    Het onderwijzend personeel in 1936:

    ______________________________

     

    Br.Guido kwam in september 1936  de vacante plaats innemen van de overleden Br.Eusebius. Hij was waarnemend onderwijzer van 14 september 1936 tot 30 september 1936 en vast onderwijzer van 1 oktober 1936 tot 31 augustus 1937. Hij behaalde zijn diploma op 30 juni 1936.

    Br.Pius werd schoolhoofd met klas van 1 februari 1936 tot 31 maart 1945, in vervanging van Br.Arnoldus, die zijn ontslag indiende. Hij behaalde zijn diploma in Torhout op 1 augustus 1914.

    Br.Pius onderwees in Sint-Paulus toen de Duitse troepen de stad Kortrijk binnenvielen op 18 oktober  1914 .Het klooster werd bezet door 30 à 40 soldaten van de sanitaire dienst en later door de postdienst. De klassen waren bezet door 100 à 150 soldaten. Tijdens de oorlog gaf Br.Pius  les in café ‘Sint-Elooi’ op de Markesteenweg. Op 16 september 1918 werd hij vervangen door Br.Mattheüs . Hij werd schoolhoofd in de Veldstraat van 17 september 1918 tot 13 september 1922 . Hij vertrok naar Menen als onderwijzer op 14 september 1922 tot  30 september 1926, en werd weer schoolhoofd in de Veldstraat  van 1 oktober 1926 tot 6 januari 1930 .Hij vertoefde te Menen van 7 januari 1930  tot 31 januari 1930  en was er voorlopig bestuurder. Van 1 februari tot 30 juni 1931 was hij er bestuurder met klas. En van 1 juli tot 1931 tot 30 september 1935 bestuurde hij er zonder klas. Van 1 oktober 1935 bleef hij er  onderwijzer tot 31 januari 1936. In 1952 werd hij nog overste in Moeskroen  (Mont-à-Leux ).

     

    Op 14 mei 1937 werd Br.Mattheüs vervangen door Br.Donatianus,  die zijn diploma behaalde te Torhout op 30 juni 1936, en waarnemend onderwijzer was van 14 mei 1937 tot 31 mei 1937 en vast van 18 mei 1937 tot 3 september  1939 in het 5e leerjaar. Hij gaf eerst les in Menen van 1936 tot mei 1937.

    Op 13 december 1939 vertrok hij naar de Grote Kring.

    In juli 1937 kwam Br.Victorinus toe in Marke:

    “ Van begin juli 1937 tot de grote vakantie in 1937 gaf ik het 2e leerjaar (33lln).Vanaf het nieuwe schooljaar 1937-38 gaf ik het 1e leerjaar tot en met januari 1945. In 1943-44 had ik maar 15 leerlingen, het jaar daarna 35. Vanaf februari 1945 tot 1949 gaf ik het 6e leerjaar. Dan was ik in ziekteverlof tot het begin van het schooljaar 1953-’54. Toen gaf ik les in het 2e leerjaar tot einde juni 1959. Vanaf het schooljaar 1959-60  kreeg ik het 1e A tot ik Marke verliet met broeder Livinus in 1965. Ik trok naar Menen en veranderde mijn naam in Br.Camiel.”

     

                        

    Dienstjaar 1938: 7 klassen.

    ______________

    Br.Pius ,hoofdonderwijzer , gaf les in de 7e en 8e klas.

    Br.Victorinus  had de 1e klas ; hij behaalde zijn diploma in Torhout op 30 juni 1937. Op 1 september 1937 verving hij Br.Guido . Door zijn zwakke gezondheid gaf hij les al vallen en opstaan en  werd  hij regelmatig vervangen , vooral in de zestiger jaren .

    Albert Haghebaert gaf les in de  2e klas.

    Firmin Clement ,3e klas.

    Sylvain Haghebaert ,4e klas.

    Br.Donatianus , 5e klas.

    André Vandenberghe, 6e klas.

    In 1938 vergrotings- en verbeteringswerken aan de schoolgebouwen. Het parochieboek of ‘Liber Memorialis’ getuigt : “ Men startte de werken in augustus 1938. De bestaande schoollokalen werden van nieuwe ramen en banken voorzien. De nieuwbouw bevat een overdekte speelplaats , bergplaats voor rijwielen en twee klassen. Een stenen trap leidt naar de nieuwe en de oude klassen. De toiletten werden gans vernieuwd en modern ingericht. De eetplaats van de broeders wordt verfraaid met een ‘loggia’ aan te bouwen, die uitgeeft op den ‘hof’. Zo heeft de vrije jongensschool nu acht klassen, drie broeders en vijf leken onderwijzers. De nieuwe schoollokalen konden gebruikt worden met het begin van het schooljaar 1938-39. De onkosten van de nieuwe bouw en de herstelling van het oude deel , met de vernieuwing van een deel der meubilering wierden gedragen door de gemeente voor een som van 185.000fr. Het overige gedeelte hetzij 60.000fr. door de familie de Bethune.”

    In zitting van de gemeenteraad van 17 juni 1938 werd 185.000fr. toegekend aan het schoolcomité met voorzitter Baron Jean de Bethune en secretaris pastoor Jozef Lammens.

    Jozef Lammens (Brugge 1871 – Marke 1962) werd benoemd tot pastoor in Marke op 8 juli 1931.

     

    Op 4 september 1939 werd   Br.Donatianus door Br.Angelus, die zijn diploma in 1939 behaalde aan de normaalschool in Torhout, vervangen.

    De oorlogsperiode 40-45:

    _____________________

    Uit de verhandeling van een  leerling:

    “……..Zo kwamen we later dan gewoonlijk aan de school waar de onderwijzers en de leerlingen in groepjes stonden te praten.

    Plots wezen enkele jongens naar de lucht en we ontdekten drie grote vliegtuigen. Vlug moesten we schuilen, want het waren Duitse toestellen. Weldra waren ze verdwenen en mochten we weer op de speelplaats. Intussen schreef Broeder Overste op een groot bord dat we vlug en in stilte naar huis moesten gaan. Iedereen dient binnen te blijven en niet in groepjes langs de straat te ravotten. Zondagsmis niet verplichtend. De school voor onbepaalde tijd gesloten….”

     

    “’s Avonds 26 mei 1940 werd de jongensschool bezet door een 150-tal soldaten van het Rode Kruis. Doch in de loop van de week vertrokken ze al naar Rijsel.”

     

    Op 22 april 1939 nam Br.Frans , gediplomeerd op 30 juni 1931, de functie van waarnemend schoolhoofd waar tot 13 mei 1939, in vervanging van Br. Pius, die in geneeskundige behandeling was.

    Hector Baekelandt (L) (Menen 1919), gediplomeerd in Torhout op 30 juni 1938, was waarnemend onderwijzer van 8 november 1940 tot 7 maart 1941, gedurende 164 halve dagen.

    Op 30 juni 1942 werd Maurits Van Damme (L) (Moerkerke 1921), wonende in Moerkerke ,gediplomeerd in Torhout op 25 juli 1940, tijdelijk als waarnemend schoolhoofd  aangesteld tot 18 juli 1942 om Br.Angelus te vervangen, die waarnemend schoolhoofd werd.

    Op 25 juni 1942 schrijft de voorzitter van het schoolcomité pastoor Jozef Lammens volgende brief naar het gemeentebestuur van Marke:” Daar de aangenomen jongensschool der Kerkstraat tijdelijk van haar schoolbestuurder beroofd is, heeft het schoolcomité den heer Adolf Deprez, onderwijzer aan genoemde school, tot dienstdoend schoolhoofd benoemd, en het zal zohaast mogelijk voor een interimaris zorgen om de voorlopig open gekomen plaats van onderwijzer in te vullen.”

    Br.Gilbert  was waarnemend schoolhoofd van 1 september 1942 tot 20 juli 1944 in vervanging van Br.Pius (12) in gevangenschap. Br.Angelus werd weer titularis van zijn vorig studiejaar tot hij verhuisde naar de Grote Kring op 22 juni 1945.

    Br.Gilbert  werd voorlopig schoolhoofd van 1 september 1944 tot 31 januari 1945. Op 1 februari 1945 vertrok hij als vast schoolhoofd naar Sint-Kruis (Vivenkapelle) waar hij Br.Livinus verving die naar Marke kwam als waarnemend schoolhoofd. De schoolbevolking was verminderd en een klas werd afgeschaft.

    Br.Gilbert verkreeg zijn diploma in Torhout op 29 juli 1922 enbegon als waarnemend onderwijzer  in Brugge (Sint-Pieters-op-den-Dijk) op 31 juli 1922 tot 12 augustus 1922.

    Hij kwam naar Kortrijk terug nu eens  als onderwijzer, dan eens als waarnemend schoolhoofd in de Doorniksewijk (Kortrijk) van 1922 tot september 1931. Hij werd schoolhoofd in de Veldstraat van  1 oktober 1931 tot 31 augustus  1942. Daarna was hij waarnemend schoolhoofd in Marke (zie hoger).

     

    Br. Donatianus :  Br.Gilbert die een beetje Vlaamsgezind was, was volgens sommigen hier niet op zijn plaats in Marke. Br. Livinus  werd de laatste overste vanaf 02/02/1945.”

    Jozef Craeynest :” ..de vader van broeder Gilbert was kleermaker en senator (ACW).”

    Br.Bruno kwam van Sint-Paulus op 29 september 1942 naar Marke  vertrok naar de Grote Kring op 17 januari 1944.

     

    Br.Angelus behaalde zijn diploma in Torhout op 30 juni 1939. Na waarnemend onderwijzer te zijn vanaf 4 september 1939, werd hij vast benoemd op 1 oktober 1939 tot 24 juni 1942. Hij was waarnemend schoolhoofd van 25 juni 1942 tot 31 augustus 1942, in de plaats van Br.Pius, weggevoerd door de Duitsers, en werd weer gewoon onderwijzer vanaf 1 september 1942 tot 31 januari 1945. In november en december 1943 moest Br.Angelus een appendicitis-operatie ondergaan, hij werd vervangen door Br.Hubert. Br. Hubert was hier kok van 1943 tot 1949.

     

    30-09-2017, 00:00 geschreven door Michel Markenaar

    Reageer (0)
    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (5 Stemmen)
    Archief per week
  • 25/06-01/07 2018
  • 11/06-17/06 2018
  • 28/05-03/06 2018
  • 23/04-29/04 2018
  • 26/03-01/04 2018
  • 26/02-04/03 2018
  • 29/01-04/02 2018
  • 27/11-03/12 2017
  • 25/09-01/10 2017
  • 28/08-03/09 2017
  • 07/08-13/08 2017
  • 31/07-06/08 2017
  • 26/06-02/07 2017
  • 08/05-14/05 2017
  • 27/03-02/04 2017
  • 06/03-12/03 2017
  • 23/01-29/01 2017
  • 02/01-08/01 2017
  • 19/12-25/12 2016
  • 21/11-27/11 2016
  • 14/11-20/11 2016
  • 26/09-02/10 2016
  • 08/08-14/08 2016
  • 25/07-31/07 2016
  • 18/07-24/07 2016
  • 30/05-05/06 2016
  • 09/05-15/05 2016
  • 25/04-01/05 2016
  • 11/04-17/04 2016
  • 28/03-03/04 2016
  • 14/03-20/03 2016
  • 22/02-28/02 2016
  • 08/02-14/02 2016
  • 25/01-31/01 2016
  • 11/01-17/01 2016
  • 28/12-03/01 2016
  • 14/12-20/12 2015
  • 07/12-13/12 2015
  • 23/11-29/11 2015
  • 09/11-15/11 2015
  • 19/10-25/10 2015
  • 12/10-18/10 2015
  • 28/09-04/10 2015
  • 14/09-20/09 2015
  • 07/09-13/09 2015
  • 31/08-06/09 2015
  • 24/08-30/08 2015
  • 17/08-23/08 2015
  • 10/08-16/08 2015
  • 03/08-09/08 2015
  • 20/07-26/07 2015
  • 06/07-12/07 2015
  • 29/06-05/07 2015

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!